Volgende crisis slaat in 2015 toe

INTERVIEW - Na de dotcomzeepbel aan het begin van dit millennium en de financiële crisis die sinds 2008 de wereld in z’n greep hield, staat de volgende crisis alweer op ons te wachten. In 2015 zou er wel eens een nieuwe oliecrisis kunnen losbarsten, voorspelt Jeremy Leggett, sociaal ondernemer, auteur en activist, in zijn nieuwe boek Uit de olie. ‘Iedereen zou zich hier zorgen over moeten maken,’ zegt hij.

Leggett begon zijn carrière in de jaren ’80 als geoloog, die in opdracht van grote energiebedrijven als Shell en BP onderzoek deed naar de geschiedenis van de aarde. In 1989 begon hij zich zorgen te maken om klimaatverandering en werd hij campagneleider bij Greenpeace. In 1998 begon hij zijn bedrijf Solarcentury, dat zonnepanelen produceert en verkoopt in Groot-Brittannië. Sindsdien heeft hij verschillende denktanks en lobbygroepen opgericht die waarschuwen voor de wereldwijde verslaving aan fossiele brandstoffen en welke gevolgen dat kan hebben. The Guardian noemde hem ‘Britain’s most respected green energy boss.’

In zijn nieuwe boek geeft hij aan dat er vijf systeemrisico’s zijn die de wereld zoals we die nu kennen in meer of mindere mate bedreigen. Allereerst is er het piekolie-scenario. Dat houdt in dat de olieproductie een piek bereikt, waardoor niet meer aan de vraag voldaan kan worden. Het tweede systeemrisico is klimaatverandering, het derde een nieuwe financiële crisis. Leggett waarschuwt ook voor de koolstofzeepbel. Veel landen hebben een plafond gesteld aan de het percentage waarmee de CO2-emissies mogen stijgen. Om die grens niet te breken, kan er maar een beperkt deel van de olie- en gasreserves gewonnen en verstookt worden. Maar er zitten investeringen in de gehele reserves. Een groot deel van de investeringen ga je nooit terug zien, als je je houdt aan de plafonds voor CO2-emissies. In Nederland is de koolstofzeepbal een reëel probleem, omdat veel pensioenfondsen in Shell geïnvesteerd hebben. ‘De koolstofbubbel is een relatief nieuw begrip dat in 2013 een enorme vlucht heeft genomen,’ zegt Leggett. ‘Logisch. Het gaat om financiële risico’s, dat spreekt mensen altijd meer aan dan klimaatrisico’s.’ Tenslotte wijst Leggett erop dat we te veel vertrouwen op schaliegas en –olie, terwijl dat nooit zal kunnen goedmaken wat we verliezen aan conventionele olie.

Wat is van de vijf risico’s die je benoemt op dit moment de belangrijkste?

‘Het grootste probleem op de lange termijn is klimaatverandering. Maar het meest acute is een nieuwe oliecrisis. In mijn boek voorspel ik dat we in 2015 al te maken gaan krijgen met het piekolie-scenario. Daarbij wordt de piek aan winbare olie bereikt. Deels omdat energiebedrijven hun winbare reserves veel te positief inschatten, en deels omdat bovengrondse factoren (zoals politieke verhoudingen) invloed hebben op hoeveel olie gewonnen wordt. Na die piek zal de olieproductie alleen nog maar afnemen, waardoor niet meer aan de vraag voldaan kan worden. Dat gaat echt de wereld op z’n kop zetten.’

Op wat voor manier?

‘Je kunt je haast niet voorstellen wat voor druk het op onze economie zal zetten als de olieprijs nog verder stijgt. Alles wat we doen is afhankelijk van olie. Dat hoeft niet zo te zijn, maar dat hebben we wel laten gebeuren. Als je bijvoorbeeld kijkt naar de landbouw: bij elke stap in het landbouwproces speelt olie een rol, van het moment dat een gewas verbouwd wordt tot wij het op het bord hebben liggen.

Als de piek eenmaal bereikt wordt, zal die realisatie snel om zich heen slaan, net als tijdens de financiële crisis het geval was toen duidelijk werd dat de subprime-hypotheken waarin gehandeld werd toch niet zo handig waren. Het zal iedereen duidelijk worden dat de informatie over oliereserves waar ze zich op baseerden gigantisch verkeerd was. En als de paniek over beschikbaarheid van olie eenmaal is losgebarsten, zullen de olieproducerende landen niet braaf doorgaan de olie te exporteren. Die denken dan: “Jemig, misschien moeten we het zelf maar houden.” Als gevolg zullen tankers niet meer aankomen, supermarkten zullen binnen enkele weken leeg zijn. De tijd van autovrije zondagen komt terug.’

