WW: Voyager 1 bereikt heliopause

De woensdagmiddag is op GeenCommentaar Wondere Woensdagmiddag. Met extra aandacht voor de nieuwste ontwikkelingen in Wetenschap- en Techniekland Het is weer tijd voor onze twee-jaarlijkse Voyager-update. De Voyager 1 en 2 werden beiden in 1977 gelanceerd met als 'ongoing mission' de verkenning van de buitenste regionen van ons zonnestelsel, en verder. In 1998 passeerde de Voyager I de eerder gelanceerde, maar tragere Pioneer 10 en werd daarmee het verst van de aarde verwijderde door mensen gemaakte object. En dus verschijnt eens in de zoveel tijd een bericht dat een nog nooit eerder bereikte ruimte-grens gepasseerd is. En met iedere gepasseerde grens leren we -dankzij de sensoren waar Voyager I mee is uitgerust- weer wat bij over hoe die grenzen in de heliosfeer er daadwerkelijk uitzien. De heliosfeer is het gebied in de ruimte waar de invloed van de zon overheersend is. Binnen de heliosfeer is de zonnewind aanwezig, erbuiten overheerst de invloed van het interstellair medium (de naam die gegeven wordt aan alle deeltjes die in het heelal rondzweven). Waar aanvankelijk gedacht werd dat de heliosfeer een druppelvorm had, lijkt recente analyse van data van de Cassini-sonde aanwijzingen te geven dat deze een bolvorm heeft. In 2005 passeerde Voyager I de 'grens van ons zonnestelsel', wat in heliosfeer termen betekent dat de "Termination Shock" gepasseerd werd. De termination shock is een soort boeggolf van de zon, namelijk het gebied waar de zonnedeeltjes afgeremd zijn tot onder de geluidssnelheid in de ruimte, ongeveer 100 km/s. En nu, zes jaar later, bereikt Voyager I weer een buitengrens van ons zonnestelsel: de heliopause. De heliopause is het gebied -27 miljard kilometer van de Aarde- waarin de zonnedeeltjes zo goed als tot het nulpunt afgeremd zijn door de interstellaire materie. Vanaf dat moment kan het zonnezeil Voyager I dus geen versnelling meer ondergaan met behulp van haar zonnezeil. Nu heeft ze al een respectabele snelheid van meer dan 17 km/s, maar toch.

Door: Foto: Eric Heupel (cc)

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Lezen: Mohammed, door Marcel Hulspas

Wie was Mohammed? Wat dreef hem? In deze vlot geschreven biografie beschrijft Marcel Hulspas de carrière van de de Profeet Mohammed. Hoe hij uitgroeide van een eenvoudige lokale ‘waarschuwer’ die de Mekkanen opriep om terug te keren tot het ware geloof, tot een man die zichzelf beschouwde als de nieuwste door God gezonden profeet, vergelijkbaar met Mozes, Jesaja en Jezus.

Mohammed moest Mekka verlaten maar slaagde erin een machtige stammencoalitie bijeen te brengen die, geïnspireerd door het geloof in de ene God (en zijn Profeet) westelijk Arabië veroverde. En na zijn dood stroomden de Arabische legers oost- en noordwaarts, en schiepen een nieuw wereldrijk.

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.