Fascinerende alledaagse politiek

Het politieke handwerk van alledag is leerzaam, emotioneel , veeleisend en fascinerend. Het is iets totaal anders dan je uit boeken leert, iets waar getuigende fundamentalisten geen plezier aan zullen beleven. Ik schreef hier eerder over de beslissingen rond het KPMG kantoor in Amstelveen, onder de kop “Pervers Bestuur”. Wie politiek wil begrijpen, moet er aan doen. De SP begrijpt dat en het doet de partij goed. Spekman van de PvdA wil ombudsteams: dat is het zelfde inzicht.

“All politics is local”, zegt een cliché in de politicologie. Dus ik stortte mij, in de lokale politiek van mijn woonplaats O. Opwindend is dat niet, klein en dorps. Sociaal is het wel.  Maar toen het plan L. aan de orde kwam werd het spannender. Plan L. gaat over de ontwikkeling van een zeer groot landschapspark van ruim 1500 ha. De gemeente kreeg te maken met 200 bedrijven en grondeigenaren; met hun gronden en bedrijven moest iets. En met alle betrokken overheden; meer dan men zich kan voorstellen.

Overleg met betrokkenen

De sfeer was wrevelig: “ik kan het niet iedereen naar de zin maken”, zei de wethouder wat al te gemakkelijk. De ondernemers in het gebied vonden dat “bestuurdersarrogantie”. Toen in een commissievergadering een inspreker klaagde over verlies aan levensgeluk, vond ik dat ik er eens in moest duiken. Ik ging op bezoek bij een actiegroep, die zich de Ploegschaar noemde. De voorzitter was een landbouwer, de secretaris een varkens- en schapenboer. Wat zij toonden van hun bedrijven was bijzonder imponerend: landbouwmachines groter dan ik ze ooit gezien heb, inspirerende internationale contacten, innovatieve productietechniek en milieubescherming.

“Kun je niet beter met een zwaard vechten dan met een Ploegschaar?” vroeg ik. Ik ken mijn Bijbel.

“Wij zijn ordelievende burgers en maken geen oorlog”, zei de voorzitter.

“Maar waarom wordt er dan niet meer gepraat met de gemeente?”, vroeg ik.

“De gemeente heeft ons vertrouwen verspeeld”.

“Maar als je niet met elkaar praat, overkomt alles je.”

Zo groeide een intensief contact tussen mij en de actiegroep: als je vertrouwen geeft, krijg je het ook terug. De gemeente vond het vooral lastig: vertrouwen en harmonie schenen geld te kosten, in elk geval veel duurder te zijn dan wrevel, wantrouwen en langdurige procedures.

Noodzakelijk vertrouwen

Maar er werd toch een beetje geluisterd. Op enkele punten kon worden gesproken met adviseurs en ontwerpers en de ondernemers konden hun grieven kwijt. Dat gaf  hoop. Maar verslagen bleven uit, onderhandelingen sleepten zich voort en brieven als reactie waren er niet of slechts in geringe mate. De gemeente had een planorganisatie opgericht, maar van effectief en doortastend optreden daarvan was niet veel te merken.  De actiegroep voelde zich niet erg bediend.

De gemeente wist het wel en verweet mij:

–        De Ploegschaar is fundamenteel tegen de aanleg van het park.

–        De Ploegschaar gebruikt jou om een hogere prijs te krijgen voor de grond.

Beeldvorming is vaak nog veel belangrijker dan echte standpunten. Bonje: gesprek met de wethouders, met de vraag wat ik wilde met mijn oppositie. Daar deed ik niet aan, zei ik: maar een beetje orde wilde ik wel. Ik ging nog maar eens praten met de Ploegschaar: wat is nu de kern van het probleem?

“De gemeente verandert bestemmingen van onze grond; maar grond heeft waarde door zijn bestemming, dus als er geen contact is geweest met de eigenaren, zit de gemeente met de vingers aan het bedrijfskapitaal van onze achterban.”

“Maar het openbaar bestuur mag toch wel plannen maken?”, vroeg ik.

