De Jihadist is het gevolg van de Europese malaise

Bij Nader Inzien is een blog waar zo’n 23 academische filosofen op publiceren. Deze bijdrage is van Eric Schliesser, hoogleraar Filosofie en Ethiek te Gent.

Volgens de EU zijn er tenminste 6000 Europese jonge mannen naar Syrië getrokken die zich bij Jihadistische groepen hebben aangesloten (het werkelijke aantal wordt veel hoger vermoed). Gezien het feit dat een aantal van hen naar Europa zijn teruggekeerd om lokale terreuraanslagen te plegen, worden terug te keren jihadisten door de EU nu gezien als een bedreiging van de veiligheid (zie hier).

In reactie daarop proberen overheden nu preventief te voorkomen dat deze mensen afreizen uit Europa (in weerwil van het basisrecht op vrije personenverkeer), zelfs als het een nobel motief betreft om te vechten tegen dictatuur aldaar.

Mijn collega, Marieke de Goede, heeft een aantal andere aspecten van dit preventief beleid beschreven in haar boek (2012) Speculative Security: The Politics of Pursuing Terrorist Monies, en dit beleid in breder perspectief geplaatst. Een opvallende bevinding van De Goede is hoe groot inmiddels de verplichtte, wettelijke rol van privé-partijen (zoals banken en financiële instellingen) in het toezicht op en rapportage van mogelijke verdachte terroristische transacties is geworden.

Onlangs, tijdens een congres dat door Prof. De Goede georganiseerd werd (“European Security Practices After 9/11”), leerde ik dat in veel Europese landen er nu wetgeving in de maak is (of reeds is doorgevoerd) dat soortgelijk toezicht en rapportage van artsen, leraren, advocaten, hoogleraren, en zelfs ouders (enz.) vereist danwel probeert deze partijen uit het maatschappelijk middenveld te betrekken in vrijwillige begeleiding en, indien nodig, rapportage van ‘potentiële’ jihadi.

Afgezien van de vragen die bij de lange-termijn-effectiviteit en consequenties van dergelijke tactieken gesteld kunnen worden (het kan immers belemmeringen voor het vertrouwen van en openheid in hele delen van het maatschappelijk middenveld creëren), kunnen we stellen dat het hele idee van een civic society hiermee achtergelaten wordt als deze volledig gecoöpteerd is door de politie en het veiligheidsdiensten van de overheid. Een andere collega, Beste Isleyen, merkte terecht op dat een dergelijk beleid ook de aard van vrijheid in Westerse Democratieën zal doen veranderen.

Er zijn twee niet-triviale, politieke lacunes in discussies over het huidige Europees anti-terreurbeleid. Ten eerste doen de meeste Europese regeringen, politici, media en andere openbare figuren geen enkele moeite om alle burgers in het openbare leven in principe te erkennen. Met erkenning bedoel ik de klassiek Hegeliaanse gedachte, die ook bij Adam Smith is te vinden, de ander als een autonome en vrije persoon te zien en behandelen (zie hier voor een goede beschrijving die ook de psychologische voordelen hiervan benadrukt). Het is symptomatisch dat de traditionele, grote Europese partijen openlijk, op nationaal of Europees niveau, niet om de stemmen van de tweede en derde generatie immigranten als evenwaardige, mede burgers strijden; tussen de verkiezingen behandelen de regeringen, politici en de media deze populaties zelden als onderdeel van een gezamenlijke gemeenschap.

Integendeel, behalve als ze als problemen besproken worden, worden deze populaties niet als creatieve en ondernemende participanten gezien; er is op dit moment geen openbaar discours dat iedere burger van de EU als individu aanspreekt en veronderstelt dat die met respect behandeld moet worden.

Integendeel, deze populaties worden vooral als een cultureel vreemde ‘ander’ behandeld, behalve natuurlijk wanneer er geëist wordt dat een recente terroristische aanval veroordeeld moet worden (zie hier). De grondtoon is vooral neerbuigend en belerend (voor een bespreking van een voorbeeld zie hier). Het zou dus geen verrassing moeten zijn dat jihadisten worden gerekruteerd uit vervreemde leden van de samenleving (zie hier). Dat wil zeggen, de Europese staten, en de EU, zijn niet eenheden in de minimale zin vereist voor politieke overleving op lange termijn (of binnenlandse vrede). Hoewel er een heleboel andere manieren zijn om vervreemding te voorkomen, is alleen erkenning de enige manier dit probleem direct aan te pakken. Natuurlijk is het intrinsieke punt van dergelijke erkenning niet terrorisme-preventie, maar het kan een nuttig neveneffect zijn.

