Zoekresultaten voor

'craig morris'

Foto: Eric Heupel (cc)

Duitsland, de aluminiummagneet

Tekst: Craig Morris; Vertaling: Krispijn Beek; Foto: Eigenberg Fotografie

Update: de Nederlandse aluminium smelter Aldel maakt dit jaar een doorstart met een directe aansluiting op het Duitse elektriciteitsnetwerk. En het lijkt erop alsof het Verenigd Koninkrijk ook jaloers is op de elektriciteitsprijzen voor de grootste industriële energieverbruikers.

Aldel (Eigenberg Fotografie)ACHTERGROND – Vandaag heb ik oud nieuws voor je, maar het is niet zo breed bekend. In 2013 schreef ik over de plannen van de Nederlandse aluminiumsmelter Aldel om faillissement aan te vragen als het geen directe aansluiting kreeg op het Duitse elektriciteitsnetwerk (Nederlandse elektriciteit is duurder). Kort daarna vroeg het bedrijf inderdaad faillissement aan.

Maar hier eindigt het verhaal niet. In november kondigde het bedrijf aan dat de directe aansluiting op het Duitse netwerk dit jaar gereed zal komen en dat het bedrijf op dat moment een doorstart wil maken. (Update: het lijkt erop dat het bedrijf begin maart inderdaad doorgestart is. De directe lijn is toegezegd, maar nog niet gereed. Zie dit artikel.)

In februari schreef Reuters dat de Duitse aluminium producent Trimet een in problemen verkerende concurrent in Frankrijk over had genomen. Het artikel wijst er op dat de aluminium sector in een aantal landen in moeilijkheden verkeerd, maar Duitsland behoort niet tot deze landen.

Zorgen over zonsverduistering laaien op

De Telegraaf, de NOS en Trouw besteedde deze week aandacht aan de gedeeltelijke zonsverduistering die op 20 maart dit jaar plaats vind. De basis hiervoor is het persbericht van Tennet. De reactie van Craig Morris op de Nederlandse berichtgeving: ‘Onzin’. Tijd dus om ook het nieuwste artikel dat Craig Morris onlanks schreef voor Renewables International over dit onderwerp te vertalen voor Sargasso.

Entso-e, de organisatie van Europese netwerkbeheerders, heeft een paper gepubliceerd waarin ze de impact van de komende gedeeltelijke zonsverduistering op de productie van zonne-energie in de EU onderzoeken.

Op 20 maart zal Europa getuige zijn van een gedeeltelijke zonsverduistering, de eerste sinds het continent zoveel capaciteit aan zonelektrisch vermogen heeft geïnstalleerd. Ik schreef al eerder over het onderwerp hier en hier. De grote vraag is of het elektriciteitsnetwerk in staat zal zijn om met zo’n snelle verandering in zonelektrisch vermogen om te gaan. Het korte antwoord is ja, maar het lange antwoord is dat het een ruige rit kan gaan worden – of een volstrekt oninteressante dag als het bewolkt is.

Entso-e heeft z’n eigen overzicht voor Europa gepubliceerd (PDF). Hoewel het duidelijk geschreven is voor ingenieurs (de organisatie wil netwerkbeheerders helpen bij de voorbereiding voor de gebeurtenis), is het stuk nog steeds interessant om te lezen voor het algemene publiek, deels omdat het zoveel cijfers bevat. Tsjechië lijkt bijvoorbeeld een klein beetje minder te hebben op 28 maart dan eind 2013 had, en de cijfers voor Nederland zijn wilde gok (zie de tabel op bladzijde 5).

In de herhaling: de Duitse eclips

ACHTERGROND - De Telegraaf, de NOS en Trouw besteedde deze week aandacht aan de gedeeltelijke zonsverduistering die op 20 maart dit jaar plaats vind. De basis hiervoor is het persbericht van Tennet. De reactie van Craig Morris op deze berichtgeving: ‘Onzin’. Tijd dus om een tweetal artikelen die Craig Morris vorig jaar al schreef voor Renewables International over dit onderwerp te vertalen voor Sargasso. Vandaag de tweede, het eerste artikel vind je hier.

