Wobben op z’n Japans

INTERVIEW - Correspondente Ranko Rakkan had een gesprek met Yukiko Miki, voorzitter van Access-Info Clearinghouse Japan, een organisatie die zich inzet voor openbaarheid van bestuurlijke informatie, over de nieuwe wet in Japan die tot veel opschudding leidt.

Gisteren nam het Japanse parlement een nieuwe wet aan. De zogenoemde Wet voor de Bescherming van Speciale Geheimen. Wordt het wetsvoorstel onveranderd aangenomen, dan heeft de Japanse regering een bodemloze doofpot voor haar handelen tot haar vervoeging. Alles op het gebied van buitenlandse zaken, militaire en politie-aangelegenheden kan er onder vallen. Wat er ook toe kan leiden dat alles wat de regering niet openbaar wil maken als een diplomatieke, militaire op politie gerelateerde aangelegenheid wordt bestempeld. Want een onafhankelijke instantie die de juistheid van de omgang met de informatie controleert, is niet voorzien. Wel vergrendelt de wet de staatsgeheimen zestig jaar voor het publiek. Nieuw is ook de gevangenisstraf die klokkenluiders of mensen die toevallig, of willens en wetens geheime informatie proberen te achterhalen, kan worden opgelegd: maximaal tien jaar.

Schier onmogelijk

‘Deze wet maakt alle bestaande wetten en reguleringen voor openbaarheid van informatie nutteloos. Het wordt schier onmogelijk om informatie bij de nationale overheid in te halen.’ Yukiko Miki oogt rustig, maar ze is bezorgd. ‘We gaan natuurlijk door met waar we mee bezig zijn. Dan gooien ze me maar in de gevangenis. Daartoe ben ik bereid. En met mij heel veel anderen. Dan wordt de wet onder de juridische loep gehouden. Dat is misschien de enige mogelijkheid om hem te annuleren.’

‘In Japan is het nu al moeilijk bestuurlijke informatie te achterhalen,’ zegt ze en vertelt uitvoerig wat de praktijk in Japan betekent. ‘Er is niet één wet, maar iedere instantie, iedere overheid heeft zijn eigen wetten en reguleringen. Meer dan 1800 zijn er. Op twee gemeentes na hebben nu alle gemeentes in Japan een of andere richtlijn. Het is in de meeste gevallen juridisch onmogelijk om je recht op informatie te claimen. Dat geldt onder andere voor de informatie van het parlement en van de gerechtshoven. Richtlijnen zijn niet juridisch bindend.’

Miki raakte als student geïnteresseerd in het ‘informatieprobleem’, toen het haar niet lukte haar eigen examenresultaten te weten te komen. Alle autoriteiten weigerden. Dat maakte haar tot activist. En zo kwam ze in contact met de voorloper van Clearinghouse Japan, die onder haar leiding tot het professionele aanlooppunt uitgroeide dat burgers en non-profit organizations (NPOs) helpt bij het vergaren van openbare informatie bij officiële instanties. ‘De hordes zijn enorm hoog. Procedures zijn ronduit vijandig, kosten hoog, en het labyrint van regels is ondoorzichtig. We helpen vooral bij een beroep na een weigering. Rechtsprocedures verliezen we meestal. Maar we hebben hoe langer hoe meer succes bij een administratief beroep. Daar ben ik echt goed in geworden.’

In het begin van haar carrière stond ze soms paf van de botheid waarmee instanties haar afpoeierden. Voor een geval waarin iemand – onterecht – als klokkenluider was afgestempeld vroeg ze informatie over het politie-onderzoek op. Wat ze kreeg was een oud krantenartikel waarin grote delen gecensureerd waren. ‘Dat artikel had ik zonder black-outs ook uit de bibliotheek kunnen halen.’

Successen

Tot haar successen rekent Miki de nieuwe normen voor ziekenhuizen die het ministerie van volksgezondheid na jaren van klachten uiteindelijk invoerde. ‘We hielpen patiënten en nabestaanden die slachtoffer waren geworden van medische fouten bij het opeisen van informatie. Het was in grote ziekenhuizen een endemisch probleem. We werden ervan beschuldigd inbreuk op de privacy van patiënten te plegen. De privacy interesseerde ons niet. De slachtoffers wilden compensatie voor het leed dat ze was aangedaan. En wij zijn van mening dat we kunnen leren van ongelukken en fouten, dat transparantie leidt tot vermijding van dezelfde fouten.’