In je boek vergelijk je de grote energiebedrijven met drugsdealers, die hun product blijven leveren, ongeacht de effecten die dat heeft op de verslaafde. Zijn zij de grote boosdoener?

‘Het probleem is de hele groep die er nu zit. De oliebazen, politiek, lobbyisten. Het is een cultuurprobleem. Vrijwel iedereen in deze industrie is blank, man en de gemiddelde leeftijd is 49 jaar. Ze hebben hun eigen overtuigingen en belangen, waar geen beweging in te krijgen is. En ze omringen zich met mensen die hetzelfde denken, die dezelfde belangen hebben. Dát is wat we moeten veranderen.’

Maar als zij, de energiebedrijven, de dealer zijn, zijn wij als maatschappij de verslaafde. Zijn we niet onze eigen grootste vijand?

‘We helpen niet als collectief, we zouden zoveel beter georganiseerd kunnen zijn. We hebben meer macht dan we denken. Maar veel van ons zijn te druk met ons eigen leven leiden. Niemand verdiept zich echt in de olie-industrie, daarom schreef ik dit boek. De energiebedrijven hebben hele afdelingen om hun verdraaide boodschap naar buiten te brengen, ik wil mensen voorlichten over het echte verhaal. In het Verenigd Koninkrijk wordt jaarlijks gepeild wat de meest populaire vormen van energie zijn. Zonne-energie staat altijd bovenaan, gevolgd door windenergie. Ze staan op grote afstand van andere bronnen. Toch is tachtig procent van wat je leest in de media over hernieuwbare energie negatief. Dat is geen toeval, dat is geregisseerd door de grote energiebedrijven.’

Wat moet er gedaan worden om om te schakelen naar een meer duurzame maatschappij?

‘Het allerbelangrijkste om te doen is niet zonne- of windenergie, maar het omlaag brengen van de energieconsumptie. Landen als de onze zouden een nationale kruistocht moeten beginnen om elk gebouw in elke straat van het land zo energie-efficiënt mogelijk te maken, als een soort Green New Deal. Dat levert banen op en tegelijkertijd beperk je de nationale energierekening in enkele jaren tot een minimum. Maar daarnaast moeten we natuurlijk omschakelen naar energieproductie uit hernieuwbare bronnen. En het is niet alsof we vanaf nul moeten beginnen. Als je kijkt naar Duitsland, waar een kwart van de elektriciteit al uit hernieuwbare bronnen geproduceerd wordt, dan stemt dat positief. Je kunt de toekomst al ruiken.’

Ondertussen wordt er in de VS groot ingezet op schaliegas en –olie, en wil ook de Britse regering die kant op.

‘Schaliegas en –olie is een hype, maar niet iets waar we op moeten vertrouwen. Voor wat betreft schalie-olie zijn alle sweet spots al aangeboord, en van de schaliegasinstallaties is die in Pennsylvania de enige waarvan de productie nog altijd toeneemt, de rest is al over de piek heen. In Groot-Brittannië gaat het nooit gebeuren. Denk je echt dat de conservatieve Britten op het platteland het laten gebeuren dat hun landschap eruit komt te zien als zo’n volledig verwoest terrein in North Dakota of Texas?’

Over Texas gesproken, de directeur van Exxon Mobile (Amerika’s grootste schaliegasproducent), Rex Tillerson, heeft vorige week een zaak aangespannen om een groot frackingproject in de buurt van zijn ranch in Texas plat te leggen. Hij is bang voor geluidsoverlast en landschapsverwoesting.

Leggett lacht hardop en zegt: ‘Oh, that is priceless. Ik denk dat zijn collega-directeur van Gaz de France Suez jaloers op hem zou zijn. Die wil dolgraag fracking in zijn achtertuin, maar in Frankrijk is het verboden. Maar goed ook. Schaliegas en –olie is een gevaarlijke mythe, waar we niet in moeten trappen.’

Dit artikel verscheen vandaag ook op One World.
Uit de olie, Jeremy Leggett, Uitgeverij Jan van Arkel.

