Waardes, prijzen en ‘hete vrede’

De tijd van de koude oorlog heeft veel invloed op ons politieke debat. De centrale vraag die nu over de wereld waait is: “nu de vrije markt door de crisis heeft bewezen, dat het zonder regulering niet gaat, wat is de rol die de overheid moet spelen?” Of is het feit dat de financiële wereld zijn hebzucht niet kan of kon bedwingen, niet van belang voor het denken over de rol van de staat? De landen met “staatskapitalisme” (China, India, Rusland) komen beter door de crisis, dan wij in het westen. Kennelijk gaan de dingen beter, als er enige autoritaire sturing plaats vindt; maar wat is de goede maat daarin?

Het is maar een vraag: de Koude Oorlog ging tussen de vrije ondernemingsgewijze productie en een geleide staatseconomie. Die oorlog werd door het westen gewonnen en hete vrede was ons deel, het ”einde van de geschiedenis” werd uitgeroepen (Fukuyama). Maar spoedig ging de discussie verder: wat was nu de juiste vorm van staatsingrijpen? Die vraag werd overheerst door een economische terminologie, die het politieke debat overwoekerde: wat is efficiënt, wat is doeltreffend, wat geeft het beste rendement?

Tony Judt, historicus, begon zijn testament met de verzuchting dat we de prijzen kennen, maar de waarden niet. We hebben een deugd gemaakt van het najagen van ons eigen materieel belang. We hebben een discursief probleem, meent Judt. Het economenbargoens is ongeschikt voor het bespreken van politieke onderwerpen. Judt is hierom gekritiseerd, maar mij bevalt het wel. Een beetje moralisme in het openbaar debat, kan het denken behoorlijk scherper maken. Van mij mogen historici moralisten zijn: graag zelfs, want is de geschiedenis niet bij uitstek de discipline die de menselijke tekorten bestudeert?

De interesse stuurt de attentie. Als je oplet zie je en hoor je veel moralisten, die soms leuke dingen doen en zeggen. Ik noem maar eens wat:
Claudia de Brey, die haar programma “Hete Vrede” noemt, fantaseert over haar kleinzoon, die haar vraagt of ze goed of fout was, tijdens de periode van de “Hete Vrede”. “Ik geloof dat je de plicht hebt te twijfelen”, zegt zij en lijft me in als fan.

Ab Klink neemt op een moralistische wijze afstand van Maxime Verhagen en beschadigt daarmee de formatie en zijn partij. Is dat verraad of juist de kiem van de redding van het CDA? In ieder geval mag het voor Klink niet over hem zelf gaan, dus hij bedankt voor een kamerzetel; het lijkt me een goede actie voor een moralist.
Mevrouw Plasterk moet haar hoofddeksel (iets sluierachtigs) toelichten bij Pauw en Witteman. Mooie stof, dure ontwerper, zegt zij. Maar de heren dringen aan: “was het een statement?” Na enig doorzeuren komt zij tot de formule: “een knipoog”. Wilders is beledigd door de ambassadeur van de grootste moslimnatie, maar op de knipoog van mevrouw Plasterk reageert hij maar niet, want hij kent zijn limieten.

Candy Dulfer, tafeldame bij Matthijs van Nieuwkerk, schiet onmiddellijk uit de heup, als ze aan tafel zit met een paar bonusopstrijkers uit Wallstreet: “hebben jullie nooit nagedacht over van wie het geld was, waarmee jullie die trucs uithalen of wie jullie grote inkomsten eigenlijk betaalt?” Er kwam eigenlijk geen antwoord op en Matthijs had geen aanvullende vragen.
Michaël Moore, filmer en volkse activist, krijgt de Steinbeck-prijs in Amerika; mooi, de schrijver, die met veel mededogen de onderkant van de samenleving belicht, zou met de keuze zeer tevreden zijn.

