Fuseren met de PvdA? GroenLinks zou wel gek zijn

ANALYSE - Het idee van een fusie tussen GroenLinks en de PvdA lijkt onuitroeibaar. Maar is het wel verstandig?

Deze zomer werd het idee van een fusie nieuw leven ingeblazen. De afzwaaiende GroenLinks-wethouder (en partijprominent van het eerste uur) Andrée van Es stelde het bij haar afscheid voor. De Amsterdamse PvdA-partijleider Moorman reageerde enthousiast. Al in 2012 had oud-GroenLinks-Kamerlid Ineke van Gent zo’n fusie geopperd. En recent nog besprak de Volkskrant een fusie als een reële optie voor de PvdA.

Maar welk probleem zouden GroenLinks en de PvdA met een fusie oplossen? Op de korte en op de lange termijn is na een fusie weinig meer te verwachten dan nog meer zetelverlies.

Onvrede over de huidige situatie

Blijkbaar is er onvrede over de huidige situatie. Dat is niet zo vreemd. PvdA en GroenLinks zitten beide al enige tijd in een dip. De afgelopen decennia heeft de PvdA haar aanhang structureel zien slinken waardoor het nu één van de zes middelgrote partijen is in ons partijstelsel. GroenLinks bleek tot nu toe niet in staat om door te stoten naar die groep van middelgrote partijen.

Ook qua regeringsformatie is er reden voor ontevredenheid op links, zou je zeggen. De linkse partijen halen in Nederland bijna altijd een minderheid van de zetels: een linkse regering zit er dus niet in, zelfs als D66 daartoe bereid zou zijn. Als de PvdA regeert, is dat met rechtse partijen (VVD, CDA). Dat maakt de PvdA weer kwetsbaar voor verwijten van links (SP, GroenLinks) dat niet gezamenlijk wordt opgetrokken. GroenLinks heeft in Den Haag zelfs nog nooit meegeregeerd. In de onderhandelingen is er een paar keer aan gesnuffeld – recent nog in 2010 toen Paars-Plus (VVD-PvdA-D66-GroenLinks) op tafel lag, en in 2012 toen het Lenteakkoord moest worden gesloten met het minderheidskabinet VVD-CDA.

PvdA en GroenLinks kennen dus beide een korte-termijndip, een structurele minderheidspositie, en frustratie over de regeringsformatie. Wat te doen? Er zijn drie opties. De partijen kunnen (1) bij de huidige situatie blijven, (2) intensiever samenwerken, of (3) fuseren.

Fuseren

Een fusie gaat die problemen niet oplossen. Natuurlijk hangt dat voor een deel af van de vorm die een fusie zou krijgen. Als een compleet nieuwe partij wordt opgetuigd, de politieke fossielen van beide partijen worden afgedankt en de beklemmende organisatiestructuren overboord worden gekieperd, zou de fusiepartij veel meer vrijheid hebben om een koers te kiezen. Dan kan worden gekozen voor bijvoorbeeld een brede sociaal-liberale partij op links (zoals D66). Waarschijnlijker is echter dat de nieuwe partij de doelstellingen blijft houden van de huidige PvdA en GroenLinks.

Ongeacht de keus is het onwaarschijnlijk dat de fusie op korte termijn tot winst gaat leiden. GroenLinks concurreert evenzeer met de SP als met de PvdA en D66. Een fusie richting het midden (PvdA) zal de wat linksere kiezers (SP) eerder vervreemden dan aantrekken. Bovendien wordt GroenLinks door de fusie met de veel grotere partij (met veel grotere partijorganisatie) een marginale stroming. Omgekeerd is het ook niet evident dat de eerdere PvdA-kiezers die in de peilingen nu bij D66 zitten zullen terugkeren wanneer de PvdA fuseert met een nog linksere partij. 1+1 is dan al snel minder dan 2.

