Interview: kinderpornofilter laat maker buiten schot

Dat kinderporno verwerpelijk is en bestreden moet worden, daar is vrijwel iedereen het over eens. Een paar weken terug stelde Eurocommissaris Cecilia Malmström voor om landelijke filters in te voeren en daarmee dus het internet te censureren. De Tweede Kamer zag daar ook wel wat in. Jan-Jaap Oerlemans (24 UvA) publiceerde deze week zijn scriptie over de bestrijding van kinderporno op internet en heeft zich zeer over de plannen verbaasd. ‘In plaats van dat de mensen opgepakt en vervolgd worden die dit materiaal gemaakt of geplaatst hebben, worden vooral de downloaders vervolgd’. Een interview over Lolita’s, censuur en opsporingsdiensten die hun eigen Aanwijzingen niet opvolgen (lees de scriptie hier).

Waarom heb je voor dit onderwerp gekozen?

Kinderpornografie is iets dat mensen bijna overal ter wereld moreel verwerpelijk vinden. Bij de productie van kinderpornografie worden kinderen misbruikt en door het internet kunnen de afbeeldingen of filmpjes tientallen jaren op het internet rondzwerven. Dit is schadelijk voor het kind en dat is dan ook de belangrijkste reden dat kinderpornografie strafbaar is gesteld. Ook ik ben natuurlijk van mening dat kinderpornografie zo goed mogelijk bestreden moet worden. In mijn scriptie staat dan ook de vraag centraal hoe kinderpornografie op internet het beste bestreden kan worden.

In de afgelopen 10 à 20 jaar is de strafbaarstelling voor kinderpornografie enorm uitgebreid en de maximumstraf voor kinderpornografie is van maximaal 3 maanden verhoogd naar maximaal 8 jaar gevangenisstraf. Ondanks deze maatregelen groeit het aanbod van kinderpornografie op internet en wordt het materiaal naar verluidt steeds extremer. Dat ervaar ik als een probleem en ik vond het interessant uit te zoeken hoe kinderpornografie op internet wordt bestreden.

Wat is je gaande het onderzoek het meeste opgevallen, waarover heb je je het meest verwonderd?

Tijdens mijn onderzoek ontdekte ik dat er een hele onderwereld van kinderpornografie op internet bestaat. Het materiaal dat uitgewisseld wordt is weerzinwekkend. Denk aan peuters die door volwassenen worden verkracht en dergelijke. Maar in plaats van dat de mensen opgepakt en vervolgd worden die dit materiaal gemaakt of geplaatst hebben worden de vooral de downloaders vervolgd. Daarbij wordt dan na beperkt digitaal onderzoek de zaak naar de rechter gebracht en krijgt de bezitter een taakstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf. Deze praktijk vond ik onbegrijpelijk en ik wilde weten waarom dit het geval was.

Het verhaal gaat dat Nederland een belangrijk doorvoer- en productieland is voor kinderporno. Klopt dat beeld? En zo nee, wat is dan wel een belangrijke bron?

Men kon in de jaren zestig en zeventig objectief stellen dat Nederland een belangrijk doorvoer en productieland was voor kinderpornografie door onze liberale wetgeving in die tijd. In blaadjes als ‘Lolita’ stonden seksplaatjes met naakte tieners die vrij verhandeld mochten worden. Overigens zijn die plaatjes nog steeds als scan op het internet te vinden. In de jaren tachtig is onder maatschappelijke druk en politieke druk uit onder andere Amerika harder opgetreden tegen kinderpornografie en in die tijd is ook het artikel dat kinderpornografie strafbaar stelt sterk aangescherpt. Dat heeft wel zijn vruchten afgeworpen en ik denk dat ook niet dat Nederland nog steeds een belangrijk doorvoer- en productieland is voor kinderporno.