Hoe veel moraal zit er in onze politiek? In “de Utopie van de vrije markt” gaat Hans Achterhuis op dit thema in. Hij neemt het denken van Ayn Rand als richtsnoer: bij ons niet erg bekend, maar in Amerika een invloedrijk denker. Ayn Rand was een russische vluchtelinge, die in Amerika de zegeningen van de vrije markt ontdekte. Zij hing daar een filosofie aan op, die zij ‘objectivism’ noemt. Tot haar aanhangers behoorde Alan Greenspan, economische autoriteit gedurende de laatste vier presidenten. Greenspan heeft zijn geloof in Rand nooit afgezworen, al gaf hij voor het congres toe dat het enige schokken had opgelopen door de crisis.
Rand was een begenadigd romanschrijfster: in “the Fountainhead” schrijft zij over een rebelse, creatieve architect, die uiteindelijk een gebouw opblaast, omdat zijn ontwerp zonder zijn toestemming is veranderd. In “Atlas Shrugged”gaat zij helemaal los: de creatieve geesten gaan in staking en scheppen hun eigen tegenwereld: de oude wereld stort in. In haar utopia is elke menselijke relatie door de dollar gedetermineerd: niets is gratis, ook niet in gezinnen, zelfs niet onder de dekens. In Amerika wordt Ayn Rand tamelijk serieus genomen als sociaal filosoof.

Hoe zit dat bij ons? Volgens Rutte is de VVD doordrongen van het feit dat er een marktmeester moet zijn. Dat klinkt geruststellend. Maar wat moet die marktmeester doen? Gaan we de eerlijkheid van de transacties bekijken? Gaan we denken over waar die markt zich naar toe ontwikkelt? Het denken heeft zich na 1989 even onttrokken aan de tegenstelling kapitalisme en communisme. Maar dat schema lijkt weer terug, onder de druk van noodzakelijke bezuinigingen. Alsof de Koude Oorlog nog nooit “hete vrede” is geworden. We zullen vereenvoudigende stuurmechanismen moeten maken.

  1. 1

    het communisme faalde door hebzucht van de machthebbers. Het kapitalisme dreigt nu om dezelfde reden te falen. Mijn stelling is dat het eerder falen van het communisme te maken heeft met WOII

    Net na WOII was de Sovjet Unie verwoest en de USA niet. Omdat de koude oorlog ingezet werd, kon de Sovjet Unie te weinig spenderen aan de wederopbouw. dat heeft naar mijn mening tot de val geleid van de sovjet unie.

  2. 3

    De economische crisis werd veroorzaakt door een intransparante markt, het was voor niemand duidelijk wat voor waarde die derivaten nou vertegenwoordigden en wat de risico’s ermee waren. Een transparante markt is een voorwaarde voor een succesvol kapitalistisch systeem. Het is aan de marktmeester om voor een transparante markt te zorgen. De overheid heeft hierin gefaald.

    In plaats van een bij tijd en wijlen autoritaire overheid die in tijden van crisis allemaal grote reddingsoperaties gaat lopen uitvoeren (wat nu blijkbaar als de oplossing wordt gezien) zou de overheid de markt zo moeten reguleren dat de transparantie terug komt.

  3. 4

    Veel beter te lezen dit stukkie, compliment. Maar ik blijf een beetje hangen op de vraag die Van Doormaal stelt of enigzins autoritair geleide samenlevingen (zoals china) niet beter af zouden zijn. Vervolgens constateert hij dat dit kennelijk het geval is.

    Ik denk dat van Doormaal een denkfout maakt. Van Doormaal bekijkt de wereld door zijn bril van de top-down benadering.. ik geloof daar niet zo in.

    Mijn mening is dat systemen zichzelf reguleren. Niet autoritair, maar bottom up. Veranderingen – zoals je die nu b.v. kunt waarnemen in de nederlandse politiek komen van de basis en worden niet bedacht in het torentje.

  4. 6

    hmm dat denk ik niet.. ik denk dat de “impuls” uit de basis komt en de reactie van boven.. vergelijk het – als je het dan toch graag over moraal wilt hebben – met de rechtspraak. Andere macht, maar hetzelfde fenomeen, want loopt ( vaak jaren) achter op de maatschappelijke dynamiek. Regulering achteraf heet dat.

