Stemfraude in Eerste Kamer: deel woonakkoord eigenlijk verworpen

ANALYSE - De Eerste Kamer krijgt een steeds grotere politieke rol, maar is behoorlijk ondemocratisch. Laat ook de recente stemming over het woonakkoord zien.

De Eerste Kamer fietst zichzelf wel zo fijn in de politieke kijker, maar hun interne stemmingsprocedure hangt met oud plakband en roestige spijkers aan elkaar. Meetellen van de stemmen van afwezige fractieleden bij het standpunt van de fractievoorzitter, optellen van totaal afwezige fracties bij de voorstemmers; in de Senaat kan het allemaal. Geen probleem als de senatoren zich met grote meerderheden buigen over technische kwesties, maar een risico als zeer politiek gevoelige wetgeving met minimale verschillen door de Staten-Generaal geduwd moet worden.

Afgelopen dinsdag voegde de Senaat een nieuwe beurse plek toe aan hun stem-record. Inzet was het Woonakkoord en alle aandacht ging naar PvdA-senator Duivesteijn die, koud een maand in de Senaat, onmiddellijk uit de rode kruiwagen dreigde te springen. Minister Blok probeerde bij Nieuwsuur de boel te sussen met het resultaat: de wetsvoorstellen waren gewoon aangenomen. Wie het stenogram leest kan dat zien. Met 37 tegen 36 hoofdelijk uitgebrachte stemmen. Dat zijn er 73 in totaal. Wegens ziekte van Tineke Strik onthield een VVD’er zich van stemming. Dat heet ‘pairing’.

Er was echter nog een PvdA-senator die het Woonakkoord in gevaar had gebracht. Senator Sylvester vergiste zich en riep bij de stemming eerst ‘tegen!’ door de zaal. Toen ze zich realiseerde wat ze had gedaan, probeerde ze haar stem te corrigeren door er een luidkeels ‘voor!’ achteraan te gooien. Meer smaken kent artikel 109 RvO EK  niet. De Voorzitter telt Sylvester uiteindelijk mee bij de voorstemmers en stelt de winst voor zijn partijgenoot minister Blok vast. PvdD-senator Koffeman maakt een punt van orde omdat ‘zijn gevoel’ zegt dat het corrigeren van een verkeerd uitgebrachte stem eigenlijk niet kan. De Voorzitter klapt er dan meteen vrij stellig overheen: Ja dat kan, totdat de volgende naam is genoemd.

Heeft de Voorzitter gelijk?

Wat hij vertelt is zonder meer een correcte weergave van artikel 71 lid 1 van het Reglement van Orde van de Tweede Kamer. Maar dat is natuurlijk niet relevant hier. Senaatsvoorzitter De Graaf moet het doen met de regels die voor de Eerste Kamer gelden. En die regels kennen geen vergelijkbare correctiemogelijkheid. Het gevoel van Koffeman was dus juist, de stelling van de Voorzitter voorbarig. Senator Sylvester had haar foute stem niet mogen kunnen herstellen. En daardoor had het voorstel met 36 tegen 37 verworpen moeten worden verklaard.

  1. 1

    Dus we hadden liever gezien dat het voorstel verworpen was ondanks dat die verwerping gebaseerd was op een foute representatie van de werkelijkheid?

    In mijn optiek horen de regels van de wet ondergeschikt te zijn aan de bedoeling van de wet. Het is toch belachelijk dat iemand zijn fout niet ongedaan zou mogen maken?

  2. 3

    Wat flauw om iemand te verbieden een foutje te herstellen. In dit geval heeft dat verder geen gevolgen behalve dat de senator de juiste stem kon uitbrengen — juist in de zin van dat het haar intentie was om die stem uit te brengen. Reglementen zijn er om het stemproces ordelijk en eenduidig te laten verlopen en in dit geval is dat helemaal niet in gevaar.

  3. 4

    Lijkt me vooral een goed voorbeeld waarom stemkastjes in de eerste en tweede kamer nu toch eindelijk eens ingevoerd worden. Volgens mij zijn we straks de laatste democratie die dat doet.
    Achterlijk.

