Sinds 1993 vieren we op initiatief van de Verenigde Naties op 3 mei de Dag van de Persvrijheid. De VN reageerde op een oproep uit Afrika, de Windhoek Declaration, voor een onafhankelijke en pluriforme pers. Sindsdien is er elk jaar rond deze tijd wel aandacht voor de persvrijheid in de wereld. Met helaas veel slecht nieuws, zeker de afgelopen jaren. Deze week publiceerde een Tsjechisch onderzoeksinstituut de resultaten van een opinieonderzoek naar de persvrijheid in Polen, Hongarije, Slowakije en Tsjechië. Het onderzoek werd vlak voor de invasie van Rusland in Oekraïne gehouden. Bijna de helft van de respndenten in Hongarije, Slowakije en Tsjechië maakt zich zorgen over de afnemende persvrijheid, in Polen is dat zelfs meer dan 60%.
Politisering van de persvrijheid
Het onderzoek laat verder zien dat mensen die online nieuws volgen meer belang hechten aan onafhankelijke media, dat jongeren minder bezorgd zijn dan ouderen en dat het onderwerp persvrijheid zwaar gepolitiseerd is. Als we naar de politieke voorkeuren kijken zien we met name in Polen en Hongarije een groot verschil in waardering voor de onafhankelijkheid van de pers is tussen aanhangers van de zittende macht, de PiS in Polen en Fidesz in Hongarije, en de oppositie in die landen. Persvrijheid, een vanouds onomstreden kenmerk van een liberale democratie, lijkt niet meer bij alle partijen op steun te kunnen rekenen. In Hongarije vindt 89% van de respondenten die bij de verkiezingen van begin deze maand voor de kandidaat van de oppositie stemden persvrijheid ‘absoluut belangrijk’ tegenover 34% van degenen die stemden voor Fidesz, de partij die in Hongarije een belangrijk deel van de media controleert.