serie

Gratis Meesterwerken

Marc van Oostendorp behandelt in de zomer van 2013 elke week een gratis te verkrijgen klassieker uit de Nederlandse letterkunde.


De Kroonboekenclub | Karakter, van Ferdinand Bordewijk

COLUMN - Ieder boek dat je leest, plooit zich naar de tijd waarin je het leest. En zo las ik Karakter, de magistrale roman van Bordewijk uit 1938, ineens niet als een boek over hoe je door hard werken op kunt klimmen, hoe je als zoon vermorzeld kan raken tussen je vader en je moeder of over het vooroorlogse Rotterdam, maar als een boek over het feminisme.

Het boek gaat over Jacob Willem Katadreuffe, onwettig zoon van de deurwaarder Dreverhaven, die de naam van zijn moeder, de handwerkvrouw Katadreuffe aanneemt, en die op zekere leeftijd ineens tot grote ambitie wordt gedreven en zich dan, ondanks allerlei tegenwerking van zijn vader en kennelijke desinteresse van zijn moeder met hard werken weet op te werken tot advocaat. Maar op de achtergrond speelt de hele tijd de vraag een rol of en hoe vrouwen en mannen van elkaar verschillen, en vooral: wat dit betekent voor het werk.

In opkomst

Karakter speelt zich af in het interbellum, althans de periode waarin men zich ‘na de Oorlog’ waande. Het is ook de periode waarin vrouwen een plaats krijgen op de werkvloer: van de vier advocaten op het kantoor waar Katadreuffe wordt aangenomen is één vrouw. Al wordt zij daarover door haar mannelijke collega’s geregeld in de maling genomen – collega’s die zich als het feest is in de armen van ‘lichte vrouwen’ werpen –, die ene vrouw weet haar mannetje te staan. Zoals ook de telefoon op kantoor wordt aangenomen door een vrouw, hoewel de baas eigenlijk vindt dat zulk werk door een man gedaan moet worden. Die baas blijkt overigens een vrouw te hebben die beter auto’s bestuurt dan de mannen.

De Kroonboekenclub | Het Mekkaansche feest

COLUMN - Of de beroemde geleerde Christiaan Snouck Hurgronje (1857-1936) wel een ware erflater van de Nederlandse beschaving mag heten, dat kun je je afvragen. Snouck bestudeerde de islam namelijk niet alleen maar om er hysterisch over te gillen, maar om hem te begrijpen, om er zo diep mogelijk in door te dringen en op zeker moment liet hij zich zelfs besnijden en bekeerde hij zich tot dat geloof. Desalniettemin werd hij benoemd tot professor en zelfs rector magnificus in Leiden. (Laat de PVV, de VNL en het Forum voor Democratie maar niet horen! De islamisering van Nederland is al veel eerder ingezet dan wij zouden willen!)

Beroemd werd Snouck vooral door zijn prachtige boek Mekka. Hierin bracht hij verslag uit van zijn bezoek aan Mekka en zijn pogingen om deel te mogen nemen aan de Hadj. Dat boek is voor zover ik kan nagaan helaas alleen in Engelse vertaling in de handel, en wat nog erger is: ook niet gratis te verkrijgen. Wel heeft de Kroonboekenclub, waarin we iedere week een gratis boek bespreken, deze week Snoucks proefschrift Het Mekkaansche feest  (1880) in de aanbieding. 

Een versleten kleed

snou004mekk01_01_tpgIn dat proefschrift gaat Snouck vooral na wat de pre-islamitische oorsprongen van de Hadj zou kunnen zijn. Daarover is bijzonder weinig bekend – of zo was het in ieder geval in Snoucks tijd, ik kan niet beoordelen hoe het nu zit. Zoals ik ook niet zou durven proberen in te schatten hoe achterhaald Snoucks werk inmiddels is. Maar in ieder geval probeert hij met ijzeren geduld en door zo logisch mogelijk na te denken over ieder bouwsteentje in het feest iets te achterhalen van wat voor geloof en wat voor tradities de Arabieren gehad moeten hebben voordat Mohammed langs kwam en alles op zijn kop zette.

