Boekrecensie | Islamofobie? Een nuchter antwoord

In februari was ik bij de presentatie van het boek “Islamofobie? Een nuchtere antwoord.” Toen heb ik toegezegd om het boek te lezen en recenseren voor de verkiezingen. Dat was nog een hele opgave maar is me toch net op tijd gelukt. Bij deze.

Eerst maar even de conlcusie: het is een slecht opgebouwd en geschreven boek waarin de argumentatie maar ten dele overtuigend is. Het heeft mijn standpunt m.b.t. het onderwerp maar een heel klein beetje doen opschuiven.

Het vertrekpunt van het boek, aantonen of Islamofobie een terecht verschijnsel is, komt wat geforceerd over en maakt de onderbouwing vaak nodeloos complex. Als het thema was geweest of de Islam een reële dreiging vormde, dan zou het veel vlotter zijn gegaan. Het biedt echter wel af en toe een aardige manier om toelichting te geven op de visie vanuit de Islam waar je anders niets mee gedaan zou hebben.

Maar goed, wat leerde de inhoud van het boek me.
De Koran (en aanverwante boeken) zijn beroerde geschriften waar haatzaaiende, vijandige, vrouwonvriendelijke en twijfelachtige uitspraken in staan. “Islamgeleerden” maken het er vaak alleen maar erger op door de boel nog krommer te maken. Binnen de Islam doet menigeen er alles aan om iedere vorm van twijfel of aanval aangaande het geloof met woord en zwaard te bestrijden. Veel moslims praten veel excessen goed of weigeren ze openlijk te veroordelen (woordje veel is voor veel interpretatie bevattelijk). De Islam emancipeert of verandert nauwelijks. Er is een streven naar een kalifaat. Turkije verandert langzaam van seculiere staat in een moslimstaat. Islam (of mohammedanisme zoals de auteur uitgebreid probeert uit te leggen) is niet alleen een geloof maar ook een identiteit en politiek.

Echter, de zwaarte en omvang van bovenstaande zaken is twijfelachtig. Het boek gebruik geen uitgebreide onderzoeken binnen de gemeenschap maar eindeloos veel citaten en voorbeelden. En die citaten en voorbeelden komen vaak ook weer van verschillende bronnen en organisaties, maar worden generiek verklaard voor het hele mohammedanisme. Welke punten wel overeind bleven waren de zorgelijke ontwikkeling in Turkije (interessant in het perspectief van de recente ontwikkelingen rond Israël) en de problematische relatie die moslims hebben met het erkennen van de problematische kanten van hun geloof. Denk wel dat ik nu anders luister naar de excuus-deskundigen. Maar ik ben er niet van overtuigd geraakt dat het mohammedanisme een slechtere religie is dan andere religies. Wel begrijp ik nu beter dat er nog heel veel moet gebeuren wil het mohammedanisme in de breedte echt modern en geëmancipeerd worden.
Verder kan ik me wel weer vinden in een hele reeks aanbevelingen die het boek aan het einde geeft. Maar dan vooral ook omdat die generiek toepasbaar zijn op alle religies. Zo is het niet subsidiëren van religieuze activiteiten een no-brainer. Maar vraagt natuurlijk wel wat extra aandacht daar waar het nu gaat van het geven van die subsidies onder het mom van “helpt bij de integratie”. En ik ben ook een beetje af van het gebruiken van het voorbeeld van onze zuilenmaatschappij om bepaalde geforceerde constructies voor de moslimgemeenschap nu te rechtvaardigen. We leven niet meer in een zuilenmaatschappij en maatregelen op die punten hebben weinig zin als de groep zelf niet wil emanciperen.

