Facebook aan banden?

De groeiende macht van sociale media bedrijven dwingt tot regelgeving. Met het risico op aantasting van de grondwettelijke uitingsvrijheid. Het Centraal Planbureau doet voorstellen voor een vergunningstelsel met regels voor digitale platforms zoals Facebook, Google en Amazon. Aanleiding is de groeiende macht van de bedrijven achter deze sociale media. De overheid blijft achter met de regulering van deze giganten die in de praktijk, zeker in vergelijking met andere bedrijfssectoren, nog steeds volledig vrij spel hebben. Op Europees niveau wordt er al jaren over regelgeving gesproken. Duitsland wil een boete zetten op het niet snel genoeg verwijderen van haatzaaiende berichten. Gezien de enorme macht van de bedrijven die de sociale media beheren is regelgeving zeker te verdedigen. 'Digitale platforms treden op als makelaar voor uiteenlopende diensten en producten,' schrijft het CPB, 'maar hebben één ding gemeen: zij ordenen informatiestromen tussen hun gebruikers.' Hoe dat precies werkt is voor de individuele gebruiker niet inzichtelijk. Maar er wordt in elk geval veel aan verdiend. En er zijn enkele verontrustende effecten voor het vrije verkeer van informatie zoals de verspreiding van nepnieuws via botnets en het ontstaan van filterbubbles. De grote spelers op het gebied van sociale media hebben weinig te duchten van concurrentie. De klanten wisselen niet snel van platform, merkt het CPB op. Als er al sprake is van concurrentie zal dat er eerder toe leiden dat er nog slimmere strategieën worden ontwikkeld om advertenties binnen te halen. En niet in het voordeel van de klant: 'Concurrentie zal de risico’s rond informatieordening eerder versterken dan beperken.' Vanwege de machtsongelijkheid tussen bedrijf en klant en het feit dat er te weinig waarborgen zijn om onbedoelde of ongewenste effecten van sociale media tegen te gaan beveelt het CPB een aantal beleidsmaatregelen aan.  Het gaat dan met name om het bevorderen van transparantie van de platforms en het aansprakelijk maken van de platforms voor schadelijke externe effecten.

Door: Foto: Alatr0n (cc)
Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Vrijheid van meningsuiting anno 2011

Het is de week van de lijstjes en de jaaroverzichten. Wat kunnen we uit 2011 melden over de vrijheid van meningsuiting in Nederland? Ik noem vier onderwerpen die er dit jaar wat mij betreft uitsprongen.

1. De vrijspraak in het proces Wilders was zoals verwacht. Het proces-dat-beter-niet gehouden-had-kunnen-worden ontaardde in een nachtmerrie voor de rechterlijke macht. Wilders en zijn advocaat kregen volop de gelegenheid de onafhankelijkheid van ons rechtssysteem in twijfel te trekken. Dieptepunt was ongetwijfeld Wilders’ chanterende opmerking dat hij het vertrouwen in de rechterlijke macht zou opzeggen als hij niet zou worden vrijgesproken. Dat zijn vrijspraak tenslotte het vertrouwen in de rechterlijke macht heeft doen toenemen , met name bij PVV-stemmers, is verontrustend. Het suggereert dat men geen boodschap heeft aan de onafhankelijkheid van de rechter bij uitingsdelicten.
Voor iedereen die nog wel gelooft in de scheiding der machten laat de vrijspraak van Wilders veel vragen open. Sommige van zijn uitlatingen waren op de grens maar niet over de grens, zei de rechter. Maar over waar we nu precies de grens moeten leggen zijn we helaas niet veel wijzer geworden. Welke uitingen zouden in de ogen van de rechter wel strafbaar geweest zijn? Hier raken we aan de problemen die de strafwetsartikelen 137 c en d met zich meebrengen. De toepassing van deze artikelen (belediging en haat zaaien) blijft lastig als je een vrij maatschappelijk debat over tal van actuele punten niet wil frustreren. Deze artikelen zouden beter kunnen worden afgeschaft of zodanig aangepast dat alleen daadwerkelijke bedreiging met geweld overblijft als grond om iemand in zijn uitingsvrijheid te straffen. In dit verband mag ook nog wel eens opgemerkt worden dat het een schande is dat een politicus in Nederland vanwege zijn uitspraken nog steeds beveiligd moet worden.

