Beoordeelmijnleraar.nl

GeenCommentaar heeft altijd ruimte voor interessante gastloggers, deze maal voor Margo Trappenburg. Margo is sinds 2000 universitair hoofddocent bij de Utrechtse School voor Bestuurs- en Organisatiewetenschappen. Ze combineert dit met een part time bijzonder hoogleraarschap Patiëntenperspectief aan het Instituut Beleid en Management van de Gezondheidszorg.

Les geven lijkt op toneelspelen. Een goede docent geeft een voorstelling. Hij inspireert zijn leerlingen. Hij zet ze aan het denken. Hij leest verhalen en gedichten die kunnen leiden tot lachen, huilen of huiveren. Hij laat zijn leerlingen geloven dat ze ideeën en oplossingen die hij ze min of meer in de mond heeft gelegd, zelf hebben bedacht, zodat ze vertrouwen krijgen in hun eigen capaciteiten.

Les geven is ook anders dan toneelspelen. Een ervaren docent weet zo ongeveer wat wel en niet werkt, maar les geven gaat niet volgens een vast script. Doceren is altijd improviseren. Doceren betekent ook altijd fouten maken. De ene klas is de andere niet. Sommige verhalen slaan bij de ene klas wel aan en bij de andere niet. Sommige onderwerpen liggen gevoeliger dan de leraar vooraf had gedacht. Sommige leerlingen reageren anders op straffen, aanmoedigingen en complimenten dan de leraar verwachtte. Persoonlijke ontboezemingen van de docent ? ik ben homoseksueel, ik werd vroeger op school gepest, ik ben zelf ook gediscrimineerd ? kunnen soms goed werken om negatief groepsgedrag aan de orde te stellen, maar ze werken niet altijd en het valt niet altijd in te schatten wanneer wel en wanneer niet. Meepraten en meedoen met tieners in hun eigen taal en appelleren aan hun belevingswereld valt de ene keer goed en de andere keer helemaal verkeerd. Dan vinden pubers het juist weer heel gênant als volwassenen jong proberen te doen.

Gelukkig staan docenten niet op de bühne in het licht van de schijnwerpers. Gelukkig wordt niet iedere les besproken door een kritische recensent, die mislukte tournures en improvisaties genadeloos afkraakt. Een klaslokaal is een besloten ruimte waar de docent met zijn leerlingen alleen is, waar hij durft te improviseren omdat hij geen pottenkijkers hoeft te vrezen.

Maar hoe lang nog? Sinds enige tijd kunnen middelbare scholieren in Nederland anoniem aangeven wat zij vinden van hun leraren. Ze doen dat niet aan het eind van een kwartaal of aan het eind van een cursusjaar op een evaluatieformulier, dat discreet wordt ingenomen door de administratie om vervolgens te kunnen dienen als input voor een functioneringsgesprek, nee, ze kunnen dat doen op elk willekeurig moment, op een openbare website die door iedereen kan worden geraadpleegd.

De bedenkers van beoordeelmijnleraar.nl hebben het idee overgenomen van ratemyteacher.com, een Amerikaanse website die al bestaat sinds 2001 en van spickmich.de, een vergelijkbare site in Duitsland. Moeten we hier blij mee zijn? De beheerders van de Nederlandse site wijzen op de grote voordelen.

Beoordeelmijnleraar.nl biedt leerlingen en hun ouders informatie die zij kunnen gebruiken bij de keuze van een school. De site biedt hun de mogelijkheid vrijuit te zeggen wat zij denken, en compenseert daarmee de machtsongelijkheid tussen leraar en leerling. De site houdt leerkrachten een spiegel voor en toont hen waar en hoe zij hun didactisch handelen kunnen verbeteren. En ten slotte past de site natuurlijk in deze tijd van transparantie en verantwoording: we hebben recht op informatie en we moeten weten waar we aan toe zijn.

