Het Gilgamesh Epos – Deel 1 | De historische Gilgamesh

COLUMN - Lang geleden leefde eens een koning met de naam Gilgamesh. Gilgamesh was in alle opzichten een uitzonderlijk man. Door zijn koninklijke en goddelijke afkomst was hij volmaakt van gestalte en begiftigd met bovenmenselijke krachten. Hij duldde geen koning of god boven zich en deed altijd wat hemzelf goeddunkte. Ondanks zijn hoge afkomst en zijn uitzonderlijke krachten was Gilgamesh echter sterfelijk. Daarnaast was hij op moreel gebied allerminst perfect. Hij had vaak moeite zijn emoties in bedwang te houden en met zijn ondoordachte gedrag tergde hij regelmatig de goden. Daarom besloten de goden hem te confronteren met zijn eigen sterfelijkheid…

Het Gilgamesh Epos

Standbeeld van Gilgamesh uit het paleis van Sargon II te Dur Sharrukin.
Louvre, Parijs.

Dit zou de achterflaptekst kunnen zijn van het Gilgamesh Epos, een van de vroegste meesterwerken uit de literatuurgeschiedenis. Dit standaardwerk werd omstreeks 1100 v. Chr. geschreven door de Babylonische priester Sîn-lēqi-unninni en heeft de mondelinge verteltraditie rondom Gilgamesh sterk beïnvloed. Het Gilgamesh Epos zou zelfs in de Ilias en de Odyssee zijn sporen hebben nagelaten. Sîn-lēqi-unninni putte zelf echter ook al uit een eeuwenoude verteltraditie. De historische Gilgamesh zou rond 2600 v. Chr. hebben geleefd, maar in de 1500 jaar die op zijn leven volgden bleef hij de hoofdrol spelen in vele legendes. Zo is de verteltraditie rondom zijn persoon in de loop der eeuwen gegroeid. Terwijl wereldrijken opkwamen en ondergingen en nieuwe volken zich in Mesopotamië vestigden verder nieuwe verhalen toegevoegd aan de verhalencyclus.

De Soemerische Koningslijst

Een van de vroegste vermeldingen van Gilgamesh is te vinden op de Soemerische Koningslijst, een historiografisch document dat zijn uiteindelijke vorm bereikte ten tijde van de Isin I dynastie (2017-1793 v. Chr.). Deze koningslijst is in fragmentarische vorm overgeleverd en kent waarschijnlijk een langere geschiedenis, die teruggaat op de Ur III dynastie (2112-2004 v. Chr.) of misschien zelfs eerder. Op de Soemerische Koningslijst staan de namen van alle Soemerische koningen weergegeven. De tekst begint met de opmerking dat het Koningschap in het begin van de wereld uit de hemel nederdaalde als geschenk van de goden aan de mensheid. Al snel blijkt dat het ware Koningschap slechts door één mens tegelijk kan worden bekleed. Met de dood van een koning gaat het Koningschap over op een andere persoon, die soms ook afkomstig is uit een andere stad. Zo bekleedden verschillende steden een tijdlang het Koningschap.

Soemerische geschiedschrijving

Over de eerste mensen die het koningschap bekleedden zegt de Soemerische Koningslijst dat zij tienduizenden jaren regeerden. Men had in die tijd geen last van ziekte of ouderdom. De bevolking nam echter wel toe en om deze overbevolking tegen te gaan stuurden de goden een Zondvloed op de mensheid af. Na de Zondvloed daalde het Koningschap neer op Kish, een stad in het noorden van Soemer. Vanuit Kish regeerden 23 koningen, waarvan sommigen Semitische namen droegen. De laatste twee koningen van Kish waren Enmebaragesi, die de Elamieten versloeg en in de stad Nippur de tempel van de god Enlil bouwde, en diens zoon Agga. Na Agga’s dood verplaatste het Koningschap zich naar de stad Uruk, waar achtereenvolgens Mesh-ki’ag-Gasher, Enmerkar, Lugulbanda en Dumuzi regeerden. Gilgamesh was de vijfde koning van Uruk.

