Geen plaats in de herberg?

Minstens honderdduizend mensen verblijven illegaal in Nederland. Geeft minister Gerd Leers toe, dus dat zal wel een schatting naar beneden zijn. Waar die mensen van leven? Joost mag het weten. Maar ze vinden hun weg, in illegale naaiateliers, op straat, heitje voor een karweitje, als werksters in Bloemendaal en vermoedelijk ook in de seksindustrie. Overlevers zijn het. Ze zijn de halve wereld afgereisd voor een beter leven, en ze knokken keihard voor elke euro, voor elke dag dat ze in het beloofde land mogen blijven. Sommigen zijn psychotisch, slapen op straat. Er is geen plaats voor deze mensen in Nederland. Zegt ook minister Kamp van Sociale Zaken. Eigen werklozen eerst. En minister Leers duidt het enorme aantal illegalen als "ontwrichtend en maatschappelijk ongewenst". Hij wil illegaliteit strafbaar maken met een boete. Mensen kunnen dan, als blijkt dat ze niet over geldige verblijfsdocumenten beschikken, meteen overgebracht worden naar vreemdelingenbewaring en in een uitzettingsprocedure komen.

Door:

Lezen: De wereld vóór God, door Kees Alders

De wereld vóór God – Filosofie van de oudheid, geschreven door Kees Alders, op Sargasso beter bekend als Klokwerk, biedt een levendig en compleet overzicht van de filosofie van de oudheid, de filosofen van vóór het christendom. Geschikt voor de reeds gevorderde filosoof, maar ook zeker voor de ‘absolute beginner’.

In deze levendige en buitengewoon toegankelijke introductie in de filosofie ligt de nadruk op Griekse en Romeinse denkers. Bekende filosofen als Plato en Cicero passeren de revue, maar ook meer onbekende namen als Aristippos en Carneades komen uitgebreid aan bod.

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.