Ter geruststelling merken de sitebeheerders nog op dat leerlingen heel goed in staat zijn hun leerkrachten objectief te beoordelen; zij gebruiken de beoordelingssite echt niet alleen om zich af te reageren na een onvoldoende, een preek of een straf. Inderdaad staan er op beoordeelmijnleraar.nl tal van positieve berichten. Menige leerkracht kan zich koesteren in de verzekering dat hij vet cool is, super aardig, tof of gewoon een chille vent. 70 % van de beoordelingen op de Amerikaanse site is positief, aldus de ontwerpers van de Nederlandse site. Hoe dat precies berekend is werd mij niet duidelijk; ik kon nergens uit afleiden of beoordelingen als ?gave leerkracht; ik haalde aldoor hoge cijfers en hoefde nauwelijks iets te doen? zouden tellen als positief of negatief. Ik vroeg mij ook af of het mogelijk is dat docenten zelf vanaf allerlei verschillende computers complimenten gaan posten, met verwijten naar andere inzenders (?Jij bent helemaal gek, meneer de Graaf kan juist supergoed uitleggen, volgens mij maak jij gewoon je huiswerk niet, ja, dan moet je natuurlijk niet gek opkijken als je het niet snapt?).

Maar het belangrijkste probleem met websites als deze is dat ze het klaslokaal van karakter doen veranderen. Beoordeelmijnleraar.nl maakt het klaslokaal transparant. De permanente potentiële openbaarheid kan voor sommige docenten misschien heilzaam werken (?Laat ik mijn les maar goed voorbereiden en die proefwerken snel en goed nakijken, anders moet ik daar later weer van alles over lezen?). Diezelfde potentiële openbaarheid is voor andere leerkrachten een rem op hun spontaniteit en kan ervoor zorgen dat zij minder durven te improviseren. En voor studenten die het leraarsbestaan overwegen betekent de site een reëel gevaar: genadeloos afgebrand worden in je eerste jaar als docent en vervolgens voor eeuwig achtervolgd worden door de postings op de website. Dat vooruitzicht zou menigeen kunnen afschrikken en dat lijkt me een risico waar we, met een fors lerarentekort in het vooruitzicht, niet op zitten te wachten.

Deze column verscheen eerder in het NRC Handelsblad.

  1. 1

    Ik snap de bezwaren van de auteur niet zo heel erg goed eigenlijk. Poeh hé, een site waar het mogelijk is om transparant te reageren op een docent. Ik heb vroeger genoeg van die evaluatie-formulieren ingevuld, maar nooit het idee gehad dat er wat mee gebeurde. Wellicht is dit een goede stap en kan een moderator die vraagt om argumenten wanneer er alleen maar gezeikt wordt, al genoeg zijn.

  2. 4

    @Kornuit, hoe heb jij eigenlijk bepaald dat dit interessant is? ;)

    On topic: Af en toe schiet ze m.i. te kort door de bocht en lijkt ze zich vooral op de mogelijke gevaren van internet te baseren, terwijl dit an sich niet nodig is. Zo te zien op de site worden de reactie’s (ook) beoordeeld.

    Of docenten er tegen zouden moeten kunnen is een lastige(re) vraag. Er zal een ‘zelfreinigende’ werking vanuit kunnen gaan die een kwaliteitsimpuls kan geven aan het onderwijs. Als je de top 10 bekijk dan zijn het niet alleen de docenten met de ‘makkelijkste/leukste’ vakken die in de top 10 staan. Dus: wat is er mis met iets dat een leraar extra kan motiveren?

    Koppel je het aan het probleem dat dit docenten kan afschrikken met het (te verwachten) lerarentekort dan zou het (inderdaad) mogelijk een extra probleem kunnen worden. Maar of dat dé reden is om dit soort sites af te schieten?!

    Ik denk dat het onderwijs belangrijkere zaken heeft om zich af te vragen.. :)