Natuurlijk ≠ zomaar: misleidende retoriek over klimaatveranderingen uit het verleden

en

Iedereen zal deze dooddoener wel eens voorbij zien komen in discussies over klimaatverandering: “Het klimaat verandert altijd”. In langere verhalen van pseudosceptici wordt die dooddoener meestal ingekleed met meer woorden, en vaak met een grafiek uit een bona fide paleoklimatologisch onderzoek. Op zich klopt het wat er wordt gezegd, maar er wordt een misleidende indruk gewekt.

De suggestie is dat het klimaat in het verleden zomaar veranderde, zonder dat er iets te zeggen is over de oorzaken en processen die daarvoor zorgden. En als dat in het verleden zo ging, dan zou dat nu ook zo kunnen zijn, toch? Het publiek wordt zo in de richting gestuurd van een onwetenschappelijke manier van denken, die in de verste verte geen recht doet aan al die wetenschappers die in de afgelopen tweehonderd jaar hebben bijgedragen aan de kennis over de werking van het klimaatsysteem. Wetenschappers nemen geen genoegen met “natuurlijk” als verklaring, net zo min als ze dat met “zomaar” zouden doen.

Verloop van de gemiddelde wereldtempertuur in de afgelopen 500 miljoen jaar. Let op de verspringende schaal van de x-as. Bron: Haywood et al. 2019.

De misleiding zit hier niet in wat er wordt gezegd, maar in wat er wordt weggelaten. Een opmerking of afbeelding over klimaatveranderingen uit het verleden wordt losgehaald uit nagenoeg de complete klimaatwetenschap. Op een manier die grenst aan geschiedvervalsing. De werkelijkheid is namelijk dat de kennis die er is over het broeikaseffect is ontstaan vanuit onderzoek naar die vroegere klimaatveranderingen. Dat we weten dat het opwarmt door onze uitstoot van CO₂, is een bijvangst van de wetenschappelijke interesse in de paleoklimatologie. Dankzij wetenschappers als Joseph Fourier, die tweehonderd jaar geleden al begreep dat het klimaat niet zomaar verandert, omdat er een enorme hoeveelheid energie nodig is om de aarde ook maar een beetje op te warmen. (Voor een iets uitgebreidere toelichting op de wetenschapsgeschiedenis verwijs ik naar het langere stuk hierover op Klimaatveranda, en voor een veel uitgebreidere toelichting naar mijn boek.)

Klimaatwetenschap is een pakket met een heleboel onderdelen: basale natuurkunde uit de negentiende eeuw, klimaatmodellen in allerlei soorten en maten, metingen door instrumenten aan het aardoppervlak en in satellieten, statistische analyses én de paleoklimatologie. Al die onderdelen wijzen in dezelfde richting: hoe meer broeikasgassen in de atmosfeer, hoe warmer het wordt op aarde. Klimaatveranderingen uit het verleden zijn niet in tegenspraak met die conclusie, maar bevestigen hem juist.

Is er een optimaal klimaat?

Als je meent dat het klimaat zomaar op elk moment warmer of kouder kan worden, dan kom je al snel uit bij de conclusie dat er geen optimaal klimaat is voor de aarde. Ook daar geldt dat het misleidende van zo’n bewering vooral zit in wat er niet wordt gezegd. Want als je naar de planeet zelf kijkt, klopt het wel. Die blijft zijn rondjes om de zon wel draaien, hoeveel de temperatuur aan het oppervlak ook verandert.

Voor het leven op aarde ligt het al wat anders. Klimaatveranderingen hebben in het verleden meerdere keren tot massa-extincties geleid. Maar de evolutie laat zich niet zo makkelijk stoppen en bovendien heeft die alle tijd. De biodiversiteit neemt in de loop van miljoenen jaren weer toe, na zo’n massa-extinctie. Met nieuwe soorten die de plekken innemen van soorten die zijn verdwenen. Welk waardeoordeel je daaraan verbindt, hangt waarschijnlijk vooral af van je relativeringsvermogen. En in hoeverre het huidige klimaat optimaal is voor de mens is ook nog te relativeren. Hadden we ons minder goed kunnen ontwikkelen als het hele Holoceen, dat een dikke tienduizend jaar geleden begon, twee of drie graden warmer was geweest? Wie meent dat te weten mag het zeggen, maar verwacht niet dat ik het al te serieus neem.

