De torpedo die voor Iran bedoeld was, maar India trof
Het laten zinken van een Iraans fregat in internationale wateren klinkt op het eerste gezicht bijna vanzelfsprekend. Iran toont zelf geregeld weinig terughoudendheid wanneer het schepen of doelen aanvalt. In een oorlogssituatie hoort dat soort geweld ‘er gewoon bij’, denk je dan.
Dat verklaart vermoedelijk waarom het incident in veel westerse media nauwelijks inhoudelijke aandacht kreeg, behalve dan dat het het eerste schip was dat door een Amerikaanse torpedo zonk sinds de Tweede Wereldoorlog. Een Iraans oorlogsschip dat door een Amerikaanse onderzeeër tot zinken wordt gebracht past in het vertrouwde script van deze oorlog: vijandelijk schip, Amerikaanse torpedo, boeien.
De Amerikaanse minister van Defensie Pete Hegseth hielp dat beeld graag versterken. Hij kondigde het zinken van het schip met zichtbare trots en waarschijnlijk iets vergrote piemel aan en benadrukte dat een Amerikaanse onderzeeër voor het eerst sinds lange tijd weer een oppervlakteschip had gekelderd. De boodschap was helder: een demonstratie van militaire kracht.
Alleen, het fregat was daar niet toevallig, het bevond zich in de regio op uitnodiging van de Indiase regering voor een ceremoniële maritieme oefening. Aan die bijeenkomst namen marines uit uiteenlopende landen deel, waaronder oorspronkelijk ook de Verenigde Staten, dat zich later terugtrok. Het doel van deze oefeningen lagen juist in diplomatiek vertoon en het bouwen van vertrouwen tussen rivaliserende staten.