De verslagenen

RECENSIE - De Vrede van Versailles uit 1919 staat niet bepaald bekend als een diplomatiek succes. Jarenlang beschouwde men dit ‘dictaat’ (de verliezers waren slechts na afloop welkom, om hun handtekening te zetten) als de voornaamste oorzaak voor de Tweede Wereldoorlog, die twintig jaar later uitbrak. De immens zware herstelbetalingen opgelegd aan Duitsland zouden de nazi’s de wind in de zeilen hebben gegeven.

Die verklaring wordt nauwelijks nog serieus genomen. De opgelegde betalingen bestonden grotendeels alleen op papier, de bedragen werden al vrij snel (ruim vóór de opkomst van Hitler) behoorlijk teruggeschroefd, en opeenvolgende Duitse regeringen hebben bovendien vrijwel niets betaald. Natuurlijk, de vernedering bleef, en die werd door de nazi’s vakkundig benut. Maar ‘Versailles’ is geen afdoende verklaring.

Gewelddadigste plek op aarde

En toch is de vrede schuldig. Zoals Robert Gerwarth in zijn boek ‘De verslagenen’ duidelijk maakt, was het niet zozeer Versailles, maar waren het vooral de andere vredesverdragen, getekend in de schaduw van het grote verdrag (de vredes van Saint-German, Trianon, Neuilly en Sèvres), die een veel grotere impact hadden op de toekomst van Europa.

Juist die verdragen leidden direct na 1918 tot nieuwe oorlogen en conflicten, die alles bij elkaar ruim vier jaar aanhielden en waarbij nog eens vier miljoen slachtoffers vielen. ‘Sinds de dertigjarige oorlog van de zeventiende eeuw,’ aldus Robert Gerwarth, ‘was er in Europa geen reeks samenhangende oorlogen en burgeroorlogen geweest die zo embryonaal en dodelijk was als die in de jaren na 1917-1918.

Tussen het officiële einde van de Eerste Wereldoorlog en het verdrag van Lausanne in juli 1923 was het ‘naoorlogse’ Europa dan ook de gewelddadigste plek op aarde.’ Er waren oorlogen tussen Oekraïne (korte tijd zelfstandig) en Polen; tussen Serven en Bulgaren, Hongaren en Roemenen, Grieken en Turken. Er waren burgeroorlogen met barbaarse pogroms en massamoorden in Rusland, Midden-Europa en op de Balkan. En dan waren er nog de communistische staatsgrepen in Hongarije en Beieren; de opkomst van het fascisme in Italië en de gewelddadige geboorte van het moderne Turkije.

Het zijn grotendeels vergeten conflicten. De wereld wilde er niet veel van weten; men snakte in 1918 immers naar vrede. Churchill sprak van ‘pygmeeënoorlogen’. Maar zoals Garwerth opmerkt: juist die wrede conflicten uit de eerste jaren ná de Wereldoorlog zijn ‘nog steeds sterk aanwezig in het collectieve geheugen van Oost-, Centraal en Zuid-Europa.’ De loopgraven van 14/18 zijn voltooid verleden tijd; de wreedheden van die eerste ‘vredesjaren’ zijn de grieven van nu.

Territoriale reorganisatie

‘De verslagenen’ heet dit uitstekende boek. Met de ondertitel ‘Waarom de Eerste wereldoorlog nooit is opgehouden.’ Beide zijn eigenlijk misleidend. Dit boek gaat niet alleen over de verslagen Centrale Mogendheden en hun bondgenoten. Ook landen die aan Geallieerde zijde meestreden en dus als overwinnaars uit de strijd kwamen, zoals Italië, Roemenië en Griekenland, werden na het officiële einde van de oorlog geconfronteerd met burgeroorlogen en oorlogen. En nooit opgehouden? ook al duurde de Eerste Wereldoorlog dan misschien geen vier maar acht jaar, ze hield een keer op. Halverwege 1923 daalde er een gespannen vrede over het continent.

Waaróm ging de strijd nog zo lang door? Gerwarth stipt in zijn inleiding twee oorzaken aan: de opkomst (en export) van het communisme en het uiteenvallen van continentale rijken waardoor er een ‘territoriale reorganisatie’ moest plaatsvinden. Die reorganisatie, zoals het opsplitsen van het ter ziele gegane Oostenrijk-Hongaarse keizerrijk, was op zich al een onmogelijke taak. De volkeren die van elkaar gescheiden moesten worden, leefden immers vaak kriskras door elkaar. Maar voordat dát probleem aangepakt kon worden, zorgde de Amerikaanse president Wilson al voor een enorme, fatale verwarring.

