Mest en stront

ACHTERGROND - Even een vies praatje over mest en stront. We hebben het over hondenstront, kattenstront en varkensstront. Maar we hebben het over paardenmest, kamelenmest, kippenmest, koeienmest en olifantenmest.

In een gesprek zaterdag attendeerde iemand erop dat stront smeriger ruikt en dat dit komt doordat het gaat om vleeseters. De uitwerpselen van planteneters zijn niet werkelijk welriekend maar een stuk beter te verdragen.

We zochten naar voorbeelden en tegenvoorbeelden. Het varken lijkt in beide categorieën te vallen, hij produceert mest en stront, maar dat is dan ook een omnivoor. We hebben niet te lang naar voorbeelden gezocht want we gingen aan tafel. Ondertussen ligt de vraag er: maken we in ons taalgebruik een op geur gebaseerd onderscheid tussen vleeseters en planteneters? (Het verwarwoordenboek biedt geen uitkomst.)

Bonusvraag: is het inderdaad plantenetersmest die, eenmaal gedroogd, het beste brandt?

  1. 1

    En nu zit ik met een scene in mijn hoofd uit een (waarschijnlijk Franse) absurdistische of surrealistische film, jaren zestig of zeventig, waar een gezelschap -gezeten op ‘porseleinen tronen’- tafelt en de excreties looft terwijl zo nu en dan iemand zich met enige gêne stilletjes terugtrekt teneinde in een kleinste kamertje wat bij te schransen.

    Iets meer bij de les: Ooit was poepboek.nl online, alwaar de vraag faunabezoek de tuin nu weer had opgesierd kon worden ontraadseld. Dat moet tegenwoordig weer heel ouderwets met drukwerk worden gerechercheerd.

  2. 4

    Het is winter en bitter koud. Een vogeltje is er zo erbarmelijk aan toe, dat hij geen fluittoontje meer kan voortbrengen. Een IJsbeer die het vogeltje ziet bibberen, krijgt zo’n medelijden, dat hij het vogeltje oppakt en midden in zijn stront zet. Het ruikt niet erg lekker, maar het vogeltje wordt weer warm en begint te zingen.

    Even later komt er een vos voorbij, die het vogeltje hoort fluiten. Hij bedenkt zich geen moment en vreet het dier met huid en veren op. Wat is de moraal van dit verhaal?

    Als iemand ervoor zorgt dat je in de stront komt te zitten, is dat niet altijd omdat hij slechte bedoelingen heeft.
    Als iemand je uit de stront haalt, wil dat niet altijd zeggen dat hij goede bedoelingen heeft.
    Als je in de stront zit, kun je beter je mond houden.

    -ouwe mop-