Er wordt gezegd dat op dit moment veel kinderpornografie wordt geproduceerd in Oost-Europese landen. Zo lijkt de Russische maffia zich onder andere bezig te houden met de commerciële productie van kinderpornografie. Verder wordt nog steeds de meeste kinderporno geproduceerd in een ‘huishoudelijke context’. Het gaat hier bijvoorbeeld om pedofielen die opnames maken van hun misbruik en het materiaal vervolgens verhandelen voor ander kinderpornografisch materiaal.

Je zegt dat het huidige opsporingsbeleid zich teveel op ‘gewone downloaders’ richt en te weinig op de makers en verspreiders van kinderporno. Waarom trek je die conclusie? En hoe komt dat?

Ik heb alle jurisprudentie vanaf 2000 over kinderpornografie geanalyseerd en daaruit blijkt dat er in de laatste jaren een sterke toename is van het aantal vervolgingen specifiek gericht op de bezitters van kinderpornografie. De meeste vervolgingen zien op ‘slechts’ het bezit van kinderpornografie en verder niets. Uit ander onderzoek blijkt hetzelfde.

Naar mijn mening is het niet goed om vooral te focussen op de bezitters van kinderpornografie, omdat het juist de verspreiders en vervaardigers van kinderpornografie zijn die nieuw materiaal (waarbij opnieuw kinderen zijn misbruikt) op de markt brengen. Ik vind dat de focus op deze mensen moet liggen, zodat het onderliggende kindermisbruik gestopt kan worden. Het is namelijk niet zo dat alle bezitters van kinderpornografie ook pedofielen zijn en daadwerkelijk kinderen misbruiken. Sommige doen dat wel, maar niet allemaal.

Ik denk niet dat bezitters helemaal niet meer vervolgd moeten worden (er gaat denk ik een preventieve werking van uit), maar er zou meer doorgerechercheerd moeten worden. Het is dan ook een goede zaak dat als er aanwijzingen van zijn van kindermisbruik er bij bezitters van kinderpornografie op dit moment altijd doorgerechercheerd wordt. Maar als tijdens een opsporingsonderzoek duidelijk wordt dat het alleen sprake is van bezit van kinderpornografie zou naar mijn mening de zaak geseponeerd moeten worden en de focus verlegd moeten worden op de verspreiders en vervaardigers van kinderpornografie.

Je zou een vergelijking kunnen maken met de aanpak van piraterij op internet. Men pakt niet de individuele downloaders op, maar de belangenorganisaties focussen zich op de distributeurs van materiaal. Simpelweg omdat dit beleid effectiever is.

De reden dat er vooral bezitters vervolgd worden is dat dit veel gemakkelijker is. Verspreiders en vervaardigers van internet kunnen zich overal in de wereld bevinden en door slim van gebruik van anonimiseringstechnieken (zoals proxyservers), versleutelingstechnieken (zoals het programma Pretty Good Privacy) en jurisdictieverschillen in landen is het voor opsporingsdiensten lastig deze mensen op te sporen en te vervolgen. Toch denk ik dat dit niet onmogelijk is en in mijn scriptie probeer ik uiteen te zetten hoe dit toch kan. Dat betekent dat wellicht minder zaken met dezelfde capaciteit kunnen worden afgehandeld, maar volgens mij is het beleid wel effectiever. Ik geloof niet dat met een taakstraf van 240 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor het bezit van kinderpornografie effect heeft op de handel in kinderpornografie. De centrale doelstelling van de strafbaarstelling van kinderpornografie is het beschermen van kinderen. In de officiële Richtlijn en Aanwijzing Kinderpornografie voor het Openbaar Ministerie staat ook dat er meer prioriteit moet worden gegeven aan de verspreiders en in nog grotere mate vervaardigers van kinderpornografie. Met een focus op bezitters wordt kinderpornografie naar mijn mening op de verkeerde manier bestreden.

Kun je aangeven waarom (landelijk) filteren volgens jou niet helpt?