Ten tweede, en in het verlengde van de eerste lacune, weigeren Europese regeringen en bevolkingen het bestaan ​​van jihadisten te behandelen als een (metaforische) motie van wantrouwen tegen onze maatschappij; dat wil zeggen, wij weigeren te erkennen dat we als liberale samenlevingen* er niet in slagen om op ideologisch niveau een aantal van onze eigen burgers te overtuigen.

In plaats van de Europese, gewelddadige Islam als de oorzaak van onze problemen te behandelen, moeten we dit Jihadisme beginnen te zien als een van de effecten van onze maatschappij. (Hier bedoel ik niet te verwijzen naar ons neokoloniaal beleid in Noord-Afrika en het Midden-Oosten, noch onze rol in het bewapenen van verschillende groepen/landen, noch onze rol in het Israëlisch-Palestijnse conflict (enz.), hoewel deze ongetwijfeld een factor in de vervreemding kunnen zijn.) In plaats daarvan moeten we in elke Europese Jihadi een afwijzing van een liberale visie op de toekomst zien.

Een cynicus zou kunnen zeggen, welke liberale visie op de toekomst?*

Maar dat is juist mijn punt. De Europese Jihadisten zijn een uitdrukking van een veel bredere Europese malaise. Deze malaise is institutioneel, moreel – zoals de vluchtelingen crisis dagelijks toont -, en economisch (met trage groei, structurele werkloosheid, voortslepende eurozone-crisis, enz.) Maar het onderliggende probleem is dat er geen gemeenschappelijk goed is waaruit een affectief, inspirerende erkenning van elke burger van de EU mogelijk is. De conservatief in mij is niet tegen doormodderen, en ik heb een argwaan tegen politieke profeten, maar er is nu nood in Europa aan een nieuw idealisme dat ons tot eenheid zou kunnen smeden.**

* Met ‘liberaal’ bedoel ik hier te verwijzen naar de parlementaire democratieën van West Europa.

** Ik dank Sarah de Lange voor discussie.

Dit is een licht aangepaste vertaling van een essay dat ik eerder bij Digressionsnimpressions heb gepubliceerd.

  1. 2

    Een stuk dat meteen in het begin lachwekkende taalfouten bevat als “terug te keren Jihadisten” en ” preventief voorkomen” kan ik helaas ook inhoudelijk niet meer serieus nemen. Is dit het academische niveau? Genant.

  2. 3

    Als de theorie in dit artikel correct is, dan betekent dat de Europese jihadisten een andere reden hebben om jihadist te worden dan de jihadisten in het Midden-Oosten. Want de jihadisten in het Midden-Oosten leven niet in de “liberale” Europese landen met regeringen voornamelijk geleid door niet-moslims. De landen in het Midden-Oosten hebben grote islamitische meerderheden. De jihadisten in Midden-Oosten raken dus niet vervreemd door een bevolking of overheid die hun als “vreemd” beschouwd omdat ze moslim zijn.

    Mijn punt is: Hoe weet je dat de Europese jihadisten een andere motief hebben dan de jihadisten uit het Midden-Oosten?

    Het artikel begint met de opmerking dat veel Europese mensen naar Syrië en Irak gaan om mee te vechten met de jihadisten. En dat wordt als enige bewijs gegeven voor de theorie. Echter, een andere conclusie met dezelfde “bewijs” kan zijn dat Europese moslims dezelfde redenen hebben om jihadist te worden als de jihadisten in het Midden-Oosten en dat de Europese landen met hun instituten of maatschappelijk dominante mentaliteit dit niet voorkomen hebben.

    Samengevat: Het is speculatie.

    De propaganda van de jihadisten legt de nadruk op het bestaan van ongelovigen; het bestaan van ketters (sjiieten); de ongelovigheid van de Europese en Amerikaanse landen; toekomstige paradijs en de eis uit de Koran / Hadith / traditie over een kalifaat.

    De Europese jihadisten zijn vervreemd, omdat ze een aantal leerstellingen hebben aangenomen uit een specifieke interpretatie van de islam en dan zien dat deze denkbeelden niet overeenkomen met de echte situatie in de Europese landen.

