Joël van der Weele

78 Artikelen
54 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)

Kiezen voor onwetendheid

COLUMN - De Amerikaanse schrijver Upton Sinclair verzuchtte ooit dat “It’s hard to get a man to understand something, when his salary depends on his not understanding it.” Inderdaad steken mensen vaak hun hoofd in het zand als het gaat om de impact van hun acties voor anderen.

Zo weten we bijvoorbeeld allemaal wel dat er nadelen zitten aan het consumeren van goedkoop vlees, voor het klimaat en dierenwelzijn. Maar omdat we graag vlees eten en niet teveel willen betalen kijken we de andere kant op. De film “The Big Short” illustreert soortgelijke neigingen in de financiële crisis. Bankiers en investeerders profiteerden van de handel in onbetrouwbare hypotheken, en zagen verder geen reden voor diepgaand onderzoek.

Dat financiële prikkels “gewilde onwetendheid” kunnen opleveren is ook in het laboratorium bewezen. In een onder afgebeeld experiment door moest een participant (afgebeeld in het blauw), geld verdelen tussen zich zelf en een andere, passieve deelnemer (in het rood). In de linker situatie is de keuze eenvoudig: optie A levert beide deelnemers meer op dan optie B. In het rechter geval is de keuze lastiger: optie B is egalitairder en heeft een hoger totaalbedrag, maar kost de blauwe speler wel 1 dollar ten opzichte van optie A. Het bleek dat ongeveer driekwart van de blauwe deelnemers bereid was om dat offer te maken.

Foto: Roel Wijnants (cc)

Krijgt Wilders last van Trump?

COLUMN - Geert Wilders is een enthousiaste supporter van Donald Trump: hij riep zijn verkiezing uit tot een nieuw begin voor de politiek en een patriottische lente. Na een paar weken Trump is het echter de vraag of Wilders niet meer last dan profijt heeft van The Donald.

Voor wie het is ontgaan: Al na een paar weken regeren heeft Trump zich behoorlijk in de nesten gewerkt. Zijn immigratiestop is door de rechtelijke macht geblokkeerd, zijn veiligheidsadviseur trad gister af vanwege ongeoorloofde contacten met Rusland, en zijn communicatie is onsamenhangend. Ook Trump’s universeel populistische slogan om het het “land terug te geven aan het volk” is steeds minder geloofwaardig. De aanstelling van vele miljonairs en bankiers getuigt niet van enige aandacht voor de gewone man. Ook zijn steun onder de bevolking is minder dan universeel, getuige zijn verlies in de popular vote, zijn matig bezochte inauguratie, de grote protesten tegen zijn immigratiestop en zijn afbrokkelende populariteitscijfers.

Natuurlijk is het de vraag of supporters voor Wilders ontvankelijk zijn voor invloeden uit andere landen en van protesten door politiek correcte elites, waar ze zich juist tegen afzetten. Desalniettemin is de dagelijkse demonstratie van incompetentie in nationale en internationale politiek voor geen enkele leider een reclame. Ook is er bewijs dat onpopulariteit van beleidsmaatregelen zoals Trump’s immigratiestop zichzelf kan versterken. Een nieuw onderzoek van de Harvard Universiteit laat zien dat mensen beleidsmaatregelen minder ondersteunen als ze informatie hebben dat de meerderheid ertegen is. Dat is logischerwijs vooral het geval als mensen zelf geen sterke mening over het beleid hebben.

Foto: Campagneposter Libero rond referendum strengere uitzetprocedures (2016)

Populisme-bestrijding via de onderbuik

Gealarmeerd door de recente populistische successen, ben ik afgelopen zaterdag voor het eerst in mijn leven op een verkiezingscongres geweest. Op het D66-congres was een apart workshop expliciet gericht op effectieve populismebestrijding.