De Kroonboekenclub | Gedichten van De Schoolmeester

COLUMN - De Kroonboekenclub is zoals jullie inmiddels weten toch al het frivole hoekje van Sargasso. Hier geen mismoedige klachten over het einde der beschaving vanwege de leugens van extreem rechts of linkjes naar rapporten die minstens tien centimeter dik zijn voor iedere centigraad dat de temperatuur de afgelopen maand boven het gemiddelde lag. Hier lezen we gratis boeken voor ons plezier.

Maar deze week maken we het wel heel bont: we nemen de Gedichten van De Schoolmeester ter digitalen hand.

Wees niet bang, lezers van Sargasso! We hebben hier heus te maken met een baken in onze literaire cultuur. “Nog geen eeuw geleden”, schreef de Amsterdamse hoogleraar Marita Mathijsen nog geen twintig jaar geleden in haar naschrift bij de Gedichten van De Schoolmeester, “leerde men op Nederlandse scholen de gedichten van De Schoolmeester van buiten.” Ook meldde ze dat de verzamelde werken van Gerrit van der Linden, de man die zich nauwelijks verstopte achter het pseudoniem, in het begin van de twintigste eeuw “zelfs cadeau werd gedaan bij repen chocolade.”

Anarchistisch

9207_g_66_1-1Inmiddels hoef je er zelfs geen chocola meer voor te kopen: een internetaansluiting volstaat om de gedichten te downloaden van deze wonderlijke losbol – de man die naar Engeland vluchtte nadat hij in Leiden, waar hij studeerde, torenhoge schulden had gemaakt én bovendien de vrouw van een hoogleraar had bezwangerd. Hij werd in zijn nieuwe vaderland inderdaad schoolmeester en bleef er absurde gedichten schrijven, die zijn vriend Jacob van Lennep na zijn dood zou samenbrengen en publiceren.

Gratis meesterwerk: Sara Burgerhart

RECENSIE - Deze zomer bespreekt Marc van Oostendorp elke donderdag een gratis te downloaden meesterwerk uit de Nederlandse literatuurgeschiedenis. Deze week: ‘Historie van mejuffrouw Sara Burgerhart‘ van Elisabeth Wolff en Agatha Deken, uit 1778.

Met wie breng je liever je tijd door als je negentien bent, geld hebt, net ontsnapt bent aan het huis van je kwezelachtige tante? Met een betrouwbare man die je nooit zal aanraken voordat je degelijk getrouwd bent? Of met een charmante edele man die je de mooiste boeken uitleent en prachtig en vlammend kan vertellen over de meest uiteenlopende onderwerpen.

Sara Burgerhart weet het ook niet precies. In de gelijknamige roman, volgens sommige criteria de eerste in de Nederlandse literatuur, luistert ze beleefd naar alle volwassenen die haar aanraden om met de o zo beschaafde Edeling om te gaan, maar ondertussen voelt ze ook het avontuur met de man die van de auteurs vanaf het begin een initiaal krijgt zodat je weet dat het niet pluis is: R.

Zo’n 220 jaar oud is de roman Sara Burgerhart nu, en het behoort nog steeds tot de levendigste van de Nederlandse letterkunde. In een goede roman zie je een situatie door zoveel mogelijk verschillende ogen; zie je dat iedereen gelijk heeft ook al spreken alle personen elkaar voortdurend tegen. Sara Burgerhart heeft even gelijk dat ze met R. meegaat naar het huis van zijn vriend waar hij haar nog een heel mooie medicinale plant zal laten zien als haar hospita die haar voor R. waarschuwt.

Gratis meesterwerk: Vincent Haman

Deze zomer bespreekt Marc van Oostendorp elke donderdag een gratis te downloaden meesterwerk uit de Nederlandse literatuurgeschiedenis. Deze week: ‘Vincent Haman‘ van Willem Paap, uit 1908.

Er is iets raars met de beste boeken: ze tintelen van leven, ze borrelen van persoonlijkheid, ze bruisen van een wereld die je eigenlijk alleen kunt ervaren buiten de boeken. Terwijl er musici zijn die zich van jongs af aan bijna alleen maar op de muziek toeleggen, en je wonderkinderen hebt onder de beeldend kunstenaars, kan een schrijver alleen schrijven wanneer hij voldoende heeft geleefd.

Althans in de grote wereld, maar volgens Willem Paap niet in Nederland.