Voordat ik wat detailpunten uit het boek behandel (ter ondersteuning van bovenstaande) even nog over de opzet van het boek. Het boek is een mengeling van verschillende stijlen. Soms gaat het om beschrijvingen uit het leven van de auteur, soms gaat het tussendoor over recente gebeurtenissen in de wereld die iets over de materie zouden moeten zeggen (maar samenhang met de lijn van het verhaal op dat moment missen) en voor een groot deel gaat het over de feitelijke onderbouwing van de problematische kanten van het mohammedanisme. Het is bij die stijlwisselingen en de voor mij moeilijk te volgen gekozen opbouw van het boek lastig om je aandacht erbij te houden, zeker in de eerste helft van het boek. De hoofdstukken over Turkije en Israël laten zich wat dat betreft nog het makkelijkst lezen.
Ook wordt er regelmatig een constructie gebruikt die erg vermoeiend is. Die kent twee verschijningsvormen. De ene is “.. maar daar later meer over in hoofdstuk X…”. Tegen de tijd dat je bij dat hoofdstuk bent, ben je kwijt wat de eerdere context was waarbinnen je het nogmaals zou moeten plaatsen. De andere verschijningsvorm is “We gaan het nu hebben over Y, maar voordat we dat doen eerst even iets over Z”. Laat het achterwege en doe het gewoon. Het lijkt een beetje alsof de uitgever geen redactie heeft gevoerd op deze manier.

Als je in de subtitel van een boek zet “nuchter antwoord” dan is het onbegrijpelijk als je in het boek alle partijen en mensen die niet jouw mening delen vrij consequent wegzet als “verdwaalden”, “naïvelingen”, “misleiders”, etc… Je diskwalificeert jezelf van een min of neutrale positie tot iemand die meer bezig te trappen tegen alles wat niet in het straatje past.
Daar komt nog bovenop dat het regelmatige gebruik van woorden als “gevaarlijk”, “extreem”, “explosief” en meer van dat soort kreten in het beschrijven van de doelgroep ook getuigd van een sterke vooringenomenheid. Dat werkt misschien bij de mensen die je mening delen goed, maar bij mensen die nog open staan voor verschillende opinies kan het averechts werken. Krachttermen verdoezelen het gebrek aan argumenten.
Ook komt er op een paar plaatsen in het boek een niet onderbouwde sneer (categorie ‘…ze zeggen…’) voor die het best geïllustreerd kan worden met een voorbeeld:
… terwijl de overheid en vrijwel alle media de boodschap blijven afgeven dat voortgaande immigratie, ook vanuit landen met een dominante mohammedaanse cultuur, ook van analfabeten, onvermijdelijk of zelfs wenselijk is….
Ik lees wat anders van de overheid en de meeste media. Maar dit is een vorm van argumenteren die je vooral bedoeld lijkt te zijn om het eigen gelijk van een onderschat probleem te versterken.
Nog een voorbeeld:
Over het gevaar dat mohammedaanse extremisten de beschikking krijgen over massavernietigingswapens hoor je in Europa niet zo veel.
Terwijl ik nu juist het gevoel heb dat dit veel meer aandacht krijgt dan in verhouding staat tot de kans dat dit werkelijk gebeurt.

In dezelfde lijn zijn veel beweringen twijfelachtig omdat er geen onderbouwing gegeven wordt. Een stelling als “Die lijn is dat een niet te verwaarlozen subgroep binnen het mohammedanisme deze barbarij onderschrijft en dat de anderen dit slechts nuanceren.” is wel met veel voorbeelden onderbouwt, maar niet met een feitelijk onderzoek naar hoe groot nu die “niet te verwaarlozen subgroep” is. Op die wijze is de relevantie moeilijk te bepalen. Is het 0,01% of is het 10%?
Een soortgelijk probleem met onderbouwing komt naar voren bij een van de stukken over angst. Om aan te geven dat angst reeël is, zegt de auteur het volgende “
…in bepaalde stadswijken komt het percentage gesluierde vrouwen boven de 30%..” om dan in een voetnoot te zetten dat dit alleen maar gebaseerd is op de eigen waarnemingen van de auteur. Hoewel ik best geloof dat dit zo is in een paar wijken in NL, kan je je betoog niet op die wijze onderbouwen. En al helemaal niet als je het niet in perspectief van tijd kan plaatsen (groei/krimp).

Het boek maakt redelijk goed duidelijk dat de verstrengeling van het geloof en politiek een seculiere staat met een mohammedaanse meerderheid onwaarschijnlijk is. Maar de bewering dat er geen subgroepen zijn die wel een seculiere weg nastreven is dan weer niet te verifiëren.
De getalsmatige groei van de aanhang van het mohammedanisme (vooral door hoger kindertal t.o.v. andere bevolkingsgroepen) is een aspect dat zeker aandacht verdient. Alleen bij de onderbouwing wordt dan weer voorbijgegaan aan het afnemende kindertal met nieuwe generaties in met name het westen en de stille uitstroom.

