Dubbele geluiden uit Duitsland: tussen progressieven & populisten

Duitse vlag op de Reichstag (Foto: Flickr/slowdown)

Er komen dubbele geluiden uit Duitsland: de progressieve Groenen doen het goed in de peilingen maar ook het populistische anti-immigratiegeluid wordt steeds sterker. In de ogen van Habermas, afgelopen week in de New York Times, zijn deze bewegingen onderdeel van een steeds sterker groeiende maatschappelijke onvreden tegen ‘de politiek’. Deze dubbele geluiden doen sterk denken aan de periode 1999-2002 in Nederland.

Nederland in 1999: Tegenover het zittende Paarse kabinet ontstond een steeds grotere maatschappelijke tegenstand. De technocratische stijl van het kabinet dat zich met name richtte op grote infrastructurele projecten was weinig inspirerend. Die onvrede vertaald zich met name aan de linkerkant van het politieke spectrum. GroenLinks stond op meer dan tien procent van de stemmen in de peilingen. ‘De Treveszaal lokte‘ naar GroenLinks.

Maar op hetzelfde moment werd er ook Leefbaar Nederland opgericht: een samenwerkingsverband van lokale protestpartijen. In 2001 kozen zij Pim Fortuyn tot hun leider en vanaf dat moment kennen we de geschiedenis wel: Fortuyn’s populariteit groeide onstuimig. Hij combineerde het anti-establishment sentiment dat GroenLinks had aangeboord, met een harde anti-Islamitische en anti-immigratie retoriek. Er bleek in Nederland een grote onvrede te zijn over de segregatie tussen allochtonen en autochtonen.

In de campagne werd Paars door de LPF in het defensief gedrongen. GroenLinks voerde harde oppositie tegen de intolerante politiek van Fortuyn. Nadat Fortuyn werd vermoord door een dierenrechtenactivist, kreeg ook GroenLinks het steeds harder te verduren. In de periode 2002-2009 voer GroenLinks met haar progressieve maatschappelijke idealen over een open multiculturele samenleving in een steeds verder integrerende Europese Unie, permanent in tegen de maatschappelijke mainstream. En zelfs de electorale opleving in de periode 2009-2010 kon in het huidige politieke klimaat niet in regeringsmacht vertaald worden. Alle hoop die er in 1999 was op regeringsmacht lijkt (nu weer) vervlogen.

In Duitsland doen De Groenen het nu zeer goed in de peilingen. In 2009 haalde zij met 10.9% haar beste resultaat (ze was daarmee overigens nog steeds de kleinste partij in de Bundestag). Maar nu komen ze boven de 20% uit in de peilingen: dat is vlak achter (en in sommige peilingen vlak voor) de sociaal-democraten. Op het eerste gezicht lijkt de positie van De Groenen het gevolg van haar verzet tegen technocratische politiek. De Groenen voeren de maatschappelijke onvrede tegen het uitstellen van de sluiting van kerncentrales aan. In Stuttgart voeren De Groenen harde oppositie en publiek protest tegen het nieuwe treinstation, wat zij als een kostbaar prestigeproject zien. Echter de kracht van De Groenen op dit moment is deels ook te verklaren door de zwakte van de sociaal-democraten en de christen-democraten. Met name de sociaal-democraten missen op dit moment een charismatische leider. De Groenen hebben op dit moment wel aansprekende leiders hebben (Trittin, Kunast). En door bijvoorbeeld Joachim Gauck als kandidaat-bondspresident naar voren te schuiven, wisten ze weer de tegenstellig te laten zien tussen visionaire progressieve politiek en de technocratie van de regeringspartijen.

Maar ook de christen-democraten tonen zich weinig stabiel, maar dan met name op een ander vraagstuk: de multiculturele samenleving. Na de harde anti-immigratie uitspraken van de sociaal-democratische bankbestuurder Sarazzin in zijn boek Deutschland schafft zich ab, volgde de oprichting van de anti-Islampartij Die Freiheit door de voormalige christen-democraat Stadtkewitz. Veel van deze verhalen klinken voor Nederlanders bekend in de oren: volgens Sarazzin en Stadtkewitz is de Islam een groeiend maatschappelijk probleem, het onderdrukt vrouwen, het is intolerant tegen anders denkenden, de groei van een Islamitische onderklasse gaat ten koste van de welvaart van autochtonen. Het sentiment slaat aan bij een groot deel van de Duitse bevolking. Met name de Duitse christen-democraten proberen, zij het lafhartig, op deze trend in te spelen: Angela Merkel stelde dat de multiculturele aanpak van de samenleving was mislukt. De nieuwe Bondspresident Wulff stelde echter dat hij vond dat de Islam bij Duitsland hoorde, een uitspraak die hij daarna snel moest terug nemen.

En dan is het maar helemaal de vraag of De Groenen hun sterke positie kunnen behouden. Of zij, net als GroenLinks, met hun verzet tegen het technocratische energie- en mobiliteitsbeleid in Duitsland, wel de goede snaar raken. Een herhaling van ‘het lange jaar 2002‘ in Duitsland is dan geen ondenkbeeldig scenario. Alhoewel in peilingen Die Freiheit nog geen (enkele) rol speelt, valt het te verwachten dat in de aanloop van de verkiezingen van 2013 immigratie een steeds grotere rol gaat spelen. Slimme insiders en outsiders zullen daarop in spelen. De Groenen zullen daartegen ageren vanuit hun ideaal van een tolerante, open samenleving. Ze zullen tegen de groeiende maatschappelijke onvrede invaren, waar ze deze op andere onderwerpen aanvoerden. En de dromen van een Groene dominantie op het federale niveau zullen vervliegen.
[cmon]

  1. 1

    Je zou kunnen diskussiëren over de ernst van de problemen die Fortuyn signaleerde en over de effektiviteit van zijn ‘oplossingen’, maar hij beperkte zich in elk geval nog tot de feiten. Daar zie ik wel een groot verschil met de huidige generatie islam-bashers.