Hun gebruiken expres een rare spelling op Twitter
COLUMN - Vorige week vierde Dany Jaspers zijn zestigste verjaardag. Jaspers is een van de erudietste, een van de slimste én een van de aardigste taalkundigen van het Nederlandse taalgebied. Het is dus volkomen terecht dat zijn collega’s een Festsite voor hem hebben gemaakt. Hoe aardig en hoe erudiet hij is blijkt al uit de enorme diversiteit aan geleerden die hebben bijgedragen: van de letterkundige Elke Brems tot en met de semanticus Pieter Seuren; van de syntacticus Noam Chomsky tot en met de dialectoloog Jan Goossens.
Een mooie bijdrage aan de site komt van de Nijmeegse sociolinguïst Stefan Grondelaers, en gaat over het maatschappelijk meest controversiële van alle taalkundige onderwerpen, de Zwarte Piet van de Nederlandse taal: hun als onderwerp: “Als je zo speelt, krijgen hun natuurlijk altijd kansen.”
In Vlaanderen komt het niet voor, maar in Nederland is het al in 1911 voor het eerst geobserveerd en ondanks de redeloze woede die het in sommige kringen oproept, wordt het steeds meer gebruikt.
We weten dat hun vooral gebruikt wordt om een contrast aan te duiden (‘wij hebben het beste met de wereld voor, maar hun maken alles weer kapot’) en – mogelijkerwijs – dat het vaker gebruikt wordt voor mensen dan voor levenloze objecten: “hun liggen op bed” verwijst eerder naar de buren dan naar de jassen van de buren. Grondelaers merkt overigens op dat voor dat menselijke eigenlijk nog niet zoveel bewijs bestaat, en dat het ook niet makkelijk te isoleren is van de eerste factor: als twee groepen tegenover elkaar worden gezet (wij – hun), bestaan die groepen vaak uit mensen.
Wat is een taal? Is het vooral een woordenboek en een grammatica – iets dat je kunt opsluiten in een bandje? Of is het vooral iets dat behoort tot een taalgemeenschap? En wie kan het ’t best voor het zeggen hebben in een taal? Het ongeorganiseerde zootje sprekers van die taal, of liever taalwetenschappers en andere deskundigen?
In Amerika ligt dat anders. Een zeer groot deel van de zwarte bevolking – zeker van dat deel van de bevolking dat afstamt van slaven – spreekt een eigen Engels. In zijn nieuwe boek Talking Back, Talking Black noemt de Amerikaanse taalkundige
Het begon allemaal in Baghdad, zegt Al-Khalili, met de zogeheten Vertaalbeweging, die stimuleerde dat allerlei werken uit bijvoorbeeld de Indische en vooral de Griekse tradities in het Arabisch werden vertaald. De bedoeling daarvan was in eerste instantie puur praktisch: men was vooral geïnteresseerd in technieken om de leefomstandigheden te verbeteren. Ook bijvoorbeeld de astrologie werd daar echter onder geschaard, want daarmee kon je immers je beleidsplannen op een betere theoretische en empirische basis laten rusten.