Fusie als miskleun op de lange termijn

Een fusie zal vooral op de langere termijn een misstap zijn. Door in te zetten op één gezamenlijke partij, ondermijnen de PvdA en GroenLinks hun gezamenlijke strategische positie. Moderne kiezers zijn immers niet langer loyaal aan een enkele partij. Partijen zijn onderdeel van een bredere keuzeset, waaruit kiezers hun definitieve keuze maken. Als linkse kiezers worden weggedreven door weerzin tegen de regeringsdeelname (PvdA) of door een ongelukkig partijleiderschap (GroenLinks onder Sap; PvdA onder Cohen), hebben ze nu nog de mogelijkheid om op de andere partij te stemmen.

Als de PvdA en GroenLinks na een fusie slechts één partij vormen, zullen ze gezamenlijk veel gevoeliger zijn voor die conjunctuur: de pieken van een succesvolle koers of populair leiderschap zullen niet hoger zijn, maar de dalen zullen wel degelijk dieper zijn dan nu het geval is, omdat kiezers nog verder (SP, D66, PvdD) moeten zoeken voor een alternatief. Het is onverstandig om in te zetten op één partij wanneer de kiezer zo vluchtig is als tegenwoordig.

Bovendien valt te betwijfelen of een fusie het partijstelsel zal opschudden. De afgelopen dertig jaar zien we in Nederland een toenemende normalisering van partijverhoudingen. In plaats van twee traditioneel dominante partijen hebben we nu zes structureel middelgrote partijen: twee op links (SP, PvdA), één in het midden (D66), en drie op rechts (CDA, VVD, PVV). Het is niet te verwachten dat die normalisering van partijverhoudingen verandert wanneer de PvdA fuseert met GroenLinks. De stabiele verhouding tussen politiek links en politiek rechts zal niet worden opgeschud door een fusie op links. Eerder ontstaat er electorale ruimte voor een nieuw alternatief, of ruimte voor groei van de PvdD.

In termen van coalitieonderhandelingen kan GroenLinks – anders dan de PvdA – nu nog functioneren als oliemannetje, de partij die door een deur kan met veel van de andere partijen en als junior partner helpt bij het creëren van meerderheden in moeilijke onderhandelingen. Een middelgrote fusiepartij kan die rol niet spelen.

Stembusakkoord

Er is een logisch alternatief voor fusie: het stembusakkoord. PvdA en GroenLinks kunnen al voor de verkiezingen een pre-electorale coalitie sluiten, waarin ze uitspreken dat ze ofwel samen regeren ofwel allebei niet. Mogelijk kunnen ze zelfs onderling de prioriteiten afstemmen bij de campagne (wie doet wat?) en voor eventuele coalitieonderhandelingen. Zo kunnen de partijen samen optrekken, maar toch hun eigen profiel behouden. Dat geeft de grootste kans gezamenlijk een brede groep kiezers te bereiken. Bovendien maakt het de partijen als gezamenlijk optrekkend blok minder gevoelig voor fluctuaties. De voordelen van een fusie boven zo’n stembusakkoord zijn erg onduidelijk, voor beide partijen.

Toch is zelfs zo’n innige samenwerking erg onwaarschijnlijk. In het verleden hebben linkse partijen elkaar tijdens coalitieonderhandelingen vaker wel dan niet laten vallen. Gezamenlijk optrekken blijft holle retoriek wanneer partijen uiteindelijk steeds voor hun eigen op kortetermijnbelangen blijven kiezen.

Tom van der Meer is als politicoloog verbonden aan de Universiteit van Amsterdam.

Dit artikel verscheen eerder op Stuk Rood Vlees.

  1. 1

    Partijen moeten niet vooraf aankondigen met wie ze willen regeren, want dan moeten ze het vooraf eens zijn over de standpunten die ze in gaan nemen bij de onderhandelingen.
    Het wordt een probleem als PvdA en GroenLinks samen willen regeren, maar de PvdA meer concessies wil doen op het gebied van milieu en GL juist minder hecht aan nivellering.