Soemer in de Vroeg-Dynastieke Periode (2900-2350 v. Chr).
Auteur: Sémhur
Bewerking: Zunkir

De Shuruppak-vloed

Hoe moeten we deze Soemerische historiografie duiden? Duidelijk is dat de Soemeriërs een zogenaamde Zondvloed als keerpunt in hun geschiedenis zagen. Tegenwoordig denkt men dat de Shuruppak-vloed, die rond 2900 v. Chr. grote delen van Soemer onder water zette, aan de basis heeft gelegen van deze vloedlegende. Mogelijk heeft deze vloed grote schade toegebracht aan de infrastructuur van de Soemerische stadstaten. Rond dezelfde tijd begonnen Semitische stammen zich in de regio rond de stad Kish te vestigen en teisterden Elamitische stammen de Soemerische stadstaten met hun plundertochten. Soemer verkeerde in een grote crisis. Om Soemer weer op te bouwen en te verdedigen was een nieuw soort leiderschap vereist.

Enmebaragesi vestigt het Koningschap

Voor de vloed werden de ceremoniële, administratieve en juridische functies in de Soemerische stadstaten bekleed door de ensi, een soort priesterkoning. De oorlogsvoering werd overgelaten aan krijgsheren, de zogenaamde lugals. Na de vloed werden de lugals echter belangrijker. De eerdergenoemde Enmebaragesi was zo’n lugal. Nadat hij de Elamieten had verslagen bouwde hij de Ekur, de tempel van de god Enlil te Nippur. Inscripties met zijn naam zijn bij deze tempel gevonden, waardoor we er vanuit kunnen gaan dat Enmebaragesi een historische figuur was. De Ekur gold in het Soemer van de Vroeg-Dynastische Periode (2900-2350 v. Chr.) als het Mekka van de Soemerische godsdienst. Wie over de Ekur heerste, werd gezien als de enige rechtmatige koning. Mogelijk is deze regel door Enmebaragesi zelf ingevoerd en is deze regel later terug geprojecteerd naar het begin van de wereld.

De Ekur, tempel van de god Enlil te Nippur.

Gilgamesh steelt het Koningschap

Enmebaragesi heeft niet erg lang van zijn alleenheerschappij kunnen genieten. Volgens de Soemerische Koningslijst werd hij gevangengenomen door Dumuzi de Visser, de vierde koning van Uruk en de directe voorganger van Gilgamesh. Hieruit blijkt dat de eerste dynastie van Uruk niet na de eerste dynastie van Kish kwam, maar dat de twee elkaar overlapten. Enmebaragesi werd opgevolgd door zijn zoon Agga, die Uruk belegerde, waarschijnlijk om zijn vader te bevrijden of om hem te wreken. Intussen was Dumuzi de Visser overleden en opgevolgd door Gilgamesh. Gilgamesh versloeg Agga en riep zich uit tot beschermheer van de Ekur. Hiermee stal hij het Koningschap van Kish. Met terugwerkende kracht werden Gilgamesh’s voorgangers ook uitgeroepen tot rechtmatige koningen, wat de overlap tussen de eerste dynastie van Kish en de eerste dynastie van Uruk verklaart.

De nalatenschap van Gilgamesh

Men zou Gilgamesh kunnen zien als de eerste ons bekende usurpator. Slechts een generatie eerder had Enmebaragesi, na zijn overwinning op de Elamieten en de bouw van de Ekur, de alleenheerschappij over Soemer opgeëist. Gilgamesh, als koning van de machtige en onafhankelijke stad Uruk, kon echter niet aanvaarden dat een ander zich tot enige rechtmatige koning uitriep. Als er dan maar één rechtmatige koning kon zijn, dan zou hij het worden. De onverschrokken en opstandige aard van de historische Gilgamesh zal zijn Soemerische tijdgenoten het meest tot de verbeelding hebben gesproken. Dit is mogelijk ook de reden dat men ook na zijn dood nog verhalen over hem bleef vertellen. Over de vroegste Soemerische verhalen over Gilgamesh vertel ik later meer.

  1. 1

    “Slechts een generatie eerder had Enmebaragesi, na zijn overwinning op de Elamieten en de bouw van de Ekur, de alleenheerschappij over Soemer opgeëist.”:
    Aan de ene kant vind ik dit machtig interessant, aan de andere kant word ik net zo mismoedig als bij het lezen van verschillende Umberto Eco’s. Wat weet ik veel niet.

