Voskuil, hypes en nagloeiende punttieten

Hoe lang duurt een hype? Alle opwinding rond de cyclus Het Bureau van schrijver J.J. Voskuil lijkt al weer verdwenen. Tenminste, als het internet een goede graadmeter is. Googel vindt nog veel fansites, indertijd door fanatieke volgelingen opgezet, maar bij nader inzien blijken de meeste links dood te zijn. De enkele pagina die geen 404-melding geeft is al heel lang niet meer ververst.

Zo gaat dat. Het internet woekert voort, groeit en groeit, als onkruid. Verse brandnetels tieren welig op het dode hout en ander tuinafval. De mestvaalt wordt groter. Soms bloeit er een bloempje op, dat heel even de aandacht trekt met zijn kleurenpracht. Korte tijd later is alles al weer verwelkt. Een tuinman, met een hark en een hele grote snoeischaar ontbreekt (ooooh, mijnheer Bosboom, wat zegt u dat toch weer moooooooi).

Gaat het met de literatuur ook die kant op? Zal Het Bureau, het ‘monumentale’ werk van 5500 bladzijden, beklijven nu de hype voorbij is? Wat heeft Voskuil te maken met lijflogs en wreed nagloeiende punttieten?

Achteraf kan ik alleen maar bewondering hebben voor de manier waarop de uitgever de waanzin rond de zeven delen van Het Bureau heeft opgeklopt. De mythes waren fantastisch: vanaf hun sterfbed smeekten terminale patiënten rochelend om de nog niet uitgegeven delen nog vóór hun dood te mogen lezen, dolgedraaide literatuurliefhebbers lagen in slaapzakken voor de deur van de boekhandel om als eerste een nieuw deel in bezit te krijgen, boeren en buitenlui togen naar de Keizersgracht om zich voor de ingang van ‘het Bureau’ te laten fotograferen, oud-medewerkers kwamen op de televisie en alle media stonden er bol van. Zo gebeurde het, dat de dikste en saaiste roman uit de wereldgeschiedenis een bestseller werd.

Terecht?

Je zou Het Bureau kunnen beschouwen als een kunstwerk. In de beeldende kunst is het al heel vaak gedaan: zet een camera voor het raam en presenteer het resultaat als een drie uur durende speelfilm. Beter nog: hang een scherm in een museum, verbonden met een camera waarmee rechtstreeks beelden van buiten worden vertoond. Of zet mensen in een etalage, mensen die niets doen. Of laat theaterbezoekers naar een paar honden op een podium kijken.

Dat soort kunstuitingen zal met veel omhaal worden uitgelegd door ‘kenners’ en kunstpausen. Een commentaar op de consumptiemaatschappij, een aanklacht tegen dit of dat, de moderne mens wordt een spiegel voorgehouden, enzovoort. Kunst, verklaard voor arbeiders. Het Bureau, als resultaat, is net zoiets. Een roman van 5500 bladzijden, die voornamelijk bestaat uit realistisch opgetekende dialogen tussen een aantal kantoormedewerkers. Er gebeurt he-le-maal niets.

Zo kan je het zien: Veertig jaar hing er in de hoek van een kantoor een denkbeeldige webcam, die registreerde elke banale handeling die werd verricht, en de schrijver heeft het allemaal heel braaf uitgetypt. Veertig jaar lijflog op geschept papier, met een kaft eromheen.

Als je het leest, word je, erger nog dan bij Merel Roze en haar soortgenoten, meegezogen in een horror vacui. Maarten pakte het kopje bij een oor en slurpte de koffie op. Bart fronsde de wenkbrauwen. Ad keek gemelijk. Maarten draaide een vel papier in de schrijfmachine. Hij voelde hoofdpijn opkomen. De klok tikte. Enzovoorts en zo verder. De normale bezigheden, pijnlijk nauwkeurig beschreven, werken bijna vervreemdend, net als de eindeloze herhaling van deze handelingen. Dag in dag uit, jaar in jaar uit, steeds weer dezelfde handelingen, dezelfde vergaderingen, dezelfde voorspelbaarheid. Er gebeurt niets. Men wordt geboren, men gaat naar kantoor, men gaat dood. De grenzeloze saaiheid van een mensenbestaan.

Het verbijsterende is nu echter dat Het Bureau geen kunstzinnige uiting is, geen aanklacht of statement. Het zo mooi zijn geweest als de schrijver in werkelijkheid een echte bohémien was geweest, die zoop en naaide, maar nee. Niemand heeft dit verzonnen, integendeel: HET IS ALLEMAAL PRECIES ZO GEBEURD!!! Vandaar ook dat er geen plot in het boek zit, noch een ontwikkeling. Niemand hoeft op zoek te gaan naar de ‘bedoeling van de schrijver’ of een achterliggende gedachte. Die is er namelijk niet.

