Grinnikend naast mijn kist

In april 2011 is de in Amerika wonende Nederlandse dichter Leo Vroman zesennegentig geworden. Ongeveer een week geleden kwam zijn gedichtenbundel ‘Daar’ uit. Het is, schrijft hij in zijn voorwoord, een soort dagboek van wat er in zijn poëtische brein de afgelopen twee jaar is gebeurd. Het dagboek van een heel oude man: dat heeft, zou je kunnen denken,  het gevaar in zich van gezeur. Dat geldt niet voor dit boek. Vroman is daarvoor te speels, te geestig, te diep en bovenal: te integer als dichter.  Het lijkt er meer op, dat juist de ouderdom hem de kracht geeft om zo licht en humoristisch te zijn. Hij heeft het intussen over dingen die niet zo snel met zich laten spotten. Dat zijn in dit boek vooral de dood en de liefde. Die twee zijn voor Vroman nauw verbonden, omdat zijn leeftijd hem dwingt geleidelijk afscheid te nemen van alles waarvan hij houdt. Des te intenser neemt hij waar en heeft hij lief. In een elegant puntdicht zegt hij dat zo:

Door: Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.