Halsema’s hyperconsumptie, haast en hufterigheid

GeenCommentaar heeft ruimte voor gastloggers, dit kunnen stukjes zijn die we (uiteraard met toestemming) overnemen van andere weblogs, of die via onze mail binnenkomen. Hieronder een stuk van Simon Otjes. Het verscheen eerder op zijn eigen weblog.

Femke Halsema Geluk! (Foto: Arnoud Boer)

Ik weet nu hoe Leo Platvoet zich gevoeld moet hebben. Jarenlang steun je een politieke partij en politiek leider waarvan je denkt dat ze dezelfde idealen delen. Maar dan blijkt de partijleider plotseling de ideologische bakens verzet te hebben, een nieuwe koers hebben ingezet. Ik ben een overtuigd liberaal en daarom lid van GroenLinks, immers “de laatste links-liberale partij van Nederland”. Dan brengt Halsema “plotseling” een essay uit, waarin zij een utilitische koers kiest. Al mijn liberale haren gaan overeind staan.

Ik wil de komende tijd Femke Halsema’s Geluk doornemen op mijn blog. Mijn eigen mening over het essay is gemengd: voor het utilistische uitgangspunt ben ik allergisch, maar veel van haar praktische voorstellen deel ik. Ik wil hier laten zien dat de utilistische uitgangspunten dan ook niet passen bij de (liberale) praktische voorstellen.

Utilisme is een theorie voor politieke en individueel handelen. Het stelt een hele simpele regel centraal: probeer met je handelen het totale geluk van de samenleving te vergroten. Het goed dat deze theorie centraal staat is geluk, dat moet gemaximaliseerd worden. Bij het utilisme gaat het om de uitkomsten van handelingen en niet om de bijvoorbeeld de intentie. De juistheid van een handeling wordt bepaald op basis van de hoeveelheid geluk die hij tot gevolg heeft.

Halsema is een utilist
Halsema toont zich in haar boek duidelijk een utilist. De centrale stelling in het eerste deel is dat wij niet gelukkig worden van (hyper)consumptie. We schaffen van alles aan omdat we denken dat we daar gelukkig van worden. Of we kopen marktproducten om onze individualiteit daarmee uit te drukken. Of om onze buren te imponeren met onze luxeproducten. Maar het geluk van onze aankopen is vaak kortstondig. We verlangen al snel naar iets nieuws. Of we komen erachter dat iedereen door dezelfde marketingcampagne met dezelfde kleren zijn individualiteit probeert uit te drukken. Of onze buurman koopt weer iets mooiers, zodat we eroverheen moeten. Kortom: van consumptie worden we eigenlijk niet gelukkig.

Sterker nog stelt Halsema, een hyperconsumptieve samenleving, als bijvoorbeeld de Amerikaanse waar iedereen om daar gelukkig van te worden goedgemarkete statussymbolen koopt op lening, is instabiel en brengt de welvaart en daarmee het geluk in gevaar. Daar komen haast en hufterigheid nog boven op. Er zit volgens Halsema “een grote paradox verborgen in onze moderne Westerse economie en samenleving. We jagen op economische groei, materiële welvaart en luxe, omdat we denken en hopen er gelukkiger van te worden. Tegelijkertijd vormen de bijbehorende verschijnselen van competitie, sociaal conflict en schaarste, stress en hufterigheid een serieuze bedreiging van ons geluk.” (Halsema, 2008:67)

Halsema stelt een alternatieve samenleving tegenover de huidige hypercon-sumptiesamenleving. Een samenleving waarin niet welvaart maar welzijn centraal staat. In zo’n samenleving zijn de inkomens gelijkmatiger verdeeld, leveren we economische groei in om een rustigere, groenere, fijnere samenleving te hebben, en belasten we private rijkdom meer om publieke armoede te bestrijden.

Halsema’s kritiek op de huidige samenleving is een interne kritiek vanuit het utilisme. We streven op het moment door consumptie geluk na, maar diezelfde consumptiedrang brengt ons geluk in gevaar. Laten we daarom in onze samenleving geluk centraal stellen zodat we echt gelukkig worden. De kritiek is intern omdat Halsema het doel deelt: we moeten gelukkig worden.

LIberale kritiek
Ik deel Halsema’s doel niet. Ik ben geen utilist, maar een liberaal. -Deels geïnspireerd door Halsema zelf- heb ik mij laten inspireren door liberale denkers als Rawls, Dworkin en Van Parijs. Allemaal geen vrienden van het utilisme. En met goede reden. Het levert een aantal contra-intuïtieve voorstellen op. Een aantal daarvan is opgenomen in Anarchy, State and Utopia van de rechtse liberaal Nozick.

