Jos van Dijk

1.236 Artikelen
607 Waanlinks
3.691 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Was tot 2012 docent in het HBO.
Schrijft over Europa en over het vrije verkeer van informatie.
Publiceerde in 2007 "Dit kan niet en dit mag niet; een kroniek van belemmering van de uitingsvrijheid in Nederland." Voortgezet op de website: http://freeflowofinformation.blogspot.com/
Publiceerde in 2016 "Ondanks hun dappere rol in het verzet. Het isolement van Nederlandse communisten in de Koude Oorlog" voortgezet op de website http://nederlandsecommunisten.nl/#site-header
Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Nederland schaft de fiets af

Nederland staat bekend als fietsland. Met 19 miljoen bruikbare fietsen heeft Nederland het wereld­record fietsdichtheid. Wie in een (studenten)stad woont herkent het beeld. Maar als je daarbuiten komt ziet het verkeer er toch wel wat anders uit. Op het platteland domineert de auto volledig. Ga eens een tijdje op een terras zitten in een willekeurig dorp in Groningen, Brabant of Limburg. Fietsers vormen daar een kleine minderheid. Bejaarde toeristen en kinderen onder de 18, die zie je nog wel op de fiets. De rest komt met de auto naar de buurtsuper, het café of de kerk. Het platteland is gemotoriseerd. Schaalvergroting en afbraak van het OV spelen hierbij zeker een rol, maar ook gewenning. De auto is het vanzelfsprekende vervoermiddel geworden op het platteland, ongeacht de afstand.

De auto is ook het vanzelfsprekende vervoermiddel voor de nieuwe generatie. Op de achterbank komen steeds meer kinderen naar school en naar het sportveld. Als scholier en student gebruiken ze tijdelijk de fiets. Daarna is het al gauw weer de auto die onmisbaar is in een druk werkzaam bestaan. De fiets verdwijnt uit het zicht als standaard vervoermiddel en komt hoogstens nog in beeld in het domein van de vrijetijdsbesteding.

Foto: Riccardof (cc)

Europa radicaliseert niet – of toch wel?

Uit het verleden weten we dat een economische crisis de opkomst van extreem rechtse, antidemocratische partijen kan stimuleren. Heeft de huidige crisis rond de euro extremisten ook sterker gemaakt? Dan O’Brien schrijft in de Irish Times dat daar nog geen aanwijzingen voor zijn. Europa radicaliseert volgens hem niet. Hij verwijst naar de verkiezingsresultaten in een aantal Europese landen en concludeert dat de meerderheid van de kiezers toch naar het midden neigt, ondanks enkele uitschieters. Frankrijk kiest niet massaal voor Le Pen. In Spanje en Portugal waar de crisis meer dan elders wordt gevoeld krijgen extremisten weinig voet aan de grond.  Dat is des te opmerkelijker omdat deze landen nog geen veertig jaar geleden door fascisten werden bestuurd. In Griekenland, dat eenzelfde traditie heeft, is de Gouden Dageraad opvallend gegroeid, maar niet doorgebroken. In Italië is het alleen de protestpartij van Beppe Grillo die het de centrumpartijen last maakt. Finland, dat bepaald niet het meest heeft te lijden van de crisis,  is  de enige uitzondering die O’Brien noemt. Daar hebben de middenpartijen sterk geleden onder de opkomst van de Ware Finnen. We zouden er Nederland aan toe kunnen voegen, waar de Ware Nederlanders, anders dan hun Finse broeders, de afgelopen twee jaar zelfs regeringsmacht hebben gekregen, ook al was dat via de omweg van de gedoogconstructie.

Foto: Riccardof (cc)

Spaans goud

In Spanje is ophef ontstaan over Andrea Fabra, een conservatief parlementslid dat in haar enthousiasme over de plannen van de regering van haar partijgenoot Mariano Rajoy miljoenen Spaanse werklozen beledigde met een hartgrondig: Fuck them. Rajoy kondigde bezuinigingen op de uitkeringen aan om werklozen te prikkelen *sneller werk te zoeken. Dat werk is er natuurlijk niet, maar geheel volgens de neoliberale heilsleer trekt regeringspartij Partido Popular zich daar weinig van aan. En vanaf hun pluche juichen de PP-leden het schofferen van de werklozen toe. Heel eerlijk, lezen we in een van de reacties op dit berichtAndrea Fabra’s “fuck them” is the PP’s real agenda. En niet alleen van de PP, zou ik er aan toe willen voegen. Lees de programma’s van verwante partijen in andere landen, inclusief dat van de VVD.