    Als ieder z’n eigen kleur houdt, hebben ze samen meer stemmen.
    En dan kunnen ze alsnog besluiten dat ze meer resultaat boeken als ze samenwerken.

    (in ieder geval meer dan in een coalitie met CDA en VVD, vermoed ik).

  2. 3

    @2: Impliceren dat Groenlinks wel haar principes heeft gehouden :’) Wat dat betreft is het een ‘match made in heaven’.

  3. 4

    Met dat de politiek een opstapje voor het echte grote werk is geworden, dankzij de macht die het ‘bedrijfsleven’ feitelijk in handen heeft gekregen, zijn politieke partijen te marginaal om er überhaupt nog bij stil te staan waar ze mee bezig zijn. Over een modderpoel moet je niet ouwehoeren. Daar gooi je zand over.

  4. 5

    (…)nog meer zetelverlies

    (…)zitten beide al enige tijd in een dip(…)

    (…)bleek tot nu toe niet in staat om door te stoten naar die groep van middelgrote(…)

    Allemaal interessante mededelingen voor populisten. Het zou om inhoud moeten gaan, niet om dit soort geneuzel. En daar gaat het al heel lang mis; zowel PvdA als GL waren ooit progressieve partijen met progressieve ideeen. Veel doelen hebben ze bereikt en ons landje is flink groener en socialer geworden. Nieuwe doelen zijn echter steeds minder progressief, voorzichtig, gematigd, aftastend en soms simpelweg populistisch of meegaand. PvdA en GL hebben hun bestaansrecht daardoor al lang verloren; ze bestaan voornamelijk nog uit eigenbelang – er is in eerste instantie een partij en daarna pas een ideaal. Een soort populisme. Ik stem liever op een groep mensen die eerst een ideaal hadden en vervolgens een partij zijn gestart. Da’s veel duidelijker. Helaas is er enkel de partij met de slechtste naam aller tijden: de PvdD. En dat komt natuurlijk omdat de gevestigde orde van partijen-zonder-echte-idealen al die zetels bezet zitten houden.

    Het zou absoluut het beste zijn voor ons land als er meer zetels worden gevuld door politieke partijen die gebaseerd zijn op een ideaal in plaats van, zoals nu het geval is, politieke partijen die gebaseerd zijn op het simpele feit dat ze vorig jaar ook al bestonden. De afgrijselijke leegheid. Walgelijk. Samenvoegen dat GL en PvdA. Gooi D’66 er ook meteen bij en heft vervolgens de hele boel op om ruimte te maken voor mensen die een hoger doel willen bereiken dan het voortbestaan van hun partijtje.

    Dankuwel.

  5. 8

    @7: Dat kan gewoon hoor.

    De PVV, bijvoorbeeld, hangt rechts aan het stuur, waardoor VVD en CDA (en dus het regeringsbeleid) ook een beetje die kant op moeten. En zo beïnvloedt de PVV dus toch het beleid, zelfs als ze niet meeregeert.

    Aan de linkerkant van het stuur werkt dat niet anders: ook daar kan je met alleen al wat hete adem beleidsdoelen verwezenlijken.

    (niet dat GL nog steeds aan de linkerkant van het stuur hangt trouwens, ze zijn nu ‘verantwoordelijk’ ( = principeloos) … maar dat deden ze wel ooit)

  6. 10

    @9: Het principieel pacifisme van de PSP? Daar gelooft niemand nog in. En dat is ook terecht, want het was erg dogmatisch en weinig realistisch. Het liet voor geen enkele twijfel, afweging of relativering ruimte. Uiteraard kan je dat ook integer en/of standvastig noemen.

    Met de steun aan de Kunduz-missie sloeg GL helaas door naar de andere kant. En dat vooral om door andere partijen geaccepteerd te worden. Men hoopte op regeringsdeelname. Een afschuwelijke fout.

    (Ik heb altijd wel bewondering gehad voor Ineke van Gent.)

