Alles draait om grondstoffen

Als er niet snel oplossingen worden gevonden voor de huidige watertekorten, leidt dat volgens de Irakese premier Nour Al-Maliki in de toekomst tot wateroorlogen tussen Arabische landen. Deskundigen waarschuwen de temperatuurstijging in het Midden-Oosten leidt tot waterschaarste en toenemende verwoestijning. Zo zijn de Irakese moerassen tussen 1960 en 2000 geslonken met 50 tot 90 procent. In 2030 zal volgens een Amerikaans rapport dat in maart verscheen, de vraag naar water de beschikbare voorraden flink overstijgen.

Met de toenemende schaarste neemt ook het risico op conflicten toe. Veel landen zijn voor de toevoer van water afhankelijk van stroomopwaarts gelegen landen. De belangrijkste rivieren van Irak, de Eufraat en de Tigris, ontspringen allebei in Turkije. Om in de eigen waterbehoefte te voorzien heeft Turkije in de afgelopen dertig jaar veel dammen gebouwd, waardoor Irak veel minder water ontvangt. Vergelijkbare spanningen zijn er tussen Israël, Palestina, Syrië en Jordanië inzake de Jordaanrivier, die wordt gevoed door de Yarmouk-rivier. Tot nu toe komen de Arabische landen niet tot gezamenlijke oplossingen voor deze grensoverschrijdende problemen. Al investeert men wel in alternatieven, ontziltingscentrales bijvoorbeeld.

Toegang tot water is niet het enige probleem. In Noord-Irak twisten de Koerdische regionale regering en de centrale Irakese regering om de controle over de olievoorraden. Begin april schortten de Koerden de toelevering van de olie bestemd voor export via de nationale Irakese pijpleiding op omdat Bagdad niet alle kosten zou betalen aan de productiemaatschappijen. Vervolgens dreigde de centrale regering de gederfde inkomsten in mindering te brengen op het jaarlijkse budget voor de Koerden. Eenzijdige actie is in de plaats gekomen van onderhandelingen en een oplossing lijkt verder weg dan ooit. Reden voor de International Crisis Group om de internationale gemeenschap op te roepen tot stappen om de partijen te laten terugkeren naar de onderhandelingstafel.

De Irakezen en de Koerden leven al negentig jaar in een ,,unhappy cohabitation´´, een erfenis uit de koloniale tijd. De Koerden streven naar meer autonomie en hebben belang bij een zwakke staat, maar premier Al Maliki lijkt juist uit te zijn op meer centrale macht, afgedwongen met door de VS geleverde wapens, ten koste van zijn rivalen. De aanpak van de Koerden drijft het dispuut op de spits. Ze hebben inmiddels een onafhankelijke oliepolitiek, hebben eigen oliewetten opgesteld en inmiddels meer dan 40 contracten met internationale maatschappijen gesloten zonder Bagdad daar op enigerlei wijze in te betrekken. Deels gaat dat ook nog over betwist gebied, over de Groene Lijn heen. De regering in Bagdad stelt daar de controle over de nationale pijpleiding en het budget tegenover. De Koerden zoeken dan ook naar een andere outlet voor de olie: Turkije. Aan een pijpleiding richting Turkije wordt al gewerkt. Probleem is nog wel dat Ankara alle belang heeft bij een verenigd Irak. De vraag is hoe de kaarten anders verdeeld zullen worden bij een eventuele oorlog tussen Iran en de VS, of bij een uiteenvallen van buurland Syrië.

Problemen zijn er ook tussen Griekenland en Turkije. Het conflict over Cyprus zit al muurvast sinds 1974 en onlangs werd er nieuwe olie op het vuur gegooid. De Grieks-Cypriotische autoriteiten gaven de Texaanse oliemaatschappij Nobel Energy toestemming om voor de kust van Cyprus gasboringen te doen. Waarop het Turkse staatsbedrijf TPAO eind april zelf begon met olieboringen voor de kust van Cyprus. De kans dat er nieuwe bronnen gevonden worden is klein, maar de drijfveer is dan ook eerder politiek dan economisch: elke provocatie dient met gelijke kracht beantwoord te worden. Wat ook meespeelt voor Turkije is het indammen van de Israëlische ambities. Israël heeft namelijk ook een contract met Nobel Energy en toonde al interesse in een energiesamenwerking met Cyprus.

