In de zomer van 2024 viel de regering van Sheikh Hasina na een bloedig neergeslagen volksopstand tegen haar vijftienjarige regime. Hasina vluchtte naar buurland India. Talrijke leden van haar Awami League (AL) werden opgepakt en veroordeeld. Hasina kreeg bij verstek de doodstraf. Vorige maand zijn onder interim-premier Muhammed Yunus verkiezingen gehouden. Ze werden met overmacht gewonnen door de Bangladesh National Party (BNP), een centrumrechtse partij, en vanouds de belangrijkste concurrent van de Awami League. De AL was bij deze verkiezingen uitgesloten. In de opstand speelden de GenZ jongeren de hoofdrol net als in recente opstanden in andere Aziatische landen waaronder Nepal en Indonesië. In het nieuwe parlement is daar geen spoor meer van te vinden. Een deel van opstandige jongeren koos voor de National Citizen Party, die zich sterk maakt voor een nieuwe grondwet, hervormingen en bestrijding van corruptie. De NCP behaalde slechts zes van de driehonderd zetels. Veel jongeren waren al afgehaakt nadat de partij een verbond sloot met de streng islamitische Jamaat-e-Islami, nu de tweede partij van het land.
Direct na de verkiezingen zijn aanhangers van de Awami League gestart met heroprichting van de partij. Lokale leiders en activisten hebben in veel districten hun kantoren heropend. Ze hijsen nationale en partijvlaggen en hangen partijposters en -spandoeken op. Opvallend is dat er tot nu toe geen repressie tegen hun activiteiten is geweest. De zoon van Hasina, Joy, zou zich in het buitenland klaar maken om het leiderschap van zijn moeder over te nemen. De AL heeft in Bangladesh ondanks het recente verleden een grote reputatie. En dat heeft alles te maken met de geschiedenis van het land. De voormalige Britse koloniale gebieden werden aan het einde van de jaren veertig verdeeld in een overwegend hindoeistisch India en een overwegend islamitisch Oost- en West-Pakistan. In het oosten vocht met name de socialistische Awami League de dominantie van West-Pakistan aan. Daar heerste in 1970 een door de VS gesteunde militaire dictatuur onder leiding van generaal Yahya Khan die na een overwinning van de Awami League het parlement ontbond en vervolgens in Oost-Pakistan een massaslachting aanrichtte die aan enkele miljoenen mensen het leven heeft gekost. India maakte daar in 1971 een einde aan met hulp van Sovjetwapens. Zo ontstond Bangladesh waar de Awamipartij in 1973 via vrije verkiezingen aan de macht kwam.
Het land bleef daarna geplaagd door politieke onrust die aan twee leiders het leven kostte. En door natuurrampen in laaggelegen gebieden bij de zee die het land uiterst kwetsbaar maken voor de gevolgen van de klimaatopwarming, intussen de grootste bedreiging voor de politieke instabiliteit. Zoals een Bengaalse klimaateconoom liet zien: in zijn land verminderen de zeespiegelstijging en stormvloeden de landbouwproductiviteit nu al, doordat zeewater de aarde erodeert en verzilt. Ten minste 30% van het landbouwareaal loopt het risico op verzilting. Als het land zich niet kan aanpassen aan de gevolgen van de klimaatverandering zal dat miljoenen mensen op de vlucht drijven. Met als gevolg een ongekende crisis in de rijke landen die een veelvoud gaat kosten van wat nu ingezet zou moeten worden voor klimaatadaptatie.
Vorige week is premier Tarique Rahman (BNP) begonnen aan een ambtstermijn van vijf jaar. Hij is de zoon van voormalig premier Khaleda Zia en voormalig president Ziaur Rahman. Hij woonde 17 jaar in ballingschap in Londen en is tevens de eerste mannelijke premier van Bangladesh in 35 jaar. Sinds 1991, toen Bangladesh terugkeerde naar de democratie, is ofwel Rahmans moeder ofwel haar aartsrivaal Sheikh Hasina premier geweest. De vraag is nu of de nieuwe premier zich hard gaat maakte voor de hervormingen die in de volksopstand werden geëist en waar onder interim-premier Yunus een ontwerp voor is gemaakt. Een referendum, dat tegelijk met de nationale verkiezingen werd gehouden, toonde een sterke steun aan voor het Nationale Handvest, het document van vorig jaar juli waarin de hervormingen worden uiteengezet die het volgende parlement moet doorvoeren. De BNP heeft dergelijke hervormingen altijd gesteund, maar heeft laten doorschemeren dat ze deze op haar eigen voorwaarden wil doorvoeren. Een sterkere oppositie heeft de regering op haar beurt laten weten dat ze hier niet zomaar mee wegkomt.