De Duitse professor in duurzame energie Volker Quashning heeft zijn studenten onderzoek laten doen naar de wijze waarop de energiesector de eclips van 20 maart behandelt. Er worden geen echte problemen verwacht, maar we hebben nu een mooie video die laat zien hoe de gebeurtenis zal plaatsvinden. Vooral gascentrales zijn daarbij belangrijk.

Eerder schreef ik al over de gedeeltelijke zonsverduistering van 20 maart 2015 in relatie tot het Duitse elektriciteitsnetwerk. De gebeurtenis kreeg in Duitsland algemene bekendheid toen ook Der Spiegel schreef dat netwerkbeheerders zich zorgen maken. Mijn initiële analyse was dat het opvoeren en afbouwen van de hoeveelheid zonelektrisch vermogen aan de top zit van wat al geregeld gedaan wordt, maar dat het niet exceptioneel is. Zeker niet als 20 maart een bewolkte dag wordt.

Inmiddels heeft Professor Volker Quashning, die sommige zich mogelijk herinneren van dit interview of zijn oproep voor 200 GW PV in Duitsland, met zijn studenten een visualisatie van de eclips gemaakt.

Het einde van Desertec?

Afgelopen jaren haalde het Desertec project meermalen de pers. Het doel was om zonne-energie vanuit Afrika via speciale hoogspanningskabels naar Europa te exporteren. Afgelopen week werd de stekker uit het Desertec Industry Initiative (Dii) getrokken, dit is het consortium dat achter Desertec zat. Volgens Craig Morris had Desertec nooit het doel om elektriciteit vanuit Afrika naar Europa te exporteren, maar wil Desertec Noord-Afrika van hernieuwbare energie voorzien.

Daarnaast was er Dii een krimpend gezelschap van industriële bedrijven dat elektriciteit wilde exporteren. Dat gezelschap bestaat na deze week uit nog slechts 3 bedrijven. Desertec zelf gaat gewoon door. Deze maand heeft de Wereldbank  509 miljoen USD aan financiering toegezegd voor een 350 MW Concentrated Solar Power project in Morokko.

Foto: (cc)

Duits feed-in systeem is geen subsidie en niet royaal

OPINIE - Het Duitse systeem van terugleververgoedingen voor lokale elektriciteitsproducenten is geen marktverstorende subsidie. Integendeel.

In een verder goed geschreven en informatief artikel over de recente beslissing van het Europese Hof van Justitie over het beleid voor duurzame energie, herhaalt Energy Post de ongefundeerde stelling dat Duitsland geniet van een genereus subsidiesysteem.

Dit is onjuist – en het is belangrijk om ons dit te realiseren: het Duitse systeem van terugleververgoedingen (feed-in-tarieven voor – onder meer – leveringen van lokaal opgewekte elektriciteit aan het algemene stroomnet) is voordelig voor kleine bedrijven en coöperaties.

Nu wil de Europese Unie het systeem van terugleververgoedingen afschaffen, ogenschijnlijk vanwege de hoge kosten, maar in werkelijkheid staat vrijheid op het spel.

Voor veel Duitsers is het een raadsel waarom energie-experts in de EU het succes van de Duitse terugleververgoeding niet alleen weigeren te erkennen, maar ook niet in staat blijken het systeem correct te beschrijven.

De reden? Energie-experts buiten Duitsland denken dat de energietransitie moet worden geregeld door netwerkbedrijven en energieleveranciers, waardoor de Duitse bottom up-beweging een bedreiging vormt in plaats van een oplossing.

Energiecoöperaties hebben geen significante lobbygroep in Brussel. De eerste lobbygroep voor Duitse energiecoöperaties, is in november opgericht onder de paraplu van de DGRV (Deutscher Genossenschafts- und Raiffeisenverband) en werkt vooralsnog in Duitsland. De pers spreekt daardoor hoofdzakelijk met experts van grote bedrijven die door de energietransitie kunnen worden geraakt.

Foto: Günter Hentschel (cc)

Angst… dat de Duitse Energiewende zal slagen

Het Instituut of Energy Research (IER) stelt dat angst een belangrijke drijfveer is voor de Duitse ‘Energiewende’. Een energietransitie die, zo wordt verder beweerd, gedoemd is te falen in het reduceren van CO2-emissies indien geen gebruik zal worden gemaakt van kernenergie en schaliegas. Craig Morris stelt echter dat het erop lijkt dat sommige critici zelf bang zijn; bang dat de Duitsers hun energietransitie voor elkaar krijgen zonder inzet van schaliegas of kernenergie.