Lezen: De wereld vóór God, door Kees Alders

De wereld vóór God – Filosofie van de oudheid, geschreven door Kees Alders, op Sargasso beter bekend als Klokwerk, biedt een levendig en compleet overzicht van de filosofie van de oudheid, de filosofen van vóór het christendom. Geschikt voor de reeds gevorderde filosoof, maar ook zeker voor de ‘absolute beginner’.

In deze levendige en buitengewoon toegankelijke introductie in de filosofie ligt de nadruk op Griekse en Romeinse denkers. Bekende filosofen als Plato en Cicero passeren de revue, maar ook meer onbekende namen als Aristippos en Carneades komen uitgebreid aan bod.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Pechtold als idool van Breivik?

Gedachte-experiment. Niet Geert Wilders was het idool van Breivik, maar D66-voorman Alexander Pechtold. Wat was er dan gebeurd? Waarschijnlijk had de nare Noor een lijvig document geschreven over ‘de noodzaak tot het openbreken van de woningmarkt’ en de wens ‘tot meer directe democratie’. Waarschijnlijk had hij zijn magnum opus naar al zijn virtuele vriendjes gestuurd. En dan? Dan niets. Hij had geen bommen geplaatst, geen massaslachting aangericht. Hij was nooit de geschiedenisboekjes ingegaan als de massamoordenaar van Oslo. Al is Anders Breivik de enige schuldige aan zijn misdaad, dat ontslaat anderen niet van de plicht tot nadenken en zelfreflectie. Volgens Malou van Hintum -en vele anderen- hebben we te maken met een gek. Om haar stuk extreem kort samen te vatten: gekkies interpreteren de buitenwereld op een rare manier en komen zo tot onverwachte, soms zelfs gruwelijke daden. Alleen zij zijn verantwoordelijk. Haar conclusie lijkt te kloppen. Met de nadruk op lijkt. Het ‘Pechtold-experiment’ laat namelijk zien dat van Hintum’s conclusie te makkelijk is.

Nog niet zo lang geleden was de Tweede Wereldoorlog geen geschiedenis, maar een moreel ijkpunt. Dat had veel positieve gevolgen en ook enkele mindere kanten. Positief: iedereen was zich bewust van het gevaar van polarisatie, extremisme, racisme en discriminatie. Negatief: links geweld werd vergoelijkt. Het gevolg: de extreemrechtse Janmaat werd ‘gedemoniseerd’ en werd door links, maar ook door rechts verguisd om zijn politieke opvattingen. Niemand, absoluut niemand liet zich door deze nitwit gedogen. De Centrumdemocraten waren politieke paria’s van de vorige eeuw en dat was maar goed ook. Waarom zou je samenwerken met een extreme partij? Het is niet voor niets dat topstukken van de jaren ’80 als Voorhoeve, Weisglas, Hirsch Ballin en vele anderen hun partij nu de rug hebben toegekeerd. Zij wensen niet in verband te worden gebracht met extremisten. Twintig jaar geleden vonden zij samenwerking met een rechts-populistische volksmennerpartij abject, en dat vinden ze nu nog steeds.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Coalitie zoekt meerderheid voor Lange-Tenentax

Het zal lastig zijn voor het komende kabinet om een meerderheid te vinden voor de Lange-Tenentax. In het gedoogaccoord hebben CDA en VVD met de PVV afgesproken dat groepen die zich snel beledigd voelen daarop fiscaal worden aangesproken. Echter, noch de dissidente CDA’ers, noch gedoogpartner SGP willen met het plan instemmen. Besprekingen zitten in een impasse omdat uitstel van de maatregel voor Geert Wilders onbespreekbaar is.

VVD-leider Mark Rutte denkt dat de Lange-Tenentax de mate waarin bevolkingsgroepen zich beledigd voelen zal verminderen. “Nederland zit vol met mensen die zich beledigd voelen door vloeken, bloot, eten, dieren, grappen over god en ander gedoe. Een vrije geest hebben is op eieren lopen, want voor je het weet heb je weer het een of ander exotisch taboe geschonden.”

