Die prachtige Nederlandse muziektraditie

COLUMN - Lijstjes, overzichten, ik laat het dit jaar maar aan me voorbijgaan. Maar de grappigste ontdekking die ik in 2013 gedaan heb, wil ik u op de valreep niet onthouden.

Kent u Willy Alberti nog?

Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog maakte hij zijn eerste plaat onder de naam “Willy Alberti Tenore Napolitano”

stelt Wikipedia. Carel ‘Alberti’ Verbrugge was een van de vele Amsterdamse volkszangers die leentjebuur speelde bij de Napolitaanse zangtraditie, en de effecten daarvan zijn tot op de dag van vandaag hoorbaar in het volkse segment van de vaderlandse muziekindustrie.

Wat karakteriseert nu de volksmuziek uit Napels en Nederland? Luister eens naarMaruzzella van de grote Napolitaanse artiest Renato Carosone, bekend van Tu Vuo’ Fa’ Americano (Als You Wanna Be Americano gezongen door onder andere Sofia Loren en Louis Bega). Anders dan in zijn internationaal bekende werk raakte Carosone met Maruzzella aan de ziel van de Napolitaanse muziek.

Luister vervolgens eens naar Innamorarsi van Mauro Nardi, een contemporaine Napolitaanse volkszanger van tweede garnituur die geen nationale bekendheid geniet. Het is behoorlijk slechte, kitscherige synthesizerdreutel voor bruiloften en partijen, maar de Napolitaanse stijl is onmiskenbaar. En niet alleen dankzij het zware en voor mij onverstaanbare dialect.

Het zijn de stembuigingen die het maken. Nardi maakt van het woord innamorarsi (verliefd worden) een achtlettergrepige sierkrul, uitgesmeerd over een hele octaaf. Carosone is wat minder uitbundig met de versieringen – hij is dan ook een veel groter artiest dan Nardi – maar ook hij geeft hier en daar zo’n larmoyant jengeltje weg wat de sfeer bepaalt.

Precies zulke kleine stembuiginkjes, die zangtechnisch overigens helemaal niet makkelijk zijn, karakteriseren sinds de hoogtijdagen van Alberti de Nederlandse volksmuziek. Aan een paar noten van Een trein naar niemandsland van Frans Bauer hebben we (gelukkig) genoeg om te horen wat ik bedoel.

En waar komen die stembuigingen nu vandaan? De muzikaal onderlegde lezer zal het aan Maruzzella met zijn trage ritme al wel gehoord hebben. Het is waarschijnlijk de erfenis van de islamitische geschiedenis van Zuid-Italië. Ze zijn een kenmerk van Arabische traditionele muziek, zoals bijvoorbeeld Ya Tair van de Libanese zangeres Fairouz – maar je hoort het vooral ook in de oproep tot gebed.

En hiermee wens ik alle patriotten fijne kerstdagen toe, met hun Turkse tulpen, hun windmolens uit het Midden-Oosten en hun Arabisch-Nederlandse muziek. Dat u maar temidden van uw naasten in feeststemming de geboorte van een Joodse Palestijn mag herdenken die voor islamieten een belangrijke profeet is.

  1. 1

    En waar komen die stembuigingen nu vandaan?

    Ik denk dat je doelt op de Grace Notes. De snikken in de stem zijn de typisch Napolitaanse truukjes wat mij betreft.

    Of de grace notes daadwerkelijk van islamitische oorsprong zijn waag ik overigens wel te betwijfelen. In alle soorten muziek komen ze voor – let speciaal bv op doedelzak- en sitarmuziek – maar ook in de klassieke muziek – coloratuursopranen, Chopin – komt het veel voor.

    Muziekhistorisch is het me niet geheel duidelijk maar in de Keltische volksmuziek (Ierland, Bretagne, Noord-Spanje) komt de grace note obstinaat voor en zonder bestaat die muziek eigenlijk niet. Ik zou dus gokken op een Keltische herkomst maar als er Chinese en Indische invloeden van 10.000 jaar geleden te traceren zouden zijn zou het me ook niet verbazen. Er is vast wel ooit eens iets over geschreven. Islamitische of Arabische muziek zou best dezelfde oorsprong kunnen hebben.

    Overigens is bij het luisteren naar muziek het onderscheiden van de hoofdlijn en de versieringen altijd – voor mij – een primaire aangelegenheid om te horen en te begrijpen wat er gebeurt. Eerst de versieringen wegdrukken en dan de verschillende lagen weer aanbrengen. Het is een analytisch gebeuren. Een van de meest boeiende kunstvormen die er bestaan. Zelfs bij dit soort liedjes, al vind ik b.v. de Portugese Fado veel boeiender.

    Rest mij te zeggen dat het Napolitaanse volkslied mij helaas niet erg veel van dit soort analytische schoonheid biedt en zeker Bauer krijg ik niet weg. Neemt niet weg dat ik dit een leuk logje vind, een soort Kunst met Kerstmis… Dank!

  2. 3

    @1: Die ‘grace notes’, ofwel versieringen, worden qua oorsprong ook toegeschreven aan Jiddische muziek en hoor je in klezmermuziek.

    In literatuur vind je geen beschrijving van een eenduidige oorsprong. In de klassieke muziek verwijst men vooral naar de barok. In lichte muziek verschillen de verwijzingen naar de oorsprong. Overeenkomst is: daar waar geïmproviseerd wordt, vind kwistig gebruik van ‘grace notes’.