  4. 5

    “Meetellen van de stemmen van afwezige fractieleden bij het standpunt van de fractievoorzitter”

    Gebeurt dat niet ook in de 2e Kamer?

  5. 7

    Er wordt hier gepleit voor het mogen corrigeren van stemmen in de eerste kamer. Iedereen lijkt daarvoor te zijn. Maar laten we nou wel even eerlijk wezen: zijn de senatoren zulke minkukels dat ze ja niet van nee kunnen onderscheiden en binnen enkele seconden moeten mogen corrigeren?

    Het is juist de eerste kamer die geacht wordt de kwaliteit te hebben alle hectiek van de tweede kamer niet te bezitten en rustig en bedaard na te denken over de wetsvoorstellen om daar na ruime bedenktijd en los van politiek gekonkel een afweging over te geven.

    Een nee enkele seconden later door een ja laten volgen (en wellicht nog eens door een oh nee toch niet, hoewel dat hier niet aan de orde was). Dit soort ‘denderen van stemming is juist wat ik iig niet verwacht van de eerste kamer en blijkbaar de wet ook niet (wist ik niet maar blijkbaar zegt de wet dat stemmingscorrecties niet mogelijk zijn, ik ben daar voor).

    Deze mensen kennen de wet, daarom zitten ze daar. De voorzitter zou ontslagen moeten worden en iedereen zou pislink moeten zijn dat de senatoren zich niet aan de wet houden. Deze mensen zitten daar om ja of nee te roepen over een wet. Niet om een ja, nee, toch maar niet oh jee laten we dan toch maar ja zeggen enzovoorts te roepen.

    Als de wet ergens geldt, dan is het in de eerste kamer.

  6. 10

    @1: Er zijn veel goede redenen waarom het mogelijk moet zijn een stem te mogen herstellen. Maar er zijn nog veel meer goede redenen om dat alleen mogelijk te achten als dat echt geregeld is. Er moet toch tenminste één dingetje in het staatsrecht een beetje precies en dichtgeregeld moet: stemmingen/stemrecht/kiesrecht e.d. Daar mag gewoon zo min mogelijk gedonder over komen. Om die reden bepaalt art. 109 RvO EK ook zo precies in welke smaken je moet stemmen. ‘Laten we het maar doen dan’ en ‘sodemieter op’ zijn geen geldig uitgebrachte stemmen, hoewel het niet veel moeite kan kosten om materieel vast te stellen of hier een voor- of een tegenstem wordt uitgebracht. Het gaat hier sacramenteel staatsrecht: de rechtsgevolgen zijn verbonden aan een precieze formulering; taalhandeling en rechtshandeling vallen letterlijk samen. Net als bij het zweren van de eed. En net als bij de consecratie in de katholieke mis: het zijn woorden in hun exacte formulering die het ‘m doen, hoogstens te corrigeren voor de betekenis. Zo kunnen we Ankie Broekers-Knols ‘veur’ nog onder ‘voor’ schuiven, maar dan houdt het op. Tenzij er in een specifieke regeling is voorzien, zoals het geval is in de Tweede Kamer. Anders niet.

  7. 12

    @11: Inderdaad! Er wordt hier gepleit voor het mogen corrigeren van reacties op Sargasso. Iedereen lijkt daarvoor te zijn. Maar laten we nou wel even eerlijk wezen: zijn de reaguurders zulke minkukels dat ze een goede niet van een slechte reactie kunnen onderscheiden en binnen enkele minuten moeten mogen corrigeren?

  8. 13

    Ah, je kon er op wachten, natuurlijk: het slippery slope-argument. Ja, want als we “Voor–ehh, tegen! Tegen!” toestaan, dan betekent dat uiteraard dat morgen de senatoren wel tien keer gaan corrigeren en dat de voorzitter “weet je het nu zeker?” moet gaan vragen. Kom op, jongens, dat is helemaal niet aan de orde.

  9. 15

    Lijkt me vooral een goed voorbeeld waarom stemkastjes in de eerste en tweede kamer nu toch eindelijk eens ingevoerd worden.

