De Honderdjarige Oorlog , Jeanne d’Arc

600 jaar geleden werd Jeanne d’Arc geboren. De dag werd in Frankrijk groot herdacht. Ze speelde een cruciale en bijna onbegrijpelijke rol in de afloop van de honderdjarige oorlog. Een oorlog die we in Nederland bijna negeren – in ieder geval op de scholen – maar die het Europa zoals we het nu kennen sterk mede heeft gevormd. Het onderstaande stuk is een fragment uit “Niet naar Santiago en weer terug” van gastredacteur Hans Rottier. Waarheid is betrekkelijk. Zo ook in dit fragment.

De Honderdjarige Oorlog is ingewikkeld. Een van de meest inge­wikkelde periodes in de ontwikke­ling van Europa. Waar je begint is arbitrair. Ik kies voor Hugo Capet die in 987 het ko­ningschap krijgt van de feodale heersers in Frankrijk. De vor­ming van de Duitse eenheid is kinderspel verge­leken bij deze periode.

Als de Karolingers in 987 definitief hun macht afstaan aan Hugo Capet, is er nog al­lesbehalve een eenduidige staat. Hij is een gekozen koning tussen een hoeveelheid vazallen die meestal meer be­zit hebben dan hij. In een dispuut met Adelbert du Péri­gord wil hij dat die een beleg van Tours opheft. Adelbert wei­gert, waarop Hugo hem zegt dat de graven koninklijke die­naren zijn. Adelbert antwoordt dat het wel de her­togen en graven zijn die hem in het zadel hebben geholpen (Qui t’a fait comte?; Qui t’a fait roi?). De Capets moeten zeer rustig en voorzichtig te werk gaan willen ze iets van hun koningschap maken. Ze zijn zeer voorzichtig. Bijna onzichtbaar, stukje bij beetje ver­groten ze met behulp van de Kerk en slimme huwe­lijken hun invloed en gebied. Ze houden zich buiten de investi­tuurstrijd en hebben ook niets van doen met de inval in Enge­land van een van hun vazallen, Willem de Verove­raar.

Er bestonden al veel langer goede verbindingen tussen de En­gelse koningen, ex-Noormannen en de hertogen van Norman­dië en in 1002 trouwt de zuster van de hertog van Normandië – Emma – met Ethel­red II. Daarmee ontstaat een relatie tussen beide gebie­den en de zoon van Emma, Eduard de biechtvader, wordt in 1042 koning van Engeland. Hij belooft Engeland in 1051 aan zijn neef Willem van Normandië. Als Eduard dan in 1066 overlijdt wil Wil­lem zijn bezit claimen. Harold II, een zwa­ger van Eduard, en diens broer claimen echter ook het koning­schap van Enge­land. Willem neemt zeer snel actie, steekt het Kanaal over recht naar het noorden en komt bij Hastings Ha­rold II tegen in een veldslag die niet zo groot is geweest, maar die be­hoorlijke gevolgen voor Frankrijk, Enge­land en eigenlijk Europa als geheel zal heb­ben. Harold wordt verslagen en ge­dood. Willem is de Veroveraar, ko­ning van Enge­land én hertog van Normandië. Als we wat in­terne onaardigheden in het huis van Willem de Veroveraar ach­terwege laten, zien we in 1100 Henry I, zoon van Willem, op de troon van Engeland. Zijn dochter Mathilde is erf­genaam, want zijn zoon is om­gekomen bij een schipbreuk. Zij trouwt met Geoffrey Planta­genet en hun zoon is Henry II Planta­genet (1133–1189). Die naam moet je onthouden.

