Franciscus was dynamiet

ACHTERGROND - Museum Catharijneconvent organiseerde een tentoonstelling over Franciscus van Assisi onder toezicht van kunsthistoricus Henk van Os. Marcel Hulspas bezocht de tentoonstelling en miste de nodige historische toelichting op de tegendraadse kerkhervormer.

Wie Franciscus van Assisi zegt, denkt aan een middeleeuwer in een pij, die kon praten met de vogeltjes. Een man die geen behoefte had aan wat voor bezit dan ook. Vreedzaam, bescheiden, en dankzij zijn charisma de grondlegger van de orde der Franciscanen.

Dat zoete beeld dat de Katholieke Kerk ons biedt, is ook het beeld dat opgeroepen wordt in de huidige tentoonstelling in het Utrechtse Catharijneconvent.

Henk van Os

Een tentoonstelling samengesteld door Henk van Os, en we zien Henk op een filmpje ook de eendjes voeren, waarbij hij altijd weer moet denken aan Franciscus. Mooi allemaal. Henk staat garant voor een bepaald type publiek, en daar sluit dat eendje voeren mooi bij aan.

Ook op zijn keuze uit de kunstgeschiedenis valt niets aan te merken. Na de Middeleeuwse verbeelding van het leven van de heilige volgen werken uit de Renaissance, de Nederlanden, et cetera. Allemaal heel fraai.

Aan het slot van de tentoonstelling (merkwaardig genoeg) krijgt de bezoeker een overzicht van het leven van Franciscus, van de groei van de Franciscaanse beweging en de tegenstellingen tussen verschillende stromingen. Pas dan dringt er iets door van een verhaal dat in de tentoonstelling verder totaal niet aan bod komt.

Dat valt Henk niet te verwijten; hij is van de kunst. Maar een gemis is het wel, want het belang van Franciscus van Assisi voor de Europese geschiedenis ligt niet in de mooie kunstwerken, en ook niet in de opkomst en ondergang van de Franciscaanse orde. Het gaat om de man zelf. Om met Nietzsche te preken: Franciscus was dynamiet.

Eigenzinnig hervormer

We zijn gewend om Franciscus (1181-1226) te beschouwen als een heilige; de grootste of beroemdste heilige wellicht, maar ‘een heilige’. Dan moeten ons wel realiseren dat hij door de Kerk in deze categorie is geduwd – en dat die categorie daarbij ook flink opgerekt moest worden.

Franciscus paste in geen enkel bestaand hokje. Op het toppunt van zijn roem, een roem die toen reikte door gans Europa, was Franciscus een volstrekt unieke, eigenzinnige kracht binnen de christelijke wereld. Franciscus had niets met de pronkzuchtige Kerk. Hij wees de kerk niet af, maar predikte wél de absolute armoede en het afzweren van elk bezit. Franciscus en de Kerk waren daardoor verwikkeld in een (niet altijd even subtiele) strijd om de ziel van het christendom.

Hij predikte vernieuwing, een terugkeer naar de dagen van Jezus (vandaar die armoede), voordat er een Kerk bestond; op zijn beurt kon de kerk zijn pleidooi niet afwijzen, maar Rome wist dat dergelijke bewegingen gemakkelijk uit konden monden in gevaarlijke ketterijen, die vernietigd moesten worden.

Franciscus wist dat hij een ongekende kracht had geschapen, en hoog spel speelde. Maar dat deed hij voorzichtig. In 1209, toen de kerk in Zuid-Frankrijk verwikkeld was in een bloedige kruistocht tegen de Katharen, vertrok hij naar Rome om de pauselijke zegen voor zijn nog jonge beweging te krijgen. Daarmee legde hij zich neer bij enige invloed van de Kerk op zijn beweging; dat moest dan maar. Alles beter dan het slachtoffer van een volgende kruistocht.

Stigmata

Maar hij zou daarvoor een hoge prijs betalen. Na 1220, toen zijn gezondheid achteruit ging, moest hij de dagelijkse leiding overdragen aan mede-Franciscanen, die hun oren hingen naar Rome, en in de jaren daarna moest hij met lede ogen toezien hoe zijn beweging steeds meer de trekken ging vertonen van een traditionele, corrupte kloosterorde. Franciscus raakte verbitterd, trok zich terug, werd steeds zieker en hulpelozer. In die erbarmelijke toestand, kort voor zijn dood, ontving hij de stigmata, de vijf wonden van christus aan het kruis.

Het is een beroemd thema, de ‘nederdaling’ van de stigmata op het lichaa van Franciscus. Het onderwerp van vele schilderijen en prenten (te zien in Utrecht). Tegenwoordig vinden we zoiets bijna gewoon. Menige heilige vertoonde de stigmata – denk maar aan Padre Pio. We beschouwen het als een teken dat we met een échte heilige van doen hebben.