Het filteren gebeurt op dit moment door middel van het blokkeren van domeinnamen waar naar verluidt kinderpornografie is op te vinden. Kinderpornogebruikers downloaden of bekijken het materiaal niet alleen via websites, maar maken ook in veel gebruik van peer-to-peer netwerken, virtuele harde schijven, darknets (besloten peer-to-peer netwerken), etc. Het grootste deel van de handel van kinderporno loopt naar verluidt via peer-to-peer netwerken. Het blokkeren van websites is daardoor weinig effectief.

Bovendien brengt het filteren van internet door domeinnamen te blokkeren relatief voor ‘overblocking’ met zich mee. Er wordt ook legale content geblokkeerd en dat is een vorm van censuur. Daar ben ik uiteraard op tegen. Een leuk voorbeeld van ‘overblocking’ door een filter dat ik zelf heb meegemaakt is het volgende. Iedere medewerker en student op de Universiteit Leiden heeft de mogelijkheid een eigen weblog te starten. Begin deze maand wilde ik met mijn eigen blog starten (http://oerlemansblog.weblog.leidenuniv.nl/) en daar wilde ik mijn scriptie en samenvatting op plaatsen. Toen ik mijn tekst had geschreven en geheel wilde uploaden werd dit tegengehouden, omdat het woord ‘porno’ werd geblokkeerd. Dat is toch idioot?! Gelukkig is het woord nu wel van de zwarte lijst gehaald, zodat ik binnenkort toch met mijn blog kan starten en het een en ander over kinderporno en cybercrime schrijven. Het gevaar van overblocking (en dus censuur) moet dus niet onderschat worden.

In 2008 hebben vooraanstaande wetenschappers een gedegen onderzoek uitgevoerd over filteren op internet. Hierbij werd uitgegaan van de situatie dat bepaalde domeinnamen op een door het KLPD aangeleverde lijst werden geblokkeerd door internet service providers (ISP’s). De onderzoekers constateerden dat deze gang van zaken ineffectief was en bovendien in strijd was met het censuurverbod. Dit was zo, omdat het in opdracht gebeurde van een overheidsinstantie. Als ‘oplossing’ hebben zij dan voorgesteld via een beding in de algemene voorwaarden van een internet service provider het filteren door te voeren. Maar zoals gezegd komen vooral op andere manieren aan het materiaal dan via websites. De vraag is of we het dan tóch willen doorvoeren en legale content willen laten blokkeren door ISP’s.

Wat is volgens jou een alternatief?

Naar mijn mening is het beter om te filteren via zogenaamde ‘hashwaarden’. Er wordt dan een soort code aan een afbeelding of filmpje met kinderporno gegeven en als het desbetreffende plaatje of filmpje in het internetverkeer via een ISP langs komt kan de ISP dit blokkeren. Zo weet je zeker dat er alleen kinderpornografie geblokkeerd wordt en bovendien werkt het de methode ook bij peer-to-peer netwerken. Helaas is hier wel op af te dingen dat door één pixel te veranderen in een plaatje het plaatje niet meer herkend en dus niet meer geblokkeerd wordt. Het is lastig in te schatten of kinderpornogebruikers de moeite nemen dit te doen. In elk geval wordt er geen legale content door geblokkeerd en kan de techniek ook verkeer van peer-to-peer netwerken tegenhouden. Daarom beschouw ik dit als een beter alternatief dan het filteren met domeinnamen.

Dit is na het voorgaande wellicht een open deur: wat dacht je toen je de plannen voor verplichte landelijke filters van Eurocommissaris Malmström hoorde en het daaropvolgende debat over het filteren in de Tweede Kamer (waar een grote meerderheid zich achter de filterplannen schaarde)?

