Intellectuele integriteit in het fascismedebat is ver te zoeken

Karikatuur van Ramiro de Maeztu (Wikimedia Commons)

In de Nederlandse kranten woedt de afgelopen dagen en weken een wat kolderieke discussie rondom het boekje van Rob Riemen. Riemen stelt in zijn bijdrage dat Wilders politiek-theoretisch gezien thuishoort in het fascistoïde kamp. Eén reactie op deze these werd afgelopen dagen geleverd door Meindert Fennema, die als politicoloog eerder een boek heeft geschreven over Geert Wilders. Hij verwerpt de these van Riemen maar doet dit op m.i. oneigenlijke gronden.

Om te beginnen weigert hij op ook maar een enkel argument van Riemen in te gaan. Hij geeft hier een zonderlinge reden voor die ik, voordat de lezer mij weigert te geloven, in zijn geheel weer zal geven:

Met verbijstering las ik de kritiek van Han Warmelink op Frits Bolkestein, waarin hij beweert dat Wilders wel degelijk een hedendaagse fascist is. Niet zozeer om zijn inhoud, want die heb ik vaker gelezen, bijvoorbeeld bij Rob Riemen. Maar Riemen is een katholieke theoloog en Warmelink is docent staatsrecht in Groningen. En van een staatsrechtgeleerde mag je toch een minimale kennis van de politieke geschiedenis verwachten en enig respect voor de feiten.

Van een theoloog kan men dus, zoals Fennema impliceert, noch kennis van de politieke geschiedenis, noch respect voor feiten verwachten. Fennema negeert Riemen omdat hij theoloog is. De toevoeging dat Riemen ook nog eens een katholiek theoloog is zal wel bedoeld zijn om het antipapisme van zijn lezers te kietelen. Nu heb ik het goede geluk meerdere theologen te kennen. Vrijwel zonder uitzondering zijn dit mensen met brede intellectuele interesses en een passie voor sociale rechtvaardigheid. Waar het gaat om politiek inzicht hoor ik vaker verstandige dingen van theologen – zeker diegenen die gevormd zijn door de katholieke sociale leer – dan van politicologen en juristen. Maar goed, door Riemen af te serveren als een theologantje van wie qualitate qua geen intellectuele integriteit mag worden verwacht bevrijdt Fennema zich van de pijnlijke noodzaak om Riemen’s argumenten op steekhoudende wijze te weerleggen. Maar dat terzijde. Wat zegt Fennema over de argumenten van Warmelink? Eigenlijk ook niets, behalve snerende opmerkingen als:

Zou Warmeling [sic] echt niet weten dat de Duitse fascisten zich nationaal-socialisten noemden, dat Mussolini uit de socialistische beweging voortkwam, dat de grondlegger van het Spaanse fascisme, Ramiro de Maeztu, onder Britse intellectuelen gold als een gezaghebbend gildensocialist? Ik vrees van niet, want het vak politieke filosofie is in de meeste juridische opleidingen afgeschaft.

De bovenstaande passage is – en kan geen – weerlegging van Warmelink zijn, maar is een voorbeeld van het retorische principe dat de aanval geldt als de beste verdediging. Dat de PVV geen rechtsstatelijke beweging is – al was het alleen maar omdat zij openlijke discriminatoire beginselen heeft is voor eenieder duidelijk te zien, althans voor hen die het willen zien (of dit de PVV “fascistoïde” maakt vind ik niet de meest interessante vraag, er zijn parallelen, er zijn verschillen). Echter, in plaats van zich te verdedigen is het makkelijker voor hen die aangevallen worden zélf de aanval te openen: niet de PVV is anti-democratisch of fascistoïde, neen: het fascisme wordt revisionistisch omgedraaid en beschouwd als een ‘linkse’ aangelegenheid. Fennema haalt (net als Bolkestein) hetzelfde trucje uit. Niet Wilders is een fascist, neen, het fascisme is een typisch links, intellectualistisch, en socialistisch fenomeen. De ‘argumenten’ die hij gebruikt om zijn ‘stelling’ kracht bij te zetten falen echter volledig en – ironisch genoeg – tonen aan dat het juist Fennema bij wie we vraagtekens kunnen zetten als het gaat om ‘kennis van de politieke geschiedenis (…) en enig respect voor de feiten’.