Spanje krijgt deze week opnieuw aandacht vanwege de oplopende rente op staatsobligaties. Dat levert problemen op voor de staatskas die misschien niet zonder Europese hulp opgelost kunnen worden. Vorige week zijn de ministers van Financiën al akkoord gegaan met een omvangrijke steun aan Spaanse banken die dreigden om te vallen. Onzeker is nog of, wanneer en hoe de oorspronkelijke voorwaarde die daaraan verbonden is, het toezicht op de banken, geëffectueerd kan worden. Hoe groot de rol van de banken in de eurocrisis ook is, het lijkt er op dat zij ondanks alles de vrije hand houden.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

spreekverbod voor ondernemers

Is er in Nederland een wet die op voorhand het spreken over bepaalde zaken verbiedt? Mijn eerste reactie, toen ik deze vraag kreeg, was dat ik me niet kon voorstellen dat in Nederland een spreekverbod expliciet in een wet is vastgelegd. En tot nu toe heb ik dat ook nog niet gevonden. Een spreekverbod kan door de rechter in bepaalde gevallen worden opgelegd in de context van de beslechting van een bepaald conflict. Dat gaat dan over concrete uitlatingen over concrete zaken en zo’n verbod is ook vaak tijdelijk.
Maar het vooraf vastleggen van een spreekverbod in een algemene regeling komt ook voor. Zo lees ik dat een spreekverbod over salarissen in een arbeidsovereenkomst wel mogelijk is, al lijkt me de handhaving daarvan niet eenvoudig. De aanleiding voor de vraag, het verbod om binnen een vereniging van zelfstandige beroepsbeoefenaren te spreken over vergoedingen voor geleverde diensten, ligt in dezelfde lijn. Ook al staat het niet letterlijk zo in de wet, volgens een woordvoerder van ConsuWijzer, is dit verbod wel in overeenstemming met artikel 6 van de Mededingingswet.

Volgens artikel 6 van de Mededingingswet is het concurrenten verboden prijsafspraken te maken (een kartel te vormen). De NMa onderzoekt eventuele prijsafspraken en kan indien nodig boetes opleggen. Volgens een brochure van de NMa is dat onderzoek er op gericht na te gaan of er concurrentiebeperkende afspraken zijn gemaakt:

Foto: Riccardof (cc)

Stalin’s erfenis

In Wit-Rusland is een student gearresteerd omdat hij foto’s van teddyberen op zijn nieuwssite had gezet. Die teddyberen waren eerder deze maand gedropt door een Zweeds reclamebureau als protest tegen wat wel genoemd wordt “de laatste dictatuur in Europa”. De knuffelbeesten hadden allemaal een spandoek in de poten, met de tekst: ‘Wij steunen de Wit-Russische strijd voor vrijheid van meningsuiting’. Omdat het regime ontkent dat deze actie heeft plaatsgevonden en überhaupt heeft kunnen plaatsvinden wordt de student er nu van beschuldigd buitenlanders te hebben geholpen illegaal het land binnen te komen.

Hulp aan het -vijandelijke- buitenland. Een klassiek voorwendsel van dictaturen om de eigen bevolking te onderdrukken. Ook grote buur Rusland weet er mee om te gaan, wat niet verwonderlijk is met een president die zijn sporen heeft verdiend in de veiligheidsdienst van de Sovjet-Unie. De voorzitter van de Raad van Europa Thorbjorn Jagland bekritiseerde deze week een van de jongste maatregelen van Poetin om de vrijheid in zijn land in te perken als ‘stalinistisch’. Het gaat om een wet die NGO’s met buitenlandse financiering aan banden legt. Jagland formuleerde het nog voorzichtig, het ging hem vooral om de terminologie. Dat  NGO’s die financiële steun ontvangen uit het buitenland door de Russische regering worden gezien als ‘buitenlandse agenten’ deed hem denken aan de tijd van Stalin, zei hij.

Foto: Riccardof (cc)

Ongerept land dreigt afvalputje van Europa te worden

Is er in Europa nog een geïsoleerd, ongerept plekje te vinden waar de tijd heeft stilgestaan?

 

In 1932 reisde de Nederlandse schrijver en avonturier A. den Doolaard door Albanië. In het dorp Theth kwam hij in aanraking met de traditie van de bloedwraak. Daarover schreef hij zijn meest bekende roman De herberg met het hoefijzer.