Het IER schrijft in zijn commentaar Germany’s Angst Over Hydraulic Fracturing and Emissions Targets:

[…] if Germany does insist on meeting its own CO2 goals, banning hydraulic fracturing would close the country off to a source of relatively low-emission energy and make meeting its stated targets more difficult.

Er valt niks weinig af te dingen op die zin, maar veel meer op stellingen elders – te beginnen met de titel.

Beschuldigingen van Duitse angst ploppen op zoals in het spel Whack-A-Mole. Ze zijn gemakkelijk te weerleggen, zeker als we rekening houden met de reactie van andere landen op nucleaire incidenten.

Zorgen over de risico’s van kernenergie speelden een hoofdrol in het Duitse debat na het ongeluk in Tsjernobyl in 1986, toen Duitse ambtenaren het publiek waarschuwden voor de risico’s. In reactie daarop implementeerde Duitsland haar eerste uitfasering van kernenergie – zestien jaar later, in 2002. De regering die de uitfasering implementeerde trad aan in 1998 en besteedde vier jaar aan het plannen en uitonderhandelen van de details van de uitfasering met experts en eigenaren van kerncentrales. Zo’n tijdsplanning klinkt eerder als professioneel, dan als paniekvoetbal.

Duitse energiebedrijven willen 7,9 GW aan conventionele elektriciteitscentrales sluiten

ANALYSE - Ben je op zoek naar een woord voor galgje in het Duits? Probeer “Kraftwerksstillegungsanzeigenliste”, dat is de lijst met (conventionele) elektriciteitscentrales waarvoor een sluitingsverzoek is ingediend. In juli stonden er 49 centrales op deze lijst met een totale productiecapaciteit van 7.900 megawatt.

Als je de critici van windenergie mag geloven zijn windturbines niet alleen vogelgehaktmolens, maar zijn ze ook niet volledig in staat om conventionele elektriciteitscentrales te vervangen. Deze blijven nodig als backup, voor als de wind niet waait.

Maar als je, zoals Duitsland doet, veel windturbines plaatst in combinatie met zonne-energie en biomassa dan vervang je op een gegeven moment blijkbaar toch volledige conventionele elektriciteitscentrales. Volgens de officiële lijstvanconventioneleelektriciteitscentraleswaareensluitingsverzoekvoorisingediend (fraai resultaat van verlengingen in het Duits!), zouden Duitse energiebedrijven 49 centrales willen sluiten met een totale capaciteit van 7,9 GW. De Bundesnetzagentur, die de verzoeken moet beoordelen om de betrouwbaarheid van het net te garanderen alvorens zijn goedkeuring te verlenen, heeft tot nu toe slechts 246 MW laten sluiten. Dat lijkt niet veel, maar Duitsland heeft al 10 kerncentrales volledig vervangen met hernieuwbare energie, met nog 9 te gaan tot 2020.

De nieuwe Kraftwerksstilllegungsanzeigenliste (afgekort tot KWSAL om op kleine schermpjes te passen) toont dat het aantal kolencentrales, gasturbines, oliegestookte elektriciteitscentrales en pompcentrales dat te weinig draait om winstgevend te blijven inmiddels ruwweg 7% van de conventionele capaciteit bedraagt. De conventionele capaciteit wordt op basis van de Kraftwerksliste (geen afkorting) geschat op 107 GW.

Wat is de rol voor kolen in de Duitse energietransitie?

ANALYSE - Bouwt Duitsland kolencentrales om haar kerncentrales te vervangen? En als Duitsland zijn CO2-doelstellingen wil halen, hebben deze kolencentrales dan toekomst? Begin juni is een studie gepubliceerd die deze onderwerpen onderzoekt en de uitkomsten zijn in lijn met een beoordeling van Deutsche Bank later die maand.

In een nieuwe studie van de Böll Foundation getiteld German Coal Conundrum (het Duitse kolen raadsel) heb ik samen met mijn collegas Arne Jungjohann en Thomas Gerke (die regelmatige lezers van Renewables International al kennen) onderzocht wat de rol is van kolencentrales in de Duitse energietransitie. We hebben een historisch perspectief gekozen, waarbij we hebben onderzocht waarom intelligente topmannen uit het bedrijfsleven het afgelopen decennium zoveel kolencentrales hebben gepland; onze aanname was dat het om slimme mensen gaat die hiervoor goede redenen gehad moeten hebben.