Centrale figuur in deze workshop, naast voorzitster Sophie in ’t Veld, was Stefan Schlegel. Deze Zwitserse academicus is oprichter van het Zwitserse Operation Libero, een politieke beweging met als doel populistisch-nationalistische Zwitserse partijen te bestrijden. Er valt nogal wat te bestrijden in een land waar de campagne rondom een immigrantie-referendum met dit soort posters werd gevoerd.

Volgens Schlegel bestaat een effectieve anti-populistische strategie uit twee fasen. De eerste fase is een intensief zelf-onderzoek, waarin de anti-populist tot in de kern doordenkt waar ze nu eigenlijk voor staat, en haar kernwaarden en idealen articuleert.

Hierbij is het van belang niet mee te gaan in de argumenten en de formuleringen van de populisten. Probeer ook geen “populisme-light” te verkondingen, zoals Rutte dat afgelopen week deed: in feite neem je de populist dan het werk uit handen. Integendeel, formuleer je eigen waarden, gebruik je eigen termen en stel die tegenover die van de populisten (bijvoorbeeld niet veiligheid, maar compassie en openheid). In de woorden van Schlegel: zing je eigen lied.

De Trump in ons onderbewuste

COLUMN - Politici hebben regelmatig last van een falend geheugen. Zoals zo vaak blinkt Donald Trump ook hierin uit: hoewel hij naar eigen zeggen gezegend is met “the world greatest memory”, spreekt hij zichzelf regelmatig tegen, en lijkt hij ongelegen acties uit het verleden toch vooral te vergeten. Helaas blijkt Trump in dit opzicht juist heel menselijk.

Een recent onderzoek van een team Aziatische onderzoekers, getiteld “Motivated False Memory, laat zien dat als het op onze prestaties aankomt, we allemaal Trumpiaanse neigingen hebben. In het experiment voerden 701 proefpersonen aan de Nationale Universiteit van Singapore vier patroonherkenningstaken uit. Een paar maanden later kregen ze de oplossing van de puzzels te zien, plus de oplossingen van twee nieuwe patronen die ze nooit hadden opgelost. Voor elk patroon moesten de proefpersonen aangeven of ze het goed hadden opgelost, verkeerd hadden opgelost, of nooit hadden gezien. Daarbij kregen ze $1 voor elke accurate herinnering, verloren ze $1 voor een verkeerde herinnering, en kregen ze $0 als ze zeiden dat ze zich het niet kunnen herinneren.

De auteurs classificeren verschillende soorten geheugenfalen. “Amnesia”, betekent dat je een vraag die je wel hebt beantwoord aanmerkt als “niet gezien” of “kan me niet herinneren”. Amnesia kwam voor 34% van de vragen voor, ongeveer wat je zou verwachten als mensen zich niet meer herinneren welke vragen ze wel en niet hadden gezien. De fouten waren echter niet willekeurig, want het percentage amnesia was hoger (46%) voor vragen die slecht beantwoord waren, dan voor vragen die goed beantwoord waren (30%).

Ongelijk en onwetend

COLUMN - Economische ongelijkheid is de laatste 40 jaar in bijna alle Westerse landen sterk toegenomen. Als het electoraat met de portemonnee stemde, zou de vraag naar herverdeling navenant moeten stijgen. Een serie recente artikelen laat echter zien dat een combinatie van onwetendheid en wantrouwen die vraag afremt.

Economen Thomas Piketty en Emanuel Saez belichten in meerdere artikelen de trends in ongelijkheid. De toename daarvan is het grootst in de VS: verdienden de top 1% rijkste Amerikanen in het midden van de jaren 70% nog 9% van het totale bruto inkomen, in 2012 was dat 22%. In Europa is de ongelijkheid kleiner, maar wijzen de trends in dezelfde richtin. Ook de vermogensongelijkheid neemt in alle Westerse landen al decennia toe.

Ondanks deze cijfers laten surveys in de VS en andere landen een stabiele steun voor herverdeling zien. Voor zouden juist een groei van die steun verwachten, want in een ongelijker systeem pakt een progressieve inkomstenbelasting voor meer mensen voordelig uit.