De Engelse koning heeft nog steeds bezittingen in Frankrijk en is nog steeds vazal van de Franse koning Lodewijk VI. Lodewijk VI heeft met succes het koningschap op een wat hoger plan gezet en kan geen insubordinatie gebruiken. Henry I bezet het fort van Gisors en weigert feodale eer te betonen aan de Franse koning. Daarop vol­gen de eerste schermutselingen die zullen ontaarden in de Honderdjarige Oorlog. De Guerre de Gisors. In 1120 moe­ten beide feodale heren van de paus vrede sluiten. De Kerk wil geen ‘christelijke oorlogen’ meer en de kruistochten zijn net begonnen. Het is het eerste verdrag in een lange reeks. Relaties, huwelijken, erfelijk bezit van land en bo­venal de wei­gering om de Franse ko­ning te aanvaarden als meerdere. Op dit mo­ment gaat het feite­lijk alleen nog om het hertogdom van Normandië.

Lodewijk VI sterft in 1137 en zijn zoon Lodewijk VII (1120–1180) neemt het over. Hij trouwt in 1137 met Aliénor[1], erfge­name van Aquitanië[2]. Zij is dan vijftien jaar. Dat gaat voorlo­pig goed en ze krijgen twee kinderen die verder geen rol van bete­kenis meer spelen. Het tweede kind is mis­schien niet van Lode­wijk. In 1146 moet Lodewijk VII op kruistocht. Het was mode, er wordt druk vanuit de Kerk uitgeoefend, het was zijn religieuze plicht: iets dergelijks moet het geweest zijn. Hij gaat en Aliénor gaat mee.

Maar Aliénor is gegroeid en is dan vierentwintig jaar. Vrijge­voch­ten? Geforceerd? Hoe het ook zij, in Antiochië is zij blijk­baar te intiem met haar oom Raymond de Poitiers. En er is ruzie over de te volgen strategie. Lodewijk is jaloers en niet blij. Hij laat het huwelijk ontbinden, waarschijnlijk op beider initiatief. Het for­mele ar­gument is dat ze familie zijn in de 4e graad (volgens het cano­niek recht). Dat is een grote fout van Lodewijk en ei­genlijk ook niet te begrijpen. Is het trots? Is het druk van de Kerk? Is Aliénor gewoon een kreng en ging ze te ver? Hoe dan ook, Aliénor neemt haar bruidsschat mee en vertrekt. Aquitanië, dat zo ele­gant deel van Frankrijk leek te worden, bungelt vrij in het feodale wereldje voor ieder dieAlié­nor kan en wil trou­wen. Dat laat Henry II Plan­tagenet zich geen twee keer zeggen. Het huwelijk met Lodewijk is in 1152 ont­bonden en in hetzelfde jaar trouwt zij met Henry II Plantage­net, de latere koning van En­geland en verbindt Aquitanië op deze wijze aan Engeland. Ze krijgen acht kinderen. Goed gere­geld. Berekend? Neemt ze wraak[3]?

Nu is een groot deel van Frankrijk in Engels koninklijk bezit.

De Honderdjarige Oorlog is nu niet meer te voorkomen met slimme huwelijken en een vazallen buiging.

De koning van Engeland buigt niet voor de koning van Frank­rijk.

De eerste Honderdjarige Oorlog begint kort na de troonsbestij­ging van Henry II in 1154. In 1159 be­gint een strijd tussen de ver­schillende koningen van Engeland en Frankrijk die in 1259 wordt be­slecht met het verdrag van Parijs. Lodewijk IX (Saint-Louis) liquideert het conflict en brengt over het geheel rust in het ko­ninkrijk. De op­lossing voor het moment is dat Aquitanië een En­gels graaf­schap wordt, waarvan de graaf vazal van de koning van Frankrijk is. Het geeft rust tot 1337. Deze eerste Hon­derd­jarige Oorlog is een conflict tussen koningen dat wordt uitgevoerd met legers. Het volk heeft er natuurlijk wel last van, maar het valt allemaal mee. De schaal is beperkt. Op last van de paus.

Alleen in 1294 gaat Philips de Schone Eduard I nog te lijf in drie campagnes en lijft Aquitanië in. Het zijn ruzies om visgronden tussen vissers uitNormandië en vissers uit Bayonne en uit La Ro­chelle. In 1299 wordt met het verdrag van Montreuil alles weer teruggegeven en de Engelse ko­ning Eduard bevestigt dat hij vazal van de Franse koning is. Alles is weer rustig.