  3. 4

    De Europese jihadisten zijn vervreemd, omdat ze een aantal leerstellingen hebben aangenomen uit een specifieke interpretatie van de islam…

    @3 Volgens Schliesser gaat daar dus iets aan vooraf, en dat is dat jihadisten (doorgaans kinderen en kleinkinderen van Pakistaanse, Marokkaanse en Algerijnse immigranten) niet aarden in de Europese samenlevingen (die hen dan ook afwijzen: het liberalisme en de Franse gedachte van gelijkheid, vrijheid en broederschap zijn kennelijk niet afdoende om ook werkelijke maatschappelijke binding te bewerkstelligen).

    Als Marokkaanse adolescent val je in de regel buiten de boot, ben je een maatschappelijke loser (achterstandmilieu, opleidingsniveau) en word je niet als volwaardig lid van de samenleving gezien.

    Wanneer men dat politiek vertaalt en zoekt naar een ideologisch kader dat dit verschijnsel niet enkel verklaart, maar er ook gemakkelijke oplossing voor biedt, dan dient de jihadistische islam zich aan als verleidelijk alternatief voor een postmoderne, invidualistische levensinvulling.

    Kom naar Syrië en Irak om te strijden voor de islam en avontuur en glorie zullen je deel worden! Je plaatsje in de geschiedenis is verzekerd en genoeg wijven om te neuken! Werp de illusies van de Westerse mogendheden (kafirs) toch af, die houden de moslimwereld slechts onder de hiel van hun imperialisme, en draag je steentje bij aan de wereldwijde heropleving van de islam! Het kalifaat zal overwinnen, broeva, haro!

    Nou ja, en dan gaan dit soort jongens aan de hand van youtube-video’s, internetsamenzweringstheorieën en een salafistische en qutbistische interpretatie van koran en hadieth hun beeld van ‘de islam’ bijstellen. Gewone moslims, dat zijn maar sukkels. Zelfs de zwartekousenpredikers die niet meegaan in deze voorstelling van de jihad zijn maar slappe hansworsten en water-en-melkmoslims.

    In feite verschilt dat niet zoveel van jongens en meisjes die erop uittrokken om in Spanje te gaan vechten tegen het facisme in naam van het communisme; of van Tanja Nijmeijer, die naar Colombia vertrok om te gaan vechten met de FARC, en zich daar verder liet indoctrineren.

  4. 5

    Ik zie niets nobels in het vervangen van de dictatuur van Assad met de minstens net zo wrede dictatuur van IS, die zonder pardon hele stammen uitmoorden die niets met Assad te maken hebben, maar simpelweg omdat ze een ander geloof aanhangen.

    Het Jihadisme heeft verder niets met Europa te maken, de radicale Islam in heel de wereld is uitstekend in staat hun hun Jihad zelf te organiseren, inclusief het rekruteren van terroristen in Europa. Dat het niet lukt om dat rekruteren te stoppen heeft enerzijds te maken met de grote en diep ingewortelde organisatie van de (radicale) Islam in Europa en anderzijds met onze liberale gedachtes over vrijheid, religie en privacy. Niet voor niets dat het in het midden oosten zo vaak uitdraait op een Assad achtig regime, geweld kan soms helaas alleen met geweld in toom gehouden worden.

  5. 6

    Een erg typische benadering, er worden vage termen gebruikt die geen concrete betekenis hebben en er wordt vervolgens geclaimd dat het niet vervullen van deze termen de reden van iets is, waarna de ander dit niet kan ontkennen omdat de term vaag en grotendeels nietszeggend is.

    Er zijn twee niet-triviale, politieke lacunes in discussies over het huidige Europees anti-terreurbeleid. Ten eerste doen de meeste Europese regeringen, politici, media en andere openbare figuren geen enkele moeite om alle burgers in het openbare leven in principe te erkennen. Met erkenning bedoel ik de klassiek Hegeliaanse gedachte, die ook bij Adam Smith is te vinden, de ander als een autonome en vrije persoon te zien en behandelen (zie hier voor een goede beschrijving die ook de psychologische voordelen hiervan benadrukt). Het is symptomatisch dat de traditionele, grote Europese partijen openlijk, op nationaal of Europees niveau, niet om de stemmen van de tweede en derde generatie immigranten als evenwaardige, mede burgers strijden; tussen de verkiezingen behandelen de regeringen, politici en de media deze populaties zelden als onderdeel van een gezamenlijke gemeenschap.

    Wat verstaat de schrijver onder “populaties erkennen als onderdeel van een gezamenlijke gemeenschap”? Moet de Islam onbesproken blijven omdat het bespreken van de Islam niet gemeenschappelijk genoeg is? Moeten de uitkeringen nog hoger? Moeten we terug naar de pre-fortuyn jaren met het absolute taboe op het benoemen van van de massa immigratie? Oftewel, er wordt hier helemaal niks duidelijk gemaakt.