Ik vind het frappant. Het onderzoek naar filteren van kinderporno op internet was duidelijk. De methode is ineffectief en de praktijk waarbij een lijst met websites door het KLPD werd aangeleverd was zelfs onrechtmatig en in strijd met onze grondrechten. Nu doen ze precies hetzelfde, maar wordt de lijst door het Meldpunt Kinderporno samengesteld. Verschillende wetenschappers hebben gewezen op het gevaar van censuur en waarom zou je zo vergaande maatregelen nemen als het toch geen zin heeft? Bovendien hebben de filterpraktijken in Australië uitgewezen dat er inderdaad ook veel legale content wordt geblokkeerd. Als reactie hierop heeft een aantal hackers ambtenaren overladen met porno. Iets dat ik zelf wel een ludieke actie vond. Maar even serieus, ik begrijp niet dat het filteren door middel van blacklisting overwogen wordt na alle reacties en de ervaring in Australië. Ik denk dat de tijd en moeite veel beter gebruikt kan worden voor het opsporen van verspreiders en vervaardigers van kinderpornografie.

Welke aanbeveling(en) zou je een nieuw kabinet willen meegeven?

Een daadwerkelijke focusverschuiving van de bezitter naar de verspreiders en vervaardigers van kinderpornografie kost meer capaciteit, omdat er doorgerechercheerd moet worden en meer middelen worden ingezet. De capaciteit moet dus worden uitgebreid. Het gevolg is wel dat er minder zaken worden afgehandeld. Politiek Den Haag zou over de daling van het aantal zaken geen moord en brand over moeten schreeuwen, maar rationeel naar het probleem moeten kijken en de noodzakelijke maatregelen nemen om een effectiever beleid te bewerkstelligen. Als er één onderwerp het is waar iedereen het over eens kan worden lijkt mij het wel dat kinderporno zo effectief mogelijk moet worden aangepakt. Als daar meer geld voor nodig is, dan zou dat er moeten komen.

De intensiviseringsprogramma’s Cybercrime moeten door blijven gaan om het kennisniveau bij de politie en het OM over cybercrime bij te spijkeren. Daarnaast zou kinderpornografie niet meer op regionaal niveau opgepakt moeten worden. Kinderpornografie op internet is een (technisch) complex probleem met een internationale dimensie dat naar mijn mening bij het Landelijk Parket van het OM ondergebracht moet worden. Bijzondere opsporingsbevoegdheden op internet zouden wellicht vaker ingezet kunnen worden en als er sprake is van een netwerk van kinderpornogebruikers kan men vaker gebruik maken van het feit dat de bevoegdheden sneller ingezet kunnen worden bij opsporing binnen georganiseerde verbanden. Als de toekomstige regering dat nodig vindt zou ook het hacken als opsporingsbevoegdheid door een wetswijziging mogelijk gemaakt kunnen worden.

Tenslotte zou de regering nog eens kritisch moeten nadenken of het filtreren van internet wel een goed idee is. Als het niet effectief is en een gerede kans van censuur met zich mee brengt is het wellicht beter er helemaal niet mee te beginnen.

  1. 1

    Mmmmhhh niet echt heel wetenschappelijk. Heel veel “ik vind…” i.p.v. “uit … blijkt dat…” of desnoods: “… komt het beeld naar voren dat …”. Ik vind ook wat, maar waarom zouden we speciaal naar deze kerel moeten luisteren? Neem bijvoorbeeld deze zin over Nederland als doorvoerland:

    “Dat heeft wel zijn vruchten afgeworpen en ik denk dat ook niet dat Nederland nog steeds een belangrijk doorvoer- en productieland is voor kinderporno.”

    Ik denk? Ik denk? Leuke historische bespiegeling daarvoor, maar als het erom gaat, dan is het ‘ik denk’. Daarnaast nog een ander klein puntje: is’ie nu van de UvA of uit Leiden? Niet dat dat er erg toe doet, maar welke discipline is dan weer wel relevant. Rechten? Criminologie? Sociologie of Gedragswetenschappen? Waarom voegt dit wat toe aan de discussie, anders dan dat het een interview is met iemand die toevallig de Sargasso-mening onderschrijft.