In Vincent Haman geeft hij een afschuwwekkend portret van een literair wonderkind. De hoofdpersoon is een jongen die niet kan leren, die zich als kind ernstig misdraagt (op een dag introduceert hij het spel ‘koetje’: een vriendje en hij trekken allebei hun broek uit en gaan op handen en voeten staan. Twee vriendinnetjes mogen melken.)

Maar Vincent komt uit een geslacht van letterkundigen, die stuk voor stuk een carrière hebben gebouwd op het uitpluizen en navertellen van wat buitenlandse schrijvers hebben gezegd, en vervolgens ‘polemieken’ voeren over die buitenlandse schrijvers. Het ene lid van de familie is er een belangrijk schrijver mee geworden, de ander een al even deftige hoogleraar.

Gratis meesterwerk: Een revolverschot

RECENSIE - Deze zomer bespreekt Marc van Oostendorp elke donderdag een gratis te downloaden meesterwerk uit de Nederlandse literatuurgeschiedenis. Deze week: ‘Een revolverschot‘ van Virginie Loveling, uit 1905.

Een van de prettige kanten van lezen: dat je in hoofden kunt kijken waarin nooit iemand kijkt, hoofden waarin het gist en borrelt. Hoofden van een Vlaamse jonge plattelandsvrouw van dertig, Marie Sanders, die altijd voor een ander klaar staat: wie er midden in de nacht een splinter in zijn duim slaat, laat hem er door haar met haar pinnetje uit halen.

Tot er iets in haar knapt.

Ook voor haar tien jaar jongere zusje heeft ze altijd gezorgd. Na de dood van beider ouders leven ze samen, tot er een ramp gebeurt: de vrouw van hun buurman, Luc Hancq (‘mijnheer Luc Hancq’, de muziekleraar van het dorp) komt te overlijden.

Ineens is hun buurman een begerenswaardige vrijgezel.

Marie denkt zeker te weten dat hij wel wat voor haar voelt. Maar gaandeweg krijgt ze in de gaten dat er tussen haar zus en mijnheer Luc Hancq ook iets moois aan het opbloeien is, en misschien zelfs wel iets veel mooiers. En dan gaat het dus gisten in Marie’s hoofd, en het loopt allemaal niet goed af, maar met een revolverschot, zoals de titel al suggereert, en allerlei ellendige nasleep ervan.

Gratis meesterwerk: De stille kracht

RECENSIE - Deze zomer bespreekt Marc van Oostendorp elke donderdag een gratis te downloaden meesterwerk uit de Nederlandse literatuurgeschiedenis. Deze week: ‘De stille kracht‘ van Louis Couperus, uit 1900.

Carola Janssen heeft een mooie, zwoele stem en daarmee leest ze gratis een van de broeierigste verhalen voor die er ooit in het Nederlands werden voorgelezen: De stille kracht van Louis Couperus. (De opname staat hier; de geschreven tekst, ook als epub, hier.)

Carola doet dat voor Librivox, een website waarop vrijwilligers luisterboeken maken van klassieke, rechtenvrije boeken. Die opnamen voegen ze ook zelf toe aan het publieke domein. Download Carola, zet haar op je telefoon, doe je ogen dicht en ga naar ons Indië.

Het is er niet pluis.

Althans, niet voor de Nederlanders, want die zitten daar wel, maar ze horen er niet. Ze begrijpen de lokale bevolking niet, ook al hebben ze de macht over hen en ook al zijn ze verknocht geraakt aan hun eten en aan sommige van hun gewoontes. Ze kunnen niet tegen de volkomen afgelegenheid van de plaatsen waar ze door het koloniale regime gevestigd worden. Ze krijgen het op hun heupen van het klimaat.

Leonie van Oudijck, met name, hoort daar niet. Zij houdt van het leven en van de stad, als vrouw van een resident verveelt ze zich en gaat uit pure balorigheid maar met de zoon uit een vorig huwelijk van haar man naar bed. Waarop de ‘stille kracht’ begint te werken: ze wordt bespogen met een rood goedje als ze in bad gaat, een spiegel breekt, haar man krijgt bedorven whisky. Of dat echt een magische, oriëntaalse kracht is, of alleen maar verzet van de bevolking, blijft in het midden. Uiteindelijk gaat Otto, de man van Leonie, die meent dat hij zo thuis is in Indië, eraan ten onder.