Is Het Bureau goed geschreven? De vraag stellen is nog niet hetzelfde als haar beantwoorden. De dialogen zijn erg goed, dat staat als de spreekwoordelijke paal buiten kijf. Er zijn veel saaie stukken, die zonder problemen kunnen worden overgeslagen. De cyclus is veel, maar dan ook véél te dik. Toch betreur ik dat niet. Ik geef het toe: ook nu nog, na de hype, blijft het lezen van Het Bureau verslavend. Waar zit hem dat in? Ik denk in de ergernis die de personen in het verhaal oproepen. Het blijven karikaturen, 5500 bladzijden lang. Ze reageren al die tijd heerlijk voorspelbaar. Nooit gebeurt er iets onverwachts. Nooit gebeurt er iets buiten de orde. Maarten Koning leeft in de geborgenheid van zijn eigen grijze, voorspelbare kantoorleven. Dat geldt voor miljoenen, maar er zullen er heel weinig mensen zijn die Maarten Koning in saaiheid overtreffen. De lezer voelt zich superieur. Een criticus (ik weet niet meer wie) merkte dat heel terecht op: we hebben allemaal een kleurloos bestaan, maar zó erg als op het Bureau, nee, zó erg is het nu ook weer niet. Dat geeft de lezer een voldaan gevoel. Ik denk dat dát het geheim is van Het Bureau.

Zo bezien is dit dus een hoopvol boek, met betekenis voor de weblogwereld. Saai kan blijkbaar op een bepaalde manier ook interessant zijn. Het raadsel van het succes van vele lijflogs is daarmee ontsluierd.

Neem echter als lezer nooit te veel saaiheid tot je. Alles waar ‘te’ voor staat is immers slecht? Behalve telefoonboek want waar moet je anders een nummer in opzoeken. Bovendien is het lezen van het telefoonboek minder saai. Op den duur ga je vanzelf weer verlangen naar een wrede lustmoord compleet met nagloeiende punttieten. (Het is ook nooit goed.)

  1. 1

    En daarom mag ik hier nou zo graag komen! Het willen voorkomen van een hoop narigheid voor mijn persoon gecombineerd met een gezonde opdringerige hoeveelheid van wetenswaardigheden en waarachtig niet te missen trivia. Hulde!

  2. 3

    Allereerst gefeliciteerd met uw wedergeboorte op uw geboortedag van 75 jaar geleden, meneer Bosboom. Dat het heden en de toekomst u veel stof tot nadenken mag geven … enzo …

    Maar heel even dit (u heeft het namelijk al tweemaal getypt): spreekwoordelijke paal buiten kijf

    Nu is het zo dat een paal nooit buiten kijf kan staan. Buiten kijf kan een paal alleen boven water staan.

    Nou, toi, toi, toi, duimen omhoog & break a leg he! :)

  3. 4

    Fraaie recensie van een boek dak overigens niet las. Het lijkt een soort lifelogbijbel. Misschien moet Voskuil het op internot zetten voor lifeloggers om er naar believen tussenstukjes uit te halen. Dan kan de logger zich toch volledig blijven concentreren op de lustmoord, maar tbv de spanningsopbouw de beschrijving van de voorafgaande saaie kantoordag van het bureau lenen.

  4. 5

    Bij Googol kan je bij geavanceerd zoeken overigens je beperken tot sites die de laatste 3 (6 of 12) mnd. zijn ververst. Die optie gaat vast nog groot worden.

  5. 7

    Ik haakte al af nadat ik ‘Bij nader inzien’ had gelezen. Het schijnt dat de collega’s van Maarten naarmate de cyclus vorderde steeds meer op hun woorden gingen letten, omdat ze bang waren ze in het volgende deel terug te vinden. Het zal Voskuil een behoorlijk manipulatieve positie hebben opgeleverd. Ik heb trouwens nooit begrepen waarom die man daar zijn hele leven is blijven werken.

  6. 9

    Het is een intrinsieke paradox om alledaagsheid vanuit een artistiek of literair standpunt te bezien en correct te beschrijven. Zodra je het interessant maakt of spannend, is het bezijdens de werkelijkheid. ik zou mijn tijd er niet aan besteden om het te lezen, maar begreep altijd van de commentaren dat in die simpelheid, verveling, alledaagsheid, DAAR zat nu juist het briljante in verscholen.
    Vraag me dan wel af of ie ook nog iets anders kan schrijven, iets dat wel hoogstaand of spannend is. Dat zou Het Bureau pas echt briljant maken: geniaal KUNNEN schrijven, maar omwille van de aard van de materie SAAI schrijven. Maar ja, dan blijft ie maar vervolgen schrijven, heeft ie nog andere boeken geschreven??

  7. 10

    by the way, daar hoef je natuurlijk geen boek voor te lezen om de alledaagsheid van een kantoor op te doen, tenzij je in een HEEEEL spannende, sexy, en misdadig gevaarlijke ‘cubicle’ werkt natuurlijk.