  1. 1

    Het probleem is de hele groep die er nu zit. De oliebazen, politiek, lobbyisten. Het is een cultuurprobleem. Vrijwel iedereen in deze industrie is blank, man en de gemiddelde leeftijd is 49 jaar. Ze hebben hun eigen overtuigingen en belangen, waar geen beweging in te krijgen is. En ze omringen zich met mensen die hetzelfde denken, die dezelfde belangen hebben. Dát is wat we moeten veranderen

    Het is een systeemprobleem. We hebben onszelf in een ideologisch keurslijf laten dringen, waarin we zelfverrijking en egoïsme verheerlijken, wat we benoemen als economisch succes en individualisme, en de meest volgzame leerlingen van die ideologie zijn de leiders van onze maatschappij geworden. Het is niet alleen een probleem van de olie-industrie, maar speelde precies ook zo bij de banken, bij alle grote privatiseringen en verzelfstandigingen van de afgelopen decennia, enz, enz.

    De oliebazen, politiek, lobbyisten, de cultuur, de blanke veertigers en vijftigers… Het zijn allemaal alleen maar symptomen. Het gaat vaak om menen, die gewoon niet beter weten, omdat ze al vanaf hun jeugd gehersenspoeld zijn met de individualistische ideologie van de hebzucht.

  2. 3

    @2: draai dat eens om: mensen die in de olie zitten die stug blijven volhouden dat het goed gaat met olie. Zou ik ook zeggen als mijn inkomen ervan afhankelijk van zou zijn.

  3. 4

    @0

    Zoals hier beschreven zal het niet gaan. Er zal niet gedacht worden “goh, we kunnen olieproductie niet meer opschroeven, dus we laten onze investeringen maar verdampen en accepteren economische krimp”. Nee, er zal nog een tijdlang gewoon meer gebruik gemaakt worden van kolen en kernenergie. Het hogere gebruik van kolen gaat op de lange termijn natuurlijk een tol eisen van de volksgezondheid en het milieu, dat is een verlies van welvaart, maar zo wordt dus voorkomen dat investeerders en grote bedrijven heel snel enorme verliezen maken. Tenslotte zijn er nog een aantal landen (zoals Iran, Irak en Libie) met grote olievoorraden waar de productie op z’n gat ligt om politieke en economische redenen en zijn er andere landen waar veel verspild wordt (Rusland, Nigeria), ik wed dat die landen ineens heel veel hulp krijgen wanneer andere landen met een peak-oil scenario te maken krijgen.

  4. 5

    @2 Dat is commentaar dat hij vaak krijgt. Hij zegt daar (op z’n website) het volgende over:

    Many of the critics who comment on my blogs urge readers to discount everything I say because I am trying to sell solar energy, and so therefore must be in it for the money, hyping concerns about climate change and peak oil in the cause of self enrichment. (As you would). They have it completely the wrong way round. I left a lucrative career consulting for the oil industry, and teaching its technicians, because I was concerned about global warming and wanted to act on that concern. I joined Greenpeace (1989), on a fraction of my former income, to campaign for clean energy. I left Greenpeace (1997) to set up a non-profit organisation campaigning for clean energy. I turned it into a for-profit company (1999) because I came to the view that was the best possible way I could campaign for clean energy – by creating a commercial success that could show the way. The company I set up gives 5% of its operating profit to a charity that also campaigns for clean energy, SolarAid. All that said, I hope Solarcentury makes a lot of money. It won’t have succeeded in its mission if it doesn’t. I’m hoping fewer people will still want to discount my arguments, knowing the history. But then again, an awful lot of bile gets split in some of the comments on my Guardian blog, and I could be being naive.

  5. 6

    Daarom rijd ik nu al privé in een elektrische Renault Twizy (die ook op te laden is via zonnepanelen!). Binnenkort ga ik voor het eerst met een elektrische testauto (Tesla Model S) op vakantie, iets wat ik 20 jaar geleden niet had kunnen of willen geloven. Natuurlijk wordt het een spannende rit want binnen 1 dag elektrisch naar Genève rijden is geen eitje. Maar er zijn nog meer redenen dat ik elektrisch rijdt, wat te denken van deze (citaat uit mijn testverslag van de elektrische Renault Zoe): “Reken even met mij mee; Hoeveel volume neemt 1 kg CO2 in bij standaard luchtdruk en kamertemperatuur. Na het invullen van de juiste getallen in de juiste formule komt daar 509,1 liter uit. Dat is meer dan een halve kubieke meter, oftewel de bagageruimte van een grote auto. Laten we even uitgaan van iemand die normale afstand woon/werkverkeer rijdt van 825 km per week. Bij een verbruik van gemiddeld 1:15 kom je dan op 55 liter euro 95 – 120 g CO2/km = 96 kg CO2 per week = lichaamsgewicht van een dikke man/vrouw. Elektrisch rijden bespaart deze wereld dus een hele hoop CO2, maar liefst 384 kg CO2 per maand en dat is uitgedrukt in liters de ongelofelijke hoeveelheid van 195.494 liter CO2! Daar moet je haast wel van schrikken dat kan niet anders. Even ter vergelijk; dagelijks ademt een volwassenen mens zo’n 900 gram CO2 uit, dat komt overeen met iets van 10 kilometer rijden in een label-A auto.”

