1. 3

    @1: dat lijkt me te kort door de bocht. Als je bv een aantal landen neemt dat hetzelfde scoort op de socialismeschaal: bv Nl, Duitsland, Portugal en Griekenland, krijg je toch hele andere uitkomsten.

    Moeten we niet ook nog een onderscheid maken tussen uitbuitende socialistische systemen en uitgebuite socialistische systemen? :P

  2. 4

    @1: Vind je dit nu werkelijk overtuigend? Haal aan de ene kant de Scandinavische landen en aan de aan de andere kant Turkije en Mexico weg, en er blijft weinig van de verbanden over, de meeste landen zijn gemiddeld socialistisch en die landen scoren zowel hoog als laag op de variabelen die gepresenteerd worden.

    Er zijn variabelen te vinden die een sterkere relatie met bijvoorbeeld welvaart van landen hebben. Om de socialisme index te testen zul je deze effecten ook moeten afzetten tegen alternatieve verklaringen.

    Uiteindelijk is het natuurlijk niet zo spannend dat een goed functionerende overheid met een uitgebreid sociaal vangnet belangrijk is voor welvaart en welzijn. Precies wat aanwezig is in de scandinavische landen en veel minder in Turkije en Mexico.

  3. 7

    @6: “De Unie vroeg bijna 4000 leden en niet-leden naar hun politieke voorkeur.” Het zal dus wel met name eigen leden zijn. En uit het stuk kan ik niet opmaken of de opleiding een vraag was of een eigen conclusie van De Unie zelf. Zo van: als het onze leden zijn, dan zijn het of course…

    In 2017 vond Ipsos nog dit:
    “Als we kijken naar opleiding dan blijkt dat de meeste hoogopgeleiden (23 procent) op de VVD hebben gestemd, gevolgd door D66 (17 procent) en GroenLinks (13 procent). De VVD wist ook veel laagopgeleiden te trekken (11 procent), maar de meeste laagopgeleiden stemden op de PVV (16 procent).”

    Waarom zou dit in 2 jaar tijd geheel omgeslagen zijn? Ik heb meer vertrouwen in peilingen uitgevoerd door bureaus die peilingen verrichten als hun taak, dan in vakbonden.

  4. 8

    @5: En alleen berichten in de lokale kranten, niks in NRC, VK of Tel.

    De “fouten” zijn zo groot en veelvuldig, dat kan haast geen toeval zijn. Alleen al het feit dat de luchthaven zo weinig stikstof zou uitstoten dat geen milieuvergunning nodig is moet bij iedereen alarmbellen doen afgaan.

  5. 9

    @7: In 2016 nog dit:
    “En als de PVV groeit, zoals het deed in 2009, 2013, 2015 én 2016, dan boren ze juist ook middelbaar- en hoger opgeleiden aan (en daarmee ook mensen met hogere inkomens)”

    En:
    “De PVV scoort bijvoorbeeld al jaren goed bij de scholierenverkiezingen, die tegelijkertijd met echte verkiezingen wordt gehouden. Zo waren ze de eerste partij bij de laatste twee verkiezingen: de Provinciale Statenverkiezingen van 2015 en de Europese Verkiezingen van 2014.”

    Kom op, linkse lerarenkliek, doe eens beter je best!

    https://www.nporadio1.nl/homepage/2571-de-pvv-is-geen-partij-van-boze-witte-mannen-5-mythes-over-pvv-kiezers-2

  6. 10

    @9: was dat niet de tijd dat PVV stemmen verloor aan het FvD. Stel nou… dat de lager opgeleiden van de PVV naar FvD verhuisd zijn en Greet er via de achterdeur toch nog wat intelligentere racisten voor terugkreeg? -omdat ‘ie nu weer in de lift zit.

    Terzijde: zijn er nu inmiddels 4-5 partijen ongeveer even groot? Niet makkelijk om daar in de toekomst stabiele coalities uit te smeden.

  7. 14

    @3,@4
    Outliers uit de gegevens halen, kan en mag wel in de wetenschap, binnen bepaalde grenzen en onder bepaalde voorwaarden, maar die voorwaarden zijn er hier niet. Bij veel van die grafiekjes is die positieve correlatie er, en is er zelfs geen negatieve correlatie mogelijk binnen het betrouwbaarheidsinterval. Die positieve correlatie (de ‘gemiddelde-lijn’) wordt alleen maar steiler als je die outliers weghaalt: jullie lijken te willen betogen dat die outliers de lijn meer naar een positieve correlatie zou trekken dan zonder, maar dat lijkt me onjuist. Wel wordt het betrouwbaarheidsinterval groter (dus onduidelijk, dus waarom zou je dat doen?!).

    Er zijn echter twee correlaties die nu al een beetje iffy zijn, en (volgens mij) nog onduidelijker worden bij het er uithalen van die outliers: grafiek 4 en 6 (als je de titelgrafiek niet mee rekent), en beide hebben te maken met demedian household (modale huishouden). In het ene geval gaat het om inkomen, in de ander om vermogen. Waarom die correlatie zo niet-eenduidig is, kan ik niet zeggen. Ik zou wel een gok willen wagen en stellen dat in samenlevingen met een lagere Democratic Socialism score de huishoudens groter zijn (ik stel geen causaliteit).

    Kortom, vooral wishful exclusion van jullie kant.

    Dit soort grafiekjes is ongemakkelijk voor veel mensen, die een hele reeks mogelijke verklaringen aangrijpen waarom data mogelijk vertekend zijn. Wanneer (het succes van) Scandinavische landen tegenover (de teleurstelling van) de VS wordt gezet, heb ik vaak genoeg gelezen dat dat kennelijk komt ‘omdat Scandinavische landen cultureel/etnisch homogener zijn’. Wat gewoon een racistisch excuus is om het ondermaatse presteren aan zwarten te wijten. Homogene Afrikaanse landen (die immers nog harder falen) worden doorgaans niet expliciet genoemd, maar als ze dan wel genoemd worden is de verklaring impliciet duidelijk voor de toeschouwers: daar wonen zwarten, dus….

  8. 15

    @14: Met alle respect Folkward, maar jij moet ook zien dat hier nogal vergaande conclusies worden getrokken op basis van een slecht gedefinieerd concept, een beperkte dataset van voornamelijk rijke en democratische landen en zwakke correlaties.

    Naast arme landen ontbreken bijvoorbeeld ook rijke autoritaire landen, om maar een voorbeeld te noemen.

    Je kan hoogstens stellen dat onder OESO landen deze definitie van democratisch socialisme positief samenhangt met een aantal uitkomstvariabelen.

    Hoe de lijnen er uitzien als alle landen in de grafiek staan weet ik niet, doe ik ook geen uitspraak over. Het interesseert me ook niet welke vorm het verband uiteindelijk heeft, laat dat maar uit de data blijken. Een reden om de outliers te benoemen is dat het natuurlijk geen sterk verhaal is als er weinig van je verband overblijft als je ze buiten het model laat, temeer omdat niet duidelijk is in hoeverre deze outliers representatief zijn voor hun deel van de grafiek. Je ziet direct wat er gebeurt als je de arme landen eruit haalt in de grafiek median household net wealth, waarbij de lijn ineens een stuk vlakker ligt.

    Als je democratic socialism wilt definiëren als ‘wat de Scandinavische landen doen’ dan is dat prima, en ik ben het volledig met je eens als de boodschap is ‘laten we meer worden als de Scandinavische landen’.

    Overigens verder een interessante exercitie, het is niet perse nutteloos of slecht, pas alleen op met de conclusies die je hier uit wilt trekken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

| Registreren