Waarom blijft het zo relatief rustig na 1066 en vooral na 1152?

De Kerk had de kruistochten georganiseerd en een van de doe­len was om de interne ‘christelijke oorlogen’ te verhinderen en de ogen op de ongelovigen, de islam, te richten. Of omge­keerd: de ogen op de islam te richten om vrede in Europa te bren­gen. In 1272 is de laatste kruistocht afge­lopen en de ogen rich­ten zich weer he­lemaal naar binnen. In die periode tot 1300 zijn er nogal wat verdragen die door de Kerk worden afge­dwongen. De Kerk had macht. Macht gebaseerd op de preek­stoel, landbezit en bo­venal toch echt ook het geloof. Geloof in God en het hier­namaals. Dat je de Kerk te vriend moest hou­den, anders zou je branden in de hel.

Als in 1298 en 1303 de Tempeliers de laatste aanvallen op de islamitische gebieden in het Midden-Oosten hebben onderno­men komen ze met z’n allen terug naar Europa. Ze hebben een groot fort in Parijs. Daar waar de koning woont. Philips de Schone gaat de Tempeliers te lijf. De redenen zijn duister, maar ik sluit niet uit, dat hij zich gewoon bedreigd voelde door dat onafhan­kelijke leger van de paus ineens dicht bij zijn bed. Daarnaast was het duidelijk dat hij een krachtmeting met de paus uit te vechten had. Wie is de baas in Frankrijk? En, niet onbelangrijk, Philips had geld no­dig. Als de grootmeester van de Tempeliers Jacques de Molay terug is in Parijs, wordt op vrijdag 13 oktober 1307 een zeer ge­coördineerde inval gedaan bij alle tempelier­verblijven en bezittin­gen door heel Frankrijk. Alle Tempeliers worden gearres­teerd. Het proces duurt tot 1314. Op het conci­lie van 1311, voor de gele­genheid bij elkaar onder druk van Philips de Schone, wordt de orde ont­bon­den, maar niet veroordeeld zoals Philips wil. Zij die hun dwaalweg bekennen komen vrij. Zij die dat niet doen gaan op de brand­stapel. Jacques Molay als laatste in 1314. Het is een lange strijd tussen Kerk en staat. Tussen paus en koning eigenlijk. De koning wint deze keer. De Kerk heeft de kruis­tochten verloren en duidelijk minder macht. Het geloof heeft een deuk opgelo­pen. Er gaan geen koningen en andere adel meer naar het Midden-Oos­ten. Alle energie kan weer op oorlogen in het eigen gebied worden gericht. Engeland – Frankrijk dus.

De vlam gaat in de pan als Edward III in 1337 maar weer eens weigert de Franse koning te erken­nen. In 1338 verbinden de Vla­mingen zich met de Engelsen en in 1340 neemt Edward III de titel Koning van Frankrijk aan. De Franse vloot wordt bij Brugge ver­nietigd en in 1346 worden ze bijCrécy in de pan gehakt. Calais capituleert in 1347. Het gaat niet goed met Frankrijk. In 1347 wordt er dan vrede gesloten die wat uitloopt tot 1355 van­wege de pest. Ondanks die rampzalige ziekte, die ongeveer 30% van de bevolking neemt, gaat de oorlog daarna gewoon door. De Engel­sen plunderen het Franse land d.m.v. kortdurende roof­tochten. De zwarte ridder verhalen komen uit deze periode.

Het gaat verder. In 1356 worden de Fransen bij Poitiers in de pan gehakt en in 1358 wordt de dauphin vermoord. Du Gues­clin is een Frans militair die dan eindelijk wat terug weet te doen. Vechtend trekt hij 21 jaar, tot 1380, door Frankrijk en jaagt de Engelsen uit een groot deel vanZuidwest-Frankrijk in 1369/1370.