Wat we daarbij vergeten is dat Franciscus de éérste was die de stigmata had, en dat die toen door zijn trouwe volgelingen geheel anders werden geïnterpreteerd. Niet als teken van heiligheid, maar als teken dat Franciscus, in zijn uiterste nood, Christus zélf was geworden. Hun leider was de vleesgeworden wedergeboorte van het geloof. Het nieuwe begin, het nieuwe christendom. Zijn teksten waren net zo veel waard als de evangeliën. Voor de kerk waren dat soort interpretaties van die wonden uiteraard ondenkbaar. Maar voor zijn volgelingen was het duidelijk. Franciscus was machtiger dan de paus. Zijn boodschap was belangrijker dan welke pauselijke encycliek dan ook.

Zelanti

Maar Franciscus heeft de kerk nooit veroordeeld. De bom zou dan ook pas na zijn dood barsten. De Franciscaanse beweging, met grote groepen volgelingen door heel Europa, viel nog tijdens zijn leven uiteen in de strenge Zelanti (of ‘spirituelen’) en de meer gematigde Relaxati.

De Zelanti maakten de absolute armoede die Franciscus had gepredikt tot de kern van hun leer. Ze hadden geen bezit, geen woningen, en kleedden zich in vodden. En ze trokken door Europa, om overal dezelfde onvoorwaardelijke toewijding aan Christus te verkondigen. Kerkleiders vreesden en haatten deze predikers, die steevast hun beschuldigende vingers uitstaken richting kerken en kloosters.

Rome was er alles aan gelegen om deze machtige beweging onder controle te krijgen. Ze had Franciscus daarom vrijwel direct na zijn dood heilig verklaard, in zich opgenomen zogezegd, en nog nauwere banden ontwikkeld met de Relaxanti franciscaanse geestelijken. Opeenvolgende pausen deden dappere pogingen om de tegenstellingen binnen de beweging weg te poetsen, en zo het revolutionaire elan te temperen. Het mocht niet baten. De armoedepredikers werden uiteindelijk te gevaarlijk.

Vervolging

De echte breuk kwam in 1317, toen paus Johannes XXII de Zelanti Franciscaan Angelo da Clareno excommuniceerde. Dankzij machtige beschermers in Midden-Italië kon Angelo een eigen organisatie opzetten van ‘fraticelli’, ‘broedertjes’ (een variant op de gangbare aanduiding voor de Franciscanen, Fratres Minores, minderbroeders). Spoedig doken overal in Europa groepen fraticelli op, die Kerk en paus verwierpen en de volkmassa’s aanspoorden om een einde te maken aan dat corrupte instituut.

Met name in Italië ging het hard tegen hard; een eeuw lang. Daar konden de fraticelli rekenen op de steun van een anti-paapse volksbeweging, plus de steun van edelen die geen zin hadden in pauselijke bemoeizucht. Zo wisten de fraticelli bij tijd en wijle grote kloosters en complete steden te overmeesteren. (De vervolging van de fraticelli speelt een grote rol in ‘De naam van de Roos’ van Umberto Eco.) Pas na een eeuw van bloedig geweld wist de Kerk deze beweging écht ondergronds te krijgen, waarna ze langzaam doofde.

Erfenis

Franciscus’ erfenis, zijn mooie boodschap van bescheidenheid en armoede, bleek een uiterst gevaarlijke tegenstander van de gevestigde orde. Hij zou daarna nog menige ketterse beweging inspireren. Franciscus was geen mijmerende vogelfluisteraar, of een eenzame pelgrim in een vieze pij. Franciscus was dynamiet. En hij wist het. Alleen zou de onvermijdelijke ontploffing pas na zijn dood plaatsvinden.

Dié Franciscus van Assisi, de man die de Kerk op zijn grondvesten deed schudden en de basis legde voor vele opstanden, heb ik in Utrecht node gemist.

Franciscus. Met het verhaal van Henk van Os, Museum Catharijneconvent. (tot 16 juni)

  1. 2

    Goed stuk.

    Zijdelings wil ik nog wel wat opmerken over

    …..In 1209, toen de kerk in Zuid-Frankrijk verwikkeld was in een bloedige kruistocht tegen de Katharen…

    “Mooi” voorbeeld van massamoord, van/door de R.K.
    ;-)

  2. 4

    @3:

    Franciscus had niets met de pronkzuchtige Kerk. Hij wees de kerk niet af, maar predikte wél de absolute armoede en het afzweren van elk bezit.

    Hoe rijm je dat met de leiding hebben over één van de rijkste organisaties ter wereld???

  3. 7

    Laatst nog Brother Sun, Sister Moon gezien waarin het hierboven beschrevene ook wordt getoond. De film is vast nog wel ergens te bekijken. Uiteindelijk moet Franciscus het toch afleggen tegen the powers that be …