Closing Time | Chrome Hoof
Chrome Hoof heet een experimenteel kamerrockorkest te zijn. Wat u ook van dit gezelschap uit Londen wilt maken, het swingt in elk geval wel.
De dagelijkse afsluiter met muziek en heel soms wat anders
Chrome Hoof heet een experimenteel kamerrockorkest te zijn. Wat u ook van dit gezelschap uit Londen wilt maken, het swingt in elk geval wel.
Vijf sterren gaf u vorig week aan B Block. De consequentie is dat u meer Koreana krijgt, dit keer in de vorm van een clipje dat muzikaal een kloon is van Psy, maar dan veel grappiger. Het zit vol cameo’s van beroemde Koreanen, al zal u dat allicht niet opvallen.
Im (of Lim) Chang Jung is een multitalent met een kast vol muziek- en filmprijzen. Hier en hier vindt u meer van ’s mans werk. En hier is een selfievideo met drie Amerikaanse meiden die het bovenstaande clipje zitten te bekijken.
BB King is dood, maar Buddy Guy, ook alweer tegen de tachtig jaar oud, is alive and kicking. Hierboven een misschien wat gelikte versie van Sweet Home Chicago, maar leuk vanwege het ensemble dat Buddy om zich heen verzameld heeft.
Percussionist Lukas Ligeti heeft zich gespecialiseerd op de Marimba Lumina, een gecompliceerde electronische versie van de marimba, welke het mogelijk maakt om muziek te maken die uitpuilt van de details op de vierkante millimeter. En dat doet hij dan ook.
Opvallend is hoe hij een heel eigen weg heeft gekozen, maar hoe daar toch de muziek van z’n vader György Ligeti – een bekend avant-garde componist – in doorklinkt.
In een ander filmpje legt hij de werking van het instrument uit, maar hier beneden horen we hem live met Great Circles Tune II.
Tomcraft is natuurlijk dikke vette mainstream techno/trance (bekend van Loneliness) uit de tijd dat dj’s nog met vinyl werkten, maar bovenstaand nummer is afwijkend genoeg om interessant te zijn.
Theophilus London komt uit Trinidad en woont in New York. Zijn muziek is een mellow mix van hiphop en elektronica, naar eigen zeggen beïnvloed door onder andere Michael Jackson, Prince, Kraftwerk en The Smiths.
Eind ’95 ging er een busje over de kop. Het was bijna het voortijdige einde geweest van de christelijke altrockgroep Luxury.
Inmiddels zijn drie van de bandleden oosters-orthodoxe priesters (in de VS of all places) en een vierde een gerespecteerd maker van muziek-documentaires met een veelgeprezen film over Sacred Harp onder zijn gordel. Matt Hinton is inmiddels bezig geld in te zamelen voor een filmproject over zijn voormalige bandje.
Tori Amos was in de jaren negentig op de toppen van haar kunnen. Denk Kate Bush, maar dan rauwer en meer bij de tijd.
Masturbatie, getreiterd worden op school, verkrachting, ontmoetingen met de duivel na het drinken van psychedelische thee*: alles kwam langs.
Onlangs heeft ze haar eerste twee solo-albums opnieuw uitgegeven, in een luxe uitvoering met veel bonusmateriaal. Die zijn nog altijd de moeite van het beluisteren waard.
Twee dagen geleden kon ik de verleiding nog weerstaan om iets volstrekt mafs uit Korea te posten. Deze keer is dat niet gelukt. Kijkt u naar een clipje van boyband Block B, dat zowel muzikaal als visueel de meeste omschrijvingen tart. Als altijd bij kpop wel een dikke plus voor de art direction.
Vijftien jaar na Tourist komt Saint Germain met een nieuw album. Vooruitlopend op de release in oktober zette hij bovenstaand nummer alvast online. Het klinkt vertrouwd eclectisch.
Wees gerust, u krijgt niet het nummer van Psy, maar een Duitse reggae artiest, die in werkelijkheid Tilmann Otto heet. Hoewel zijn werk pas een paar jaar oud is, klinkt het enigszins gedateerd – zo klassiek is de invulling die Gentleman aan de reggae geeft, inclusief sociale boodschap.
Laat u niet bedotten door het vrolijke deuntje en de maffe video. Bonnie ‘Prince’ Billy’s ‘I see a Darkness’ is een mistroostig lied over de kanten van onszelf die we liever niet laten zien.
Well, you’re my friend, and can you see?
Many times, we’ve been out drinking;
Many times we shared our thoughts.
But did you ever, ever notice, the kind of thoughts I got?
Well, you know I have a love; a love for everyone I know.
And you know I have a drive, to live I won’t let go.
But can you see its opposition, comes rising up sometimes?
That its dreadful imposition, comes blacking in my mind?And then I see a darkness…