Richard II en Karel VI proberen het diplomatiek. Richard II krijgt zelfs in 1396 de dochter van Karel als vrouw. Ze is dan vijf jaar. Het mag niet baten en Henry IV gaat er weer vol in. In 1407 wordt de graaf van Orléans vermoord door de mannen van Jan Zonder Angst van Bourgondië. Er ontstaan twee par­tijen. De Ar­magnacs en de Bourgondiërs.

Als dan ook een burgeroorlog ontstaat tussen beiden is de chaos compleet. In 1419 wordt Jan Zonder Angst vermoord als hij toe­nadering met deArmagnacs zoekt. Di­rect daarna schui­ven de Bourgondiërs door naar het Engelse kamp. Samen met Isa­beau de Bavière, de vrouw van Karel VI en dus koningin van Frank­rijk. Dat is nogal wat.

Isabeau, dochter van de hertog van Beieren, was feitelijk re­gen­tes van Frankrijk met Karel VI (sinds ongeveer 1392 open­lijk) als gek aan haar zijde. Ze weet als Beierse in de krankzin­nige Franse situatie niet goed meer wat te doen binnen de open­lijke bur­ger­oorlog. Ze begaat twee doodzonden. Ten eer­ste kiest ze de kant van de Bour­gon­diërs en sluit ze het verdrag van Troyes geheel ten voordele van de Engelse ko­ning. Ten tweede onterft ze Karel VII, het enig overle­vende kind van haar en Ka­rel VI. Het wordt haar niet in dank afgenomen. Ze sterft in 1435 te­rugge­trokken in l’hôtel Saint-Pol. Veracht door ieder­een.

In 1420 wordt dan het verdrag van Troyes gesloten waarin de Koning van Engeland de titel Koning van Frankrijk krijgt. Karel VI en Henry V sterven alle twee in 1422 (toeval?). De kronen van Frank­rijk en En­geland zijn verenigd. Parijs is op de hand van de Engelsen en in 1432 wordt de Engelse koning Henry VI in Parijs in de Notre Dame gekroond. Van 1420 tot 1436 bezetten de Engel­sen Parijs. Ze lijken te hebben gewonnen en Karel VII weet eigen­lijk niet wat hij moet doen.

Ondertussen strijden de Armagnacs in de provincie door. Karel VII is dan wel Dauphin, maar het lijkt of niemand hem meer ziet staan. Ook de Duitse keizer Sigmund van Luxem­burg erkent Henry V en hij tekent een verdrag met de Engelsen te Canterbury in 1416. Het is alsof Engeland en Frank­rijk echt één ko­nink­rijk zijn. Maar dan blijkt dat de ogen van de eenen­twintig­ste eeuw vervormd kij­ken naar deze peri­ode, want niets is minder waar. Binnen een paar jaar is alles om­ge­keerd en gaat de Engelse ko­ning met de staart tussen de benen terug om nooit meer in Frankrijk te worden gezien. In elk geval niet om de troon te clai­men. De in­nerlijke werking van deze laatste jaren en de werke­lijke reden van het vertrek van Engeland zijn duister. Is het de uitputting van beide lan­den?

Plotseling is daar in 1429 een zeventienjarig boerenmeisje uit Domrémy aan de Maas, net buiten het feodale Frankrijk. Onge­letterd en gedreven door stemmen. Vermoede­lijk onderwezen door haar moeder en enkele mensen uit haar omgeving. Zij is er van overtuigd dat Karel VII de rechtmatige koning van Frankrijk is en dat de Engelsen verslagen kunnen worden. Maar eerst moet Karel VII in Reims gekroond en door de Kerk gewijd wor­den. Het gebeurt zoals zij heeft gezegd, maar bij Com­piègne gaat het fout. Ze wordt door een Fransman gevangen genomen, door een Fransman verkocht en door de Franse in­quisitie be­recht. De secu­liere rechtbank negeert haar en de vol­gende och­tend wordt het vuur aangestoken door een Engelse Beul. Het is een kort leven. Ze wordt nog geen twintig jaar.

1412 6 januari – Geboorte van Jeanne [of Jehanne] d’Arc in Domrémy [la Pucelle].

