Hoe zinvol zijn peilingen ver voor de verkiezingen?
ANALYSE - Door Jelke Bethlehem (bijzonder hoogleraar in de survey-methodologie en verbonden aan het Instituut Politieke Wetenschap van Universiteit Leiden).
Op 22 november 2023 zijn er weer verkiezingen voor de Tweede Kamer. Dan wordt er weer volop gepeild. De vraag is of al die peilingen in staat zijn om te voorspellen hoe de uitslag van de verkiezingen eruit zal zien. Hoe accuraat zijn die peilingen eigenlijk? Om wat meer duidelijkheid te krijgen over de nauwkeurigheid van peilingen, kijken we terug naar de Tweede Kamerverkiezingen van 15 maart 2017. Voor die verkiezingen hebben we alle cijfers beschikbaar en kunnen we dus peilingen en verkiezingsuitslag met elkaar vergelijken. Zo kunnen we vaststellen hoe goed de prognoses waren.
Tijdens de verkiezingscampagne in 2017 waren verschillende peilers actief. Het LISS-Panel van de Tilburg University kwam elke dag met een nieuwe peiling. Peil van Maurice de Hond deed het elke week en de Politieke Barometer van Ipsos elke twee weken. De Stemming van GfK en de peilingen van I&O Research en Kantar TNS hadden een lagere frequentie. Al die peilingen beoogden hetzelfde te meten: het stemgedrag als er op dat moment verkiezingen zouden zijn. Peilingen die op hetzelfde moment werden uitgevoerd, zouden dus dezelfde prognose moeten opleveren. Helaas was dat niet het geval.