In werkelijkheid is die kretologie over een optimaal klimaat niet meer dan een afleidingsmanoeuvre. Of het huidige klimaat in alle opzichten optimaal is, doet er niet toe. Het gaat erom dat zowel de menselijke maatschappij als de natuur zich de afgelopen duizenden jaren heeft ontwikkeld in het behoorlijk stabiele klimaat van het Holoceen. Alles in onze samenleving is ingesteld op dat klimaat. Verandering vereist aanpassing, zeker als die zo snel gaat als nu het geval is.

Ons vermogen om ons aan te passen heeft zijn grenzen, en dat geldt ook voor de natuur. Naarmate het meer en sneller opwarmt zullen we steeds verder achter de feiten aanlopen, als we ons proberen aan te passen. Pas wanneer de uitstoot stopt en het klimaat beetje bij beetje stabiliseert zal het mogelijk zijn om ons echt in te stellen op een nieuw, veranderd klimaat. En wie weet zullen dan, in een verre toekomst, mensen dat klimaat zien als optimaal. Omdat ze er hun samenleving op hebben ingericht.

Een retorisch duizenddingendoekje

Dat iets natuurlijk zou zijn, wordt op allerlei manieren gebruikt om een publiek te overtuigen: bij het verkopen van cosmetica of voedingssupplementen, bij het afwijzen van vaccins of het aanprijzen van wetenschappelijk onbewezen geneeswijzen, tot aan het rechtvaardigen van racisme of misogynie. Een retorisch duizenddingendoekje! Alsof natuurlijkheid een vanzelfsprekendheid zou impliceren, die alle onderzoek naar onderliggende oorzaken en mechanismes en alle kritische vragen overbodig zou maken. Het staat haaks op de basisprincipes van het wetenschappelijke denken, maar als retorisch trucje werkt het. Dat neem ik tenminste aan, want waarom zou het anders zo vaak worden toegepast.

Het valt niet te  ontkennen dat organisaties en activisten die ageren tegen ingrijpende maar noodzakelijke klimaatmaatregelen retorisch heel behendig zijn. Misleidende verhalen over natuurlijke klimaatveranderingen komen ze daarbij heel goed van pas. Het valt onmogelijk nog vol te houden dat de mens geen invloed heeft op de opwarming van de afgelopen anderhalve eeuw. Vrijwel niemand beweert dat nog. Dat we maar voor een deel van die opwarming verantwoordelijk zouden zijn, is makkelijker te verkopen. En het voldoet om zijn doel te bereiken: het ondermijnen van de urgentie die wordt gevoeld om onze uitstoot van broeikasgassen drastisch terug te brengen.

De resultaten van die aanhoudende ondermijning zien we inmiddels regelmatig terug in nieuwsberichten over toenemende extreme weersverschijnselen. En in de wereldwijde uitstootcijfers, die op een niveau zijn gebleven waardoor het inmiddels onmogelijk is om het tien jaar geleden afgesproken klimaatdoel te halen van maximaal anderhalve graad opwarming.


Dit is een verkorte versie van een eerder verschenen long read op Klimaatverandering, van Hans Custers.

Reacties (1)

#1 stoic

Er zijn 3 soorten werkwoorden: handelingen*, gebeurtenissen* en toestanden, Handelingen zijn wat mensen doen, gebeurtenissen zijn wat de goden doen en door de mensen veroorzaakt, toestanden zijn wat rondom je is en wat in je lijf en hersenen is.
Inch’allah = zoals god het wil/ eist (fatalisme?). In 1950 waren er 5 miljard mensen op aarde, nu 8 miljard: een toename van 60% in 75 jaar. Nu heeft bijna iedereen een auto; één voorbeeld van CO2 toename, opwarming.
Mensen hebben heimwee en voelen zich daarbij ellendig (letterlijk: in een ander land zijn). Wat doe je ertegen? Kijk wat anderen doen en doe hetzelfde. Of houd ze bezig met “afleidingen”. En maak grapjes. En pas op voor mensen die niet tegen grapjes kunnen en ze niet maken (de serieuzen); dezen weten hoe de mensen af te leiden van!
4 dingen zijn belangrijk in het leven: eten, onderdak, een hobby , en dingen samendoen met een of meer; al het andere is teveel. Schapen hebben het maar wat gemakkelijk: onderdak hebben ze niet per se nodig, en het eten hebben ze voor het oprapen. *Gras groeit (een gebeurtenis) niet harder door er aan te trekken (een handeling).

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

| Registreren

*
*
*