Veel problematischer zijn de stukken waar vergelijking getrokken wordt met andere historische ontwikkelingen. In mijn ogen vliegt de auteur daarbij zeker in twee gevallen volledig uit de bocht. Allereerst in de vergelijking met Mao en Stalin:
Dat het openlijk bediscussiëren van dit moordlustig totalitaire gedachtegoed niet tot meer afkeuring leidt, is bijna niet te bevatten. De facto werden ook onder het stalinisme en maoïsme op grote schaal mensen die de ideologie eerst wel en later niet meer aanhingen gevangen gezet en vermoord, maar daar werd het blote feit van het veranderen van mening niet gehanteerd als basis voor de beschuldigingen die geuit werden. Er werd een verhaal omheen gebouwd van het omver willen werpen van het bewind. In dit opzicht is een aantal varianten van het mohammedanisme verwerpelijker dan het communisme dat reëel bestond onder Stalin en Mao.
Mijn vrije vertaling (van wat de auteur zegt): het mohammedanisme is erger omdat die niet eerlijk is over het waarom van het maken van slachtoffers (ongeacht het aantal).

De tweede vergelijk is net zo moeilijk te accepteren:
De onmenselijkheid van de onthoofdingen overstijgt in zeker zin die van de gaskamers.
Sorry, dan ben je me kwijt. Wil je de honderden onthoofdingen in ernst plaatsen boven de miljoenen doden uit de gaskamers alleen omdat je er nu moeite mee hebt om er op TV naar te kijken?
Ja, dat is een weerzinwekkende handeling waarvan het zeer problematisch is dat de grote gemeenschap het niet afwijst. Daar mag je rustig het labels “achterlijk” en “barbaars” aan hangen. Maar om dat nou boven de holocaust te plaatsen gaat me veel te ver.

Onderbelicht in het boek vind ik de rol van de olie-inkomsten. Deze zijn voor veel mohammedaanse staten de enige manier om overeind te blijven. En ze worden, met name door S.A. gebruikt om wereldwijd zeer dubieuze praktijken te ondersteunen. Hoewel in de aanbevelingen wel naar voren komt dat we van die indirecte sponsoring afmoeten, had de rol van het oliegeld in het ontstaan van excessen ook meer aandacht verdient.

Een interessante constatering waar ik nog niet helemaal uit ben is die over de macho-cultuur van het mohammedanisme (vechten voor je gelijk) versus de meer rationele westerse benadering. De auteur geeft aan dat dit een zwak punt is voor de westerse cultuur omdat deze hierdoor bij een strijd het onderspit zal delven (moord en angste winnen het altijd van argumenten). Maar aan de andere kant vind ik dit toch ook weer getuigen van een wel heel negatieve beoordeling van de kracht van de eigen cultuur op lange termijn. Met name de moeilijk meetbare uitstroom uit de religies of de verandering van de gematigde aanhangers als gevolg van de invloed van langdurige blootstelling aan westerse waarden worden te makkelijk genegeerd.

Ook vind ik de constatering dat het mohammedanisme er meer dan andere religies uitspringt qua “achterlijkheid” te makkelijk. Veel van de voorbeelden uit het boek zijn ook te vinden bij andere religies. Denk daarbij aan de extreem conservatieve christenen in de VS of de Hindoes in India (die bijvoorbeeld ook om het minste of geringste christenen vermoorden).

Afijn, excuus voor de rommelige recensie. De noodzaak het voor de verkiezingen af te krijgen zorgde ervoor dat ik het niet zo netjes kon maken als ik het graag zou willen.

Ter afsluiting een afweging van eigen hand (opgekomen bij lezing van het boek). Mohammedanisme of islam zou gebaat zijn bij het (opnieuw) ontstaan van een kalifaat. Dat geeft namelijk een duidelijk aanspreekpunt voor de gehele Islam (zeg maar loket). Dan kan de emancipatie net als bij de Katholieke kerk goed op gang komen.
Overigens denk ik niet dat het een realistische verwachting is. Mohammedanisme lijkt intern nog verder gefragmenteerd dan het Christendom.