Gratis meesterwerk: De verlatene

RECENSIE - Deze zomer bespreekt Marc van Oostendorp elke donderdag een gratis te downloaden meesterwerk uit de Nederlandse literatuurgeschiedenis. Deze week: ‘De verlatene. Een roman uit het Joodsche leven‘ van Carry van Bruggen, uit 1910.

Het gevoel van verlatenheid is nooit zo krachtig in het Nederlands uitgedrukt als in Carry van Bruggens debuutroman uit 1910. Een arm Joods gezin van rond de eeuwwisseling valt uit elkaar zonder dat iemand er iets aan kan doen. Wie zich na het dichtslaan van het boek niet voor altijd een beetje allener voelt, heeft geen hart.

Het boek begint en eindigt met de beschrijving van een seideravond aan de vooravond van het Pesachfeest. Het eerste feest is nog warm: ondanks het onbegrip van het dorp gaat het gezin Lehren op in het feest waarmee de uittocht uit Egypte gevierd wordt. Aan het eind van het boek doet de vader het gezinsfeest in zijn eentje over tot de dood erop volgt.

De vader is daarmee misschien de verlatene van de titel, maar tegelijk heeft hij zelf misschien juist zijn voer kinderen verlatenen. Zijn God, en vooral: zijn godsdienst, heeft hij nooit vaarwel willen zeggen. Vooral nadat zijn vrouw overleed, trok hij zich juist steeds verder terug in een orthodoxie die voor zijn kinderen, net als voor de rest van zij n dorp, niet meer vol te houden was.

Gratis meesterwerk: Het land van herkomst

RECENSIE - Deze zomer bespreekt Marc van Oostendorp elke donderdag een gratis te downloaden meesterwerk uit de Nederlandse literatuurgeschiedenis. Deze week: ‘Het land van Herkomst’ van E. du Perron, uit 1935.

Wie ben ik? Hoe kan ik dat uitzoeken? Moet ik niet op zijn minst een beetje rust hebben om daarover na te denken? Rust in mijn privé-leven, rust in mijn omgeving, rust in mijzelf?

Nee! Wie gaat wachten tot de omstandigheden ideaal zijn, komt nooit toe aan een beetje nadenken over zichzelf. Dat moet E. du Perron gedacht hebben toen hij in de vroege jaren 1930 aan Het land van herkomst begon. Hij had net een nieuwe liefde. Zijn moeder was onverwacht overleden en bleek vooral ellende te hebben nagelaten. De nazis rukten op in Europa. Du Perron besloot in zijn jeugd te gaan graven.

Hij besloot alle onrust ook in dat boek op te nemen. In de roman – de hoofdpersoon heet Arthur Ducroo, maar er is vermoedelijk nog nooit ook maar één lezer geweest die dacht dat dit iemand anders was dan Du Perron – vertelt de schrijver twee dingen tegelijk: over de jeugdjaren van Ducroo, die zich vooral in Nederlands Indië afspeelden, en over zijn heden waarin hij probeert de nalatenschap van zijn moeder geregeld te krijgen, verslag doet van het opkomend nationaal-socialisme en het communisme, en allerlei gesprekken voert met vrienden – over de liefde, over de politiek en zelfs ook over het boek Het land van herkomst.

Foto: Reinier Sierag (cc)

Gratis meesterwerk: Het huis Lauernesse

RECENSIE - Deze zomer bespreekt Marc van Oostendorp elke donderdag een gratis te downloaden meesterwerk uit de Nederlandse geschiedenis. Deze week: ‘Het huis Lauernesse‘ van A.L.G. Bosboom-Toussaint, uit 1840.

Een moeder ging niet lekker dood, aan het begin van de zestiende eeuw. De reformatie kwam over Nederland beuken en scheurde gezinnen uit elkaar. De een raakte er door Luther van overtuigd dat de kerk terug moest naar de wortels, de ander dacht dat de enige hoop voor de mensheid lag in een strenger katholicisme. En de verbitterde ruzies die dat opleverde werden tot aan het bed van moeder met fysiek geweld uitgevochten.