1429 Februari – Vertrek van Domrémy naar Vaucouleurs

1429 Eind februari – Vertrek naar Chinon

1429 8 Mei – Bevrijding van Orléans

1429 17 juli – Koningswijding van Karel VII te Reims

1430 april/mei – Veldtocht rond Compiègne

1430 23 mei – Jeanne wordt gevangen genomen op bevel van Jan van Luxemburg. Hij levert haar uit voor 10.000 Tour­naise ponden – enkele honderdduizenden euro’s zegt men – aan bis­schop Pierre Cauchon, die op de hand van de En­gel­sen is.

1430 mei/november – Jeanne wordt gevangen gehouden in Beaulieu en Beaurevoir

1430 november/december – Jeanne wordt overgebracht van Beaurevoir naar Rouen

1431 9 januari – Begin van het proces van de inquisitie.

1431 24 mei – Jeanne tekent de afzwering van dwalingen.

1431 28/29 mei – Jeanne wordt in mannenkleren aangetrof­fen en er wordt een te­rugval verklaard. Ze wordt over­gedra­gen aan de seculiere rechterlijke macht die haar direct doorgeeft aan de beul, zonder enige verdere rechtsgang.

1431 30 mei – Vroeg in de ochtend wordt Jeanne levend ver­brand op de oude markt van Rouen.

Ze is gebruikt en gemanipuleerd. Ze had erkend. Ze had gete­kend. Er was geen re­den meer om haar te executeren. Er is alle aanleiding om te vermoeden dat de enige kleren die ze had ge­kregen op 28 mei de bewuste mannenkleren waren en die trok ze dus aan. Ik betwijfel of ze zich gereali­seerd heeft dat het haar dood zou worden. Op weg naar het schavot en vastgebon­den op de brandstapel gaat ze geweldig tekeer in een sterk emotionele tirade die een enorme indruk op de massa maakt. Het vuur wordt aangestoken en ze is snel dood. Dan wordt de brandstapel openge­broken om de ver­branding te stoppen. Haar kleren zijn al bijna weg, de resten worden wegge­trok­ken en ze is zicht­baar in haar naaktheid. Het is aangetoond dat ze een vrouw is. Het vuur wordt weer op gang ge­bracht en blijft bran­den tot Jeanne volle­dig verast is[4].

Toch is er dan blijkbaar iets veranderd, want Philips de Goede van Bourgondië trekt zich terug uit de alliantie met de Engelsen die dan weer alleen staan. Wat er allemaal precies is gebeurd aan politiek gekonkel, is moeilijk te achterhalen. Hij krijgt daar­voor van Karel VII de graafschappenAuxerre, Mâcon en de ste­den aan de Somme. Met dit verdrag van Arras in 1435 is het einde van de oorlog nabij. In 1448 is er nog een offensief inNormandië en in 1450 is er een veldslag bij Formigny. De laat­ste schermutselingen vinden plaats bij Castillon in 1453. Alleen Ca­lais is dan nog in bezit van de Engelsen.

Direct na de inname van Rouen in 1450 wordt bevel gegeven door Karel VII voor een onderzoek naar het proces van Jeanne d’Arc. Het gaat moeizaam. De Kerk erkent dat er fouten zijn gemaakt, maar werkt het proces tegen. In 1456 wordt ze dan toch ge­reha­biliteerd. In Enge­land wordt ze nog lang als heks beschouwd. Daar komt pas ver­andering in met het verschijnen van de History of Great Britain van Speed (1611). Pas in 1909 wordt ze zalig verklaard. Op 16 mei 1920 wordt ze heilig ver­klaard[5].

Het zijn de ingrediënten van het feodale systeem die aan de wieg staan van de Hon­derdjarige Oorlog die feitelijk zal duren van 1066 tot 1435 met het verdrag van Ar­ras, of tot 1453 bij de overwin­ning van Castillon, of tot 1558 als de Fransen Calais ein­delijk terugveroveren op de Engel­sen. Toch geven de Engel­sen de claim op de Franse troon niet op en pas in 1801, als ze blijkbaar de overtui­ging hebben dat er echt geen koning meer in Frankrijk komt, geven ze die titel op. Of mis­schien ook wel om­dat het ze de kop kan kosten, of wellicht zijn ze bang voor Na­poleon, wie zal het zeggen. Waarom ze die titel wilden hou­den, maar nooit meer hebben willen effectu­eren, is een goede vraag. In zekere zin is het Europa op zijn smalst. En de Britten type­rend.

