Democratie in tijden van Crisis

Deze post is vooral een kapstok voor een discussie. Gisteren presenteerde de Raad van State haar jaarverslag. En dan is het tegenwoordig traditie dat de baas van de Raad van State, in dit geval Tjeenk Willink, uithaalt naar de Staat, Overheid en Politiek. Het klopt niet en het is in gevaar en zo nog wat.
Ook dit jaar weer, nu met nog meer urgentie vanwege de crisis. Ook geeft hij aan dat de overheid door haar marktdenken de burger teveel als klant is gaan zien. En dat bleek dus niet te werken.
Leest u vooral zelf zijn stukje en de verslagen van de persconferentie.

Persoonlijk struikelde ik over deze zin van Tjeenk Willink:
Een goed functionerende markt heeft, wil zij duurzaam zijn, het tegenwicht nodig van een krachtige staat. Een krachtige staat heeft, wil hij democratisch zijn, zelfbewuste burgers nodig en een krachtige burgersamenleving.

Het eerste stuk ondersteun ik wel. Maar lees ik vervolgens, vrij vertaald, dat de burgers nodig zijn om een krachtige staat te maken. Daarbij is de Staat een gegeven en zijn de burgers instrumenten. En in mijn ogen is dat verkeerd om. De burgers zijn een gegeven en de Staat is een instrument. Doordat de Staat zichzelf als gegeven is gaan zien, verliest zij uit het oog dat zij er alleen maar is omdat de burgers vinden dat het een aardige manier is om de wereld om hun heen te ordenen. De Staat gaat daardoor steeds meer redeneren vanuit het zelfbehoud van de Staat i.p.v. de veranderende behoeften van burgers.

Recent kwam ik een Amerikaanse quote tegen die dit gevoel ook goed verwoordt:
We the People’ Have Unalienable Rights – We Grant Government Limited Privileges – NOT the Other Way Around

En dat geeft, weliswaar met een Amerikaanse insteek, goed aan waar de crux zit. Wij zijn niet langer de macht, maar krijgen “ruimte” en moeten “helpen”.
Niet heel nieuw overigens, maar met veel wetten gaat het de laatste jaren wel steeds meer die kant op.

  1. 1

    Ik denk juist dat de RvS nadruk wil leggen op de gedachte dat de burgers invulling moeten geven aan democratie; zonder input van de burger middels het uitoefenen van stemrecht, het uitoefenen van druk middels pressiegroepen ed is “democratie” een wassen neus. Op burgers rust mi de verantwoordelijkheid om haar democratische rechten te ontplooien om zo de democratische idee te verwezenlijken. Als iedereen te druk is om zich te bemoeien met de samenleving en de inrichting daarvan, kunnen we net zo goed een dictator aanwijzen, toch?
    In dit kader ben ik wel benieuwd wat er gebeurt als de opkomst voor de 2e kamer-verkiezingen extreem laag is…is er dan nog sprake van democratische legitimatie?

  2. 2

    @Steeph:

    Er staat niet dat een krachtige staat afhankelijk is van zijn burgers. Er staat dat de democratie afhankelijk is van zijn burgers. Een staat is niet per definitie democratisch. Verder zou ik graag een sluitende definitie willen zien van een goed functionerende markt.

  3. 3

    ook ik struikel totaal niet over deze zinsnede, het lijkt me inderdaad zinvol dat de burgers niet slechts klagen, maar handelen.

    neem het burgerinitiatief, daar zat men werkelijk te wachten op invulling.
    kortom: ja, je mag echt verwachten dat mensen in de huidige samenleving iets doen, de politiek is er (in mijn ervaring) op ingericht daar iets mee te doen, maar neem initiatief.

    minder klagen, meer doen, ik zie het positief in.

  4. 4

    Ik ben van mening dat de crisis, nu aan het begin van de 21ste eeuw, de democratie daterend uit de 19de ter discussie stelt.

    Ook dit stuk staat vol met idealen, over hoe de verhouding zou moeten zijn. In een crisis als deze heb ik niets aan idealen. Praktische oplossingen zijn nodig.