Eén mogelijke oorzaak is onwetendheid. De auteurs van een studie uit 2011 vroegen een representatieve steekproef van meer dan 5000 Amerikanen om een schatting maken van de vermogensdistributie. De Amerikanen bleken die sterk te onderschatten. Deelnemers van alle politieke overtuigingen waren het daarnaast eens dat de ideale inkomensverdeling veel gelijker is dan de daadwerkelijke verdeling (“Americans prefer Sweden” aldus de onderzoekers).

Vraag naar fabricatie

COLUMN - Nu de Amerikaanse verkiezingen voorbij zijn, analyseren progressieven de oorzaken van het Trump debacle. “Vals nieuws” staat op die lijst hoog genoteerd: gefabriceerd anti-Clinton nieuws dat honderdduizenden keren werd gedeeld op sociale media zou de uitslag hebben beïnvloed. Collectief vielen de Amerikaanse progressieven over Facebookbaas Mark Zuckerberg heen toen die stelde dat het op zijn netwerk allemaal wel meeviel met het aanbod aan vals nieuws. Haastig beloofde hij daarop om het probleem aan te pakken met behulp van factcheckers. Deze aanbod-gerichte aanpak van de vals-nieuws industrie roept vooral vragen op. We zouden er beter aan doen om de vraag naar vals nieuws te ontmoedigen.

De bron van een groot deel (half)verzonnen pro-Trump nieuws was, om een of andere reden, het Macedonische stadje Veles, waar tientallen websites valse “nieuwsberichten” over Hillary Clinton verspreidden, onder andere via Facebook. Het lijkt alsof de propagandisten niet zozeer ideologisch gemotiveerd waren, maar vooral ondernemerschap tentoonspreidden. In eerste instantie was bijvoorbeeld het doel om Bernie Sander’s aanhangers te bereiken met anti-Clinton nieuws. Die pogingen bleken echter minder clicks en advertentie inkomsten op te leveren dan berichten gericht op Trump-aanhangers. Ook de auteur van een (bijzonder vermakelijke) satirische nieuwswebsite, geïnterviewd door de Guardian, zegt dat hij het deed voor het geld en de liefhebberij. Hij was geschokt toen zijn onzinartikelen opeens door Trump zelf werden getweet.

Twee hoeraatjes voor ons meer-partijen systeem.

COLUMN - Het Amerikaanse kiessysteem biedt een epische en overzichtelijke strijd tussen twee polen. Die simpelheid levert een motivatie voor politieke betrokkenheid, maar kan ook leiden tot een destructieve polarisatie. In een tijd van sociale media waarin het steeds makkelijker wordt om je eigen informatie te selecteren, wordt deze zwakte steeds belangrijker.

Enkele maanden lang waren de Amerikaanse verkiezingen een dagelijkse soapserie waaraan ik lichtelijk verslaafd was. Eén van de redenen van mijn fascinatie is het feit dat het Amerikaanse systeem maar twee partijen heeft. Er is een duidelijke tegenstander, en als je je voorstander bent van één van de partijen wordt het al snel een spannende bezigheid, net als een voetbalwedstrijd interessanter wordt als je één van de teams ondersteunt.

Psychologisch onderzoek wijst uit dat het bestaan van zulke in-groepen en out-groepen sterke effecten heeft. Aan de ene kant stimuleert het altruïsme binnen de in-groep, die daardoor productiever samenwerkt. Aan de andere kant is het doel van dat altruïsme om de andere partij kapot maken. Biologen en antropologen betitelen dit tweesnijdende zwaard als “parochiaal altruïsme”: aardig zijn voor je groepsgenoten gaat hand in hand met vijandschap tegenover de anderen. Sommige theoretici argumenteren zelfs dat de evolutie van altruïsme gedeeltelijk gedreven wordt door het bestaan van conflicten tussen groepen.

