Wie vertrouwt de journalist nog? (2)
GeenCommentaar heeft ruimte voor gastloggers. Hieronder een stuk van Henk Blanken, adjunct-hoofdredacteur van het Dagblad van het Noorden. Het verscheen eerder op zijn eigen blog. Lees hier deel 1.
Op de markt voor media is “vertrouwen” geen modieus artikel. De Google-generatie betaalt er niets extra?s voor; ze kunnen zonder ? denken ze. Klassieke journalisten hebben het daar moeilijk mee, omdat hun handelswaar gemaakt is van betrouwbaarheid, zoals brood van granen. Voor een flink deel is de crisis in de journalistiek hierop terug te voeren, maar de kans is groot dat dit verandert. Misschien verklaart de “mediamaslow” waarom.
Nieuws is een product, net als opinie. Vertrouwen is dat niet. Het is een aspect van informatie-uitwisseling, een kwaliteit, zoals de kleur van een auto. Vertrouwen is ‘los’ geen geld waard, evenmin als een merknaam. Het merk Google is het duurste op aarde, maar is niet los verhandelbaar (uitzonderingen zijn dat slechts in schijn: het computermerk Commodore bracht geld op zonder productielijn, maar die transactie werd pas zinvol toen er weer Commodore-producten waren).
Als aspect van de informatie-economie is vertrouwen veel geld waard geweest. Dat merk je als het weg is. De koersen van banken dalen als klanten graaiende bankiers gaan wantrouwen. Campagnes om het vertrouwen van de burger in de politiek te herstellen kosten handenvol geld. Maar de NRC-lezer die jaar in jaar uit zijn abonnementsgeld overmaakte, stond er nauwelijks bij stil dat hij betaalde voor betrouwbaarheid.