  6. 8

    @0

    “In het Verenigd Koninkrijk wordt jaarlijks gepeild wat de meest populaire vormen van energie zijn. Zonne-energie staat altijd bovenaan, gevolgd door windenergie. Ze staan op grote afstand van andere bronnen. Toch is tachtig procent van wat je leest in de media over hernieuwbare energie negatief. Dat is geen toeval, dat is geregisseerd door de grote energiebedrijven.’”

    Daar zit inderdaad enige regie achter, net als bij de “klimaatsceptici”, maar de burger is nou ook weer niet zo groen als Legett hem hier laat lijken. De burger wil wel een schonere, groenere wereld met minder armoede, zolang het maar (bijna) niets kost. Een energiewende kost geld, veel geld, en de Britse burger is helemaal niet bereid dat te betalen, die wil niet eens betalen voor minder slechte isolatie in zijn 19e eeuwse huis. De verandering moet komen van zowel de verslaafde als de dealer.

  7. 9

    Als je kijkt naar Duitsland, waar een kwart van de elektriciteit al uit hernieuwbare bronnen geproduceerd wordt, dan stemt dat positief. Je kunt de toekomst al ruiken.

    Die toekomst stinkt voor jan met de pet, in Duitsland zijn de kosten voor energie met 70 % in 10 jaar gestegen, wel lekker duurzaam want de burger houdt geen cent over om te consumeren..,

  8. 10

    Als de vraag stijgt en het aanbod kan het niet bijhouden. dat zal gewoon de prijs gaan stijgen. Op die manier komt er weer meer financiële middelen en innovatie om de bronnen aan te boren die voorheen te duur of niet makkelijk genoeg waren. Er zijn nog ontzaglijke velden met methaanijs op de oceaanbodem, die wachten op een goede prijs zodat het aantrekkelijk wordt om ze te winnen. Japan, na hun kernramp, is aan onderzoek hierna begonnen. Wat je dus ziet is een energiecrisis leidt tot nieuwe innovatie. Niet alleen duurzaam, maar ook koolwaterstoffen-gebied.

    De olie-industrie is machtig en die geven zich niet zomaar gewonnen.

    Maar wat te doen met bedrijven als Shell? Het beste zou zijn een soort DSM transitie, waarin traditionele olieboeren overschakelen op meer duurzame sectoren.

  9. 11

    @10

    Ja, klopt van die innovaties, maar dat koolstof plafond blijft nog steeds een probleem en de stelling van Legett is dat er niet genoeg (op korte termijn winbare) methaanvelden e.d. zijn om teruglopende productie van traditionele olievelden op te vangen, en zelfs als dat wel zo is zal de prijs stijgen en kunnen er dus problemen komen met grote investeringen, wat dan zou leiden tot het barsten van die bubble en daarna een vertrouwenscrises. Er is een manier omheen: kolen stoken en het koolstof plafond laten vallen. Als puntje bij paaltje komt denk ik dat daarvoor wordt gekozen.

  10. 12

    @Derpjan: Hij ziet donkere wolken in de oliemarkt en die kan ik ook wel zien, maar aan de andere kant, wat er gebeurt is zo onvoorspelbaar. Het kan zijn dat 2015 een energiecrisis wordt (wie zal het zeggen?), maar ik ben eerlijk gezegd iets meer geïnteresseerd in de langere termijn. Ik had 10 jaar geleden nog niet van schaliegas of teerzand-olie gehoord, maar dat heeft de energiemarkt helemaal op zijn kop gezet, vooral in Amerika.

    “prijs stijgen en kunnen er dus problemen komen met grote investeringen”: aan de consumptiekant leidt dit tot problemen, maar aan de winning-kant leidt het er juist toe dat investeringen zich sneller terugverdienen.

    “…n het koolstof plafond laten vallen. Als puntje bij paaltje ko..”
    Dat denk ik dus ook. Olie in de grond is net goud. Het blijkt extreem moeilijk voor de mens om het te laten zitten, ook al is het tegen het advies van Hans Verbeek in. De oliehonger is onverzadigbaar en lijkt altijd aanwezig.

  11. 13

    Veel landen hebben een plafond gesteld aan de het percentage waarmee de CO2-emissies mogen stijgen. Om die grens niet te breken, kan er maar een beperkt deel van de olie- en gasreserves gewonnen en verstookt worden. Maar er zitten investeringen in de gehele reserves. Een groot deel van de investeringen ga je nooit terug zien, als je je houdt aan de plafonds voor CO2-emissies.

