Said El Haji

5 Artikelen
Achtergrond: Jay Huang (cc)

Mona. Juist Nu.

Krenterig, maar met oog voor de armen. Wie voldoet aan die eisen? Juist.

De VVD kan stoppen met zijn zoektocht naar een passende leus om de verkiezingen mee in te gaan. Ik heb er een bedacht.

Krenterig. Juist nu.

Nu voor veel Nederlanders sprake is van een afnemende bestaanszekerheid, is het vanzelfsprekend dat er vraagtekens worden gezet bij de geïnstitutionaliseerde liefdadigheid die ontwikkelingssamenwerking heet. We kunnen met z’n allen eindelijk ongegeneerd krenterig zijn.

Juist nu.

We willen niet weten hoe tenenkrommend en obligaat liefdadigheid geworden is. Dieptepunt is toch wel de inzamelingsactie voor de slachtoffers van de overstromingen in Pakistan in 2010. Grote ramp was dat. Een ramp die volgens de Verenigde Naties erger was dan de tsunami in de Indische Oceaan in 2004. Toch heerste in Nederland geen algemeen gevoel van urgentie. Er werd vooral heel veel geklaagd over corruptie en terrorisme. Je kreeg zowat de indruk dat het de overstromingen over zichzelf had afgeroepen. Ter bezwering van zoveel hardvochtigheid konden we in verschillende media lezen hoe woest de Pakistaanse bevolking wel niet was op haar eigen politici, opdat we vooral wisten dat ze daar natuurlijk ook niet op hun achterhoofd zijn gevallen, maar niettemin slachtoffers waren van een grote ramp en daarom hulp nodig hadden. Uiteindelijk werd het moedeloze bedrag van 20 miljoen euro opgehaald. Ter vergelijking: voor de slachtoffers van de zeebeving in Zuidoost-Azië was 211 miljoen ingezameld.

Filibuster forever!

Het zogenaamde filibusteren komt voort uit een fraaie, eeuwenoude traditie. Handelsschepen werden aangevallen om eruit te nemen wat erin zat. Piraterij dus. Een filibuster vaart op buit en niets anders. Hij eigent zich toe wat niet eigen is. Dat kan van alles zijn: goud, brandewijn, de dochter van de kapitein, een mooi stuk land. Zo werd de vrijbuiterij een avontuurlijk en ook lucratief bedrijf. Logisch dat het mettertijd geïnstitutionaliseerd werd door tal van landen wereldwijd.

Maar zoals Sinterklaas pas groot werd toen Amerikanen ermee aan de haal gingen, zo is dat eigenlijk ook het geval met filibustering. Daar is men de naam filibuster in de 19e-eeuw gaan gebruiken voor personen die gebieden veroveren, of een poging waagden daartoe. Een van de bekendste is William Walker. Wikipedia meldt het volgende over deze navolgenswaardige figuur uit de Amerikaanse geschiedenis: ‘Walker heeft in 1853 de Mexicaanse staten Neder-Californië en Sonora weten te veroveren en er een kortstondige republiek gesticht. Hij werd echter snel verslagen door het Mexicaanse leger en vluchtte terug naar de Verenigde Staten. Hij werd aangeklaagd wegens illegale oorlogvoering, maar werd vrijgesproken. In 1855 wist hij Nicaragua te veroveren, en benoemde zichzelf tot president. Twee jaar later werd hij echter afgezet door het Amerikaanse leger. Hij stierf in 1860 tijdens een poging Honduras te veroveren.’

De nieuwe erfzonde

Er was eens een geschiedenis die geen geschiedenis werd. Ik heb het over de nieuwe erfzonde die antisemitisme heet en de historische gruwel die eraan kleeft.

Laten we bij het begin beginnen.

De oudste wortel van de Europese boom die antisemitisme heet, schiet min of meer met de kruisiging van Jezus Christus, zo’n 2000 jaar geleden, de grond in. Het is een magisch moment, waarop de ene erfzonde ongezien overgaat op de andere, ijverig gevoed door de Katholieke Kerk om aan het christenvolk te laten zien dat wie niet aan Christus gelooft een ellendig lot beschoren is.
Eind 19e eeuw beginnen in Europa nieuwe antisemitische wortels te groeien. De ene heet nationalisme, dat joden uitsluit vanwege hun anders-zijn; de andere is de rassentheorie van enkele pseudowetenschappers die zogenaamd wetenschappelijke wegen zoeken om joden op basis van erfelijke kenmerken tot minderwaardige wezens te degraderen. Voor de Europeanen is dan duidelijk waarom joden eeuwenlang onder erbarmelijke omstandigheden leven: ze zijn inferieur, de rassentheorie zegt het.