En dan is er nog het stopzetten van de gaslevering door Egypte aan Israël, een mogelijke voorbode van toenemende spanning. Zeventig procent van Israëls wordt geïmporteerd, evenals alle olie. Egypte neemt van dat gas 40 procent voor haar rekening. Nu die levering stopt, is het belangrijk dat Israël creatief zoekt naar oplossingen en de diplomatie versterkt. Niet met Egypte maar met Turkije en Libanon, zegt Megan O’Sullivan op Bloomberg.com.

In het oostelijk Middellandse Zeegebied zijn namelijk recent grote gasvelden gevonden. Het Tamarveld zou goed zijn voor 8,3 triljoen kubieke meter gas en Leviathan voor zelfs 16 triljoen kubieke meter. De verwachting is dat het daar niet bij zal blijven. Volgens een Amerikaanse studie uit 2010 bevindt zich in het Levant-bassin voor de kust van Syrië, Libanon, Israël en Gaza een gigantische voorraad olie en gas. Dat zou Israëls energieproblemen in één klap kunnen oplossen en wellicht zou ze op termijn zelfs olie-exporteur kunnen worden. Die voorraden kunnen echter ook juist een bron van conflict vormen. Wat als een deel van de energie zich in het tussen Israël en Libanon betwiste gebied bevindt? En wat als dat veld zelfs tot aan de kust van Cyprus zou doorlopen, waarmee ook Turkije belanghebbende zou zijn? Hezbollah bijvoorbeeld meldde eind 2010 al dat het Israël niet zou toestaan de Libanese maritieme eigendommen te plunderen. En de VS zou gevangen komen te zitten tussen twee vuren: NATO-bondgenoot Turkije en Israël. O’Sullivan legde het scenario voor in een studentencompetitie van Harvard en MIT. Dat leide tot twee oplossingen.

De eerste oplossing stelt dat eerst de regionale conflicten opgelost moeten worden voordat de gasvelden ontwikkeld kunnen worden. Die ontwikkeling vraagt grote investeringen, die bedrijven niet zullen doen als de situatie politiek instabiel is.  Israël is ook niet in staat te exporteren naar Europa als Turkije en Libanon daar niet aan meewerken. De vraag is of Israël en Libanon hun verschillen kunnen overbruggen en tot een gezamenlijke exploitatie kunnen komen. Dat zou ook in het belang van Libanon zijn, dat nagenoeg al haar gas importeert. Tussen Cyprus en Turkije, en tussen Turkije en Israël spelen vergelijkbare overwegingen. Al lijkt dat in tegenspraak tussen de oplopende spanning die ik hierboven schetste.

De andere oplossing is dat de betrokken landen ,,agree to disagree’’. Men komt overeen om de olie- en gasvelden te exploiteren volgens vastgestelde richtlijnen, zonder op voorhand de claims op die velden in te trekken. Met die oplossing is eerder succes geboekt, bijvoorbeeld in het dispuut tussen Maleisië en Thailand, en dat tussen Oost-Timor en Australië.

  1. 2

    Geen zorg over water in Israël. Israel bouwt in een enorm tempe ontziltingsinstallaties.
    Nu al wordt de Palestijnen tientallen procenten meer water geleverd dan overeen gekomen in de Oslo-akkoorden.
    En vanaf 2013 verwacht Israël helemaal een wateroverschot te hebben.

  2. 3

    De wateroorlogen zijn al sinds midden tachtiger jaren aan de gang, toen Turkije dammen bouwde in de Euphraat en de Tigris.
    Daarop ging b.v. Syrië ook dammen bouwen, b.v. in de Khabur.

    En bij de nep Oslo onderhandelingen van 1993 tussen Israel en Palestijnen betoogde een Israelier dat zij meer water nodig hadden, joden waren schoner dan Moslims.

    Wie wil zien hoe nep die onderhandelingen waren leze ‘Het beroofde land’, Anja Meulenbelt, 2000, Amsterdam, zij noemt het boek later geschreven door de aanvoerder van de Israelische delegatie, getiteld ‘Hoe wij de Palestijnen bedonderden’.

    De Dode Zee bestaat inmiddels nauwelijks meer.

    Het gas zit overigens voor de kust van Gaza, verklaart mede waarom Israel geen vrede wil, dan wordt het Palestijns eigendom.