    Ik weet dat wetenschap niet absoluut is -en dat vraag ik ook niet- maar dit verhaal komt een beetje soft en slecht onderbouwd over. Of gaat het altijd zo in alpha-land?

  2. 2

    Er moet geen filter komen om welke informatie dan ook weg te halen. Dit is tegen de rechten van de mens. Het is contraproductief gebleken om kinderporno te verbieden, maar er is geen weg terug, doordat de kinderporno is verboden is er een behoefte aan ontstaan, een behoefte die er vroeger niet was. Tenslotte wie gaat er kijken naar plaatjes van blote kinderen? Maar toen het verboden werd is de kinderporno een aantrekkelijke en begeerlijke curiositeit geworden, er werd veel voor betaald om het te mogen zien, doordat er voor betaald moest worden werd het handel. Doordat er handel in kwam ontstond er een industrie. Omdat er een pornoindustrie is gekomen zijn er veel en veel meer slachtoffers gekomen dan in de afgelopen paar duizend jaar Rooms Katholieke kerk bij elkaar.
    Er is geen weg meer terug. Het kwaad is geschied. Kinderporno zal nu altijd een zeer profijtelijke handel blijven voor gewetenloze schurken. Misschien is er een mogelijkheid om het probleem in te dammen door de perverse oude mannetjes die zich verlustigen aan blote foto’s te behandelen, maar dat kan alleen als men weet wie interesse heeft, dus wie die rommel download. Als het achter een filter gaat, dan gaat de kinderporno-industrie met versleuteling werken, dan komt het nooit meer boven water wie er interesse heeft, dan wordt het onmogelijk om deze zieke mensen te behandelen. Zouden die schoften die de kinderporno tot een grote zakelijke markt hebben verheven weten wat zij hebben aangericht?

  3. 5

    @1, het is een Q and A n.a.v. zijn scriptie (die overigens met een negen is beloond en speciale vermelding kreeg op NJ Blog). Hij spreekt dus wat meer uit de losse pols.
    Waarom we naar hem moeten luisteren? Simpelweg omdat het een zeer actuele discussie betreft en hij een historische ontwikkeling schetst en heeft blootgelegd dat opsporingsdiensten hun eigen aanwijzingen niet opvolgen. Het leek mij een zinnige toevoeging aan het debat, ook al is hij geen professor.

  4. 6

    @5 Daar twijfel ik ook niet aan, maar ik ben wel benieuwd waar het allemaal uit blijkt. Is het zo dat Nederland geen doorvoer land is? Wat waren zijn bronnen? Hoe is’ie te werk gegaan? Dat is wel interessant om te weten. En nogmaals: in welk kader is het afstuderen gedaan?

    Dit interview had ook als vehikel voor andere informatiebronnen kunnen dienen. Nu leest het als een mening van “maar” een afstudeerder. (ik chargeer het een beetje; het lijkt inderdaad alsof’ie het wel allemaal op een rijtje heeft).

  5. 7

    Ik heb zojuist de scriptie snel gelezen, en daar natuurlijk nog niet heel diep over nagedacht. Eerste indruk is wel dat het nogal wat open deuren bevat. Dat je zoiets als kinderporno aan de bron moet aanpakken omdat een filter überhaupt niet werkt (niet kàn werken) en ook de kinderen niet helpt, moet daar werkelijk nog iemand van overtuigd worden? Oh ja, het schijnt van wel gezien de plannen van zekere politici…

    Een opmerking in de kantlijn wil ik nog maken. Wat ik jammer vindt aan de scriptie is de wijze waarop bepaalde technische (aan ICT gerelateerde) zaken worden beschreven. Daar verzandt de schrijver hier en daar in slecht begrepen lekenuitleg met veel verkeerd toegepaste terminologie.