“Dat mag: maar dan moeten gemeente en eigenaar het eens zijn over de waarde van de grond, voorafgaand aan een bestemmingswijziging en het eens zijn over de verandering van eigendom, de schade die daarbij optreedt en de compensatie daarvoor.”

Ik kon er geen speld tussen krijgen en begreep de weerstand steeds beter: eerst zaken doen, dan een bestemming wijzigen… “Hebben jullie wel de overtuiging dat het park er komt en moet komen? Is jullie helder dat ik mij als kleine toezichthouder op het bestuurlijke spel niet bezig houdt met de vergoedingen?”  Dat was volkomen helder. Men had wel behoefte aan een wat gemakkelijker opstelling van de gemeente in onderhandelingen, maar voelde zich vooral in menselijke termen slecht en respectloos behandeld.

Onoverzichtelijk bestuur

Park L. zou volgens het gesloten accoord een gezamenlijk project zijn van Rijk, provincie en vier betrokken gemeenten. Het Rijk financierde ruwweg de helft van de kosten. Maar toen trad een nieuwe regering aan: Henk Bleker maakte korte metten met de EHS, de Rods en wilde onder de toezeggingen uit: “rijksbufferzone” was een status voor het park die sneuvelde.

Het leidde tot hoon: hoezo “redelijk gewekte verwachtingen”? Wat bleef over van de financiële verplichtingen van het Rijk? Maar Bleker ontsnapte. Het bestuursakkoord, waarmee rijk provincie en vier gemeenten zich hadden gebonden aan de aanleg van het park zou toch even moeten worden herzien. Als je miljoenen gaat investeren en de grootste partij trekt zich terug, dan is er wel wat.

De provincie sprong  in het gat: “wij zorgen voor aanvulling als het Rijk niet meer wil betalen”. Dat is mooi en prettig: maar een bezuiniging, terwijl het geld toch wordt uitgegeven, dat is toch het Keynesiaanse ei van Columbus dat wij zoeken? Hoe zit dat precies? Informatie bleef uit, want het Rijk moest even ruzie maken met het IPO, maar inmiddels weten we dat de provincie bijna veertien miljoen extra gaat bijdragen. Hoe weten we dat? Niet door ordelijke berichtgeving vanuit de gemeente, maar door alert op Internet te volgen wat iedereen doet, niet door een nieuwe versie van het bestuursakkoord over de financiering, maar mededelingen uit de losse pols.

De gemeente biedt inmiddels een bestemmingsplan aan voor raadsbehandeling. Maar we hadden toch afgesproken dat met de grondeigenaren overeenstemming zou bestaan, dat daarover eerst overlegd zou zijn? Hoe zit het nu met de financiering, met de voorwaarden voor extra bijdragen, met de deelname van een weigerachtige gemeente, met het besluit van het rijk om het plan onder de vigeur van de Crisis en Herstelwet te brengen? Heeft dat meer betekenis, dan het kort afdoen van bezwaren van belanghebbenden? Heb je daarmee veel op, als je wilt dat de bezwaren met een kniptang worden afgedaan? Welke regelingen zijn precies getroffen over planschade, een mogelijkheid waar het bestemmingsplan op wijst?

De gang der dingen is wat slordig: rijk, provincie en vier gemeenten gaan een park maken waar 86 miljoen in moet, partijen binden zich aan een bestuursaccoord, maar als het Rijk zich onder de verplichtingen uit wurmt, mag dat. Nauwgezette informatie over een nieuw akkoord blijt tot dusver uit. De gemeente zou gronden verwerven, vordert daar ook mee, maar een stevig overzicht der dingen ontbreekt. En een Landinrichtingsproces gaat voort, alsof dit alles niet speelt. Hoe verhouden die processen zich tot elkaar?

Ik heb milde kritiek laten horen, d.w.z dat ik meen dat de meeste vragen in drie weken wel te beantwoorden zijn, dus ik val mijn bestuurders allerminst hard. Maar slordig gaat het wel. Daardoor voelen betrokken bewoners en ondernemers zich vervreemd en zonder respect behandeld. En boze mensen vinden altijd advocaten, die hun frustratie welsprekend verwoorden bij bestuursrechters, Raad van State en elders. Die ervaring bestaat in mijn gemeente ruimschoots; daar wil ik een beetje tegen waken.