Bijvoorbeeld: als iemand nou heel gelukkig wordt als hij iedereen in zijn omgeving een beetje ongelukkig zou maken? Als zo het totale geluk stijgt, zou een consequent utilist hem zijn gang laten gaan. Halsema schrikt echter weg van iemand als Terror Jaap, die best voor een miljoen euro wat kots naar een schoonmaakster wil gooien. Halsema ziet een beperktere rol voor de staat. Zij heeft niet de “illusie dat overheid en politiek mensen gelukkig kunnen maken. Politici kunnen gezinnen niet redden, huwelijken niet lijmen en andermans kinderen niet opvoeden” (Halsema, 2008:67-68). Maar als we de overheid grotere macht geven kan ze wel het geluk maximaliseren: de overheid kan LSD in het water stoppen of drugs vrijelijk verspreiden zoals in een Brave New World. Dat zou sterk bijdragen aan het geluk van iedereen. Halsema schikt echter weg van een echte utilistische overheid die geluk echt maximaliseert.

Dat duidt erop dat andere goederen zoals vrijheid, gelijkheid en burgerrechten veel belangrijker zijn dan geluk waar het gaat om ingrijpen van de overheid. De (liberale) opvatting van de overheid die Halsema voorstaat en haar utilistische cultuurkritiek zijn lastig met elkaar te verenigen. Halsema zet niet door in de consequenties van haar utilistische cultuurkritiek. Een consequente liberaal had een andere kritiek gehad op de hyperconsumptiesamenleving: over hoe die keuzevrijheid beperkt, middelen ongelijk verdeelt en het schadeprincipe schendt.

  1. 1

    Boeiende stukken die Simon Otjes daar schrijft.
    Het motto van zijn weblog is Geen vrijheid zonder gelijkheid. In de stukken over Halsema legt hij uit dat een betere, meer gelijke materiële verdeling, veel consequenter moet worden toegepast.
    Bedoelt hij het “geen gezeik, iedereen rijk”, van Van Kooten en De Bie?

    Een principe dat inderdaad eens tot in de uiterste consequenties zou moeten worden ingevoerd.

    Of dat dan ook tot geluk of welzijn voor iedereen zal leiden, weten we niet, want een gelijke verdeling kennen we al zo heel lang niet meer.
    De moeite van het proberen dus waard?

    Maar zelfs al zou de materiële welvaart gelijkelijk verdeeld zijn, zou het dan afgelopen zijn met morele discussies over normen, waarden, vrijheden, hufterigheid, enzovoort?

  2. 2

    Het betoog gaat toch een beetje scheef. Het schadeprincipe is te verenigen met utilitarisme (het schadeprincipe is opgesteld door een utilitarist). Ook vraag ik me af of liberalisme en utilitarisme elkaar per definitie uitsluiten (zoals gesteld wordt). Het gegeven voorbeeld is ook wat vreemd: Vrijelijk drugs verspreiden komt mijns inziens niet perse overeen met een grotere overheidsmacht en het is ook maar de vraag of het leidt tot meer geluk (voor de meeste mensen geldt juist dat ongeremd drugsgebruik leidt tot minder geluk).

    Uiteindelijk is het ook maar de vraag of Halsema wel een utilitarist is. Je geeft zelf al aan dat ze afwijkt van de principes.

  3. 5

    ze controleert de 2de kamer niet Koos, maar ze denkt het recht te hebben om Staatsburgers te controleren, als een ware stasi-agente

  4. 7

    Rene, ze hoeft de tweede kamer ook niet te controleren, de regering daar gaat het om, ik denk dat dat wel lukt. Inhoudelijk kan ze vrij sterk uit de hoek komen, niet afzeiken, maar constructieve kritiek.

    Een ware Stasi agente. Wat doet de regering op dit moment? Waarom willen ze bijv. alles over iedereen in de computer hebben op medisch gebied. Of alle regels tegen het terrorisme? Oke, natuurlijk zijn er goede dingen aan deze acties, maar wat gebeurd met de gegevens die niet bruikbaar zijn, worden ze weggegooid? Kijk naar Engeland waar om de zoveel tijd weer een USB-stick kwijtraakt.