Vandaag de dag kennen we allemaal de uitkomsten, een dramatisch grote overcapaciteit ondanks de onverwachte sluiting van zo’n 8 GW aan kerncentrales in 2011. De energiebedrijven zelf geven inmiddels ook toe dat ze de situatie verkeerd hebben ingeschat. Het historisch perspectief is bedoeld om te begrijpen welke markt- en beleidsprikkels er voor zorgen dat zulke slimme mensen het verkeerde pad kiezen, zodat in de toekomst dergelijke misleidende signalen voorkomen kunnen worden. Het is niet de bedoeling om deze mensen af te kraken.

Foto: nispi2002 (cc)

Hoe staat het met de Duitse de-industrialisatie?

ACHTERGROND - De voorspelde negatieve gevolgen van de Duitse energietransitie op de industrie blijven uit.

Naar verwachting worden de nieuwe amendementen op de Duitse duurzame energiewet in augustus van kracht. Een van de doelen van deze wijzigingen is om een belangrijk – maar niet-bestaand – bijeffect van de Duitse energietransitie aan te pakken: industrie die het land uit wordt gejaagd. Nieuwe cijfers van Deutsche Bank tonen hoe erg de Duitse industrie ‘lijdt’.

Zoals iedereen weet is een van de belangrijkste doelstellingen van de Duitse energietransitie om de economie te ruïneren. Dat is althans het beeld dat ik krijg bij het lezen van internationale rapporten. Afgaande op de laatste data van Deutsche Bank (pdf) behaalt de energietransitie deze doelstelling echter niet.

‘Capaciteitsbenutting is momenteel hoog,’ schrijven de analisten van Deutsche Bank in hun rapport en ze voegen er aan toe dat ze verwachten dat de reële industriële productie in Duitsland in 2014 met 4% zal groeien. De export naar West-Europa stijgt, maar de wereldwijde groei blijft achter. Dat zorgt ervoor dat de inflatie laag blijft op 1,1% in de eerste helft van 2014, ondanks de ‘goede arbeidsmarktsituatie’.

Deutsche Bank

Bron: Deutsche Bank

Vergeleken met andere landen in de Eurozone heeft Duitsland (op Ierland na) de hoogste verwachte economische groei, een lage inflatie en als enige begrotingsevenwicht (Luxemburg heeft dat ook, maar is niet weergegeven).

Foto: Michaela (cc)

Duitse export van elektriciteit waardevoller dan import

ANALYSE - De elektriciteit die Duitsland in 2013 exporteerde was 6,3% duurder per MWh dan de elektriciteit die het land importeerde. De realiteit is dus precies tegenovergesteld aan het veelgehoorde verhaal dat Duitsland haar overschot aan duurzame elektriciteit tegen dumpprijzen verkoopt in omliggende landen.

Vooral voor Frankrijk is de situatie ongunstig; de Duitse elektriciteit die wordt geïmporteerd is 24,4% duurder dan de elektriciteit die Frankrijk naar Duitsland exporteert.

Trek dus maar 2,8 miljard Euro af van de kosten van de Energiewende in 2013. Dit bedrag verdiende Duitsland dat jaar met de export van energie.

De algemene aanname is dat Duitsland haar overtollig geproduceerde duurzame elektriciteit (een gevolg van ‘onberekenbare’ wind- en zonne-energie) dumpt in omliggende landen. Dit zou dan betekenen dat de elektriciteit die Duitsland exporteert minder waard moet zijn dan de waarde van de elektriciteit die Duitsland – naar wordt aangenomen op zon- of windloze dagen – importeert.

Dat lijkt een logische conclusie, maar als we naar de data kijken, ontstaat een heel ander verhaal.

Zo zijn in Frankrijk de stroomprijzen vaak flink negatiever dan in Duitsland. (Negatieve stroomprijzen worden berekend wanneer, met name in daluren, veel overtollige energie op het elektriciteitsnet wordt gedumpt – bijvoorbeeld door een teveel aan wind of zon, maar ook door de relatief hoge kosten van het naar beneden schakelen van conventionele kern- of kolencentrales.)

Vorige