1. 3

    Het zal iets sociaal (PvdA) en iets christelijk (CDA,CU) moeten zijn:

    De HEERE zorgt voor u, wij voor de economie.

    (met kapitalen uiteraard zoals in de Statenbijbel…..)

  2. 6

    Waarom moet er eigenlijk een motto zijn? Het kabinet is toch geen commercieel goed? Ze moeten niet gladde PR-praatjes houden, maar de handen uit de mouwen steken!

  3. 8

    Wat ik zou willen:
    “Nederland. Best belangrijk.”

    Wat het best bij deze club past:
    “met spruitjes, bijbel en VOC dijnen we op de wereldeconomie mee.”

    Maar het wordt waarschijnlijk zoiets als:
    “met elkaar, voor elkaar” of zoiets als @5.

  4. 16

    Met ’s Herens zegen,
    Dwalen wij langs wegen,
    Van homo-intolerantie,
    En levensverlengende arrogantie,
    Van winkels zondags dicht
    En uitsluitend burgerplicht
    Bij zoveel vrome blijheid
    Verlang ik naar Verlichte vrijheid

  5. 22

    De heer sprak tot JP: ‘Zeg tegen de Nedelanders: U bent een halsstarrig volk. Als Ik ook maar korte tijd met u mee zou trekken, zou Ik u vernietigen. Leg uw belastingen af, dan zal Ik zien wat Ik met u doe.’

  6. 26

    Ik zou hopen dat we een keer van die fauwekul van motto’s gespeend blijven, dat is allemaal lucht en leegte. Maar als het dan toch moet, zal het wel iets bijbels moeten worden:

    1. “En God zag dat het goed was.” (Gen 1)

    2. “Wat kijk je naar de splinter in het oog van een ander, terwijl je de Balk in je eigen oog niet opmerkt?” (Mt 7,3)

    En ik zou mij kunnen voorstellen dat als Bianca het kabinet op de trappen van Soestdijk ziet staan, ze even moet denken aan het vers uit het Hooglied:
    “Zoals een appelboom tussen de bomen van Bos,
    zo is mijn lief tussen de jongens.” (Hgl 2,3)

    Wat het zou moeten zijn? Misschien wel “Galaten, u hebt uw verstand verloren!” (Gal 3,1)

  7. 29

    Meer regels, Minder vrijheid, Weg met het milieu, en lang leve de dictatuur.

    Aangezien het tegenovergestelde van het gestelde motto meestal wordt bereikt, zou ik deze kiezen.

  8. 30

    Wouter zal pas dán weer stevig op zijn benen staan
    als hij vol spijt op z`n knieën voor het kruis
    met SP- pet op half 7 en GL T- shirt aan
    1 keer gigantisch voor gaas is gegaan.

  9. 32

    Als we het dan toch over het Schip van Staet hebben, het tijdschrift Ons Zeeland (1929 nr 33) zegt het treffend:

    “Komen bij andere takken van sport – vooral in wedstrijden – hoofd-zakelijk de kracht van spieren en longen, alsmede vlugheid, in aanmerking, bij het zeilen bekleeden deze eigenschappen slechts een ondergeschikte, hoewel niet onbelangrijke plaats. In hoofdzaak tellen hier de algeheele meesterschap over het vaartuig, de juiste blik en de snelle beoordeeling om uit geringe afwijkingen van wind en stroom het maximale voordeel te trekken. De moed wordt op de proef gesteld door eene zekere mate van durf en van wagen, zonder echter tot roekeloosheid te vervallen. Dit uiterste kan tot noodlottige gevolgen aanleiding geven.

    Als ik dan ook dit artikel mag besluiten met eene welgemeende raadgeving, dan luidt deze:

    Roeiers en zeilers Leert eerst zwemmen!

    LUCTOR ET EMERGO.”