Weekendcollege | Triptiek van de verleden tijd

Vandaag weer een lezing van Studium Generale Utrecht. Dit keer een triptiek van de verleden tijd, uitgesproken door Harry Jansen. De lezing is hier online te zien. Het stuk is geschreven door Miriam Rasch.

Tijd als element van het bestaan; de biologische klok die ons begeleidt van geboorte tot dood. Dat zijn individueel beleefde vormen van tijd – hoe gedeeld menselijk of dierlijk ze ook zijn. In de geschiedenis gaat het om de collectief ervaren tijd. Dr. Harry Jansen beschrijft drie manieren waarop de historicus om kan gaan met het begrip tijd: de golvende, de gefaseerde en de durende tijd.

Rise and Fall
De golvende tijd in de geschiedenis is het duidelijkst in de geliefde historische beschrijving die je kort gezegd ‘Rise and Fall’ kunt noemen. Wereldrijken worden beschreven in hun opkomst, groei en bloei tot aan het onvermijdelijke verval en de ondergang. Tenminste, het wordt gepresenteerd als onvermijdelijk (hoe lang horen we al niet dat de onvermijdelijke ondergang van supermacht Amerika eraan zit te komen?), omdat het zo in het model past. Die golvende beweging blijft echter een presentatie, een van de verschillende manieren om geschiedenis te benaderen.

Deze vorm van tijd sluit aan bij de opvattingen van Augustinus, die tijd zag als een steeds voortdurend nu, die hij definieerde als een ‘uitgestrektheid van de ziel’ (zie ook de lezing van Maarten van Buuren). Paul Ricoeur is een van de moderne filosofen die over de geschiedenis heeft geschreven als de opeenvolging van generaties. De jongere generatie is die van toekomst, die blijft almaar groeien, de middengeneratie heeft de macht in de handen, en de ouderen horen bij het verleden, dat steeds verder afsterft – letterlijk.

Chronologie
De tweede manier is de ‘gefaseerde tijd’, die terugvoert op Aristoteles’ beschrijving van tijd als de getelde beweging van hemellichamen. Tijd is hier een extern en autonoom fenomeen, dat is te definiëren als het doorlopen van een aantal ‘nu-punten’, met een vóór en een ná. Dat maakt iets als chronologie mogelijk, wat in de geschiedwetenschap natuurlijk een belangrijk concept is. Tussen de verschillende fases zitten breuken, periodes in de geschiedenis waarin van het ene beeld of het ene paradigma wordt overgegaan op het volgende. (Misschien is de huidige situatie in Noord-Afrika en het Midden-Oosten daar een voorbeeld van.)

Een voorbeeld van gefaseerde geschiedschrijving is Karl Marx. Na fases van feodalisme en kapitalisme volgt communisme. Zou het mogelijk zijn hierin ook een combinatie te maken met de Rise and Fall-theorie? Het kapitalisme kent een opkomst en ondergang, chronologisch gevolgd door de opkomst en ondergang van het communisme. Dat het zo uiteindelijk niet is verlopen, zegt iets over de weinig flexibele mogelijkheden van dit soort modellen.

Historische sensatie
De laatste van de drie is de tijd als duur. Deze sluit het beste aan bij het gefragmenteerde, postmoderne wereldbeeld van tegenwoordig. In de duur van de tegenwoordige tijd, kunnen verschillende tijden naast elkaar en tegelijk bestaan. Het begrip is afkomstig van de negentiende-eeuwse filosoof Henri Bergson, die de ‘duur’ afzette tegen de kloktijd. Proust nam de duur als uitgangspunt bij zijn zoektocht naar de verloren tijd, waarin het steeds weer erom gaat het verleden aanwezig te maken in het heden (present, zou je kunnen zeggen).

In de geschiedschrijving is deze techniek terug te zien in de ‘historische sensatie’ zoals bijvoorbeeld door Frank Ankersmit beschreven, waarbij het unieke van een historische tijd op een bijna zintuiglijke wijze in het heden wordt opgeroepen. Maar wat ook bij deze tijd hoort is dat zij tegenstrijdige zaken in zich verenigt. Als je denkt aan de paradoxale tijden waarin wij leven – inderdaad eerder in meervoud dan in enkelvoud – is dat wel te begrijpen. De hoogste graad van vrijheid en welvaart gaat samen met een stroom in tegengestelde richting. Verschillende mensen zullen een geheel verschillend verhaal vertellen over de tijd waarin zij gezamenlijk leven. Of is dat altijd het geval? Noemt niet elke generatie de jeugd onhandelbaar en de ouderen star? Misschien is dat de ware manier waarop het verleden steeds weer present is in het heden…

Kijk de hele lezing van Harry Jansen terug: Triptiek van de verleden tijd