  1. 1

    Het boek is kennelijk niet in de doelstelling geslaagd: een NUCHTER antwoord. Een nuchtere houding is wel precies wat we nodig hebben op dit terrein. Alleen dan kunnen gevaren ook echt als zodanig (h)erkent worden.

    Volgens mij bevat de volgende zin een woordje teveel, namelijk ‘niet’:

    Mijn vrije vertaling: mohammedanisme (met minder slachtoffers) is erger omdat ze er niet eerlijk over zijn.

  2. 5

    Waarom wordt nu juist dit boek besproken ? Ik heb toch wel een beetje een global-warming gevoel: neem de uiterste nutcase van een zaak waar je totaal tegenover staat qua mening, weerleg de nutcase (makkelijk) en voila: het eigen punt is volledig gemaakt. Het is niet dat ik betere boeken weet, of dat ik net zo ongenuanceerd als de auteur van het besproken boek in het debat sta (of dat global-warming er iets mee te maken heeft, qua onderwerp – voordat ik word beschuldigd van thread-kapen), maar het lijkt me relevant: is er een criterium volgens welke juist dit boek is gekozen ?

  3. 6

    @KJ: Je had even de link moeten volgen. Ik was uitgenodigd voor de boekpresentatie (overkomt me niet zo vaak) en heb bij de presentatie (februari) toegezegd het voor de verkiezingen te recenseren.
    Kan niet zeggen dat ik 100% mijn afspraken altijd na kom, maar ik probeer het wel zo veel mogelijk.
    Dus niet meer van maken dan wat het is. Voor hetzelfde geld had ik het een waanzinnig boek gevonden en had ik nu omgekeerd moeten verdedigen “waarom vlak voor de verkiezingen”.
    Impuls.

  4. 7

    Teveel aandacht cq tekst voor dit boek.
    (als ik het goed begrijp)

    NB: de eerste link naar ‘presentatie’ gaat fout

  5. 8

    Een wonderlijke recensie.
    Heb op dit moment weinig tijd, moet zo naar een afspraak, maar wil snel even een paar opmerkingen maken.
    Op de eerste plaats ben ik erg blij met de impliciete, heel impliciete maar toch, terug te vinden, lof. De hoofdstukken over Turkije en Israel krijgen een soort plusje en bovendien stelt Steeph vast dat het mohammedanisme misschien nog wel moeilijker te hervormen is dan hij eerder al gedacht had.
    De meest kritiek -afgezien van wat flauwigheden waar ik helemaal niet op inga- is gefundeerd op een levensgrote stroman.
    Het hanteren van het begrip ‘islamofobie’ is een agendapunt van de belangrijkste hedendaagse actor die in het boek genoemd wordt: de OIC. Opmerkelijk dat die hele OIC in de recensie niet genoemd wordt!
    Het boek gaat over het begrip Islamofobie. Als de titel dat al niet duidelijk maakte dan toch de hele opzet en de verschillende stukken die gaan over ‘wat is islamofobie eigenlijk’.
    Steeph verwerpt de titel en daarmee de opzet van het boek. Hij suggereert dat het boek had moeten gaan over een nuchter antwoord op ‘de reeele bedreiging die uitgaat van het mohammedanisme’. Vervolgens legt hij uitgebreid uit dat het boek de door hem geopperde doelstelling niet waarmaakt.
    Nogal wiedes, zeiden we vroeger, duh, zegt men tegenwoordig.
    Geheel in overeenstemming hiermee is dat het slotdeel van het boek hem meer bevalt: dat gaat namelijk wel wat meer over de vraag hoe om te gaan met de reele bedreiging van het mohammedanisme. Dat deel van het boek heb ik er aan toegevoegd omdat het me onvermijdelijk leek dat er vragen zouden rijzen over hoe om te gaan met het mohammedanisme, maar in wezen past het minder in het hoofdthema: de omgang met islamofobie.
    Ik ben er intussen wel blij mee dat Seeph aangeeft dat slotdeel wel meer te oruimen te vinden.
    Later meer. In ieder geval over de onthoofdingen en de betekenis van ‘in zekere zin’

  6. 9

    Kijk, en nu zie je eigenlijk waarom dit boek niet [op een weblog cq hier] gerecenseerd had moeten worden. Nu krijg je een ik heb wel/geen gelijk discussie of een mijn boek is wel goed, de recensent is dom discussie.