In het gedoogaccoord is nu afgesproken dat bevolkingsgroepen recht hebben zich beledigd te voelen. Echter, voor zo’n gevoeligheid moet dan wel eerst officieel erkenning worden aangevraagd. Die taboetoets kijkt of de lange teen in een erkende culturele of religieuze traditie is te plaatsen. Is een taboe eenmaal erkend, dan kunnen mensen door middel van een belastingtoeslag aanspraak maken op een zekere mate van publieke gekrenktheid op het moment dat anderen het taboe breken. “Betaal je niet, dan moet je ook niet zeuren. Eerst betalen, dan pas mag je balen”, aldus Rutte.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Draait de wereld door?

H van Veen De Utrechtse liedjeszanger Herman van Veen heeft de PVV vergeleken met de NSB. Herman is bang dat het met de partij van Wilders dezelfde kant op gaat als met de NSB van wijlen Mussert. Er is geen speld tussen de gemaakte vergelijking te krijgen: de PVV is een Beweging en heeft een sterke leider. Net de NSB. Een vergelijking kan veel duidelijk maken, maar tegelijkertijd veel verwarring zaaien. Immers, naast overeenkomsten zijn er ook verschillen tussen de NSB en de PVV. Belangrijk is dat een partij van 70 jaar geleden nauwelijks te vergelijken is met een partij van nu. Wie daaraan twijfelt, moet maar eens het partijprogramma van de SDAP uit de jaren ’30 met die van de PVDA van nu vergelijken. Om twee verschillen tussen NSB en PVV te benoemen: de PVV kent geen antisemitisme, noch een antidemocratisch programma.

Bram Moszkowicz

Gisteren was advocaat Bram Moszkowicz te gast bij ‘De Wereld Draait Door’. Bram was hogelijk verbaasd over de woorden van Herman van Veen. Hij vond het zelfs ‘bijna’ abject. Vanwaar die verontwaardiging? Bram had twee punten van kritiek. In de eerste plaats had de vergelijking 2 miljoen kiezers beledigd en in de tweede plaats had Wilders een goede reden om van de PVV geen partij, maar een Beweging te maken. Wilders wil namelijk geen ‘louche mensen’ in zijn partij. Twee kulargumenten. De NSB en de NSDAP hadden ook een boel kiezers. Mogen die partijen soms ook niet bekritiseerd worden? Vanwege de zielige kiezers? En waarom was de NSB geen partij, maar een Beweging? Ze waren tegen de gevestigde (parlementaire) orde en wilden zich daarmee dus niet afficheren. Net als Wilders had de NSB dus een prima reden om geen gevestigde politieke partij te willen zijn. Presentator van Nieuwkerk en hulppiet Simek hoorden de onzin van de advocaat nederig aan. Zonder noemenswaardig weerwoord.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

De veiligheid van meningsuiting

Eén van de dingen die ik persoonlijk behoorlijk lastig vind in de discussie rondom Wilders en zijn film is het bepalen van mijn eigen positie. Enerzijds heb ik een behoorlijke hekel aan elke vorm van georganiseerde religie en zeker aan religies die andersdenkenden veroordelen of erger. Anderzijds heb ik een even grote hekel aan generaliseren en het op één hoop gooien van grote groepen mensen op basis van uiterlijkheden of (hopelijk slechts enkele) extremisten.

Ik heb absoluut niet de illusie de islam of de bijbehorende cultuur ook maar enigszins te begrijpen. Wat mij wel opvalt en ongerust maakt is het gemak waarmee in mijn ogen geweld als reactie op kritiek wordt neergezet. Wat mij nog ongeruster maakt is het feit dat ik niet zie hoe de meerderheid onder de moslims dat geweld afkeurt. Wanneer deze meerderheid het fundamentalisme met het bijbehorende geweld niet afkeurt, waar staan zij dan? Zijn ze bang zich uit te spreken? Vinden ze geweld acceptabel? Naast bovenstaande gebrekkige omgang met kritiek en het gemakkelijke geweld is daarnaast de manier waarop deze religie met afvalligen en vrouwen omgaat voor mij iets waarvan ik een heel ongemakkelijk gevoel krijg. Wat ook daarbij volgen mij weer het ergste is, is niet het feit dat het ooit zo in een boek is gezet, nee het is het feit dat naar mijn beleving een groot deel van de moslimgemeenschap deze praktijken al dan niet stilzwijgend goedkeurt.

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.