    Overigens: als we ‘grace notes’ willen duiden in het licht van dit artikel dan is jodelen ook terug te voeren op Arabische muziek ;-)

  3. 4

    ” effecten daarvan zijn tot op de dag van vandaag hoorbaar in het volkse segment van de vaderlandse muziekindustrie. ”

    Is mijn idee juist dat degene die dit schrijft alleen gradueel verschilt van de elders hier verguisde Zweedse neonazi’s ?

  4. 5

    @3:
    …worden qua oorsprong ook toegeschreven aan Jiddische muziek en hoor je in klezmermuziek.

    Maar dan moeten we het gaan hebben over de oorsprong van het volk. Dat is een riskante bezigheid [hier].
    Het lijkt me uitgesloten dat – gegeven de zwerverskarakteristiek van het oude Joodse volk – dat zij het alleenrecht op de oorsprong van muzikale versieringen hebben. Invloeden… ah, invloeden ;)

    …dan is jodelen ook terug te voeren op Arabische muziek ;-)

    LOL.
    We refereren hier aan het zo populaire beleg van Wenen?

  5. 6

    Nardi maakt van het woord innamorarsi een achtlettergrepige sierkrul, uitgesmeerd over een hele octaaf.
    Hij brengt een kort melisma aan op de tweede a. Het octaaf is hier een sprong naar boven gevolgd door een trapsgewijze daling naar beneden. Dit kennen we ook van het ambrosiaans, de voorloper van het gregoriaans. Dit alles verschilt sterk van wat Bauer doet. Die voegt snikjes toe op elke consonant die daar lang genoeg voor duurt maar bovendien is zijn melodie sequentieel stijgend. Dat is meer Duits dan Italiaans.

  6. 7

    Natuurlijk is de insteek van de schrijver (Rob van K.) me niet ontgaan. Hij is helemaal niet geïnteresseerd in muziek maar wil liefhebbers van Hazes/Bauer/e.d. afschilderen als PVV’ers en neo-nazi’s. Het doel heiligt de middelen.

  7. 9

    @6:

    Dit alles verschilt sterk van wat Bauer doet. Die voegt snikjes toe op elke consonant die daar lang genoeg voor duurt

    Mogelijk omdat hij niet in staat is om een toon lang vast te houden. Ik ken zijn werk niet goed maar het is een trucje dat wel meer zangers toepassen om onder de lange tonen uit te komen.

    De melismes waar je het over hebt komen natuurlijk in heel veel soorten vocale muziek voor. Savina Yannatou is een voorbeeld van een dame die virtuoos goed is in deze vorm van expressie. En zij kan wèl een toon vasthouden, voor de goede orde.

    Hoor: Nani nani.

  8. 10

    @7: Wat @8 zegt. Het artikel zegt op zijn hoogst – door de invloed van de islam er bij te betrekken – dat multi-culti veel ouder is dan de meesten denken. Volgens mij zelfs nog ouder (zie #1). En ook dat multi-culti eigenlijk een heel mooi ding is waar iedereen, zelfs die verguisde volkszangers, gebruik van maken. Zonder multi-culti zou het leven saai zijn, zonder inspiratie en zonder versieringen. En eigenlijk zeg je het zelf ook in #6 : zonder multi-culti geen mooie volkszangerij (invloed meer Duits dan Italiaans)

  9. 11

    #8 Wat je daar schrijft staat namelijk niet in het artikel.

    O nee? En hiermee wens ik alle patriotten fijne kerstdagen toe, met hun Turkse tulpen, enzovoort. Het linkje achter patriotten verwijst naar een tweet van Wilders. Daarmee koppelt de schrijver de ‘volkszangers’ aan zowel buitenlandse invloeden én aan Wilders. De bedoeling daarvan kun je moeilijk misverstaan.

    @10 Waar ontken ik de invloed van verschillende culturen op elkaar? Jouw voorbeeld is overigens slecht waar het verschil tussen de Duitse en Nederlandse cultuur is niet groot genoeg om van ‘multi-culti’ te kunnen spreken. De term multi-culti is hier ook ongelukkig omdat die altijd afwijzend en negatief is bedoeld. Deel mij alsjeblieft niet in bij de ‘multi-culti’-schreeuwers.

    Het voorbeeld van de schrijver is trouwens ook slecht omdat op geen enkele manier een invloed van de islamitische overheersing van Sicilië op de manier van zingen valt aan te tonen, het is pure speculatie. Invloeden op de bouwstijlen en schilderkunst waren er wel. Muzikale invloeden kwamen van nieuwe instrumenten zoals de Ud (el ud = lute = luit) en percussie. Maar van zang weten we niets.

    Daarbij is Sicilië beslist niet als heel Zuid-Italië te zien. In de rest van Zuid-Italië was de Griekse en Byzantijnse invloed veel langduriger en (qua oppervlakte) groter dan de islamitische. En dan is het ook nog eens onzinnig om te spreken van één islamitische cultuur. De veroveraars kwamen van Syrië tot Marokko. Scheer nou niet iedereen over een kam.

  10. 12

    @11: Soms, @kalief, ga je een kant op waar ik je niet wens te volgen. Te letterlijk, te serieus. Ik zal het zelf wel wezen maar ik stop hier.