Den Doolaard was niet de eerste die gefascineerd was door het ruige, ongerepte en geïsoleerde Albanië. De Engelse dichter Lord Byron ging hem al voor in 1809. Drie avontuurlijke schrijfsters van reisboeken volgden hem aan het begin van de vorige eeuw. De Engelse Edith Durham, de Amerkaanse Rose Wilder en de Schotse Margaret Hasluck bezochten ook Theth. De Nederlandse schrijfster Tessa de Loo maakte de tocht van Lord Byron in 1996 en schreef daarover het boek Een varken in het paleis

Tessa de Loo kreeg vorige week in het Rotterdamse fotomuseum het eerste exemplaar overhandigd van Een fascinatie voor Theth; het Albanese bergdorp van A. den Doolaard van Gerda Mulder en fotograaf Herman Zonderland. In de inleiding beschrijft Mulder haar door Den Doolaard gewekte belangstelling voor Albanië, haar reizen in de communistische tijd en daarna, toen het eindelijk ook mogelijk werd Theth te bezoeken. Het dorp is eigenlijk een verzameling boerderijen in een vallei met een kerkje en een school. Er wonen nu niet meer dan honderd mensen. Zonderland portretteerde een aantal van hen.

Foto: Riccardof (cc)

Cyprus tussen Rusland en de EU

Wat zal Europa het komende halfjaar merken van het voorzitterschap van de EU door buitenpost Cyprus?

Vanaf zondag 1 juli is Cyprus een half jaar lang voorzitter van de Europese Unie. Deze wisselende functie neemt Cyprus over van Denemarken. En niet van Herman van Rompuy, voor alle duidelijkheid. Die blijft voorzitter van de Europese Raad (van regeringsleiders). Wat Cyprus gaat doen is nog het best aan te duiden met een ‘primus inter pares’ rol: de onderhandelingen voorzitten tussen de landen over alle onderwerpen die in dit half jaar op de agenda staan. In allerlei gremia van de Unie heeft het voorzittende land de regie, van ambtelijk overleg tot en met vergaderingen van de ministers met uitzondering dus van de politieke top. Cyprus zal het voorzitterschap meer dan zijn voorgangers vooral in Brussel gaan uitoefenen. De ambtenaren zijn al onderweg. Geen extra tripjes dus voor onze ministers naar dit vakantieland.

Cyprus is in meerdere opzichten een bijzonder geval met een lange geschiedenis van politieke conflicten die tot op de dag van vandaag doorwerken. De op twee na kleinste lidstaat, gelegen in een uithoek van Europa, is sinds 1974 deels bezet door Turkije, dat nog steeds kandidaat-lid is van de EU. Het eiland is feitelijk in tweeën gedeeld. In het noordelijk deel heeft de bezetter voor de Turkse minderheid  de Turkse Republiek Noord-Cyprus uitgeroepen. In het zuidelijk deel regeert de Grieks-Cypriotische meerderheid. Deze regering wordt door de EU gezien als vertegenwoordiger van de lidstaat. De hoofdstad Nicosia is gespleten door een muur die aan de koude oorlog doet denken. VN-militairen bewaren er de vrede. Het voorzitterschap van Cyprus zal in elk geval betekenen dat er in de onderhandelingen met Turkije weinig vorderingen zullen worden gemaakt. Turkije heeft al aangekondigd niet met de EU te onderhandelen als dat betekent dat ze moeten gaan praten met de Grieks-Cyprioten. Woensdag demonstreerden Turks-Cyprioten in Brussel tegen het voorzitterschap en tegen de onderdrukking van de Turkse minderheid.

Foto: Riccardof (cc)

Europa in alle talen

Kan het ooit wat worden met Europa als er meer dan 80 verschillende talen worden gesproken?

EU-commissaris voor meertaligheid Androulla Vassiliou (Cyprus) maakte gisteren de resultaten bekend van een Eurobarometer onderzoek naar het taalgebruik van de Europeanen. De diversiteit in talen in Europa is een lastige hobbel in het integratieproces. Vassiliou was daarom blij met de steun voor haar streven om alle burgers minstens één, maar liever nog twee vreemde talen te laten spreken. Bijna driekwart (72 %) is het met die doelstelling eens en 77 % meent dat het een politieke prioriteit zou moeten zijn. Het slechte nieuws was echter dat we daar nog heel ver van af zitten.

Uit tests bij schoolgaande tieners in 14 Europese landen blijkt dat slechts 42 % vaardig is in hun eerste vreemde taal en nauwelijks 25 % in hun tweede. Een significant aantal, 14 % voor de eerste vreemde taal en 20 % voor de tweede, haalt zelfs niet het niveau van “basisgebruiker”. Het aantal leerlingen dat vaardig is in een eerste vreemde taal varieert van 82 % in Malta en Zweden (waar Engels de eerste vreemde taal is) tot slechts 14 % in Frankrijk (waar Engels wordt geleerd) en 9 % in Engeland (waar Frans wordt geleerd). In Oost-Europese landen is het aandeel van degenen die ten minste één vreemde taal spreken sinds de vorige meting in 2005  aanmerkelijk gedaald. In de communistische tijd beheerste iedereen Russisch of Duits. Zover is het met het Engels nog lang niet.

Vorige Volgende