Laten we de argumenten van Fennema eens onder de loep leggen:

Argument nummer één: “Zou Warmeling [sic] echt niet weten dat de Duitse fascisten zich nationaal-socialisten noemden?”

We hebben tot afgelopen dinsdag een kamerlid mogen meemaken dat zichzelf ‘voormalig schooldirecteur’ noemde. Het enkele feit dat iemand zichzelf als ‘x’ omschrijft wil nog niet zeggen dat hij de wezenskenmerken van ‘x’ heeft. Zo men wil is het sterkste argument voor het ‘socialisme’ van het nationaal-socialisme nog het beruchte ‘artikel 17’ van het partijprogramma van de NSDAP:

17. Wir fordern eine unseren nationalen Bedürfnissen angepaßte Bodenreform, Schaffung eines Gesetzes zur unentgeltlichen Enteignung von Boden für gemeinnützige Zwecke. Abschaffung des Bodenzinses und Verhinderung jeder Bodenspekulation.

Dit artikel leverde echter zoveel voor de nazi’s nare associaties met ‘links’ op dat Hitler zich genoodzaakt zag in 1928 dit artikel een dwingende interpretatie mee te geven:

Gegenüber den verlogenen Auslegungen des Punktes 17 des Programms der N.S.D.A.P. von seiten unserer Gegner ist folgende Feststellung notwendig: Da die N.S.D.A.P. auf dem Boden des Privateigentums steht, ergibt sich von selbst, daß der Passus “Unentgeltliche Enteignung” nur auf die Schaffung gesetzlicher Möglichkeiten Bezug hat, Boden, der auf unrechtmäßige Weise erworben wurde oder nicht nach den Gesichtspunkten des Volkswohls verwaltet wird, wenn nötig, zu enteignen. Dies richtet sich demgemäß in erster Linie gegen die jüdischen Grundspekulationsgesellschaften.
München, den 13. April 1928.gez. Adolf Hitler

Dat de NSDAP in wezen een socialistische partij was lijkt mij ten zeerste betwijfelbaar. Geroep over onteigening en Gemeinwohl diende hooguit een propagandistisch en praktisch doel. Men kwam sociaal over én bracht juridische maatregelen in stelling waarmee de joden buiten de rechtsorde konden worden geplaatst terwijl de vermogens van de Junkerklasse en de burgerij buiten schot zouden blijven. Met socialisme in enige reeële zin heeft dit niks te maken.

Argument nummer twee: “Dat Mussolini uit de socialistische beweging voortkwam.”

De PVV wordt geleid door iemand die uit de liberale beweging voortkwam. Maakt dat de PVV tot een liberale partij? Quod non! Het Italiaanse fascisme kan onmogelijk worden gezien als een soort organische uitgroei van de Italiaanse sociaaldemocratie van de jaren ’10 en ’20. Het zou me verrassen dat Fennema dat niet weet.

Argument nummer drie: “Dat de grondlegger van het Spaanse fascisme, Ramiro de Maeztu, onder Britse intellectuelen gold als een gezaghebbend gildensocialist.”

Ik moet Fennema voor één ding dankbaar zijn: hoewel ik vanuit mijn studie goed bekend ben met de voordenkers van de Duitse Konservative Revolution en zodanig enig zicht heb op de onderliggende politieke theorieën van onderscheiden extreem- en radicaal-rechtse bewegingen uit het Duitsland van de jaren twintig was ik tot vandaag niet bekend met het denken van de Spaanse (of wellicht: Baskische) politieke denker Ramiro de Maeztu. Hij is zonder meer een fascinerend schrijver en ik heb inmiddels zijn fascinerende Authority, Liberty and Function (.pdf) gevonden waar ik de laatste paar uren uit heb lopen snoepen. Maar was de Maeztu wel een fascist?