    Om ook maar even een filosoof erbij te slepen, Wittgenstein heeft vrij goed duidelijk gemaakt dat dit soort taalgebruik los van de realiteit staat, het geeft enkel sentiment door.

    Integendeel, behalve als ze als problemen besproken worden, worden deze populaties niet als creatieve en ondernemende participanten gezien; er is op dit moment geen openbaar discours dat iedere burger van de EU als individu aanspreekt en veronderstelt dat die met respect behandeld moet worden.

    Hier opnieuw de debat techniek van het verzinnen van een begrip waarbij totaal niet duidelijk is wat de concrete inhoud van het begrip in kwestie is. Wat verstaat de schrijver onder “het zien van populaties als creatieve en ondernemende participanten?”. Het enigste wat hieruit op te maken is, is sentiment, het sentiment dat alle makke met moslims de schuld van een EU die ze niet nog meer op hun wenken en bedient, en het ontbreken van een nog sterker taboe op het benoemen van problemen.

    Integendeel, deze populaties worden vooral als een cultureel vreemde ‘ander’ behandeld, behalve natuurlijk wanneer er geëist wordt dat een recente terroristische aanval veroordeeld moet worden (zie hier). De grondtoon is vooral neerbuigend en belerend (voor een bespreking van een voorbeeld zie hier). Het zou dus geen verrassing moeten zijn dat jihadisten worden gerekruteerd uit vervreemde leden van de samenleving (zie hier). Dat wil zeggen, de Europese staten, en de EU, zijn niet eenheden in de minimale zin vereist voor politieke overleving op lange termijn (of binnenlandse vrede). Hoewel er een heleboel andere manieren zijn om vervreemding te voorkomen, is alleen erkenning de enige manier dit probleem direct aan te pakken. Natuurlijk is het intrinsieke punt van dergelijke erkenning niet terrorisme-preventie, maar het kan een nuttig neveneffect zijn.

    Hier wordt voorbijgegaan aan het feit dat islam een cultuurvreemde ideologie is. Je kan niet, een linksig liberalisme uitdragen en tegelijkertijd de tegenstelling hiervan met de islam negeren. Het is inderdaad geen verassing dat Jihadisten onder moslims worden gerekruteerd, niet om vage interpretaties van begrippen als “vervreemding”, maar omdat de Jihad nou eenmaal islamitisch is. En ja, als een moslim het liefste ongelovigen met een kromzwaard te lijf gaat dan kan een moslim zich best vervreemd voelen van mensen die hier weinig mee op te hebben. De schrijver geeft aan deze vervreemding echter een ziekelijke draai die het slachtofferschap volledig omdraait.

    De schrijver laat de islam buiten beschouwing, en komt vervolgens met een nietszeggende aanpak als “erkenning van vervreemding”. Wat er hier vooral op neer blijkt te komen dat de islam, en moslims boven iedere kritiek geplaatst moeten worden, anders zijn ze namelijk niet “volwaardig”.

    In plaats van de Europese, gewelddadige Islam als de oorzaak van onze problemen te behandelen, moeten we dit Jihadisme beginnen te zien als een van de effecten van onze maatschappij.

    Waarom ligt de oorzaak bij het niet-islamitische deel van onze maatschappij, in plaats van bij het deel van de maatschappij dat er een geloof op nahoud waartoe de jihad behoort? Het is niet dat de jihad iets nieuws is, of voorbehouden is aan moslims uit west-Europa.

    Als de jihad de schuld is van de Nederlanders, dan is het de schuld van de Nederlanders die de grenzen hebben geopend voor de massa-immigratie, het deel van de Nederlanders waartoe de schrijver behoort en het deel van de Nederlanders dat nooit, maar dan ook nooit verantwoordelijkheid heeft genomen voor de effecten hiervan.

    @4

    Als Marokkaanse adolescent val je in de regel buiten de boot, ben je een maatschappelijke loser (achterstandmilieu, opleidingsniveau) en word je niet als volwaardig lid van de samenleving gezien.

    Wanneer men dat politiek vertaalt en zoekt naar een ideologisch kader dat dit verschijnsel niet enkel verklaart, maar er ook gemakkelijke oplossing voor biedt, dan dient de jihadistische islam zich aan als verleidelijk alternatief voor een postmoderne, invidualistische levensinvulling.

