Uit de jeugdzorg | Zomaar een dag

COLUMN - 14.00 uur: Mijn dienst begint. Mijn collega draagt over en vertelt onder andere dat er gisteren een flinke ruzie heeft plaatsgevonden tussen Kane en Dylan. Mijn collega is er tussen gesprongen, anders was het nog meer uit de hand gelopen. Patricia is langs een aantal winkels geweest en heeft bij eentje een sollicitatieformulier gekregen. Collega R. heeft zich vanochtend ziek gemeld en aangezien er geen vervanging is, sta ik er vanaf 14.30 uur alleen voor. Twee jongeren zijn op hun kamer, de anderen zijn nog op school.

14.30 uur: Ik zet de thee vast klaar. Ik check mijn mail en lees de rapportage. De telefoon gaat. Het is Marijke, Kanes plaatser van Bureau Jeugdzorg, om een afspraak te maken om langs te komen. We plannen een afspraak en ik vertel over de heftige ruzie gisteren bij mijn collega.

14.55 uur: Patricia stormt binnen. Opgefokt vertelt ze dat ze na moest blijven en nu bijna te laat is voor haar halfjaarlijkse evaluatie. Ik ken Patricia inmiddels lang genoeg om te weten dat ze stikzenuwachtig is voor het gesprek van straks. Was het geen nablijven geweest, dan was het wel iets anders. ‘Rustig, Patries, ga even zitten. Je bent mooi op tijd, je voogd is er nog niet eens. Dat van dat nablijven bespreken we straks wel. En die evaluatie, daar hoef je je niet druk om te maken. Die heb ik toch samen met je ingevuld, dus je weet al wat er in staat.’ De tranen springen in haar ogen. ‘Ja, maar straks komt “dat mens” ineens. Alhoewel, ze komt nooit, dus vandaag zeker ook niet.’ Dan gaat de bel. Haar voogd, inderdaad zonder Patricia’s moeder.

15.53 uur: De evaluatie is afgerond, Patricia ziet er opgelucht uit. Ze blijft nog even met haar voogd praten terwijl ik vast naar de huiskamer ga. Edson is al terug van school. Dat komt mooi uit, want hij moet vandaag boodschappen doen en koken. Ik help hem met het boodschappenlijstje en geef hem geld mee. Als hij even later terugkomt zonder bonnetje, stuur ik hem opnieuw naar de winkel. Onder luid protest vertrekt hij, maar komt even later, mét bonnetje, terug.

Langzaam druppelen de andere jongeren binnen. Als Kane binnenkomt, vertelt hij uit zichzelf over de scheikundeles. Ik krijg er een vreemd gevoel bij. Ik heb hem nog nooit over scheikunde gehoord.

17.00 uur: Edson begint met koken en ik help hem op weg. Tussendoor kijk ik naar het rooster van Kane. Geen scheikunde vandaag. Ik vertrouwde het al niet helemaal toen hij uit zichzelf uitgebreid over proefjes vertelde. Als ik hem erover aanspreek valt hij snel door de mand. Hij blijkt te hebben gespijbeld. Morgen bel ik zijn mentor.

17.40 uur: Het eten is klaar. De gehakt is ‘goed doorbakken’ en de roerbakgroente nog een beetje rauw. Maar Edson heeft het wel vrijwel helemaal zelf gedaan. Trots zet hij de pan op tafel. Dylan tilt de deksel eraf. ‘Zo, wat eten we, smurriepurrie ofzo?’ zegt hij uitdagend. Kane neemt het voor zijn broer op en begint een verhaal over de mislukte kookbeurt van Dylan. ‘Jongens, kappen! Edson heeft zijn best gedaan en als het je niet bevalt, dan eet je maar niet.’

Na het eten zit ik degenen die een taak hebben achter hun vodden. Ik help met huiswerk en bemiddel in de ruzie tussen Dylan en Kane. Ik sta een ouder te woord die terecht boos opbelt omdat een afspraak wederom verzet is en help Patricia met het schrijven van een sollicitatiebrief. Ik neem tijd voor Romano, die weinig aandacht vraagt, maar het net als ieder ander nodig heeft. En ik bespreek met Alicia waarom het zo belangrijk is dat ze leert praten over wat haar bezighoudt.

19.35 uur: In de huiskamer typ ik een verslag van het evaluatiegesprek. Ideaal, zo’n laptop. Dat gun ik iedere leefgroep. Nu kunnen we op rustige momenten in de huiskamer blijven. De tv staat aan en er is een item over werken bij de politie. Het gesprek komt op wat iedereen later wil worden. Patricia zegt ‘Ik word later ook pedagogisch medewerker. Dat lijkt me echt een relaxed baantje. Je hoeft ons alleen maar te leren koken en verder kan je lekker tv kijken en zo.’

Alle cliëntnamen zijn gefingeerd.

Roselinde van Berkel is pedagogisch medewerker bij TriviumLindenhof, een jeugdzorginstelling in Zuid-Holland. Ze is auteur van het boek Sannah! en schrijft voor Sargasso over de jeugdzorgpraktijk van binnenuit.