Het EPD, Aussie-style | deel 1

 In Australië werkt het Elektronisch Patiëntendossier (EPD) door een gebrek aan visie, expertise en geld. Dat is een zegen voor het systeem, beargumenteert econoom Paul Frijters. Vandaag deel 1, morgen volgt deel 2. For fourteen months, Australia has had an electronic national health register. It has almost nothing in it, but the hope is that in years to come (when lots of people have registered) it will start to have all the information on someone’s health that floats around in the health industry. This includes discharge summaries, the history of medicine use, databases on allergies and conditions, payment histories, dental records, childhood illnesses, vaccination history, and treatment plans. This health register was initially championed by Tony Abbott when his party was last in power and he was the health minister, so now that he is the Prime Minister, its future looks safe for the next few years at least. Let me, as an interested but only average-informed health watcher, talk through the possibilities of this health register, the failures to have health registers in many countries, and the wondrous ways in which the Australian variety seems to have benefited and thrived from a lack of foresight, a lack of consultation, a lack of expertise, and a lack of money. It is somewhat unusual and incredible from the point of view of normal economic thinking about reform, but we seem to have a policy area here in which it seems an advantage to bumble along in the dark, rather than be well-prepared beforehand. But let us start with what we ultimately might want out of such a register.

Door: Foto: Sheila's (cc)

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.