Het voorgaande is een korte schets van twee jaar vol verwikkelingen, althans die ik heb meegemaakt. De bewoners grommen dat zij al jaren last hebben van dit gedoe. Het is fascinerend, als je er tussen zit. All politics is local. Het gaat vooral om mensen, beeldvorming en behoorlijke omgangsvormen. Die voorzichtigheid moet steeds opnieuw worden bevochten. Zoals Wallage het zegt: “it’s the process, stupid”.

Foto: Frans & all

  1. 4

    @1; volstrekt herkenbaar. Het is precies waar het mij ook om te doen is. Ik erken en herken de zwakten van het systeem. Juist daarom ben ik er nog lid van en behaal ik ook resultaat.
    @2; eens. Het gaat er dus om vanuit de georganiseerde politiek verbindingen te maken met de leefwerelden van mensen. De politici zouden dat meer moeten snappen dan zij doen.
    @3; Zegen is het meervoud van zeeg, dat stroompje betekent.

  2. 5

    Een mooi verhaal, maar wij kopen er niets voor! Eerst kopen ze de gronden met mondelinge toezeggingen dat de bedrijven mogen blijven, dan halen ze je zonder pardon de agrarische bestemming eraf en vervolgens mag je nog maar 4% van je bouwblok gebruiken voor bedrijf. Uitbreiding mag niet meer. Stilstand is achteruitgang! De uitspraak iemand zonder eigen grond is geen agrariër, is daarbij een hele kwalijke! Want van pachten en huren hebben ze bij de gemeente Overbetuwe zeker nog nooit gehoord! Daarnaast moet de heer van Doormaal ook de kosten telllen die de inwonende in dit “circus” al hebben moeten uitgeven dus de berekening van 85 miljoen is veel te weinig. En weten de inwoners van Overbetuwe ook dat dit kostenplaatje kan betekenen dat de gemeentelijke belastingen omhoog gaan, want er zal ook onderhoud gepleegd moeten worden. Ook deze kosten zijn nog steeds niet in kaart gebracht. Ze laten je naar de Hoge Raad gaan en doorprocederen ondanks dat ze weten dat ze fout zitten maar hopen dat je het bijltje erbij neer gooit, ziek wordt of failliet gaat. Dank je wel Gemeente Overbetuwe, gemeente Lingewaard, Provincie Gelderland…Ga vooral stug zo voort, en laat de burger straks het puin ruimen.

  3. 6

    Dat het park er moet komen, zijn de meeste mensen het wel over eens.

    Jammer genoeg wordt al te gemakkelijk door bestuurders vergeten welke fundamentele afspraken er zijn gemaakt!

    De gebiedsvisie “Landschapspark Overbetuwe”, wat een prachtige naam is dat toch, is daarin helder:
    “BESTAANDE BEDRIJVIGHEID WORDT GERESPECTEERD”.
    Dat hebben de betrokken gemeentes destijds vastgelegd. Op basis van die visie heeft de minister destijds geld beschikbaar gesteld. Die eensgezinde visie was een uitdrukkelijke voorwaarde van de minister!

    Direct nadat tot aanleg van het park besloten was, begon het gedonder m.b.t. het ontnemen van gronden in het algemeen belang. Onder de visie stonden geen handtekeningen, was de smoes, en dus is dat document niet rechtsgeldig. Over fatsoensnormen gesproken.
    Als men het er niet mee eens is gaat men maar naar de rechter, wordt er gezegd. Niet de rechter, maar de Raad bestuurt de gemeente!

    Als partijen het niet met elkaar eens worden, blijft het betreffende bedrijf gewoon zitten. Dat is respect voor bestaande bedrijvigheid.
    Belachelijk wordt er dan geroepen. Wel een Loonbedrijf in het park, maar een geitenhouderij of akkerbedrijf past niet? De sinusvormige logica van een bestuurder.
    De bestemmingswijziging van de gronden levert een planschade op. Het lijkt mij dat een goed bestuurder zich dat realiseert. De overheid is geen sinterklaas, Serieus met belanghebbenden omgaan, en je houden aan afspraken is voor de overheid een vereiste.