    Een voorbeeld: “Het TCP/IP protocol is het ‘adresseringssysteem’ voor het internet. Het Internetprotocol bestaat uit vier combinaties van cijfers die variëren van 0 tot 225. IP-adressen bestaan uit twee delen, een netwerknummer en een ‘host-nummer’ (computernummer). Het netwerknummer is uniek en identificeert een computernetwerk dat vastzit aan het internet en het host-nummer is een uniek nummer dat de computer op het netwerk identificeert. Dit is vergelijkbaar met een telefoonnummer dat bestaat uit een ‘zone-nummer’ en een ‘locaal nummer’.

    Bovenstaande is gewoon wartaal. IPv4-adressen bestaan helemaal niet uit twee delen. En ik zou hier nu wel iets kunnen uitleggen over netmasks en CIDR, maar dat gaat te ver denk ik. Punt is: als ICT’er krijg ik er heel kromme tenen van als ik tegen een dergelijke tekst aanloop. Hier weet iemand duidelijk niet wat-ie schrijft, denk ik dan. En voor mij persoonlijk betekent dat nog niet direct dat ik de rest van het verhaal dan ook niet meer serieus neem, maar ik kan me voorstellen dat het voor anderen wel zo werkt.

  6. 9

    Zou het ermee te maken hebben dat er in bepaalde kringen die invloed op wetgeving en vervolging hebben inderdaad pedofiele praktijken bestaan? Of is dat te veel conspiracy theory?

  7. 10

    *neemt voor het gemak vd discussie aan dat het percentage pedofielen in de wetgevende macht gelijk is aan het percentage in de populatie *

  8. 13

    Open deur: De negen is vooral verdiend met de handige uitleg waar het te vinden is en hoe je eraan kunt komen zonder dat je gepakt wordt.

    Tegelijkertijd vergoeilijkt het mogelijk het bezit ervan, maw. laat de bezitter met rust.

    Dit is alleen mogelijk door nog iets ergers voor te spiegelen; de makers in andere delen van de wereld zoals in het doodenge oost-europa maar vooral niet in Nederland.

    Ik blijf sceptisch. Hoeveel mensen weten er nou helemaal met al die ingewikkelde termen om te gaan? Daar moet je al behoorlijk voor doorgestudeerd hebben lijkt mij?

    “Toen ik mijn tekst had geschreven en geheel wilde uploaden werd dit tegengehouden, omdat het woord ‘porno’ werd geblokkeerd. Dat is toch idioot?! Gelukkig is het woord nu wel van de zwarte lijst gehaald, zodat ik binnenkort toch met mijn blog kan starten en het een en ander over kinderporno en cybercrime schrijven. Het gevaar van overblocking (en dus censuur) moet dus niet onderschat worden.”

    Overblocking? Als het kinderporno betreft kan er niet genoeg en niet snel genoeg geblokt worden. Het probleem is het risico dat degene die aan de knoppen zit deze voor de verkeerde doeleinden gebruiken.

    Je moet het namelijk allebei doen. EN achter de daders aan, EN achter de bezitters aan. De bezitters zijn immers degenen die deze markt in stand houden en en al dan niet via de URLs gevangen worden in het snode web der pedofiele computer hackers.

    Bovendien zijn het juist de bezitters waar je als eerste moet gaan kijken om sporen te vinden die naar de criminelen leiden; de eerste plek om een huiszoeking te doen dus en all harde schijven in beslag te nemen en te onderzoeken op sporen.

  9. 14

    @1,6 – heeft niet door dat de scriptie op internet staat en snapt het verschil tussen interview en scriptie niet. Maar trekt wel meteen iemand anders’ kwaliteit in twijfel. Tsssss.
    @7 – is ICT-er, weet dat scriptie downloaden net zoiets is als een manual downloaden. Denkt dat alles wat op internet gezet wordt, een scriptie over kinderporno bijvoorbeeld, voor ICTers bedoelt is. Tssss.