Niet lang na het aantreden van Hitler als president van Duitsland in 1933, worden tal van anti-joodse maatregelen genomen. Met de Neurenbergerwetten uit 1935 verliezen ze al hun burgerrechten, Duitsland moet volledig worden ‘ontjood’. En dan schiet een joodse jongen, waarschijnlijk uit woede en wanhoop over het nieuws dat zijn in Duitsland woonachtige familie naar Polen wordt gedeporteerd, een Duitse diplomaat neer. Het gebeurt op klaarlichte dag, 7 november 1938, te Parijs. En vormt de opmaat naar de grootste pogrom uit de wereldgeschiedenis. Naziminister Goebbels verspreidt de leuze dat niet een enkel individu voor de moord op de diplomaat verantwoordelijk is, maar het gehele Jodendom. Twee dagen later breekt in Berlijnse straten de hel los. Joden worden in elkaar geslagen en hun winkels vernield. Hitler laat in een toespraak weten dat het ‘Joodse ras’ in de komende oorlog vernietigd zal worden. Dat gebeurt bijna.

Gij zult God niet lasteren, hufter!

Lange tijd heeft het verbod op godslastering in Nederland in de juridische wachtkamer gestaan. Omdat in de meeste Westerse landen nog nauwelijks tegen wordt opgetreden, is de gedachte ontstaan dat het wel geschrapt zou worden. Maar eergisteren vernamen we van D66-er Boris van der Ham, die het van de VVD vernomen had, dat het verbod op godslastering niet uit het wetboek wordt geschrapt. Met dank aan de SGP.

Nog een paar jaar geleden leek Nederland een van die weinige landen te gaan worden waar de vrijheid van meningsuiting een absolute status zou krijgen. De liberalen richtten speciaal daarvoor een zaaltje in. Columnisten en cartoonisten moesten vooral blijven melden wat ze te melden hadden, en op de wijze die ze daarvoor nodig vonden. In 2009 werd door niemand minder dan toenmalig VVD-leider Rutte zelfs de suggestie gedaan om ook Holocaustontkenning toe te staan. Ach, waar een overmoedig land groot in kan zijn: proefballonnen blazen.

Ik ben blij en verheugd dat de SGP het gekoesterde verbod op de godslastering heeft weten te behouden. Voor hoelang is maar de vraag, maar ik hoop voor zolang als nodig is. En daar heb ik twee goede redenen voor.

De eerste reden is van principiële aard en vloeit voort uit het besef dat alle mensen voor de wet gelijk zijn. Je kunt niet de kwetsbaarheid van de ene groep boven die van de andere plaatsen. Meten met twee maten, weet u wel? Ik bedoel dat we het loochenen van de Holocaust niet anders moeten wegen dan het loochenen van God.

Verval is onomkeerbaar

De Dichter des Vaderlands kan tekeergaan wat hij wil, maar als het waar is wat hij schrijft, dat we ‘ziek, nihilistisch, narcistisch en gestoord’ zijn en onze politieke leiders slechts excelleren in een decadent isolationisme (zie NRC-Handelsblad d.d. 26 maart jl.), dan heeft het geen enkele zin om tekeer te gaan. Dat doe je niet bij een opa die op sterven ligt.

Feit is dat moreel verval, zoals alle verval, eenrichtingsverkeer is. Een doodlopende weg bovendien. Je kunt het verval hoogstens vertragen, de ondergang uitstellen. Dat weet Ramsey Nasr ook. Wat hij bekritiseert is dan ook niet zozeer het verval op zich, maar de wijze waarop we haar beklagen. ‘Normloosheid spreidt zich uit als een olievlek over onze politiek, onze media en heel onze cultuur. Moet kunnen. Maar dan moeten we ook ophouden met het geëmmer over onze nationale cultuur. Het is het een óf het ander.’

Toch lijkt hij erin te geloven het tij te kunnen keren. Waarom anders zo moralistisch ten strijde trekken?

Joseph Roth noemt in zijn roman De kapucijner crypte, die gaat over het verval van het Oostenrijks-Hongaarse rijk vlak voor de Eerste Wereldoorlog, nog enkele andere eigenschappen. Hij heeft het over de ‘sceptische lichtzinnigheid’, de ‘melancholieke waanwijsheid’, de ‘zondige nonchalance’ en de ‘hoogmoedige verlorenheid’ van de aristocratische en artistieke kringen. Allemaal tekenen van decadentie, de naderende ondergang. Een beeld dat veelvuldig in het boek terugkomt: ‘Boven de glazen waar we overmoedig uit dronken, kruiste de onzichtbare dood reeds zijn knokige handen.’ Het is de onafwendbaarheid van de ondergang.