Een ‘spionerend’ Kamerlid – en dan?
ANALYSE - van Rowin Jansen
Onlangs vond in de Duitse Bondsdag een fel debat plaats over de relatie tussen Rusland en Alternative für Deutschland (AfD). Eerder had de Duitse geheime dienst de AfD al bestempeld als rechtsextremistisch. Nu klonk van verschillende kanten het vermoeden dat leden van de AfD-fractie handelden in opdracht van Rusland. Harde verwijten als “landverraad”, “useful idiots” en “het Trojaanse paard van het Kremlin” vielen. De kwestie was aan het rollen gekomen door de deelstaatminister van Binnenlandse Zaken in Thüringen, die AfD’ers openlijk verdacht van spionagepraktijken. De AfD-parlementariërs stelden hem namelijk steeds heel specifieke vragen over gevoelige veiligheidsthema’s. “Het wekt de indruk dat de AfD een Kremlin-bestellijst afwerkt’, aldus de deelstaatminister. [1]
Deze kwestie staat niet op zichzelf. In 2023 bleek dat het Belgische parlementslid van Vlaams Belang Frank Creyleman als informant had opgetreden van de Chinese geheime dienst. Een jaar later stelden journalisten dat diens partijgenoot Filip Dewinter hetzelfde zou hebben gedaan en klonken er beschuldigingen aan het adres van een AfD’er wegens het aannemen van Russisch geld. Tsjechische inlichtingenbronnen onthulden indertijd dat politici uit Duitsland, Frankrijk, Polen, België en Hongarije geld ontvingen uit Moskou. Ook enkele Nederlandse politici van Forum voor Democratie (FVD) en Partij voor de Vrijheid (PVV) zouden zijn betaald voor pro-Russische propaganda, zo is in de media wel gesuggereerd. [2] Weer wat later bleek er binnen het Europees parlement te zijn gespioneerd voor onder meer China, Rusland, Hongarije en Qatar. Deze problematiek speelt bovendien niet alleen in Europa. Ook in Australië en Nieuw-Zeeland kwamen recent verschillende spionagezaken in het nieuws, waaronder een ‘agressief’, vanuit het buitenland aangestuurd, spionnennetwerk dat onder de codenaam ‘A-team’ opereerde onder parlementariërs.[3]