Psychologie van de predestinatie

Tijdens een bezoek aan Geneve vorige maand bewonderde ik het strenge standbeeld van Calvijn, die predikant was in die stad. Het Calvinisme heb ik altijd een raadselachtige stroming gevonden, met name door het idee dat ieder mens vanaf het begin is voorbestemd om wel of niet in de hemel te komen, onafhankelijk van zijn of haar gedrag.

Als atheïst en econoom zie ik religie als een manier om het belang van de groep te stimuleren, met beloningen voor mensen die zich goed gedragen en straffen voor de anderen. Dreigen met de hel of een reïncarnatie als naaktslak maakt van mensen vrome gelovigen en goede buren. Predestinatie haalt die prikkels onderuit, en is in deze opvatting van religie dus totaal onlogisch.

Deze week vond ik echter een prachtige verklaring voor deze paradox door de economen Gilat Levy en Ronny Razin in het Journal of Public Economic Theory . Het bouwt op de voorspelling in de Calvinistische theologie dat mensen die uitverkoren zijn, zich ook als vrome Christenen gedragen. Dat betekent dus dat goed gedrag het doet lijken alsof je uitverkoren bent, zelfs al heeft dat gedrag geen enkele consequentie voor de uitverkiezing zelf. In plaats van God te overtuigen dat je in de hemel mag, is goed gedrag daarmee een manier om jezelf en anderen te overtuigen dat je al een toegangskaartje hebt.

Replicaties en respect

COLUMN - Het rommelt in de sociale psychologie. Recente replicatieprojecten laten zien dat een deel van het onderzoek in het vakgebied niet repliceerbaar is. De consequenties daarvan beginnen langzaam door te dringen binnen de gevestigde orde, zoals twee spraakmakende gebeurtenissen deze week lieten zien.

De eerste opschudding werd veroorzaakt door Susan Fiske, een vooraanstaand psycholoog aan Princeton University en redacteur van het toptijdschrift Proceedings of the National Academy of Sciences. In een essay haalt ze fel uit naar online criticasters op wetenschappelijke publicaties in haar vakgebied. Ze hekelt de agressieve toon die op sociale media wordt aangeslagen, en verwerpt het “methodologisch terrorisme” van de critici. Vooraanstaande wetenschapsbloggers zoals Andrew Gelman en Uri Simonsohn waren uiteraard niet te spreken over Fiske’s aanval. In een bedachtzaam antwoord benadrukt Simonsohn dat een respectvolle toon belangrijker is dan het medium waarin de kritiek wordt gepubliceerd.

Fiske gaat mijn inziens voorbij aan het feit dat online commentatoren een diverse groep zijn. Er zijn natuurlijk impulsieve schreeuwers op sociale media, maar die worden door weinig mensen serieus genomen. De nerds die in hun vrije tijd teststatistieken narekenen zijn daarentegen een aanwinst voor de professie, en verdienen hun aandacht. Een constructieve en respectvolle toon van beide kanten helpt om die twee soorten kritiek van elkaar te onderscheiden, een ongedifferentieerde terminologie van “methodologische terrorisme” doet juist het tegenovergestelde.

Energiebesparing, dat zouden anderen moeten doen

COLUMN - Energiebesparing is een belangrijke manier om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. Het vormt een van de pijlers van het Nederlandse energieakkoord, dat tot forse reducties in gebruik moet leiden, met o.a. een appel aan de verantwoordelijke burger. Dat is optimistisch, want energie besparen vinden we vooral voor anderen van belang.

Een Amerikaanse studie in het vakblad Judgment and Decision Making onderzoekt onze houding ten opzichte van onze eigen energiebesparende activiteiten van onszelf en die van anderen. In een survey werd mensen gevraagd om de effectiefste actie te noemen die zij zelf konden doen om hun energiegebruik terug te brengen. De meest genoemde activiteit was een “makkelijke” actie, het vaker uitschakelen van het licht, Op twee stond een wat moeilijkere gedragsverandering, namelijk minder autorijden.