    Burgers strikt zien als klanten en consumenten is het resultaat van een doorgeslagen markt-idealisme van eind 20ste eeuw. Politici die in dit idealisme geloofde zijn door een meerderheid van de bevolking aan de macht geholpen en zie het resultaat. De ideologische kritiek die nu op komt is inhoudelijk dan wel het tegenovergestelde, maar in vorm net zulke onzin. Veranderen van de democratische verhoudingen biedt ten eerste geen oplossing (waarom wel, waarom zou (de meerdeheid van) de burgers nu ineens wel weten wat er moet gebeuren) en brengt ten tweede het gevaar met zich mee dat we ook daarin weer gaan doorslaan.

    Laten we de ideologische onzin nu gewoon achter wegen laten, dan kunnen we net zo goed aan religie gaan doen en slechts 1 eis stellen en dat is dat we goed bestuurd worden. Misschien verlost dat ons uit de houdgreep van het vastgeroeste systeem waarin we ons bevinden.

  5. 5

    Er zijn 4 krachten in de samenleving
    – de burgers, op vele manieren georganiseerd en zich uitend in o.a de pers en media
    – de marktpartijen
    – de overheid
    – externe beinvloeders, zoals buitenlanden, waaronder sommige grote mogendheden en islamitische landen, en multinationals, zoals Shell

    De overheid zou het algemeen belang moeten dienen. De balans tussen belangen moeten zoeken, identificeren en transparant moeten afwegen.

    Maar de overheid bestaat uit zich dom gedragende en beinvloedbare ambtenaren en bestuurders.
    De markt partijen hebben in ons land verreweg de meeste beinvloedingkracht.

    Er kunnen best veel publieke diensten door marktpartijen worden uitgevoerd.
    Maar juist de overheid die het algemeen belang dient, moet daar wijs in besturen, en effectieve condities scheppen.
    Zeker als duidelijk is dat de marktpartijen de markt vervalsen.
    De energie markt is een helder voorbeeld. Zonnestroom en windstroom zijn gratis. Toch worden kolen centrale exploitanten voorgetrokken.
    Auto’s vergen jaarlijks 18.000 vermijdbare doden, toch doet onze overheid daar vrijwel niets tegen.
    Beide marketen zijn dan ook voorbeelden van heel dominante martkpartijen.
    Dus voorbeelden waar het algemeen belang effectieve voorwaarden moet creeren of anders opleggen.

    Omdat de overheid nu zijn werk niet goed doet, zie die 18.000 doden, zou er een wet kunnen komen, die bestuurders of (politieke) partijen die hier duidelijk tegen het algemeen belang handelen,verboden moet worden hier in onze samenleving invloed te hebben,of te acteren, gekozen te worden of handel te drijven.

    Dit lijkt vreemd voor Nederlanders. Maar is in het buitenland heel gewoon.

    Voorbeelden:
    – Het Duitse feed-in systeem.
    – De plicht voor energiebedrijven om in 2020 20% duurzame energie op te wekken, in Belgie, Engeland en de VS.
    – De EURO 3, 4, 5, en 6 normen voor uitstoot van auto’s
    – De plicht vor autofabrikanten om in 2015 (oid) een pakket auto’s te verkopen dat gemiddeld een CO2 uitstoot heeft van minder dan 100gr per km, en 50 gr in 2020
    – De plicht om in 2000 10% EV te verkopen

    – de plicht om op kieslijsten een evenredige hoeveelheid kandidaten te hebben met een beta achtergrond.
    – De plicht om in de kamer een evenredige verdeling van beta mensen na te streven

    daarmee worden veel belangrijke problemen waar het algemeen belang voor staat, beter begrepen dan nu, met 2 beat mensen in de kamer.
    In de samenleving zijn er gemiddeld 50% mensen met een beta achtergrond.

  6. 7

    Allemaal goede insteek.

    Maar wil ik eens een schatting maken van het aantal items dat hier goed is geregeld, en dringende die verbetering behoeven, en structurele die verbetering behoeven ?

    200 duizend, 10 duizend, 200.