Ramiro de Maeztu y Whitney is geboren in 1875 en werd vermoord door de Spaanse Republikeinen in 1936. Hij deed het gros van zijn creatieve politiek-theoretische werk naar schijnt rond de Eerste Wereldoorlog. Het is niet te ontkennen dat Maeztu aan de uiterste rechterflank van het Spaanse politieke bedrijf stond, maar met fascisme hadden zijn ideeën niet veel van doen. De Encyclopedia Britannica omschrijft zijn ideeën als volgt:

He wrote, in English, Authority, Liberty, and Function in Light of the War, in which he called for a reliance on authority, tradition, and the institutions of the Roman Catholic church. It was published in Spanish as La crisis del humanismo (1919). On returning to Spain, Maeztu broke with his radical friends and became the most important intellectual apologist for the dictatorship of Miguel Primo de Rivera. He founded the conservative Acción Española movement and served as ambassador to Argentina in 1928. About this time he published a collection of penetrating literary essays, Don Quijote, Don Juan y La Celestina (1926). He was a vehement opponent of the Spanish Republic, and in his last work, La defensa de la hispanidad (1934; ‘In Defense of Spanishness’), he called for Spain to recover its 16th-century sense of Roman Catholic mission, which he considered beneficial to the conquered peoples of the old empire.

Maeztu was zeker geen democraat, maar is sowieso al té religieus gekleurd, té conservatief en té monarchistisch om een goed fascist te zijn. Zijn denken had meer van doen met het rechts-autoritaire corporatisme en zijn ‘gildensocialisme’ is nauwer verwant aan de distributivistische kapitalismekritiek van Chesterton en Belloc dan dat hij reeël een voordenker was – laat staan grondlegger – van het Spaanse fascisme. In het kort: hij had meer met Miguel dan met José Antonio Primo de Rivera.

Dat Maeztu populair was onder de – zeer heterodoxe – Britse gildensocialisten is ook niet geheel bevreemdend – het gildensocialisme had vanaf het begin onder de invloed van Morris en de Arts & Crafts beweging een sterk mediëvistische, zelfs feodale oriëntatie. Het enkele feit van kruisbestuiving onder heterodoxe intellectuelen van links en rechts maakt ‘het fascisme’ nog geen product van ‘het socialisme’, zeker niet als Maeztu geen fascist blijkt: In ieder geval één academicus met verstand van de concrete politiek-theoretische kwesties in het Spaanse Nationalistische kamp en de latere Franquistische staat acht de aantijging dat Maeztu grondlegger van welk fascisme dan ook als niet serieus te nemen. Herbert Southworth schrijft er het volgende over:

In his chapter concerning Ramiro de Maeztu in Españoles de mi tiempo, written in 1947 when Madariaga had already lived through the First World War, the Russian Revolution, the Spanish Civil War, the Second World War, and the Decolonization, he offered this simplistic and provincial definition of fascism: “I believe, in fact, that Maeztu as one of the creators and perhaps the founder of Fascist ideology.” And again, “I believe there can be no doubt as to Maeztu’s importance as the definer and propagator of fascist ideology”. Madariaga was referring to a little-known book by Maeztu, first published in English as Authority, Liberty and Function in the Light of the War (1916) and then in Spanish as La crisis del humanismo. Maeztu’s more widely read book of the immediately pre-civil war ascendant Fascist years, Defensa de la Hispanidad, while reactionary and ultra-clerical did not fit the Fascist pattern. Maeztu’s ‘crusade’ was not so much European as Spanish-American, the Roman Catholic revenge for 1789.
(Southworth, Conspiracy and the Spanish Civil War, p. 81)

Dat Maeztu gezien moest worden als ‘protofascist’ lijkt dus uit de koker te komen van de Spaanse exilliberaal Don Salvador de Madariaga, de stelling lijkt me echter niet zonder meer houdbaar.

