Windenergie groeit sneller dan verwacht in Europa
OPROEP - Voor windenergie hoef je niet te wachten op de kabinetsplannen. De windcentrale biedt aandelen in groene stroom.
Europese windmolens passeren de magische grens van 100 gigawatt, berichtte de Europese vereniging voor windenergie (EWEA) vorige week. Dat is sneller dan de EWEA zelf had verwacht. Het huidige windmolenpark levert het equivalent van 39 kerncentrales en kan 57 miljoen huishoudens een jaar lang elektriciteit leveren.
‘Om Europa’s jaarlijkse windenergieproductie te evenaren zou je jaarlijks 72 miljoen ton steenkool moeten verbranden in steenkoolcentrales’, zegt Christian Kjaer, ceo van EWEA. ‘Om die hoeveel steenkool op treinen te laden zou je 750.000 wagons nodig hebben, die samen 11.500 kilometer lang zijn – de afstand van Brussel naar Buenos Aires in Argentinië.’
In Nederland leverden de windmolens op land in 2011 de elektriciteitsbehoefte van anderhalf miljoen huishoudens. Samen met de windmolens op zee wordt voorzien in 4% van het binnenlands gebruik. Het vorige kabinet streefde overeenkomstig Europese afspraken naar 14% windenergie in 2020. Daar mag Diederik Samsom nu nog wel een schepje bovenop doen. Denemarken is een mooi voorbeeld met het windmolenpark Anholt vlak voor de kust, dat alleen al goed is voor vierhonderd megawatt. Duitsland, dat zelf ook enorm investeert in windenergie, lijkt Nederland op zijn verantwoordelijkheid te willen wijzen door lange rijen windmolens net over de grens (foto).