  5. 9

    Weinig wol?

    In Amerika wordt Ayn Rand tamelijk serieus genomen als sociaal filosoof.

    Yeah… no. Aan geen universiteit wordt er een cursus “Objectivisme” aangeboden. En je hoeft maar naar een vroege The Simpsons aflevering te kijken om Ayn Rand en de libertarische beweging belachelijk gemaakt te zien worden. “Objectivisme” heeft in Amerika dezelfde status als Homeopathie hier: volstrekte pseudo-wetenschap die redelijk populair is onder intellectuelen en de elite.

  6. 11

    Een markteconomie kan alleen goed functioneren als de deelnemers bepaalde ethische principes in acht nemen zoals integriteit, eerlijkheid, onkreukbaarheid, matigheid, zelfbeheersing en geduld, als ze oog hebben voor de gevolgen die hun economisch handelen op lange termijn heeft en als ze beseffen dat andere mensen evenveel recht op een goed leven hebben als zijzelf.

    Een markteconomie zal nooit goed werken zolang de deelnemers eraan iedere vorm van ethiek terzijde schuiven en louter het ongebreideld vergaren van steeds meer materiële rijkdom voor zichzelf voor ogen hebben. Zolang hun motivatie, hun gedachten en hun daden louter worden ingegeven door primitieve egoïstische driften. Ze zal niet werken zolang de deelnemers eraan er niet voor terugdeinzen om anderen te bedriegen en/of meedogenloos te misbruiken, zelfs tot voorbij het punt waarop andere levende wezens worden beroofd van hun basisbenodigdheden en gemeenschappen worden gesplitst in klassen of kasten die onverzoenlijk tegenover elkaar staan. Ze zal nooit werken zolang alle deelnemers eraan zich niet verantwoordelijk voelen voor het geheel, voor de toekomstige generaties, voor de natuurlijke bronnen en de ecologie. Zolang alle deelnemers eraan er niet van doordrongen zijn dat je anderen geen schade toe moet brengen en conflicten vreedzaam moet oplossen.

    In de economie moeten morele voorschriften in acht genomen worden. Helaas, Machiavelli zei het al, mensen zijn in hun diepste wezen immoreel en zelfzuchtig en een krachtige autoriteit is de enige die ethische gedragscode kan bewerkstelligen. Want enkel uit angst voor vergelding houden mensen zich in.

    In een wereld waar louter redelijke mensen leven zou dat niet nodig zijn. Autoriteit is overbodig in een wereld waarin men van nature respect en empathie toont voor de positie en de belangen van ‘de ander’. Alleen in een wereld waarin men bereid is anderen de ruimte te laten om te leven en iedereen oog heeft voor het grotere geheel hoeft een markt niet gereguleerd te worden, m.a.w kan ze daadwerkelijk volledig vrij zijn.

    Helaas, de problemen in de economie vloeien voort uit hebzucht, onverantwoordelijk egoïstisch gedrag en risicozoekende overmoed van sommige deelnemers.
    Mensen en politieke systemen die zulke drijfveren propageren, omdat ze goed zijn voor de economie en dat ze uiteindelijk iedereen ten goede komen, moeten worden gezien voor wat ze zijn; primitief en gestoord.

  7. 13

    Empathie is niet kwantificeerbaar, en wordt door iedereen anders gewaardeerd. Was Irak invallen empatisch ? Men zegt nu dat voor het geld dat de VS inmiddels in de bodemloze putten ‘Irak’ en ‘Afghanistan’ heeft gestort, ze iedere inwoner van dat land een huis, een auto en een flatscreen TV hadden kunnen kopen, en Saddam, en Mullah Omar een eigen eiland. Was het gebruik van geld dan niet ‘empatischer’ geweest ?