  10. 15

    De VS hanteren dit beleid voor alcohol voor minderjarigen, drugs, K-porn:

    Pak de consument aan EN creeer constante paniek in de bevolking/mediasfeer -> de producent verdwijnt uit beeld.

    En wat krijg je dan ?
    Gezonde soldaten. Gezonde harde werkers. Chr./Bijbelse normen en waarden.

  11. 16

    Zeg, Dr. Banner, als je mijn #7 goed had gelezen dan had je niet met een “Tssss” gereageerd.

    Het punt dat ik maakte, en dat ik speciaal voor jou misschien nog eens extra moet benadrukken, is dat wanneer je afstudeert aan een instituut voor wetenschappelijk onderwijs en een scriptie aflevert, je er wel voor moet zorgen dat wat je in je scriptie schrijft klopt. Als de afstudeerder in kwestie baarlijke nonsens had geschreven over, zeg eens wat, biologie, dan zou dat óók de geloofwaardigheid hebben aangetast. Ook al heeft het onderwerp met biologie niet veel te maken.

    We hebben het hier over wetenschap, daar mag je hoge eisen aan stellen. Dat je geen onzin opschrijft in een scriptie lijkt me dan wel het minste.

  12. 17

    @4: Ook ik ben ervan overtuigd dat de discussie over het invoeren van een filter veroorzaakt wordt door lobbyisten van de muziek- en filmindustrie.

    Kinderporno is natuurlijk een makkelijke verkooptruc om een filter verplicht te maken, elke tegenstander van het filter is dan “voor kinderporno”. Als een dergelijk filter eenmaal is ingevoerd, dan is het blokkeren van auteursrechtelijk materiaal de eerstvolgende stap, waarna het omzeilen van het filter strafbaar wordt of ten minste de aandacht van het OM moet trekken.

    Los van dit 1983-achtige toekomstbeeld, ligt het voor de hand dat de verspreiding van dit materiaal vervolgens via versleutelde verbindingen gaat, bijvoorbeeld via het Tor netwerk (http://en.wikipedia.org/wiki/Tor_%28anonymity_network%29). Het resultaat is dat ISP’s kapitalen moeten uitgeven aan apparatuur dat alleen het onversleutelde internetverkeer kan bekijken, waarin vervolgens niets te vinden is.

    De enige oplossing daartegen is het verbieden (en/of volledig blokkeren) van al het versleuteld verkeer, maar daarmee maak je vpn verkeer, internetbankieren, webmail, … bijzonder onveilig.

    Daarnaast is een reeds uitgerold filter een zeer handige tool voor het moment dat er een minder democratisch gekozen regering komt. Ik hoop dat, als het ooit zover komt, we nog even de tijd hebben voordat een degelijk internetfilter echt effectief is.

  13. 20

    Filters tegen de zon, sigarettenrook, spam en virussen, ziektekiemen en bacterien. Een filter op tv, een filter op uw uitlaat en een filterkapje voor uw mond. Filters om deze aarde heen, filters om roestend ijzer, filter om uw gebroken been, filters om elk tcp/ip pakketje.

  14. 21

    Lieve Dr. Banner, inderdaad. Daarom schreef ik al in mijn #7 dat het een opmerking in de zijlijn betrof. En dat ik mijn oordeel over de rest van het verhaal er niet van af zou laten hangen.

    Dus waar ageer je nu eigenlijk tegen?

    Verder is het nog maar de vraag of het wel zo’n bijzaak ìs. De hele scriptie gaat over kinderporno op internet, over de (in)effectiviteit en (on)wenselijkheid van filters. Als je er dan blijk van geeft niet precies te begrijpen hoe het internet werkt, of dat althans niet te kunnen uitleggen, dan doe je de rest van je verhaal naar mijn mening tekort.

    In een wetenschappelijke scriptie hoort geen onzin te staan, ook niet als “bijzaak”. Laat dan liever dat soort passages achterwege. En daar laat ik het bij.