    Recensies zijn iets waar een auteur het mee moet doen. Of je het wilt of niet, je hebt je boek aan het publiek gegeven.

    Accepteer de recensie.
    Verongelijkte auteurs zijn er genoeg.

  7. 10

    @9 Ik zou zeggen, wees blij dat je de discussie hier gewoon kan volgen. Een debat met argumenten van beide zijden is altijd de moeite waard, zeker als je het boek zelf niet hebt kunnen lezen.

    Overigens stelt Groenendijk niet dat Steeph dom is, maar wel dat hij het centrale punt van het boek heeft gemist. Dat zou de auteur wellicht ook zichzelf kunnen aanrekenen. Of het zou aan Steeph kunnen liggen, die met een bepaalde, andere blik aan dit boek begonnen is. Dat is niet hetzelfde als domheid.

  8. 11

    @Frans: De meeste kritiek is op de wijze waarop je het geschreven en beargumenteerd hebt. Het komt bij mij als lezer niet overtuigend over en werkt vaak zelfs contra-productief. Emotie is heel belangrijk bij het lezen van een boek.

    Verder heb ik lang nagedacht of ik de OIC nu wel of niet in mijn recensie zou noemen. Niet dus, waarom niet? Omdat het niet uit de verf komt. Natuurlijk levert het OIC het centrale thema van het boek. Maar het boek gaat niet over de OIC.
    En dat het boek over Islamofobie gaat, was duidelijk. Maar dat was alsof ik via de spiegel iets aan het lezen was (metafoor). Ik geef daarmee aan dat de gekozen invalshoek niet goed doorkomt.

    Tot slot heb ik niet gezegd bij het instemmende geluid over het slothoofdstuk dat ik het ermee eens ben omdat het wat doet aan “de reele bedreiging van het mohammedanisme”. Ik ben met punten eens omdat ik vind dat een maatschappij voorzichtig immigratie moet toestaan (kan slechts in beperkte mate een hoeveelheid mensen absorberen) en bij het integratie aspect geen steun moet verlenen aan de verkeerde elementen (dwz religie bv). Leg me dus geen woorden in de mond :-)

  9. 12

    Als iemand Stalin en Mao nodig heeft in een betoog over de verschrikkingen van het mohammedanisme, dan is zo iemand niet zozeer anti-islamitisch, als wel nieuw-rechts. En een beetje gaap-verwekkend nieuw-rechts op de koop toe. Heeft hij inmiddels ook al betoogd dat Hitler eigenlijk links was ? Nee ? Dan heeft hij nog aardig wat te ontdekken en na te praten op het grote, grote internet.

  10. 13

    Even uit pure nieuwsgierigheid, Steeph: wat is het argument van de schrijver om het liever over ‘mohammedanisme’ te hebben dan over ‘islam’?

    Ik heb altijd geleerd dat spreken over ‘mohammedanisme’ onzuiver is, omdat in de Islam dé openbaring van God bij uitstek de koran is, waarnaar Mohammed als profeet slechts verwijst (dit in tegenstelling tot het christendom, waar dé openbaring van God bestaat in de persoon van Jezus, waarnaar de bijbel slechts verwijst).

  11. 16

    In mijn woordenboek is een fobie een psychische aandoening. Hoe kun je na het eerste woord van de titel nou nog een “nuchter” antwoord verwachten? Of heeft de schrijver gewoon niet ontbeten en geen alcohol gedronken tijdens het schrijven van dit boek?

  12. 17

    @zmoc: Het startpunt van het boek is het verwijt vanuit OIC dat de rest van de wereld last heeft van islamofobie en dat je dat gelijk moet schakelen met terrorisme.
    Die fobie komt dus niet van de auteur af.

  13. 19

    de islam en westerse waarden botsen.. dat lijkt me duidelijk.. dat naieve cultuurrelativistische jan-jurken geen partij zijn voor islamisten is mij ook wel duidelijk.. dat ik dit boekkie niet ga lezen lijkt me ook wel duidelijk maar dat er langzaam een tegenbeweging op gang komt die de islamisten terug in hun hok wil zetten lijkt mij alleen maar prima..