  8. 15

    De marktmeester moet de spelregels opstellen en controleren. Het is net als met voetbal. De scheidstrechter bewaakt de regels, de voetballers spelen het spel en de kijkers gaat naar de beste wedstrijden. De scheidsrechters moeten niet zelf gaan spelen (overheidsbedrijf) of het spel zelf bepalen (over regulering), want dat levert geen optimaal spel op. Daarnaast heeft het publiek ook een verantwoordelijkheid als er ergens slecht gespeeld wordt of met oneerlijke regels moeten ze naar een ander club gaan kijken.

    In de afgelopen crisis zitten alle 3 fout, de banken bedachten ondoorzichtige constructie’s, de consumenten waren zo winstbelust dat ze grote risico’s gingen lopen en de overheid zat te slapen in zijn rol als scheidsrechter.

    “de melkboer lengde fluitend zijn melk een beetje aan” zong Herman van Veen. dat is verleden tijd dank zij de marktmeester, zo moet het ook gaan met financieele produkten, met de rest moet hij zich niet bemoeien.

  9. 16

    @ 12
    De krachtige autoriteit, waar hier voor wordt gepleit moet zich natuurlijk verantwoordelijk voelen voor het welzijn van iedereen in de samenleving, niemand uitgezonderd. Ze moet ook de belangen van toekomstige generaties in het oog houden. Ze moet voorkomen dat de natuurlijke bronnen worden verspild en werk maken van natuurbehoud. Ze moet conflicten vreedzaam oplossen op basis van het idee van leven en laten leven. Dat leek me eigenlijk wel duidelijk uit de rest van het betoog.

  10. 17

    “de creatieve geesten gaan in staking en scheppen hun eigen tegenwereld: de oude wereld stort in”

    Dit zie je wel heel sterk terug in de informatica, de muziekindustrie, de media, hoe mensen elkaar ontmoeten, handel drijven, alles verandert razendsnel en niet meeveranderen betekent irrelevant worden.

    Dat de oude wereld instort zou je wat dat betreft ‘creative destruction’ kunnen noemen.

  11. 20

    Uw reacties maken mij wel vrolijk. Het is kennelijk zo dat overdenkingen triggeren en uitlokken.
    Ik pleit nergens voor, behalve een beetje nadenken en een beetje moralisme, dat daarbij helpt en aanscherpt.
    De laatste drie alinea’s, daar gaat het om KJ; ik probeer wat kanttekeningen te maken bij een discussie die loopt; over het trimmen van de overheid, omdat we te veel geld uitgeven.
    De mens is van nature alles: geneigd tot alle kwaad en ook tot goedheid. Macchiavelli had een wat sombere opvatting over de macht en zijn dienaren, maar onderling hulpbetoon tussen mensen komt ook veel voor.
    Niet de vraag of de juiste mensen aan de macht zijn is de kern, maar of wij in staat zijn met onze regels en werkwijzen, die macht effectief te controleren.
    Niet het prijsmechanisme is een heilzaam stuurinstrument, maar regels, structuren en toezicht. Het gaat niet om sturing door de staat, maar sturing door ons zelf.
    En Ayn Rand, tja: natuurlijk is het geen serieus te nemen filosofe, maar Greenspan is aanhanger gebleven. Ik plaats haar in in traditie van Koude Oorlogs-denken, die minder ver achter ons ligt, dan wij denken.

  12. 22

    @18
    Beetje heel erg kort door de bocht om het bovenstaande af te doen als een pleidooi voor de koning-filosoof van Plato. Maar als je de figuur van de koning-filosoof voor een symbolisch-literair stijlfiguur neemt, kan ik nog wel wat met je reactie. Ze verwijst dan naar – praktische – wijsheid die aan het politieke handelen ten grondslag zou moeten liggen en die resultaten beoogt waar de samenleving als geheel profijt van heeft.

    Wil die samenleving niet volledig ontsporen dan zal dat soort wijsheid snel moeten gaan prevaleren boven de schijnbaar onstuitbaar voortrollende waanzin van het speculatieve kapitalisme, de ideologie van het neo-liberalisme, de ontremmende kracht van het populisme, de platvloersheid van de massamedia en de infantilisering van de entertainment-industrie.