  5. 8

    zolang linksche mensen de burgers willen controleren met al hun subsidies/maatregelen/doordrukken van het atheisme/het verspillen van miljarden en miljarden ontwikkelingsgeld/het over de rug van wijkbewoners belerend allerlei projecten hen door de strot heen duwt, enz. enz., is dit geweldig, consturctief, vernieuwend, mooi, ent.
    wanneer er echter een christelijke partij/regering (die door ons ZELF gekozen is notabene!!!) iets voorstelt van bescherming, is dat opeens betutteling, schofterig, waar bemoeien die zwasrte kouskerken zich mee, wij bepalen alles zelf, enz.
    kijk, dit bedoel ik dus hoe men er mee omgaat.
    zolang linksche menschen het niet kunnen hebben dat ze niet de meerheid hebben en dan maar een beetje gaan rellen en obstructie plegen, mogen ze van mij monddood worden gemaakt, en zijn totaal niet serieus te nemen.
    moeten ze maar zorgen dat ze de meerderheid krijgen in de 2de kamer. dan hebben ze pas recht van spreken.
    niet van die wazige figuren die nooit verder komen dan 12/13 zetels of van die verwende kereltjes die nooit verder kwamen da rond de 6 zetels.
    sapere aude!

  6. 9

    Wat ons huidige model oplevert is een hoop goedkope troep, die snel weggegooid dient te worden, omdat er meer troep verkocht moet worden.

    Wat mij een stuk beter zou lijken is een beleid dat gericht is op verduurzaming van consumptie. Ik kan mij nog goed een Kijk uit mijn jeugd herinneren, waarin werd uitgerekend dat als je, in plaats van om de paar jaar een nieuwe auto te kopen, 1 levenslange auto zou kopen je een gouden grille kon nemen en nog voordeliger uit zou zijn.

    Nu is dat natuurlijk een leuk grapje, maar het idee er achter is wel goed.

    Consubeteren ofzo….

    (en ja breek me de bek niet open over stasi en deze rechtse regering. Ik ben bang dat ik mijn beheersing weer verlies en schuimbekkend met godwins rond ga slingeren ;-) )

    Een ding wil ik nog wel kwijt: wij hebben het hier veel te goed. Mensen elders hebben het veel te slecht. Mensen zoals rene hierboven die dat zo willen houden zijn asociaal.

  7. 10

    @8 het is niet erg dat je qua begrip nogal gelimiteerd bent, maar om je handicap zo opzichtig tentoon te spreiden is eigenlijk wel enigszins genant.

    Terug on topic: ik vraag me af of het terecht is om Halsema een utilist te noemen. Dat ze observeert dat een verschuiving van welvaart naar welzijn als maatschappelijk doel wenselijk zou zijn houdt mijns inziens niet automatisch in dat ze, als ze consequent zou zijn, LSD in het drinkwater zou moeten toejuichen. Of meer algemeen: welzijn als maatschappelijk doel houdt niet automatisch in dat de overheid totalitaire middelen moet inzetten om “geluk” te maximaliseren – net zomin als welvaart als doel inhoudt dat de overheid totalitaire middelen mag inzetten om het BNP te maximaliseren.

    De crux zit hem volgens mij in het feit dat Simon hier welzijn impliciet koppelt aan “het grootst mogelijke geluk voor de samenleving als geheel” (zelfs als dat ten koste gaat van individueel geluk), maar ik zie niet in hoe die utilistische stelling volgt uit Halsema’s observaties. Of heb ik iets gemist?

  8. 11

    tjsa, zolang jij de werkelijkheid een handicap noemt, begrijp ik dat jij deze genant vindt.
    halsema kan belerend praten wat ze wil (enige doel: heel veel geld verdienen), zolang ze zelf elke twee weken van die tuttige jurkejs koopt, moet ze gewoon haar mond houden.

  9. 12

    Rene, ach, ik neem je niet meer serieus. Problemen met jezelf?

    Wat ik wel weet dat zelfs de SGP in een krantenartikel in hun Reformatorisch Dagblad rond juni dit jaar stelden jaloers te zijn op Groen Links omdat Mammon werd aangevallen, terwijl zij dit juist wilden doen.

    Mensen bovenin verdienen ook in de politiek inderdaad teveel geld. De grachtengordel word ik zelf ook niet blij van.

    De gedachten zoals opgetekend in het boek zijn alles behalve onzin. We moeten minderen. Onze materialistische maatschappij is te ver individualistisch doorgedraaid, mensen doen niets meer voor elkaar, maar wel depressief bij de psychiater zitten.

    Uiteindelijk wordt je meer gelukkig van een prettig samenleven dan van veel geld.

    De truc is dat je ergens weer aangeeft dat je op bepaalde punten afhankelijk van anderen bent. Het klinkt zwaar, maar je ego een beetje minderen.