De Verenigde Staten waren de Geallieerden te hulp gesneld ‘to make the world safe for democracy’. President Wilson verkondigde dat de uiteindelijke vrede niet alleen en eind moest maken aan het Pruisisch militarisme en aan keizerlijk despotisme, maar ook aan de onderdrukking van nationale minderheden (zoals in het oude Oostenrijk-Hongarije).

In zijn beroemde Veertien Punten suggereerde hij dat de bevrijde volken met een schone lei konden beginnen en als gelijkwaardige naties zouden worden behandeld. Maar Wilson had buiten Engeland en Frankrijk gerekend, buiten de wraakgevoelens van de Franse en Engelse bevolking én buiten de afspraken die beide landen al hadden gemaakt. Ook al was de keizer verdreven, toch kreeg de kersverse Republiek van Weimar een snoeiharde en vernederende vrede opgelegd.

Het nieuwe Hongarije werd gekortwiekt om Roemenië te plezieren en de Serven, die zo hard hadden gevochten, mochten gaan heersen over Kroaten, Slovenen, Bosniërs en nog zo wat niet uit elkaar te houden minderheden. Italië had bij wijze van beloning graag een stuk van dat nieuwe ‘Joegoslavië’ ingepikt, maar werd teruggefloten en hield bitter weinig over. Het land kreeg een ‘gemutileerde vrede’, zoals de dichter d’Annunzio zei.

En dan waren er de minderheden. In plaats van drie grote rijken met minderheden (tsaristisch Rusland, Oostenrijk-Hongarije en het Ottomaanse Rijk) telde Europa vanaf 1918 een veelheid aan zwakke staten die met hetzelfde probleem kampten. Nu waren de vredestichters niet helemaal achterlijk; ze hadden een speciaal verdrag opgesteld waarin de rechten van minderheden waren vastgelegd en dat door iedereen getekend moest worden. Maar in de praktijk bleek dat een dode letter. In plaats daarvan werd er in Zuid-, Midden- en Oost-Europa jarenlang gevochten om steden en dorpen aan beide zijden van de nieuwe artificiële grenzen. ‘Versailles’ bracht geen vrede en bezorgde het begrip democratie enorme schade. Dat begrip werd praktisch synoniem met vernedering en gebrek aan daadkracht.

Atatürk

De enige die de afgedwongen vrede trotseerde, was de Turkse dictator Kemal Atatürk. Hij weigerde de Vrede van Sèvres te erkennen. De opdeling van Anatolië in verschillende bezettingszones, waarbij in het noordwesten een klein onafhankelijk Turkije overbleef (en Istanboel een internationale zone), was voor hem volstrekt onaanvaardbaar. Atatürk (die naam ‘vader van de Turken ‘ kreeg hij overigens pas in 1934) stichtte een Turkse republiek in Ankara, reorganiseerde het Turkse leger en slaagde erin de buitenlanders het land uit te drijven.

Een serie kleine oorlogen bereikte een bloedige apotheose in de stad Smyrna. Aangespoord door de Engelsen waren de Grieken zuidwest-Anatolië binnengevallen, om het hun beloofde deel van het verslagen Ottomaanse Rijk te bezetten. Aanvankelijk kon Atatürk daar weinig tegen beginnen, hij moest elders optreden. Heel sluw liet hij de Grieken oprukken tot ver in het binnenland. Toen sneed toen hun aanvoerlijnen af. Het Griekse offensief veranderde in een chaotische terugtocht waarbij de Grieken vele wreedheden begingen jegens de Turkse bevolking. Het laatste bedrijf speelde zich af in Smyrna. Terwijl de Grieken wanhopig probeerden om de stad per schip te verlaten, staken de Turkse troepen alle niet-Turkse wijken va de stad in brand. Nu was het hun tijd om wraak te nemen. Smyrna werd, zoals Churchill het formuleerde, ‘een infernale orgie die in de geschiedenis van de menselijke criminaliteit zijn gelijke nauwelijks kent.’ Maar toen moest de twintigste eeuw eigenlijk nog beginnen.

Gerwarths meeslepende en propvolle boek opent en sluit met de ramp in Smyrna (dat tegenwoordig Izmir heet). Smyrna was het einde van de vier gruwelijke jaren. In juli 1923 tekenden de Turken en Grieken de Vrede van Lausanne. Het verdrag was de voorbode van een nog gruwelijker tijdperk. Opnieuw werden er arbitraire grenzen getrokken – met dit verschil dat Atatürk die grenzen vervolgens tot een realiteit maakte.