Waarom Fennema ons met Maeztu – uiteindelijk een zéér obscure denker die niet gauw in welke cursus politieke filosofie dan ook gaat opduiken – om de oren wenst te slaan is mij niet duidelijk. Wat wel duidelijk is dat de argumenten van Fennema spaak lopen en de wat smakeloze en neerbuigende opmerkingen jegens Warmelink mij niet alleen misplaatst en ongepast lijken, maar ook lijken te steunen op bijzonder zwakke argumenten, voor zover wij over argumenten mogen spreken.

Het kan zijn dat Fennema is gaan lijden aan de bekende biografenziekte: hij is een dergelijke bewondering gaan ontwikkelen voor zijn onderwerp dat hij niet meer met kritische distantie naar dit onderwerp kijken kan. Ik hoop dat Fennema binnenkort een ander onderwerp vindt om over te schrijven – als hij op dit pad verder gaat dreigt hij elke intellectuele geloofwaardigheid te verliezen. Hij lijkt de ongemanierdheid van zijn onderwerp in ieder geval al overgenomen te hebben.

  1. 1

    Heel goed artikel.
    Mijn keukenmeidenvisie op intellectuele ontwikkeling omvat het idee dat mensen die true believers in marxisme waren, zoals Fennema, en die andere professorale apologeet van Wilders, Afshin Ellian, alleen absolute standpunten kunnen aanhangen.

  2. 2

    @1
    Het is echt zonde, Fennema heeft echt hele acceptabele dingen geschreven over radicaal- en extreemrechts in Europa. Dat hij nu zulke flutstukjes aflevert is echt een teleurstelling.

  3. 4

    @1 In de antropologie heet het “going native” wat Fennema doet: de gewoontes en opvattingen overnemen van de cultuur die je bestudeert.

  4. 5

    @Peter
    Zionisme is het seculiere streven naar een Joodse (niet joodse) staat en heeft op zich niets te maken met het idee van joodse “uitverkorenheid” – wat op zijn beurt weer niets te maken heeft met een etnisch superioriteitsidee. Laten we de discussie zuiver houden: Wilders cs. vindt de joodse staat enkel interessant vanuit zijn xenofobe houding jegens islamieten. Qua retorische structuur zou hij net zo makkelijk kunnen oproepen tot het verbranden van de TerrorTalmoed als het verbieden van de KillerKoran.

  5. 8

    Allemaal goed en aardig, maar de hoofdvragen zijn:

    1. Heeft de nationaal-populistische PVV essentiële kenmerken gemeen met fascistische politieke bewegingen van weleer?

    2. Slaagt Rob Riemen erin om aannemelijk te maken dat dit zo is?

    Nu heb ik het boekje van Riemen nog niet gelezen, maar uit zijn optreden in Nieuwsuur maak ik op dat de voornaamste parallel die hij ziet, er op neerkomt dat het fascisme net als de PVV een populistische beweging was zonder werkelijk ideologisch samenhangend ideeënstelsel.

    Welnu, dat klopt eenvoudigweg niet: het Italiaanse fascisme en het Duitse nationaalsocialisme waren wel degelijk heldere, omlijnde ideologieën met ideeën over de verhouding tussen volk, overheid, leider, economie en hoe dit alles idealiter georganiseerd moest worden. En zoals Frits Bolkestein opmerkt, surfte dit wel degelijk op de golf van intellectuele stromingen als het vitalisme, economisch syndicalisme en futurisme.

    Voor iemand die zich filosoof noemt (maar eigenlijk theologisch geschoold is) als Rob Riemen, is het dan ook een kwalijke blunder om te zeggen dat achter het fascisme en het nationaal-socialisme net als de PVV eigenlijk geen ideeën schuilgingen en bestond uit maar een beetje populistisch geblaat, om op die manier de PVV als fascistisch te kunnen bestempelen.