  7. 11

    @10: dat is gewoon een leugen die maar niet wil sterven. Niks niet om door andere partijen geaccepteerd te worden, zo’n Kunduz-missie stond nota bene gewoon in hun toenmalige verkiezingsporgramma. Zo’n politica als Van Gent had dan ook tonnen boter op haar hoofd. Bewondering? Omdat ze opeens heel principieel (en te laat) en vooral heel publiekelijk tegen was over een punt wat in hun eigen verkiezingsporgramma stond?

  8. 12

    In een reflex denk ik meteen: nooit doen. Moet je opeens onder gladjakker Asscher functioneren. Brrr. Maar inderdaad zoals @5 uittekent: wat maakt het nog uit? Doe de SP er ook meteen bij met hun bange koopkrachtsocialisme.

    Je hebt natuurlijk een nieuwe partij nodig, iets als Podemos (of die nieuwe feministische partij in Zweden). Met een charismatische leider die zuigende journalisten ondersteboven lult en kennis van zaken heeft. Bonus voor NL: iemand die a la Rutte Wilders totaal negeert of hem precies weet te raken op zijn pijnpunten.

    Kans dat zo’n partij in Nederland opkomt: nihil. Helaas.

  9. 13

    @5:

    ons landje is flink groener en socialer geworden

    Daar valt denk ik nog wel wat op af te dingen, maar los daarvan hoop ik dat politici iets breder kijken dan “ons landje”. En dan is een fusie tussen GroenLinks en PvdA op inhoudelijke, programmatische gronden niet verstandig. Er zijn in Europa twee duidelijk van elkaar verschillende politieke families, groenen en sociaaldemocraten, met een geheel eigen visie, strategie en program. Het is voor de kiezer te hopen dat er een keus blijft bestaan tussen beide stromingen in plaats van dat alles zoals hierboven ook wordt bepleit op één hoop wordt gegooid. Ik zou afhaken in dat geval.

  10. 15

    @13: daar zit wel wat in. Beter zou GroenLinks zich richten op lokaal niveau en Europa. De partijen waarmee ze zouden moeten fuseren zijn eigenlijk Partij van de Dieren en Piratenpartij, die dan in een klap van hun ongelukkige namen zijn verlost en tegelijkertijd voor een toevoer van frisse ideeën zorgen (waar geen GroenLinkser echt moeite mee kan hebben.)

    De PVDA moet tot de laatste stem verdwijnen. De hedendaagse functie van die centrum-rechtse partij is om als buffer te dienen voor echt-rechts. Het verschil tussen types als Asscher/Dijsselbloem en Rutte/Buma is ondertussen minuscuul, allemaal fundamentalistisch neoliberalisme. En toch veren ze elke verkiezing weer op door strategische stemgedrag. Zolang dat gebeurt blijft het politieke landschap muurvast zitten.

    Uiteindelijk zou je twee linkse partijen moeten krijgen: een kosmopoliet (GL) en een voor links boerenkoolnationalisme (SP). Lekker overzichtelijk.

  11. 16

    @15
    “De partijen waarmee ze zouden moeten fuseren zijn eigenlijk Partij van de Dieren en Piratenpartij, .”

    Misschien goed voor GL maar in mijn ogen niet voor PvdD en Pp behalve als de laatsten in een soort grijsgroene brij op willen gaan.

  12. 17

    @16: grijsgroen. :) Alle drie de partijen hebben mijn sympathie maar de belangrijke standpunten (privacy/milieu/onderwijs/discriminatie) lopen uiteindelijk weinig uiteen. Ik vrees dat PP en PvdD op deze manier met een imago als one-issue partij niet verder komen. Maar misschien knalt de PP de volgende verkiezingen eindelijk en kan deze proefballon vergeten worden.

  13. 18

    @10
    Natuurlijk is pacifisme dogmatisch. Een beetje pacifistisch is net als een beetje zwanger.
    En of daar -volgens jou terecht nog wel – niemand in geloofd? Dat geloof ik dan weer niet.