Daarnaast werd de respondenten gevraagd om eenzelfde actie te noemen voor “Amerikanen” in het algemeen. Hier bleek het patroon om te draaien: minder autorijden stond op één als de effectiefste maatregel voor Amerikanen.

Om dit makkelijk-voor-mij-moeilijk-voor-de-ander patroon beter te begrijpen deden de auteurs een tweede studie, waarbij ze respondenten vroegen om uit een lijst besparingsacties de effectiefste voor henzelf en voor “Amerikanen” te kiezen. Ook moesten ze voor elke actie aangeven hoe groot ze dachten dat de energiebesparing was, hoe moeilijk het was om die actie uit te voeren en hoe toepasbaar die actie was in hun eigen leven.

50 tinten manipulatie

COLUMN - Wat is manipulatie, en hoe ver mag de overheid gaan in het beïnvloeden van haar burgers? Dat waren de hoofdvragen in de keynote toespraak van Cass Sunstein, getiteld 50 shades of manipulation, afgelopen weekend in Wageningen.

Cass Sunstein, is een Amerikaanse jurist en beleidsmaker, en staat vanwege zijn hoge productiviteit ook wel bekend als de “one man think tank”. Zijn bekendste boek heet “Nudge”, waarin hij voorstelt dat minimalistische interventies gebaseerd op gedragseconomisch onderzoek mensen voor hun eigen fouten kunnen behoeden. Daarop kreeg hij veel kritiek van liberalen die zulke zogenaamde “nudges” als manipulatie afdoen. Sunstein’s nieuwste boek, The ethics of influence dat in september uitkomt, is een antwoord op die kritiek. In zijn keynote speech afgelopen zondag op een conferentie in Wageningen over gedrag en beleid, gaf hij een voorproefje.

Volgens Sunstein is een actie manipulatief als die de reflectieve en deliberatieve capaciteiten van een ander onvoldoende aanspreekt. In deze definitie speelt het onderscheid tussen onze onbewuste “automatische” processen en onze bewuste “deliberatieve” processen (respectievelijk Systeem 1 en 2, in de terminologie van gedragswetenschapper Daniel Kahneman) een dus een belangrijke rol.

Zo zijn bijvoorbeeld subliminale advertenties een duidelijk geval van manipulatie, net als andere marketingtechnieken die vooral ons “Systeem 1” beïnvloeden. Sunstein geeft als voorbeeld een gezondheidsdienst die zegt dat een bepaald medicijn “de kans op ziekte X halveert”, in plaats van te zeggen dat die kans daalt van één op een miljoen naar één op twee miljoen. De dienst is manipulatief, omdat het mensen niet alle informatie geeft voor een bewuste keuze.

Brexit als endowment effect

COLUMN - De uitslag van het Brexit referendum is een klap voor het idee dat mensen stemmen voor hun economisch belang. Naast de eindoverwinning oogstte het Leave kamp ook meer stemmen in gebieden die economisch sterker van de EU afhankelijk zijn. Het waren vooral de ouderen en mensen buiten de grote steden die daarvoor verantwoordelijk waren. In een mooie analyse op zijn blog marginal revolution, verklaart econoom Tyler Cowen deze patronen met behulp van het zogenaamde endowment effect.

Het endowment effect is de neiging om te willen houden wat je bezit, en is één van de paradepaardjes van de gedragseconomie. In een serie experimenten in de jaren ‘80 gaven onderzoekers een deel van de proefpersonen een object (een koffiemok was populair) en vroeg wat ze bereid waren te betalen om het te behouden. Een andere groep werd gevraagd wat ze bereid waren te betalen om dezelfde mok te kopen.

Het bleek dat de betalingsbereidheid van de bezitters ongeveer twee keer zo hoog was als die van de kopers, ook al was hun bezit volledig toevallig toegekend. Als gevolg vonden er op experimentele markten voor koffiemokken veel minder transacties plaats dan je zou verwachten als beide groepen een gelijke waardering voor de mok hadden. Dit effect is voor vele verschillende objecten gerepliceerd.

Volgende