Dat is ook de reden achter het grote archiveringsproject dat Clearinghouse Japan op dit moment heeft lopen rond het ongeluk van de kerncentrale Fukushima Daiichi. De gevolgen van radioactieve besmetting komen pas over vijf, tien of twintig jaar aan het licht. Om dan pas informatie te verzamelen is te laat. Om in de toekomst verbanden te kunnen leggen tussen ziektegevallen en de kernramp is het nu nodig zo veel mogelijk informatie te archiveren. Dus haalt Clearinghouse Japan bij Tepco, eigenaar van de Fukushima-kerncentrale, en alle regeringsinstanties zo veel mogelijk informatie in: notulen van vergaderingen, meetresultaten, technische analyses, enzovoort. ‘Toen ontdekten we dat de regering niet altijd notulen maakte,’ zegt Miki. Of heeft ze de informatie vernietigd? Dat is in Japan namelijk structureel het geval.

‘Na een hint van iemand zijn we nagegaan wat de ministeries deden toen in 2001 een Information Disclosure Law in werking trad die alle informatie ouder dan dertig jaar toegankelijk moest maken. Aan de hand van contracten met papier recyclingbedrijven hebben we aangetoond dat in 2000, dus vlak voor de nieuwe wet, ministeries vier tot twintig maal meer papierafval hadden dan in de jaren ervoor en erna. De hele geschiedenis van de ministeries is in de shredder verdwenen.’

In Japan werd in 2011 ook het ministerie van defensie per wet gedwongen documenten vrij te geven. “We hebben net ons onderzoek afgesloten voor de periode 2007-2011. Van de 55.000 geheime documenten bij defensie zijn er meer dan 30.000 vernietigd. En zeggen en schrijven is er 1, één, vrij gegeven. De nationale overheid zet alle middelen in om vrijgave van informatie te voorkomen. Ze vernietigt niet alleen documenten, ze herdefinieert documenten zodat ze onder de privacy-wet vallen, of ze vermijdt besluitvorming op schrift vast te leggen.”

Van tafel geveegd

Met de nieuwe geheimhoudingswet is het werk dat Miki, Clearinghouse Japan en alle groeperingen die zich de afgelopen twintig jaar voor meer burgerrechten in Japan hebben ingezet, van tafel geveegd. Het lijkt er zelfs op dat de nieuwe wet vooral is gemaakt om Miki en collega’s een hak te zetten. ‘Wobbing,’ Miki lacht om de grappige klank van het Nederlandse woord dat haar werk beschrijft, ‘wobbing in Japan wordt een harde strijd.’

  1. 1

    Het verleden heeft Japan blijkbaar een harde les geleerd : geschiedenis bestaat alleen als er geschreven is. Terug naar de prehistorie dus.

    Best heftig daar in Japan.

  2. 2

    Karel van Wolferen schreef in 1989 dat Japan de macht niet bij het parlement maar bij de ministeries ligt.
    (http://en.wikipedia.org/wiki/The_Enigma_of_Japanese_Power)

    Zelfs de rechterlijke macht wordt beïnvloed door ministeries, omdat het ministerie over promoties beslist.

    Ook lagere ambtenaren hebben veel macht, omdat rechtszaken lang duren en veel geld kosten, en er te weinig advokaten zijn.

    Ik weet niet of dit nog steeds allemaal geldt, maar sommige opmerkingen van mevrouw Miki duiden daar wel op:
    Procedures zijn ronduit vijandig, kosten hoog, en het labyrint van regels is ondoorzichtig. We helpen vooral bij een beroep na een weigering. Rechtsprocedures verliezen we meestal.

    Maar blijkbaar beginnen ministeries toch een beetje bang voor de wet te worden, omdat ze anders niet de moeite genomen hadden allerlei archiefmateriaal te vernietigen.

  3. 4

    @2: Je hebt het over een natie waar de Premier mensen terechtstelt om zijn populariteit te krikken. Ter dood veroordeelden krijgen niet te horen wanneer ze mogen “bungelen” nee dat kan elke dag zijn. En de Premier kan dat beslissen. Het komt dus voor dat een Premier voor een verkiezing gauw eventjes er een paar doorheen jast om zijn rating op te vijzelen.

    Het nare is dat er ook mensen onschuldig vast zitten, omdat in Japan een bekentenis alles is. Dus de politie doet ook heel veel om die te krijgen van een verdachte.