    Voor de olie- en gasreserves, die in de grond zullen moeten blijven, is een term: stranded assets.
    Meer over stranded assets lees je op Carbon Tracker of in deze dikke PDF

    Ik denk overigens dat we de ‘stranded assets’ in de grond laten zitte omdat het te moeilijk en te kostbaar is om ze naar boven te halen… niet vanwege klimaatbeleid, maar vanwege de lage Energy Return on Energy Invested.
    Als er olie op de maan zou zijn, dan zouden we dat ook daar laten zitten.

    Oliemaatschappijen zijn al aan het bezuinigen en inkrimpen en daardoor zal de produktie verder dalen en komen er minder nieuwe olie- en gasvelden online.
    De crisis is mijns inziens al begonnen… alleen weten we het nog niet.

  12. 14

    Het is een cultuurprobleem. Vrijwel iedereen in deze industrie is blank, man en de gemiddelde leeftijd is 49 jaar.

    Sorry, maar dit deel van de analyse lijkt me volstrekt onzinnig. Net of onze olieverslaving zich toespitst op die leeftijdscategorie en dat geslacht, omdat zij toevallig de baas zijn van de energiebedrijven. En net alsof dat zich oplost als je er een stel jongeren of andersdenkenden op zet. Was het maar zo simpel.

    Ik vrees dat Leggett iets te veel in z’n eigen hoogopgeleide alternatieve kringen verblijft, want ik zie door alle generaties (en geslachten) heen een ongebreideld consumentisme, een houding van “het kan niet op” en een diepgaande olieverslaving waarmee we nog lang niet klaar zijn. En als gevolg daarvan een stugge, keiharde psychologische ontkenningsfase voor wat betreft klimaatproblematiek.

  13. 15

    @12

    Met een hogere prijs bedoel ik duurder om te winnen, niet per se een hogere winst dus, misschien zelfs een lagere winst en dat is dus slecht voor de investeerders.

    En ja, de termijn van 10 jaar is veel interessanter, iemand die zo specifiek het jaar 2015 noemt lult waarschijnlijk uit z’n nek.

  14. 16

    @14 Nee maar het overschatten van de beschikbare oliereserves, het onvermogen en de onwil om om te schakelen naar een meer duurzaam energiebeleid, dát is een cultuurprobleem van de blanke middelbare mannen die de energiewereld beheersen.

  15. 18

    @Derpjan: “Met een hogere prijs bedoel ik duurder om te winnen,…”
    Maar ook dat heeft natuurlijk niet allemaal nadelen. Duurdere oliewinning zorgt ervoor dat de alternatieven meer lucht krijgen.

    Kernenergie leek een gouden toekomst te hebben, totdat in de jaren ’60 en ’70 de energieprijzen daalden door schaalvergroting bij de oliewinning. Kernenergie kon toen minder makkelijk concurreren.

    Bij de energietransitie van fossiel af is het alle hens aan dek. Ik denk dat we helemaal niet rouwig hoeven te zijn over een iets hogere oliewinningsprijs.

  16. 19

    @18

    De premise van Legett is dat we bang moeten zijn voor de financiele instabiliteit die gepaard gaat met het verdampen van zo’n groot blok aan investeringen. Zoiets kan bv. pensioenfondsen en banken onderuit halen en dan hebben we weer een nieuwe financiele crisis met bailouts en dat soort dingen. Het is op zich goed als alternatieven meer ruimte krijgen, maar op korte termijn kan een abrupte verandering wel voor een financiele crisis zorgen.

  17. 20

    In de papieren Volkskrant van vandaag (1 maart) staat een interview met Leggett (pag 6 + 7 van Vonk).
    Interviewer Jeroen Trommelen had mijns inziens wel slimmere vragen kunnen stellen.

  18. 21

    @Derpjan: “… is dat we bang moeten zijn voor …”
    Ik heb een hekel aan dit soort bangmakerij. Eén ding snap ik. Geen enkele sector is immuun voor crisis, ook de oliesector niet (we hebben al eens een heuse oliecrisis gehad).

    Maar deze Greenpeace-man mist gewoon autoriteit.

  19. 22

    @21

    Het is bangmakerij, maar niet geheel zonder onderbouwing, gewoon iets waar rekening mee moet worden gehouden de komende jaren door the powers that be.

    O, was het bijna vergeten: olie- en gas voorraden rondom Antarctica worden door niemand meegenomen in de boeken, dus daar valt nog iets te winnen zodra de financiele druk te hoog wordt.