VVD grijpt meeste burgemeestersposten

ANALYSE - Voor het eerst in de geschiedenis van de partij leverde de VDD in 2012 de meeste nieuwe burgemeesters. Dat blijkt uit onze data-analyse.

Nerd-update onderaan, 14.00 uur

Vorig jaar werden er 27 nieuwe VVD-burgemeester geïnstalleerd in Nederland, tegen 23 van de PvdA en 19 van het CDA. Het is sinds de oprichting van de VVD nooit voorgekomen dat de liberalen de meeste nieuwe burgemeesters leverden.

‘We kunnen concluderen dat we goede kandidaten in huis hebben’,  laat een woordvoerster van de VVD weten.  ‘Een groot aantal burgemeesters leveren is overigens geen doel, maar wel een goed middel om liberaal te besturen. Wij staan voor een liberaal beleid en hoe meer VVD-burgemeesters er zijn, hoe beter dat kan.’

Decennialang waren verreweg de meeste burgemeesters die nieuw werden geïnstalleerd van Nederlandse gemeenten van CDA-huize. In 1987 wist de PvdA de christendemocraten voor het eerst de loef af te steken. Vanaf 1996 gebeurde dat vaker, al wist het CDA tijdens de kabinetten-Kok I en II nog altijd het vaakst nieuwe burgemeesters te leveren. De afgelopen 32 jaar heeft het CDA wel verreweg de meeste nieuwe burgemeesters aangeleverd.

In 2012 werden er onder meer VVD-burgemeesters aangesteld in Gouda, Veenendaal, Haren, Leiderdorp, Middelburg en Venlo. De grootste stad waar een liberale burgemeester de scepter zwaait is Den Haag; daar is Jozias van Aartsen sinds 2008 de burgervader.

Korter zitten

Burgemeesters blijven steeds minder lang op hun post zitten. Vooral sinds 1980 daalt de ambtstermijn van een burgemeester snel. Sinds 1900 houden burgemeesters het gemiddeld genomen ruim 13 jaar uit in één plaats (zie nerdupdate). Maar in de jaren ’80 was dat nog maar 10 jaar, in de jaren ’90 ruim 8 jaar en in het afgelopen decennium nog maar 5,5 jaar. Al kan dat laatste getal wat vertekend zijn, omdat een aantal burgemeesters nu nog op hun post zit en niet mee is genomen in de berekening.

Desalniettemin herkennen ze bij het Nederlands Genootschap van Burgemeesters (NGB) dit beeld. ‘De hele samenleving wordt mobieler, mensen stromen sneller door. Zowel in het bedrijfsleven als bij de overheid’, legt een woordvoerder uit. ‘En de leeftijd waarop iemand burgemeester wordt is ook behoorlijk gestegen over de jaren.’ Daardoor gaan de bestuurders sneller met pensioen. ‘Daarbij is het burgemeesterschap steeds meer een taak geworden die veel van je vraagt’, legt de woordvoerder uit.

Iets wat Henk Dekker, professor Politieke Socialisatie en Integratie aan de Universiteit Leiden herkent. Volgens hem zijn zware portefeuilles vaak naar wethouders gegaan, maar wordt van burgemeesters meer en meer verwacht dat ze zich met burgerzaken bezig houden, zoals bijvoorbeeld het vergroten van de verkiezingsopkomst.

‘Uiteindelijk is een burgemeester afhankelijk van het vertrouwen van de Raad’, legt de NGB-woordvoerder uit. De burgemeester zit voor een periode van zes jaar en wordt dan opnieuw benoemt. ‘Vaak is dat meer dan een check of het vertrouwen er is. Er komt geen nieuwe procedure aan te pas. Het gros neemt dan ook zelf afscheid; slechts 6 á 8 burgemeesters per jaar vertrekken door bestuurlijke problemen.’

De data zijn afkomstig van Wikipedia. We hebben nog veel meer data (alle burgemeesters sinds 1900), dus als je het leuk vindt ermee aan de slag te gaan, dan kun je ze hier downloaden (xls).