  2. 2

    @1: […] word ik net zo mismoedig als bij het lezen van verschillende Umberto Eco’s. Wat weet ik veel niet.

    Ik weet niet hoeveel je wel weet, maar je weet altijd minder wel dan niet. Zelfs al weet je heel veel. En als je veel weet, zoals sommige schrijvers hier op Sargasso vaak weten te simuleren, – niet speciaal voor Daan bedoeld – dan kun je als lezer nog steeds veel meer weten dan de schrijver.

    Wat ik bedoel is, dat ik zeker niet mismoedig zou worden van (would be) Umberto Eco’s. Alles is betrekkelijk, zeker veel weten.

    En dan bedoel ik niet het maar fact-free en post-truth lullen in de ruimte. Nee, dan bedoel ik het weten wanneer je iets geleerd hebt, wanneer je iets bij moet spijkeren en zo. Of weten wanneer je veel nutteloze dingen weet en wat overboord kunt gooien. Dat is geen reden om mismoedig van te worden, dat is een reden om te lezen en te kijken of het echt nuttig is om te weten.

    Enz…

  3. 3

    Over niet veel weten gesproken; een ietwat suffe vraag wellicht aan Daan; ik vraag me altijd af wat ik me moet voorstellen bij een stad in deze periode? Over +/- hoeveel inwoners hebben we het dan? En zijn het grotendeels boeren die binnen de muren hun woning hebben of echt een stad die vooral gevuld is met ambachtslieden en handelaren en die afhankelijk zijn voor hun voedselvoorziening van het platteland?

  4. 4

    @3: Ur, een van de grootste steden van een paar duizend jaar voor Christus, had zo’n 50.000 inwoners. Grote delen ervan zijn opgegraven, vooral paleis maar ik wijken van gewone mensen. Er is een website “Odysseyadventures” met veel foto’s. De stad zelf was dichtbebouwd, alleen straten en enkelverdieping bebouwing strak tegen elkaar aan. Geen lapjes grond.

    Ik neem aan dat er meer agrarische zones direct rond de stad lagen, buitenwijken zeg maar.

  5. 6

    Daan, hoe zit het nu eigenlijk precies met de Shurruppak overstroming (volgens mij is het Nederlandse woord niet vloed) ? Wat ik heb begrepen is dat er sporen voor diverse overstromingen zijn gevonden in de verschillende steden, die allemaal anders gedateerd worden. Dat zou betekenen, dat er niet sprake is van een enkele, grote overstroming, maar meerdere kleinere. Aan de andere kant, als je naar die Koningenlijst kijkt, dan lijkt het erop dat er toch een grote overstroming is geweest, die alle steden trof. Is hier uberhaupt meer over bekend ?

  6. 7

    @6: Shuruppak-vloed is inderdaad een anglicisme. Bedankt.

    Het is goed mogelijk dat er sprake is geweest van meerdere overstromingen. Feit is wel dat omstreeks 2900 v. Chr. een discontinuïteit in bewoning is geconstateerd in bijna alle steden ten zuiden van Kish. Dit duidt op het einde van de Jemdet Nasr Periode en het begin van de Vroeg-Dynastieke Periode. Als er meerdere overstromingen zijn geweest, dan moeten die elkaar relatief snel hebben opgevolgd. Dit kan het gevolg zijn van klimaatveranderingen, al weet ik hier het fijne niet van.

  7. 8

    @7: Dank voor de info. Ik had altijd begrepen dat die Shurruppak overstroming veel lokaler was. Ik weet niet meer precies waar ik dat vandaan heb, trouwens. Maar als het inderdaad zo regionaal is geweest, dan klopt het veel beter met de diverse geschriften die we hebben. Men vermoed toch ook dat dit de basis van het Bijbelse zondvloed verhaal is geweest ?

  8. 9

    @8: Helemaal het fijne weet ik er niet van. De overstroming die Shuruppak getroffen heeft was wellicht een van vele lokale overstromingen, waarvan geen van alle heel Soemer heeft getroffen, maar die samen veel schade toebrachten aan de infrastructuur.

    Alle Zondvloedlegendes spreken inderdaad van één grote Zondvloed, maar het is in orale tradities gebruikelijk dat meerdere op elkaar gelijkende gebeurtenissen samen worden gevoegd tot één grote gebeurtenis.