Wetenschappers vinden het ‘tipping point’ voor de verspreiding van ideeen

Wetenschappers vinden het ‘tipping point’ voor de verspreiding van ideeën

Open waanlink

  1. 4

    Op het gevaar af dat het te anekdotisch is, maar in West Europese landen is er in de laatste vijftig jaar een soort van maximale grens aan onmiskenbare linkse of rechtse ideeën. Er zijn bij mijn weten nooit communistische of radicaal rechtse partijen (vb Vlaams Belang) geweest die boven de 25% van de stemmen zijn gekomen, een uitzondering daargelaten. Wel zijn ze vaak in de 10-20% range te vinden. Het feit dat radicaal rechtse of linkse ideeën niet mainstream zijn is dus in tegenspraak met de bevindingen van de wetenschappers.

  2. 5

    @Frank Volgens mij mis je hier het onderscheid tussen het aanhangen van het idee en het stemmen op een partij. Een redelijk enkelvoudig idee zoals ‘de multiculturele samenleving is mislukt’, kan door een meerderheid aangehangen worden zonder dat er door een meerderheid die dat idee aanhangt op een rechtse partij wordt gestemd die dat idee het sterkst vertegenwoordigt.

    Wat een interessante vraag is in deze is: Wat als er twee tegenovergestelde ideeën zijn, die allebei door 10 procent van de mensen of meer wordt aangehangen. Bijvoorbeeld 10 procent heeft een standvastig geloof in het idee dat de multiculturele samenleving mislukt is, terwijl een andere 10 procent een standvastig geloof heeft in het idee dat multiculturalisme de enige heilzame weg is. Krijgen we dan een meerderheid die tegelijkertijd twee tegenovergestelde opvattingen heeft?

  3. 6

    @4; Da’s ook nogal wiedes, want een deel van het land stemt rechts PVV-VVD-CDA terwijl het andere deel van het land links stemt SP-GL-CU-PvdA.

    Wel is het zo dat bepaalde ideeën op zeker moment ingang vinden, en zowel door rechts als door grote delen van links geaccepteerd worden.

  4. 7

    @5,6 Ik had het artikel eerst uit moeten lezen en niet me op het verkeerde been laten zetten door de titel. Er is idd een verschil tussen ideeën en partijen (ik doelde overigens op ideeën van partijen). De studie zelf is een behoorlijke academische exercitie die bol staat van aannames. Met de inzichten hieruit kan je voorbeelden van een snelle tipping point in opinion beter leren begrijpen, zoals de revoluties in het Midden Oosten. Maar je kan dit niet van toepassing verklaren op alles en iedereen wat door de titel wel wordt gesuggereerd. Het verbaast me altijd weer hoe weinig en langzaam Nederlanders in terugkerende opinieonderzoeken schuiven op belangrijke zaken als “solidariteit” e.d.

  5. 9

    Leg uit: wat is het Overton window en waar is dat precies een beter model voor? Voor die links-rechts divisie in de politiek (hoewel ik beter kan zeggen ‘links’-rechts divisie); of voor dat fenomeen waar die wetenschappers uit het waanlinkje een formule voor denken te hebben gevonden?

  6. 10

    Het is beter model voor hoe ideeën leven in het politieke debat. Het is wat te simplistisch om te zeggen dat mensen een bepaald idee hebben of niet (en ik merkte dat daar verwarring over was).

    The Overton window stelt dat een idee een bepaalde plek op een schaal heeft:
    Unthinkable
    Radical
    Acceptable
    Sensible
    Popular
    Policy

    In het politieke debat wordt er op allerlei manieren met deze schaal gespeeld. Om een radicaal idee acceptabel te maken kun je er voor kiezen om een nog radicaler idee te verkondigen waardoor de schaal als geheel eigenlijk een stukje opschuift.

    Die 10% zal betrekking hebben op ideeën die voorheen ondenkbaar of radicaal waren. Het wordt alleen steeds lastiger om deze ideeën in het debat te negeren waardoor die schaal weer opschuift. Dit betekent niet dat iedereen dan meteen zo’n idee gaat aanhangen, maar het wordt dan misschien wel algemeen als acceptabel beschouwd.

  7. 11

    tldr, maar:

    Hebben ze ook rekening gehouden met de evolutie van die mening?

    Zodra er meerdere versies ontstaan is die 10% voldoende voor een conflict ipv een adoptie van de opinie.

  8. 12

    Dit artikel valt onder wat tegenwoordig “econophysics” wordt genoemd: het modelleren van sociale of economische systemen met statistisch-fysische methoden. Ik ben daar erg skeptisch over; niet over de uitvoering van het onderzoek, maar wel over de interpretatie ervan.

    Wat de onderzoekers hier gedaan hebben, is het beschouwen van een netwerk, dat zijn nodes die verbonden zijn door links. In dit geval betekent zo link de invloed van één persoon op iemand anders. Dan doen ze een berg aannames, verzinnen ze een model, knallen het in een Monte-Carlosimulatie, en dan claimen ze een sociologisch universeel fenomeen bewezen te hebben.

    En in dit geval is het niet eens opgeblazen door persafdelingen, maar het zijn echt de auteurs zelf:
    “In closing, we have demonstrated here the existence of a tipping point at which the initial majority opinion of a network switches quickly to that of a consistent and inflexible minority.
    There are several historical precedents for such events, for example, the suffragette movement in the early 20th century, and the rise of the American civil-rights movement that started
    shortly after the size of the African-American populationcrossed the 10% mark.”

    Wat terughoudendheid zou mij zeker bekoren.

    Artikel is te lezen op arXiv.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

| Registreren