Nerd-update, 14.00 uur

De datanerds hebben natuurlijk niets beters te doen op zo’n mooie dag als deze, dus werden de gepresenteerde cijfers even gecrunched. Daarop ontstond discussie over de gemiddelde zittingstermijn van burgemeesters. Daar zit een slordigheid en een onduidelijkheid in.

Eerst de slordigheid. We schrijven: ‘Sinds 1900 houden burgemeesters het gemiddeld genomen ruim 13 jaar uit in één plaats.’ Dat is niet waar. We hebben gekeken naar de zittingstermijn van de burgemeester in totaal, dus mogelijk over meerdere plaatsen. Dat is in het overleg niet goed gegaan.

Dan de onduidelijkheid over hoe we op de gemiddelde zittingstermijn komen. Steeph meent, terecht, dat de gemiddelde zittingstermijn per post per plaats verkeerd getrokken is. Je moet niet de begintermijn als uitgangspunt nemen (wat ik heb gedaan) maar per jaar bekijken hoe lang een burgemeester op zijn post zit en daar een gemiddelde van trekken. In deze bijgevoegde xls ziet u zijn berekening en dan ziet het plaatje er ineens heel anders uit. Dan lijkt de zittingstermijn juist niet af te nemen. 2013 is vertekend.

Ik heb echter per burgemeester gekeken en per burgemeester zijn totale dienstjaren uitgerekend en daar een gemiddelde van getrokken. Dan kom je in recente tijden in problemen, omdat die burgemeesters nog zitten, misschien pas net begonnen zijn en dat trekt het gemiddelde enorm omlaag. Mijn uitgangspunt is dat je dat effect na tien jaar wel kwijt bent, maar daar twijfel ik nu aan. Het zou dus kunnen dat de conclusie dat de zittingstermijn niet klopt – maar dat is weer in tegenspraak met wat het NGB signaleert.

Mocht u hier nog een sterke mening over hebben, laat het weten. Als u denkt: ‘ajuus, ik ga lekker van het mooie voorjaarsweer genieten’, zeg ik, doe dat vooral.

  1. 1

    ‘We kunnen concluderen dat we goede kandidaten in huis hebben’, laat een woordvoerster van de VVD weten.

    Op de foto zie ik dan mislukt varkenspestbestrijder Van Aartsen.
    Is Ed Nijpels, ex president commissaris van DSB, ook geen VVD’er ?
    En hoorde ik niet Halve Zoolstra eerst zeggen ‘we hebben geen goede ervaringen met referenda’, en nu weer zeggen dat de eerste kamer moet worden opgeheven, ‘te lastig’.
    Leggen niet diverse economen, waaronder prof Witteveen, uit, dat Rutte niets begrijpt van economie ?
    Helaas is de top van de PVVDA geen haar beter.
    Zouden we al deze ellende te danken hebben aan de achteruitgang van het Nederlandse onderwijs sinds 1960 ?
    Rutte studeerde geschiedenis, net als Verhagen.
    Van Rossum meent dat beiden de 19e eeuw hebben overgeslagen.

  2. 2

    Waarom zijn er zo weinig partijloze burgemeesters? De burgemeester moet toch boven de partijen (in de raad) staan? Dan lijkt me géén partijlidmaatschap al snel een positieve eigenschap.

  3. 3

    Vroeger waren er juist veel partijlozen. Die zijn er gedurende de jaren zeventig en tachtig helemaal uitgefilterd. Het zou kunnen dat de burgemeestersbenoemingen steeds meer een Haagse bedoening is geworden – een manier om Haagse miskleunen te stallen en/of partijvrienden te belonen/bevoordelen.

  4. 4

    @2: Wat zeg je nu toch weer voor radicaals? Het is toch juist heel democratisch als partijen onderling de baantjes verdelen? Hebben de mensen zelf voor gestemd, de sukkels! Oranje boven, haha!

    Maar serieus: waarom hebben we eigenlijk nog burgemeesters nodig? Een eerste wethouder kan toch het college voorzitten, en een raadslid de gemeenteraad. Op dezelfde manier als op landelijk niveau de ministerraad en de Tweede Kamer dat ook doen.

