Katrin Bennhold van de New York Times spreekt met haar collega David Yaffe-Bellany over zijn onderzoek naar online gokmarkten zoals Polymarket en Kalshi.
David: Wat me opviel, was hoezeer deze sites op games lijken. Ze zijn ontworpen om je erin te lokken. Ik krijg voortdurend e-mails met de boodschap: “Kijk eens naar dit spannende dat er in de wereld gebeurt! Waarom wed je er niet op?” Het gaat ook veel verder dan sport en politiek. Alleen al in december werd er bijna 12 miljard dollar verhandeld op Polymarket en Kalshi, de twee grootste platforms.
Katrin: De gokmarkten roepen de verdenking op van handel met voorkennis. De dag voordat de VS en Israël Iran voor het eerst aanvielen, plaatsten meer dan 150 anonieme Polymarket-accounts grote weddenschappen die de aanval correct voorspelden.
David: Het is een grote zorg. De platforms bieden weddenschappen aan op zo’n beetje alles, dus er is veel voorkennis in omloop. Je zou bijvoorbeeld iemand kunnen zijn die weet of Jeff Bezos de Super Bowl zal bijwonen. Rond de tijd van de Amerikaanse inval in Venezuela wees een verdacht patroon in weddenschappen erop dat iemand had geprofiteerd van voorkennis over de militaire operatie.
Katrin: Wat zegt de populariteit van deze voorspellingsmarkten over de culturele en politieke situatie waarin we ons bevinden?
David: Een van de oprichters van Kalshi omschreef zijn doel als “de financialisering van alles”, wat in feite neerkomt op het idee dat elke mening, elke beslissing, kan worden omgezet in een transactie. Voor sommigen is dat opwindend; voor anderen is er iets dystopisch aan het idee dat elk aspect van het leven terug te voeren is op een winstmogelijkheid.