Het is voorbij. Het is ingewikkeld. De Franse en Engelse adel zijn gedecimeerd en in Engeland breekt als gevolg van het echec de war of the rosesuit. Het volk is het zat en heeft zwaar te lijden gehad. De Kerk heeft politiek grotendeels langs de zijlijn ge­staan, d.w.z. kon of wilde geen vuist maken om de partijen te laten stoppen. De pest en de oorlog laten de beide landen in een econo­mische crisis achter. Het feodale systeem bestaat niet meer en Frankrijk is nu een compleet land. De koning wordt erkend. Maar de feodale verhoudingen zijn nog niet verdwenen. Het heeft ruim 400 jaar geduurd sinds Hugo Capet. De feodale heersers geven uiteindelijk allemaal de strijd op en worden deel van Frankrijk. Ze worden veroverd zoals Bourgondië, of worden bezit door gemani­puleerde huwelijken zoals Bretagne. Het lijkt dat de konin­gen en adel wijzer uit de strijd komen. Dit soort oorlogen komt hierna niet meer voor. Men lijkt te weten dat je niet wint op deze ma­nier. De machts­strijden onderling en met de Kerk vinden vanaf nu vrijwel uit­sluitend op politieke wijze plaats. Geschil­len tussen landen zijn nog niet zo ver.

De macht van de Kerk wordt minder. Parallel aan de Honderd­ja­rige Oorlog vindt in 1414–1418 het concilie van Konstanz, plaats dat een einde maakt aan het Grote Schisma van het Westen waar pausen in Avignon, Rome en Pisa bestaan. Ofwel de grote ver­warring van de legitimiteit van de pausen…

Het is genoeg.

Wat blijft is de verbazing over het handelen van een zeventien­jarig meisje.

[1] Ik heb gekozen de naam Aliénor te gebruiken en niet Elia­nor, Eleanor, Leonore – en wat ik verder allemaal niet ben tegenge­ko­men. De naam komt van alia Aénor – een andere Aénor vol­gens Jean Flori. Ze is dus naar haar moeder ver­noemd. Daarbij vind ik Aliénor gewoon een mooie naam.

[2] Aquitanië. Het gebied dat ongeveer de huidige regio’s Aquit­aine, Midi-Pyrénées, Poitou-Charen­tes, Limousin, Auvergne en Languedoc-Rousillon beslaat.

[3] In 1174 zet ze haar zoons op tegen hun vader Henry II Planta­genet. Een kreng zal ze dus toch wel een beetje geweest zijn, al kon hij er ook wat van, getuige de moord op Thomas Becket. Maar misschien was dat wel op haar advies. Henry II verbant zijn vrouw naar de toren van Salisbury in Enge­land, waar ze pas in 1189 weer uit komt. Na zijn dood. Ze stookt dan verder tussen haar zoons Richard Leeuwenhart en Jan Zonder Land. Adviseren heet het in sommige boekjes. Consul­tant avant la lettre. Ze over­lijdt in 1204 en is begraven in het klooster te Fontevraud waar ook haar zoon Richard Leeuwenhart ligt. Een bijzondere vrouw met een bijzondere invloed. Henry II pakt het dus slimmer aan dan Lodewijk VII. Hij houdt zijn vrouw, maar sluit haar op.

[4] Georges en Andrée Duby, Les procès de Jeanne d’Arc, Galli­mard, 1973.

[5] Dit is kort na de Franse scheiding van Kerk en Staat van 1905. De Kerk heeft ongetwijfeld iets aan de Fransen willen geven om de weerstand tegen het instituut te verminderen.