  3. 4

    Als je nagaat hoe de Israeli’s met hun leger van de Palestijnen grond stelen dan heb je weinig aan grondstoffen, bijvoorbeeld water. De truc is vaak hetzelfde: een weg leggen tussen de boer en zijn land. De boer kan niet meer bij zijn land komen. En dan is er een oude Ottomaanse wet die zegt dat als een boer zijn land drie jaar niet bewerkt heeft, dat het land hem moet worden afgenomen en aan een andere boer moet worden gegeven. In dit geval is dat de Israelische staat.

    Ook komen ze je met of zonder waarschuwing je boerderijtje platbulldozeren onder begeleiding van het leger. Ondanks de Israelische rechter die wetten toepast in deze bezitbescherming. Maakt niets uit. De kolonisten/bezetters/settlers moeten ten alle tijde beschermd worden, ook al ze ’s nachts eens lekker stoer Palestijnse burgers gaan pesten. En dan klagen over Palestijnse jongeren die agressief zijn.

    Israël is vanaf de oprichting bezig hun zionistische ideaal te verwezenlijken – een staat met als grondgebied alles tussen de Middellandse zee en de Jordaan – want jaweh zei dat zo.

  4. 5

    Er is veel energie nodig om zeewater te ontzilten.
    Gaat Israël al die energie zelf opwekken met zonnepanelen?
    Of een kerncentrale bouwen en het uranium uit de nutteloze kernwapens opstoken?
    Of gaat Israël toch maar op zoek naar de makkelijke oplossing…olie en gas?

  5. 8

    Vandaar dat Arabische landen zoveel hebben aan genormaliseerde betrekkingen met Israel. Met de daar ontwikkelde irrigatie/ ontziltingstechnieken kan je die hele zandbak groen maken. Hoewel ik geloof datNetafim druppelsystemen al met een omweg aan die landen verkocht worden.

    Sinds wanneer help je iemand niet meer als je er ook geld aan verdient trouwens? Telt het dan niet meer?

  6. 9

    Lik liegt, zoals altijd:
    http://bit.ly/wSzwXU

    “Some 450,000 Israeli settlers on the West Bank use more water than the 2.3 million Palestinians that live there,” the report said. “In times of drought, in contravention of international law, the settlers get priority for water.”

  7. 10

    Ik denk echt dat Israel de beste is op het vlak van ontzilting en irrigatie. Maar inderdaad, Likoed vergat voor het gemak te vermelden dat Palestijnen de toegang tot meer dan de helft van de natuurlijke waterbronne in de Westbank ontzegd wordt, als gevolg van geweld en bedreigingen door kolonisten.

    Dus dat ze zich zo aan de Oslo akkoorden zouden houden klopt volgens mij niet helemaal.

    The study found that 56 natural springs used by Palestinian farmers for watering their crops had either been taken over completely or were under threat from settlers. Although the number might not seem significant, it represents over half the number of springs that still have a regular water flow in the West Bank, which has seen a serious decline in supplies due to over-extraction.

    Of the 56 springs, Palestinians had no access at all to 30, even though the majority were on privately owned Palestinian land, the report, by the UN Office for the Coordination of Humanitarian Affairs, alleged.

    “In almost three quarters of these (22), Palestinians have been deterred from accessing the spring by acts of intimidation, threats and violence perpetrated by Israeli settlers,” the report said.

  8. 11

    mwoah, “Le Monde gaat dieper in op de manieren waarop Israël het water controleert op de Westbank. In de plaats Tarqumiya (20.000 inwoners) wordt de waterleiding om de tien dagen 70 uur opengezet. In die tijd moeten bewoners genoeg water tappen voor de resterende zeven dagen. Volgens de burgemeester van Tarqumiya bevoordeelt Mekorot, het Israëlische waterleidingbedrijf, de joodse kolonisten. Wie een illegale bron slaat, loopt het risico beschoten te worden door het leger.”
    http://www.360magazine.nl/in-het-nieuws/565-water-apartheid-als-wapen-op-de-westbank

  9. 18

    @17

    Precies wat in het artikel staat waarnaar wij linken.
    De Palestijnen doen niet aan waterzuivering en recycling.
    En geven uiteraard Israel de schuld.
    Maar dat gebeurt er dus wanneer je rioolbuizen liever gebruikt om er raketten van te maken.