    Naar mijn weten is “de samenleving” geen club met iets als volwaardig lidmaatschap, de samenleving is simpelweg de benoeming van het feit dat een aantal mensen op een bepaalde plek woont. Ja, er zijn mensen met een lage opleiding en weinig rijkdom, maar dat maakt van een mens nog geen genocidale barbaar die voor eer, glorie, geloof en lol meedoet aan een genocide. Vele Jihadisten komen trouwens uit de middenklasse. En zou dit dan ook voor de nazi’s opgaan, waren dat allemaal zielige vervreemde jongens die door onbegrepenheid een wanhoopsdaad begonnen? Is dit hetzelfde met Breivik?

    Alles om de islam maar niet te hoeven te benoemen, alles om maar geen paal en perk hoeven te stellen aan de invloed en uitbreiding ervan. Als je dat werkelijk als oplossing ziet, dan mag je Saudi-Arabië, of welke plek dan ook waar de islam zijn gang kan gaan, als voorbeeld stellen.

  6. 7

    @6:

    Wat verstaat de schrijver onder “populaties erkennen als onderdeel van een gezamenlijke gemeenschap”?

    Wat er in ieder geval niet onder valt, is het voortdurend in een verdomhoekje plaatsen van hele groepen mensen, zoals ene geblondeerde Geert doet.
    Zijn opstelling zal voor velen een (laatste) aanzet tot het radicaliseren, c.q. Is strijder worden zijn.

  7. 8

    @7
    Als je doelbewust ervoor kiest om mee te doen aan een genocide, en de islam van ISIS onderschrijft, dan ligt dat echt niet aan Wilders.

    Als je moslims ziet als tikkende tijdbommen die bij een afkeuring van de islam naar een kromzwaard grijpen, wat jij hier nu doet, dan ga je zonder het zelf te beseffen nog veel verder dan Wilders.

  8. 9

    @Thallman
    Het begon bij jou als een interessant stukje tegen ‘vaagtaal’, maar het lijkt toch eerder het frame: “zie je wel, we moeten allemaal maar wegkijken van de islam. We moeten moslims boven alle kritiek plaatsen”.

    Wat verstaat de schrijver onder “populaties erkennen als onderdeel van een gezamenlijke gemeenschap”? Moet de Islam onbesproken blijven omdat het bespreken van de Islam niet gemeenschappelijk genoeg is? Moeten de uitkeringen nog hoger? Moeten we terug naar de pre-fortuyn jaren met het absolute taboe op het benoemen van van de massa immigratie?

    Ik ga alleen de eerste vraag beantwoorden, de vragen daaropvolgend zijn speculatieve what-if hersenspinsels van jouw kant.

    ‘Populaties erkennen als onderdeel van een gezamenlijke gemeenschap’ wil betekenen dat Marokkaanse/Turkse/islamitische Nederlanders vooraleerst als Nederlanders behandeld worden. Dat hun gebruikswijzen hun niet ontzegd worden omdat die vreemd zijn voor ‘ons’: ‘zij’ horen immers ook bij ‘ons’. (Dat sluit niet uit dat er wel andere redenen zijn om hun hun gebruikswijzen te ontzeggen!)

    Ook is duidelijk dat je gevolg en oorzaak omdraait:

    Als een moslim het liefste ongelovigen met een kromzwaard te lijf gaat dan kan een moslim zich best vervreemd voelen van mensen die hier weinig mee op te hebben.

    Dat je de schrijver vervolgens beschuldigt van ‘een ziekelijke draai van het slachtofferschap’ is veelzeggend.

    Je probeert alles te wijten aan de islam in het algemeen. #0 laat -inderdaad- deze frame expres buiten beschouwing, omdat hij een ander perspectief op gewelddadige jihadis wil bieden. Eén waarvan hij vindt dat die meer potentie heeft om het probleem op te lossen.

  9. 10

    @Prediker: Als Marokkaanse adolescent val je in de regel buiten de boot, ben je een maatschappelijke loser (achterstandsmilieu, opleidingsniveau) en word je niet als volwaardig lid van de samenleving gezien.
    Het grote probleem is de opvoeding. Wie opgevoed wordt als prinsje** en wie dan vervolgens in een maatschappij moet functioneren waar men niet als prins wordt behandeld, dan komt er frustratie.

    Het gaat om reëel verwachtingsmanagement. Ook genoeg autochtonen komen uit achterstandsmilieus. Hoe blijven die in het algemeen weg van terrorisme? Ik denk dat het komt door een reëler verwachtingsmanagement tijdens de opvoeding.

    ** http://marcialuyten.nl/2005/10/01/marokkaans-opvoedingsdrama-ontkenning-onmacht-en-verdriet-tss-en-waterstof-2006/