Lees toch allemaal Het huis Lauernesse van de schrijfster A.L.G. (‘Truitje’) Bosboom-Toussaint! Het beschrijft hoe verwarrend en angstaanjagend die reformatie was, hoe moeilijk het was voor allebei de partijen – van de Utrechtse vrouw die stiekem een katholieke priester ontving omdat haar bekeerde man het niet mocht weten, tot en met haar zus die moest toezien hoe haar man, Jan de Bakker, op de brandstapel werd gegooid vanwege Luthersanisme. Het doet wat de mooiste romans doen: het laat je alle kanten van het verhaal zien en werkt vooral daarom zo hartverscheurend. Een goede romanschrijver begrijpt iedereen, hoe oneens ze het ook met elkaar zijn.

Foto: Henk-Jan van der Klis (cc)

Gratis meesterwerk: Kamertjeszonde

RECENSIE - Deze zomer bespreekt Marc van Oostendorp elke donderdag een gratis te verkrijgen klassieker uit de Nederlandse geschiedenis. Deze week: ‘Kamertjeszonde’ van Herman Heijermans, uit 1894.

Zaten mensen in Amsterdam aan het eind van de negentiende eeuw weleens scheef op de plee? Bepeuterden zij de knoopjes van hun gulp? Krabden ze soms in gezelschap aan hun kont?

Wel in het Amsterdam van Herman Heijermans’ roman Kamertjeszonde (1894). Ja, Heijermans! Anno 2013 kennen mensen nog maar één zin van hem – De vis wordt duur betaald, uit zijn toneelstuk Op hoop van zegen. Onbegrijpelijk: lees één bladzijde van die man en hij grijpt je bij je kraag en sleurt je zonder pardon Amsterdam binnen. Een bedompt,smerig, benauwd, armoedig, benepen, bang Amsterdam van het eind van de negentiende eeuw. Download het boek en treed een wereld binnen die dichtbij is en tegelijkertijd totaal anders.

Kamertjeszonde vertelt het verhaal van een schrijver, Alfred Spier, die, net als  zijn vrienden, op een armoedig kamertje in Amsterdam woont en gaat samenwonen met een getrouwde vrouw: Georgine, een actrice van wie de man al jaren in Amerika zit. Al dat gezanik over moraal en goede zeden, daar moeten Alfred en Georgine niets van weten. Het gaat om de echte hartstochtelijke liefde – wie maalt er dan om alle roddels en tegenwerking?

Foto: boris drenec (cc)

Gratis meesterwerk: Een nagelaten bekentenis

RECENSIE - Deze zomer bespreekt Marc van Oostendorp elke donderdag een gratis te verkrijgen klassieker uit de Nederlandse geschiedenis. Te beginnen met ‘Een nagelaten bekentenis’ van Marcellus Emants, uit 1894.

Hoe moet je toch leven? Hoe moet je in vredesnaam leven, hier in onze polder, waar het zo vol mensen is? De anderen lijken het allemaal precies te weten, van het leven te genieten en te begrijpen hoe het allemaal verder moet. Hoe doen ze dat toch? Hoe kiezen ze uit de oneindige mogelijkheden die de wereld biedt? De moed erin houden of chagrijnig zijn? Opeens meer op je werk verschijnen of  iedere ochtend vroeg opstaan? Je vrouw vermoorden of het toch nog eens proberen?

Wat de zelfhulpboeken en de godsdienstige leiders ook beweren: er zijn geen regels. Je kunt op zijn best wat leren uit voorbeelden, uit eindeloze voorbeelden, door goed en nauwkeurig te kijken hoe anderen het doen, wat er maalt en omgaat in hún hoofden, hoe zij reageren op alles wat er gebeurt. Je enige hoop om wat te leren is, kortom, gelegen in het lezen van mooie boeken.

Overwoekerd

Een woeste kreet uit 1894 bijvoorbeeld, een verzameling woorden waaruit zonder dat je het kan helpen ineens een man voor je opstaat, Willem Termeer. Een aangenaam mens is hij bepaald niet, integendeel: verwend, kleinzerig, opgeblazen, verwaand, achterdochtig, egocentrisch, narcistisch. Net zo iemand, kortom, als jij en ik. Een man die van allerlei plannen heeft, maar er uit pure lamlendigheid niet toe komt, die ieder menselijk contact zoveel mogelijk vermijdt tot op het eind als hij eindelijk eens iets doet met een medemens. Hij vergiftigt zijn vrouw.