Detailpolitiek (23): Koopzondagen in Zoetermeer

In de wereld van de Haagse detailpolitiek komt het vaak voor dat Kamerleden zich bemoeien met zaken waar ze niet over gaan. Het meest duidelijk is dat als Kamerleden Kamervragen gaan stellen over zaken die binnen specifieke gemeenten spelen. De veronderstelling van Kamerleden is hierbij kennelijk dat zij over ‘alles’ een zegje mogen doen, terwijl een ander bestuursniveau – de betreffende gemeenteraad – toch meer voor de hand ligt.

Zondag in Zoetermeer
Zo besloot de gemeente Zoetermeer onlangs dat de winkels alle zondagen open mogen zijn. Een heftige discussie over de economische noodzaak, de zondagsrust en de belangen van kleine ondernemers ging eraan vooraf. De tegenstanders van het plan haalden bakzeil en daarom mogen de Zoetermeerse winkels nu elke zondag open.

Wat als je – zoals de ChristenUnie of de SGP – tegen koopzondagen bent en in de Kamer zit? Of wat als je – zoals de SP – in de Kamer voor kleine zelfstandigen op wilt komen? Dan ga je Kamervragen stellen en je probeert een reden te vinden waarom Zoetermeer dit niet mag beslissen. De maas in de wet is makkelijk gevonden: winkels mogen iedere zondag open zijn om toeristische redenen. De vraag komt daarmee op: is Zoetermeer toeristisch? Daar hoeft niemand lang over na te denken.

Toeristische trekpleister Den Helder
Minister Verhagen is niet van plan Zoetermeer te dwingen de winkels weer op slot te doen, en de echte reden daarvoor laat zich raden. Deze discussie is gewoonweg eindeloos. De redenering dat dit alleen mag om toeristische redenen is circulair: als je de winkels op zondag opendoet, zullen er soms ook toeristen en dagjesmensen op de winkels afkomen, al zijn het er maar twee. En daarmee kun je ieder gebied toeristisch noemen. Zo was ook mijn geboorteplaats Den Helder een hele zomer toeristisch gebied, terwijl daar toch alleen maar mensen heengaan om de boot naar Texel te nemen.

De politiek doet hier aan haar eigen werkverschaffing. Er is een onduidelijke wet over winkels die open mogen als er toeristen zijn, en dus zullen gemeenten de mazen van die wet opzoeken. Het enige wat daartegen te doen is, is geen slechte wetten maken, die wetten afschaffen en anders hopen dat de koopzondagen alsnog mislukken. Meer zit er ook voor Kamerleden echt niet in. Gemeenten hoeven niet naar hen te luisteren. Gelukkig maar.

  1. 2

    Je kunt het detailpolitiek noemen, omdat het vandaag toevallig Zoetermeer is. Maar dit is toch echt een landelijk issue (dat dan ook overal te lande wordt
    uitgevochten). De wet wordt momenteel niet aangepast om politieke reden (in het kabinet zitten twee partijen die de wet elk precies de andere kant uit willen wijzigen, dus het kabinet doet helemaal niets). Aangezien de meningen hierover een beetje haaks op coalitie/oppositie lopen, is het een erg inconveniënt onderwerp, maar tegelijk ook een heel sterk profileringswapen. Ik denk dat het dus nog vaak onderwerp van “detailpolitiek” (ik denk dat dit momenteel ongeveer het belangrijkste budgetneutrale onderwerp is dat speelt bij de kiezers) zal zijn.

  2. 3

    @2 Gelooft u echt dat dit een belangrijk onderwerp voor burgers is? Ik denk dat geen burger hiervoor de straat opgaat.

    Als de Tweede Kamer deze Zoetermeerse toestanden niet wil, moeten ze hun eigen wetten aanpassen, en dat betekent dus inderdaad een wetsvoorstel schrijven in plaats van dit soort onzinnige vragen stellen. Laat het niet aan het kabinet over, zou ik zeggen. Maar vragen stellen… dat is inderdaad sneller en makkelijker!

  3. 4

    @3: Ligt eraan welke burgers je bedoelt. Winkeliers zijn ook burgers toch? Onder dat gilde is aardig wat onenigheid. Lijkt me overigens een strijd tussen de superwinkeliers en de kleine middenstanders.

  4. 5

    @3: De burger gaat in Nederland nergens meer voor de straat op (belangengroepjes uitgezonderd), maar je ziet wel dat dit nou net een onderwerp is waar iedereen een mening over heeft (nog meer dan bv. over de AOW-leeftijd of het PGB). Ook vanuit de 2e Kamer komt er onder deze regering geen voorstel (omdat VVD en CDA daar afspraken over gemaakt heb en er buiten hun om geen meerderheid te vinden is voor een wetsvoorstel dat verruiming of verenging regelt). Het enige dat dus kan gebeuren is keer op keer elke rel aan te grijpen om het onder de aandacht van de 2e Kamer en dus de media te brengen. Dat is allemaal in het belang van de volgende verkiezingen (om alle politieke partijen te dwingen er iets over in hun verkiezingsprogramma te zetten). Vandaar deze “detail”politiek.

  5. 6

    @4 Eens.

    @5 U doet alsof de Tweede Kamer geen eigen mogelijkheden heeft. We roepen bv. heel vaak dat de PVV een ongeregeld zooitje is. Nou… als dat waar is, kun je vrij gemakkelijk wat Kamerleden daar ronselen die zich aan de afspraak onttrekken tijdens de formatie – als die er is – en dan komt er een betere wet. Probleem opgelost, taak als volksvertegenwoordiger volbracht. Maar dat is natuurlijk wel een veel ingewikkelder proces dan het stellen van wat vraagjes.