Hij wilde geen gepraat over de rechten van minderheden; hij wilde geen minderheid. Griekenland zou zijn moslims naar Turkije sturen, en de Turken zouden alle christenen uit Westelijk Anatolië naar Griekenland uitzetten. De Grieken hadden geen keus. Voor de zoveelste keer was het menselijk leed niet te overzien; Athene was daarna nog vele jaren één groot vluchtelingenkamp.

Blauwdruk voor volksverhuizingen

Maar Atatürk schiep een stabiele mono-etnische staat met heldere grenzen. Mannen als Mussolini en Hitler bewonderden de manier waarop de Turkse leider, door koppig doorvechten en keihard optreden, de Geallieerden in hun hemd had gezet en zijn doel had bereikt.

Het Verdrag van Lausanne bood de blauwdruk voor de volkerenverhuizingen die in de daaropvolgende decennia werden uitgevoerd. Eerst door de Duitsers in 1939-1945; daarna, na Jalta, door de Russen, Polen, Tsjecho-slowaken en ga zo maar door. Overal waar volken ooit vreedzaam (of minder vreedzaam) door elkaar heen woonden, zijn inmiddels op keiharde wijze strikte grenzen geschapen. Alleen aan de oostgrens van Oekraïne is de situatie nog diffuus. Wellicht is ook daar een radicale volksverhuizing de enige duurzame oplossing.

Gerwarth heeft gelijk. De Eerste Wereldoorlog is nog niet voorbij. Daar zien we de laatste akte van het drama dat in 1918 begon.

– Robert Gerwarth, De verslagenen, Uitgeverij Balans, 400 blz., 29,95 euro.

  1. 1

    [slightly on topic] In deze is dit ook een aardig werkje.

    https://www.amazon.co.uk/d/Books/Line-Sand-Britain-France-struggle-shaped-Middle/1847394574/ref=sr_1_1?s=books&ie=UTF8&qid=1486379557&sr=1-1&keywords=a+line+in+the+sand

    Laat zien hoe de Britten en de Fransen tijdens WW1 en WW2 elkaars bondgenoten waren in Europa maar in het Midden-Oosten elkaar de tent uitjoegen. Ook hier weer de ellende die het uiteenvallen van een groot rijk oplevert…wat te doen met al die deelgebieden, ethniciteiten en deelbelangen?
    [/slightly on topic]

  2. 2

    Ik begrijp die laatste zin over Oost-Oekraine niet helemaal, maar wellicht blijkt dat uit het boek. De ‘vermenging’ of de reden dat er veel Russischtaligen in de steden wonen is vanwege de Russificatie en Donbas in het bijzonder, gezien daar de kostbare koolindustrie weer totaal opgebouwd moest worden na de oorlogen en dus mensen nodig had ( en dus arme Russen zonder werk die kant op stuurden ).

  3. 3

    Zo te zien is het boek een terechte aanvulling op de algemeen bekende geschiedenis van de jaren vlak na het einde van WOI. Maar ik zie de directe relatie tussen al die afzonderlijke conflicten over minderheden op de Balkan en WOII nog niet direct. Ik begrijp dat de vredesverdragen die Gerwarth behandelt een grote impact hebben gehad op de verdere toekomst van Europa in de vorige eeuw. Maar WOII is toch in één land ontbrand en dat was het land dat vernederd werd door het Verdrag van Versailles.

  4. 4

    Die verklaring wordt nauwelijks nog serieus genomen. De opgelegde betalingen bestonden grotendeels alleen op papier, de bedragen werden al vrij snel (ruim vóór de opkomst van Hitler) behoorlijk teruggeschroefd, en opeenvolgende Duitse regeringen hebben bovendien vrijwel niets betaald.

    Ja dank je de koekoek, de laatste herstelbetaling is pas in 2010 gedaan door Duitsland en toen Duitsland na WO1 niet meer betaalde werk het Ruhr gebied bezet door de geallieerden.

    https://nl.wikipedia.org/wiki/Duitse_herstelbetalingen_na_de_Eerste_Wereldoorlog

    P.S. het was trouwens niet alleen geld wat Duitsland moest betalen, zelfs de telegraafpalen werden door de gallieerden ingenomen.

  5. 11

    @8: Nee, heel Oekraïne was tot 1917 onderdeel van Rusland (net als tig andere inmiddels zelfstandige staten). Daarna waren er, zoals in het artikel beschreven enige woelige jaren (oa de Russische burgeroorlog), waarna de Sovjet-Unie in 1922 de Oekraïense SSR oprichte, in eerste instantie overigens met grenzen die verder naar het oosten lagen. In 1924 gaf de Oekraïense SSR juist een stuk grondgebied (ten oosten van de huidige grens) aan de Russische SSR.