    Dat systeem kan op lokaal niveau ook werken, en dan is er ook geen lokale plaatsvervanger van de monarch meer nodig.

  5. 5

    @2: Omdat je in Nederland niet in aanmerking komt voor een publieke functie als je niet deel uitmaakt van enig parij-apparaat. Ook de zogenaamd partijloze burgemeesters heben vaak een carrière in een politieke partij achter de rug.

    De meeste partijloze burgemeesters hebben in een reguliere partij carrière gemaakt, stappen dan over naar een lokale partij, en worden vervolgens in een andere gemeente (waar die lokale partij natuurlijk niet aanwezig is) burgemeester.

    Een goed voorbeeld hiervan is Yorick Haan, de burgemeester van Vlieland.

  6. 6

    @5:

    Omdat je in Nederland niet in aanmerking komt voor een publieke functie als je niet deel uitmaakt van enig parij-apparaat.

    Klopt, en het ergste is nog wel dat er veel mensen zijn die dit doodnormaal en volkomen legitiem vinden. Want zo hebben “we met z’n allen” dat toch geregeld in Nederland.

    Partijen hebben op deze manier een vorm van macht in de staat die ze niet aan de grondwet ontlenen. Het lijkt me dat daar op de één of andere manier iets aan te doen moet zijn.

  7. 9

    Je wordt burgemeester als dank voor bewezen partij diensten.
    Verder benoemt, adviseert, een raad graag iemand waarvan die raad het idee heeft dat de Haagse connecties de gemeente tot voordeel kunnen strekken.
    Capaciteiten doen er niet toe, zie Wolfsen van Utrecht, en Sharon Dijksma.

  8. 10

    Om een juist gemiddelde te berekenen zul je inderdaad rekening moeten houden met de nog zittende burgemeesters. Het effect staat in de statistiek bekend als censoring (right censoring in dit geval). Volgens mij is de nette manier om dit op te lossen om gebruik te maken van survival-analyse. Het gemiddelde is dan het oppervlak onder de survival curve (of bijvoorbeeld de Kaplan-Meier maximum likelihood schatting van die survival curve).

  9. 11

    Wij leven, ondanks alle kritiek, in een verhoudingsgewijs goed geregeerd land.
    Je moet in andere landen geweest zijn, anders dan als toerist, om dat door te krijgen.
    Veranderingsfanaten hebben dat zelden in de gaten.

  10. 12

    VVD -1 , die van Haren is al weer opgestapt. En vervangen door een PvdA-er, dat zal wel tot de gemeentelijke herindeling zijn.

  11. 13

    @4: Zo’n eerste wethouder is nou net iemand die zeker niet boven de partijen staat, maar net zoiets als een premier (die zijn premierschap toch veelal heel partijpolitiek invult). Dat lijkt me zelfs een achteruitgang ten opzichte van de huidige situatie (waarbij de burgemeester wel uit een partij afkomstig is, maar niet noodzakelijk meer de partijlijn hoeft te volgen, denk oa. aan Leers in Maastricht).

    Hou ook rekening met de wel heel erg vergaande bevoegdheden van een burgemeester. Als daar een wethouder zit (bij kleinere gemeentes is dat een echte amateur en in Limburgse gemeentes bovendien gewoonlijk een corrupte amateur), kan die zelfs letterlijk zijn politieke concurrentie in de gemeente laten uitschakelen. Dan heb ik toch liever dat het rijk een professional komt droppen (het liefst één met niet teveel binding in de gemeente,want dat wakkert corruptie alleen maar aan).

  12. 14

    @13: Ik vind natuurlijk ook dat wethouders minder macht en bevoegdheden moeten hebben. Ze moeten beleid kunnen uitvoeren dat in de gemeenteraad is vastgesteld, meer niet. Ambtenaren/managers is wat je daarvoor nodig hebt, en die kunnen natuurlijk ook van buiten gehaald worden. Waar haalt men anders een brandweercommandant vandaan, of een directeur sociale zaken? Die mensen komen solliciteren en worden aangenomen op grond van hun capaciteiten. Zo ongeveer zou het m.i. ook met wethouders kunnen gaan.