  1. 1

    Mooi gesproken HansR, bijzondr leerzaam. Ik heb je boek zo vaak uitgeleend en teruggekregen (dankzij mijn inscriptie hier en daar: “dit boek is gestolen van Larie”) dat het de 600 jaar niet gaat halen.

  2. 2

    Voorop: dit is een leuk artikel. Het vat goed de honderdjarige oorlog inclusief voorgeschiedenis samen en werpt een interessante blik op de feodale strubbelingen destijds. Maar het mist duiding. De honderdjarige oorlog was blijkbaar een oorlog die Europa “sterk mede heeft gevormd”, maar uit dit artikel blijkt niet waarom deze oorlog vormender was dan, zeg, de negenjarige oorlog, de Spaanse successieoorlog of de oorlog van de liga van Cambrai.

    En was Jeanne d’Arc niet toevallig aanwezig om een rol te vervullen waar vanwege politieke en sociaal-economische redenen gewoon behoefte aan was, een rol die elke andere boer of ridder twee, drie jaar later net zo goed had kunnen vervullen? Zo ja, waarom verdient ze het dan om een artikel aan haar gewijd te hebben? Met die vragen blijf ik zitten.

  3. 3

    Zo ja, waarom verdient ze het dan om een artikel aan haar gewijd te hebben?

    Ze verdient het omdat ze een bijzonder persoon is geweest, omdat haar rol zwaar overtrokken is, omdat de kerk haar verbrand heeft, omdat de kerk haar vervolgens heilig heeft verklaard (hypocriete klootzakken!). Ze verdient aandacht omdat haar erfenis en persoon geclaimd wordt door het Front National (u weet wel van Le Pen).

    Ik kan zo nog wel even doorgaan.

    Duiding? Te weinig ruimte, ik gaf de informatie de voorrang. Geschiedenis duiden begint bij informatie. Ik duid overigens wel maar dat gaat 300 pagina’s verderop in het boek pas. Het is een fragment, dat moet je dan ook niet vergeten.

    Ik vind een conflict van bijna 500 jaar voordat het oplossing krijgt en waar bijna alle grote machten van Europa een rol in spelen overigens sterk vormend. Ik zeg niet dat het een uniek, eenduidig vormende kracht is geweest.

    En overigens waag ik toch te betwijfelen of de rol van Jeanne door elke willekeurige vechtjas gespeeld had kunnen worden.

  4. 6

    bedankt. Boeiend (in de positieve zin)
    Ik heb een tijdje in en om het poortgebouw van ‘Chateau de Benauge’ gebivakkeerd, een gigantisch (deels ruïne) kasteel bij Arbis/Cadillac in de Gironde. Als je in Bordeaux de ‘Pont de Benauge’ afrijdt 50 km naar het oosten. Gebouwd door de Engelsen rond 1315.
    Allemaal heel romantisch, pittoresk en mooi natuurlijk.
    Op een dag was m’n gastheer van z’n paard afgeslingerd dat abrupt gestopt was, ergens van geschrokken. Ik vond hem verlamd op de grond liggen (zenuwen in nekwervel beklemd, is later allemaal goedgekomen).
    Boven me uit torende die schilderachtige ruïne, en opeens vond ik het allemaal zo schilderachtig niet meer. Die gigantische muren die om de 30 meter uit het glooiende landschap oprezen, dat was allemaal gebouwd voor oorlog en belegeringen, dat weiland waar ik geschrokken bij Michel zat, daar vonden die veldslagen plaats en lagen die soldaten met gebroken ruggen in doodsangst, net als Michel.
    Sindsdien kwam ik ze nog regelmatig tegen als er een sliert mist tegen de verweerde muren optrok, de schimmen van hen die tegen die muren stormliepen.
    Maar eigenlijk wist ik er verder weinig van af. Dat het ‘iets met Guillaume le Conqérant te maken had’. Terwijl die al een paar eeuw dood was toen de burcht gebouwd werd. Maar toch wel iets met het verhaal te maken heeft.
    Daarom vind ik het zo’n mooi stuk. Geeft m’n herinneringen weer een extra dimensie…