    Nogmaals, ik heb het boek niet gelezen: het kan zijn dat Riemen het daarin genuanceerder verwoordt, maar afgaande op wat hij er zelf over zei in Nieuwsuur, vind ik het geen sterk nummer.

  6. 9

    @8
    Ik sta zelf eigenlijk vrij sceptisch tegenover de “fascisme”-claim, al geef ik ook direct toe dat ik Riemen niet gelezen heb – de bijterige reactie van Fennema op Riemen c.s vond ik eigenlijk in directe zin wat opvallender.

    Ik vind het geen wezenlijk probleem dat een theoloog of jurist oid zich op filosofisch ijs waagt, het gaat immers om de argumenten. Wittgenstein heeft ook nooit ‘filosofie gestudeerd’. Riemen heeft trouwens wel een serieus uitziend filosofisch boek gepubliceerd gekregen bij Yale UP – dus hij zal echt niet volledig van de straat zijn.

    Maar dat terzijde, de vraag “is de PVV een on- / antidemocratische partij / beweging / initiatief vind ik interessanter dan de fascismevraag. Dat Wilders geen fascist is maakt hem nog geen democraat.

  7. 10

    @1
    “Mijn keukenmeidenvisie op intellectuele ontwikkeling omvat het idee dat mensen die true believers in marxisme waren, zoals Fennema, en die andere professorale apologeet van Wilders, Afshin Ellian, alleen absolute standpunten kunnen aanhangen.” Dus de veel leden/stemmers van de SP en Groenlinks hangen alleen absurde standpunten aan. Je bent eigenlijk best wel radicaal in je mening.

  8. 11

    @10 Het zal wel weer aan het toetsenbord liggen, maar ik kan geen betekenis lezen in de zinnen die je computer produceert na dat wat je citeert.
    “de veel leden stemmers”???
    En bij jou is wellicht geen verschil tussen absurd en absoluut, maar in het Nederlands wel.

  9. 12

    @11
    Sorry, dat heb ik verkeerd gelezen. Jij bent dus van mening van veel stemmer/leden, er staat duidelijk een “/” tussen die woorden, van de SP en Groenlinks slechts absolurte ideeen aanhangen. Het blijft in ieder geval een een radicale mening.

    Dat jij er geen betekenis in ziet zegt veel over jou.

  10. 14

    @12 Ik draag de mening uit dat de ex-marxisten Fennema en Ellian graag een nieuwe absolute mening aanhangen.
    Het is me niet duidelijk dat dit iets zegt over stemmers op – of leden van SP/GL.

  11. 15

    @14
    Dat had ik anders geintepreteerd. Ik las dat je mensen die vroeger ware aanhangers van het marxisme waren nu nog steeds slechts capabel achtte in het aanhangen van van absolute meningen. En dat Fennenma en Ellian daar slechts voorbeelden van waren. Dus dat vele stemmers/leden van de SP en Groenlinks, die vroeger ook best vaak aanhangers waren van Marx, nu nog steeds enkel absolute gedachten aanhangen. Ik las een generalisatie, terwijl je iets specifieks bedoelde. Misverstandtje dus.

  12. 16

    Wilders is niet precies hetzelfde als het italiaanse fascisme of als het nationaal-socialisme, en de woorden fascist en fascistisch worden vaak nogal vrij gebruikt. Voor je de vraag beantwoordt of Wilders een fascist is, zou je daarom volgens mij eerst ’s moeten aangeven wat een fascist is.
    Om het anders te zeggen, wat zijn de essentiële kenmerken die nodig zijn om van fascisme te kunnen spreken?

    En moet Wilders per se een fascist zijn voor je hem een gevaarlijke immorele man mag vinden?

    Ik denk wel dat je zonder meer kunt stellen dat de PVv extreemrechts is volgens de kriteria van de AIVD (hoewel de dienst zelf de PVv zorgvuldig vermijdt te noemen in haar recente rapport).