    Want een senator die ‘tegen’ roept terwijl hij/zij eigenlijk ‘voor’ bedoelt, die drukt straks niet het rode knopje in, terwijl hij/zij met wat beter nadenken eigenlijk het groene knopje in had willen drukken?

    Het enige verschil met een stemkastje is, dat de stem definitief vastligt.

    En wie garandeert ons, dat er met dat elektronisch stemmen niet gemanipuleerd kan worden?

  10. 17

    @15 True. De roep om stemkastjes komt van dezelfde groep die denkt dat het hele democratisch proces naar de mallemoer is als iemand bij wijze van uitzondering zijn of haar stem zou mogen wijzigen om een menselijke vergissing direct te herstellen zonder verdere gevolgen.

    Het komt voort uit dezelfde gedachte dat de voorzitter als een robot de procedure moet volgen. *zet robotstem op* “Wijzigen niet mogelijk. Uw input staat geregistreerd als: ‘VOOR’. Verdere input wordt genegeerd.”

  11. 19

    @18 Maar waarom zou de waarde van een stemkastje na een druk op de knop meteen vast moeten liggen? Wat mij betreft wordt het een flipperkast waarop de kamerleden totdat de tjid verlopen is discootje mee kunnen spelen. Mooi he, die gekleurde lampjes!

  12. 20

    @19 Het idee is juist dat zo met techniek die regel afgedwongen kan worden. Afwijken voor bijzondere gevallen wordt simpelweg onmogelijk.

    “Computer says no.”

  13. 21

    @Kevin: Maar als dat niet de bedoeling is dan kan je bijv. de voorzitter het recht geven om uitzonderingen te maken.

    Bij zulke systemen is de grootste uitdaging de transparantie. Hoe zorg je ervoor dat het niet manipuleerbaar is, of in ieder geval niet manipuleerbaar zonder dat dat zeer zichtbaar is.

  14. 22

    @21: Precies, in andere landen met stemkastjes kun je neem ik aan toch ook flipperkasten? Overigens zijn er meer redenen om met stemkastjes te werken (bv. om stemmen door afwezigen te voorkomen, zoals nu schering en inslag is, maar ook om eindelijk eens een keer systematisch stemmen vast te leggen, zodat individuele volksvertegenwoordigers voor hun stemgedrag ter verantwoording geroepen kunnen worden).

  15. 23

    Iedereen maakt fouten, zelfs de slimsten. Het toedichten van supermenselijke kwaliteiten aan senatoren lijkt me onterecht. Het is typisch van deze tijd om alles bureaucratisch te organiseren en via protocollen te regelen. Het invoeren van stemkastjes maakt het gemiddelde stemproces misschien wat korter, de kans op fouten zou misschien ietsje hoger liggen (maar dat hoeft niet), maar nog erger: de mogelijkheid om te herstellen is een stuk moeilijker.

    Stel dat het inderdaad zo was geweest dat de voorzitter de correctie niet meetelde. Dan had het hele circus opnieuw moeten beginnen, eerst weer door de 2e Kamer, dan weer door de 1e Kamer, omdat je weet dat er een (krappe) meerderheid voor is, maar dat die door een formaliteit niet tot uiting is gekomen. Daar schieten we ook niks mee op. (Desalniettemin: Bismarck komt wel met een paar duidelijke argumenten, die niet voortkomen uit typische gemakzucht).

    Natuurlijk moeten senatoren niet verzanden in “Ja, nee, wacht even, nee, ja, nee, ja, ja.” Dat is waar. Maar we hebben in de media ook kunnen aanschouwen hoe onduidelijke stembiljetten tot -op zijn minst- tot een verkiezingsrel -en misschien zelfs tot een onterechte presidentsverkiezing- leidde. In eigen land was hadden we het CDA-congres met de dubbele negatieven. We moeten accepteren dat er vergissingen gemaakt worden en de mogelijkheid geven tot herstel.

  16. 24

    Hoe werkt dat “pairing” eigenlijk. Het lijkt me aardig als er een 2 partijen stelsel is, maar hoe relevant is het met zoveel fracties als in Nederland?