  14. 20

    Had beloofd nog nadere reactie te geven. Bij nadere bestudering van de bespreking zie ik er vanaf om hier verder te reageren.
    Verdraaiingen, stromannen, misverstanden, onbegrip: daar valt allemaal mee te leven maar de leugenachtigheid die spreekt uit de zin “is het onbegrijpelijk als je in het boek alle partijen en mensen die niet jouw mening delen vrij consequent wegzet als “verdwaalden”, “naïvelingen”, “misleiders”, etc…” had ik niet voorzien.
    Een zinvolle discussie is dan niet mogelijk. Vermoedelijk ook niet gewenst. Op Keizers & Kleren staat een uitgebreide weerlegging.

  15. 22

    Inderdaad: een domme recensie is ook een recensie en dus bedankt.

    Dat de recensent het allemaal niet zo goed begrijpt wordt duidelijk bij het commentaar op de twee gevallen waarvan de recensent vindt dat de auteur ‘volledig uit de bocht gevlogen is’.

    Zonder het boek van Groenendijk gelezen te hebben begrijp ik dat het eerste citaat over afvalligheid gaat. Onder het stalinisme en maoïsme werd afvalligheid ook bestraft, maar zelfs onder het stalinisme en het maoïsme begreep men dat er toch ook zoiets als gewetensvrijheid bestond, die – voor de vorm – gerespecteerd diende te worden. En daarom verzon men een excuus als een beschuldiging van ‘het omver willen werpen van het bewind’ om de dissident te veroordelen. De islam kent geen gewetensvrijheid. In de islam is afvalligheid ‘gewoon’ zonder meer strafbaar.

    Het tweede citaat gaat natuurlijk niet over aantallen, maar over de barbaarsheid van de wijze waarop de liquidatie plaats vindt.
    Een ongelukkig gekozenen vergelijking, misschien. Wellicht had de auteur kunnen voorzien dat domme recensenten er een bagatellisering van de holocaust in zouden kunnen lezen.

  16. 23

    Rommelige recensie van ‘Islamofobie?’ en onverdiend overkritisch.

    Waar het om draait is simpel: Ons wordt verkocht (door de Moslimwereld vertegenwoordigd door de OIC, de Organisatie van de Islamitische Conferentie waar 57 islamlanden zich in hebben verenigd, een zeer machtige organisatie) dat de zgn. ‘Islamofobie’ gelijk staat aan Anti Judaïsme (ook anti-semitisme genoemd) en dus ook verboden moet worden omdat het leidt tot discriminatie etc. ‘Islamofobie’ is als term alleen maar (door de OIC N.B.!) ingevoerd om alle kritiek op de Islam en inhoudelijk debat over de Islam in de kiem te smoren want of het is ‘Islamofobisch’ of het leidt ertoe en dat laatste wordt simpelweg veroorzaakt door de inhoudt van Koran en Hadith. Die inhoud is door Westerse ogen gezien, eufemistisch uitgedrukt, nogal afschrikwekkend en zeker niet overeenkomend met onze Westerse waarden en normen, of iets concreter beschouwd grotendeels nogal absurd, verwerpelijk, ja afschuwelijk zelfs. En nu is de Islam ook nog eens een abjecte politieke ideologie die alleen verpakt is als religie en daarmee zitten we goed met de gebakken peren. Iedere moskee is in feite een politiek partijbureau die de bezoekers indoctrineert met een voor onze normen en wetten abjecte ideologie en rustig (onder het mom van de godsdienstvrijheid) dag in dag gestadig werkt aan de ondergang van het Westen inclusief het beëindigen van godsdienstvrijheid, democratie, vrijheid van meningsuiting (waarvan de introductie van ‘Islamofobie’ en de druk om dit strafbaar te stellen een duidelijk voorbeeld is van omgang vanuit de Islamitische ideeënwereld met meningsvrijheid), gelijkheid van seksen en gelijkheid tussen de mensen überhaupt om maar eens een paar elementen te noemen.

    Het boek is zéér aan te bevelen omdat het alle argumenten opsomt waarom ‘Islamofobie’ eigenlijk geïntroduceerd wordt, door wie, waarom het een fake begrip is en waarom we hier niet in moeten tuinen en zelfs waarom dat het begin van het einde van onze vrijheid van meningsuiting zal vormen.

    Ik heb het boek gelezen, conclusie: AANBEVELENSWAARDIG!