  13. 17

    J.J.: “Maar dat terzijde, de vraag “is de PVV een on- / antidemocratische partij / beweging / initiatief vind ik interessanter dan de fascismevraag. Dat Wilders geen fascist is maakt hem nog geen democraat.”

    Daar ben ik het mee eens. Maar het punt is nu juist dat nogal wat intellectuelen en journalisten dit vermoeden – dat Wilders in wezen een anti-democraat is – zoeken in de overeenkomsten met het fascisme. En Rob Riemen pretendeert met zijn boekje hiervoor de intellectuele onderbouwing te leveren (althans, dat is de indruk die je krijgt uit zijn optreden; ik vraag me trouwens af of Bolkestein dat boekje wel gelezen heeft, of eveneens enkel afgaat op Nieuwsuur).

    Als dat boekje dan uit de lucht geschoten kan worden, nog voor en wel het goed van de grond is gestegen, spelt dat niet veel goeds over die onderbouwing.

    Dan kan Wilders nog steeds een anti-democraat zijn natuurlijk, en een aantal antidemocratische kenmerken gemeenschappelijk hebben met het fascisme. Maar dan moet dat de argumentatie zijn: niet dat Wilders een fascist is (en Riemen zegt dat klip en klaar), maar dat Wilders een antidemocraat is en die antidemocratische trekjes gemeenschappelijk heeft met wel hele griezelige bewegingen.

  14. 19

    Wilders gebruikt de islaam en haar volgelingen als onderdeel van zijn strategie om aan de macht te komen en te blijven net zoals Hitler de Joden heeft gebruikt om aan de macht te komen. Of Wilders, net zoals Hitler, de moslims wil gaan uitroeien? Daar heb ik nog geen bewijzen voor. Hij roept niet openlijk op tot geweld of haat tegen de moslims. Hij doet het echter wel impliciet, hij noemt ze niet de moslims maar de islaam. Je zou kunnen beweren dat Wilders een subtiele versie van Hitler is, een impliciete neo-fascist. Maar nog steeds een fascist. Dat wel. Het ontkennen van een godsdienst gaat eigenlijk la meer naar het Nationaal-Socialisme. Door de NAZI’s werd het Arische ras als superieur beschouwd en daarop werden wetten en regels ingevoerd in Duitsland. Hetzelfde kan over de ontkenning door Wilders van de Islam als godsdienst worden gezegd. Iedere moslim in Nederland is dus aanhanger, volgens Wilders, van een fascistische ideologie. Wilders zal dus proberen, indien het hem lukt om premier te worden om de moslims in dit land het leven zuur te maken door het invoeren van wetten en regels die alle moslims zullen gaan voelen.
    Dat is nu Nederland anno 2010. We zijn kennelijk te bang om het echte probleem aan te pakken, nmelijk straatschoffies van 8-15 jaar zoals in Gouda en schuiven dat af op de Islam met buurtcoaches, maatschappelijk werkers en een laffe politie die bij monde van de hoofd in Gouda zegt dat alles in orde is. Ik verlang weer terug naar vroeger toen er bij de politie geen watjes zaten. Wat er nu zit zijn kantoortypes die te gewoon bang zijn.

  15. 20

    Zelfs het fascisme is geen fascisme meer, als we maar genoeg door relativeren.

    De hier genoemde punten van Fennema zijn echter heel gemakkelijk te ontkrachten.

    Dat de Duitse nationaal socialisten zich geen fascisten noemden, weet iedereen, maar dat betekent nog niet, dat de nazi´s geen fascisten waren. Noord Korea noemt zichzelf democratisch, maar is om die reden nog geen democratisch land.

    Mussolini is afkomstig uit de Italiaanse socialistische beweging. Dat klopt. Zijn vader was zelfs zeer anarchistisch. Maar dat maakt Benito nog geen socialist of anarchist.

    En Ramiro de Maeztu´s steun voor de nationalistische regering van Miguel Primo de Rivera maakt hem geen aanhanger van de Spaanse fascist (en de zoon van Miguel) Juan Antonio Primo de Rivera.